Behalve in de gevallen, genoemd in artikel 537 onder 1°. tot en met 8°., kunnen voor de zeewerkgever dringende redenen aanwezig worden geacht:
indien de kapitein een opvarende van het door hem gevoerde schip mishandelt, grovelijk beledigt of op ernstige wijze bedreigt of verleidt of tracht te verleiden tot handelingen, strijdig met wettelijke regelingen of met de goede zeden;
indien de kapitein weigert te voldoen aan een opdracht hem gegeven overeenkomstig het bepaalde in artikel 477;
indien aan de kapitein, hetzij tijdelijk, hetzij voorgoed, de bevoegdheid is ontnomen, als zodanig op een schip dienst te doen;
indien de kapitein, buiten weten van de zeewerkgever, smokkelwaren aan boord heeft gebracht of daar heeft toegelaten.
Treedt in werking om 00.00 uur in Bonaire, Sint Eustatius en Saba en om 06.00 uur in het Europese deel van het Koninkrijk.
boek Tweede › titel Derde
Artikel 479
Artikel 479
Onderdeel van Wetboek van Koophandel BES· Ondernemingspraktijk
Deze tekst geldt sinds 10 oktober 2010