Naar hoofdinhoud

§ 2 › Subparagraaf

Artikel 3

Deskundigheid

Onderdeel van Besluit Pensioenwet BES· Arbeidsrecht en sociaal-zekerheidsrecht

Deze tekst geldt sinds 10 oktober 2010

1. Voor het voldoen aan de vereiste deskundigheid is er in de kring van personen die het beleid van het pensioenfonds bepalen of mede bepalen ten minste een zodanig niveau van kennis en ervaring aanwezig dat het pensioenfonds, mede gelet op artikel 5a, tweede lid, van de wet, behoorlijk wordt bestuurd. 2. Ten minste twee personen in de kring van personen die het beleid van het pensioenfonds bepalen of mede bepalen dienen meerjarige ervaring te hebben in het besturen van een organisatie. 3. De in het eerste lid bedoelde deskundigheid heeft betrekking op: het besturen van een organisatie; relevante wet- en regelgeving; pensioenregelingen en pensioensoorten; financieel technische en actuariële aspecten, waaronder financiering, beleggingen, actuariële principes en herverzekering; administratieve organisatie en interne controle; en communicatie. 4. Het pensioenfonds geeft op verzoek van de Bank aan: hoe het beleid van het pensioenfonds ter bevordering en handhaving van het vereiste deskundigheidsniveau luidt; welke personen belast zijn met welke beleidsbepalende taken; welke personen over welke deskundigheid beschikken; en hoe en binnen welke termijn bepaalde tekortkomingen in de vereiste deskundigheid opgeheven zullen worden. Treedt in werking op het tijdstip waarop de artikel I, tweede lid, van de Rijkswet wijziging Statuut in verband met de opheffing van de Nederlandse Antillen in werking treedt.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel