Indien een schip, uit hoofde van steeds bestaande droogten, ondiepten of banken, met zijn volle lading noch van de plaats vanwaar het vertrekken moet, noch naar de plaats van zijn bestemming kan gevoerd worden en alzo een gedeelte van de lading met lichters aangevoerd of in lichters moet gelost worden, worden zodanige lichterlonen niet als averij beschouwd.
boek Tweede › titel Twaalfde › afdeling Eerste
Artikel 906 Wetboek van Koophandel BES
Onderdeel van Wetboek van Koophandel BES· Ondernemingspraktijk
Deze tekst geldt sinds 10 oktober 2010
Bewaren kan ook zonder account
Houd art. 906 bij de hand
Met een gratis account kun je dit artikel bewaren, tekst markeren en jezelf overhoren. Dat werkt op je laptop en op je telefoon.
- Geen reclame
- Je markeringen blijven van jou
- Werkt op je telefoon