**1.** Voor de toepassing van de in artikel 13b, eerste lid, onderdeel x, van de wet bedoelde verordening die in de overgangsperiode als wet van toepassing is, wordt gedurende die overgangsperiode in de tekst van de verordening onder het genoemde in kolom II het genoemde in kolom III verstaan:
II
III
a.
‘”Inspecteur” verstaan:
in het eilandgebied Bonaire: de Inspecteur der Belastingen op Bonaire;
in het eilandgebied Curaçao: de Inspecteur der Belastingen op Curaçao;
in de overige eilandgebieden: de Inspecteur der belastingen op Sint Maarten’
‘Inspecteur’ verstaan: de inspecteur, bedoeld in artikel 13c van de Wet geldstelsel BES
b.
‘eilandgebieden Bonaire en de Bovenwindse Eilanden’
openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba
c.
‘ten kantore van de Inspecteur binnen wiens ambtsgebied zij hun standplaats hebben’
ten kantore van de inspecteur, bedoeld in artikel 13c van de Wet geldstelsel BES
d.
‘de Rechter in Eerste Aanleg ter zittingsplaats’
het gerecht in eerste aanleg, dat bevoegd is in het openbare lichaam
**2.** In de overgangsperiode vinden de artikelen 26, 27, 28 en 30 van de in artikel 13b, eerste lid, onderdeel x, van de wet genoemde verordening geen toepassing.
Treedt volgens artikel 13a, onderdeel a, van de Wet geldstelsel BES (Stb. 2010/363) in werking op het tijdstip waarop artikel I, tweede lid, van de Rijkswet wijziging Statuut in verband met de opheffing van de Nederlandse Antillen in werking treedt.
Hoofdstuk II › § 23
Artikel 24
Artikel 24
Onderdeel van Uitvoeringsregeling fiscaliteit in overgangsperiode BES· Financieel en economisch recht
Deze tekst geldt sinds 10 oktober 2010