Naar hoofdinhoud

Artikel 14

Mensenhandel

Onderdeel van Circulaire toelating en uitzetting Bonaire, Sint Eustatius en Saba· Migratierecht

Deze tekst geldt sinds 8 oktober 2010

In deze paragraaf wordt het rechtmatige verblijf van slachtoffer- en getuige-aangevers en slachtoffers die op andere wijze medewerking verlenen aan het opsporings- of vervolgingsonderzoek van mensenhandel voorafgaande aan de aangifte en gedurende de periode van opsporing, vervolging en berechting in feitelijke aanleg na aangifte van mensenhandel geregeld. Mensenhandel is een grove schending van de rechten van de mens en een ernstig misdrijf. Het delict is strafbaar gesteld in artikel 286f van het Wetboek van Strafrecht BES. Dit artikel ziet op mensenhandel in het algemeen, daaraan gerelateerde vormen van uitbuiting en het trekken van profijt daaruit. Hoewel het merendeel van de slachtoffers van mensenhandel vrouw is, is in dit hoofdstuk afgezien van het hanteren van de meer gangbare term ‘vrouwenhandel’. Dit om eventuele verwarring te voorkomen, omdat ook mannelijke en minderjarige slachtoffers een beroep kunnen doen op de procedure die in dit hoofdstuk is beschreven. Voor zowel het opsporings- als het vervolgingsonderzoek is van groot belang dat zowel slachtoffers die aangifte doen of op andere wijze medewerking verlenen aan het opsporings- of vervolgingsonderzoek, als getuigen die aangifte doen, gedurende langere tijd ter beschikking blijven van het OM om de bewijsvorming te kunnen afronden. Dit rechtvaardigt het verlenen van een tijdelijke verblijfsvergunning. Mensenhandel is gericht op uitbuiting. Bij de strafbaarstelling van mensenhandel staat het belang van het individu steeds voorop. Dat belang is het behoud van zijn of haar lichamelijke en geestelijke integriteit en persoonlijke vrijheid. Het begrip mensenhandel bevat de volgende elementen: ieder gedraging waarmee de binnenkomst van vreemdelingen in, de doorreis over, het verblijf in of het vertrek van het grondgebied van een land wordt bevorderd; iedere gedraging die gericht is op de seksuele uitbuiting tegen betaling; en een van de overige in artikel 286f van het Wetboek van Strafrecht BES als mensenhandel strafbaar gestelde ernstige vormen van uitbuiting. Het behandelen met respect van het slachtoffer en van de getuige-aangever die aangifte doet, maakt daarvan onderdeel uit. Evenals het garanderen van de veiligheid van slachtoffers en het beschermen van de rechten van de slachtoffers en getuige-aangevers van mensenhandel. In dit hoofdstuk wordt uiteengezet onder welke voorwaarden de verblijfsvergunning in het kader van mensenhandel kan worden verleend. De verblijfsvergunning, bedoeld in artikel 7 WTU-BES, kan onder een beperking verband houdend met de vervolging van mensenhandel worden verleend, als aan de volgende voorwaarden is voldaan: de vreemdeling is slachtoffer van mensenhandel; de vreemdeling heeft terzake aangifte gedaan of heeft op andere wijze medewerking verleend aan een strafrechtelijk opsporings- of vervolgingsonderzoek naar of berechting in feitelijke aanleg van de verdachte van het strafbare feit bedoeld in artikel 286f van het Wetboek van Strafrecht BES; en er is sprake van een strafrechtelijk opsporingsonderzoek of vervolgingsonderzoek naar of berechting in feitelijke aanleg van de verdachte van het strafbare feit waarvan de vreemdeling aangifte heeft gedaan of waaraan de vreemdeling op andere wijze medewerking heeft verleend. Zodra de strafzaak door het OM wordt geseponeerd of tegen de uitspraak van de rechtbank in het proces tegen de verdachte geen beroep is ingesteld dan wel het gerechtshof uitspraak heeft gedaan, komt de grond aan de verblijfsvergunning als bedoeld in deze paragraaf te ontvallen. In afwijking van de algemene voorwaarden genoemd in artikel 9 WTU-BES wordt de aanvraag niet afgewezen: wegens het ontbreken van een geldige mvv (zie artikel 9, derde lid, onder c, WTU-BES); wegens het ontbreken van voldoende middelen van bestaan; wegens gevaar voor de openbare orde, indien er sprake is van een inbreuk op de openbare orde die naar het oordeel van Onze Minister rechtstreeks verband houdt met het feit waarvan aangifte is gedaan; wegens het ontbreken van een geldig document voor grensoverschrijding. Ondertussen moet een geldig document voor grensoverschrijding worden aangevraagd bij de diplomatieke vertegenwoordiging van het land waarvan het slachtoffer de nationaliteit bezit. De vreemdeling die een aanvraag om een verblijfsvergunning indient wegens verblijf als slachtoffers van mensenhandel is vrijgesteld van het betalen van leges. Kinderen van het slachtoffer van mensenhandel die een mvv-aanvraag in het kader van gezinshereniging indienen, zijn eveneens vrijgesteld van het betalen van leges. ingevuld en ondertekend aanvraagformulier; indien van toepassing: kopie geldig document voor grensoverschrijding indien van toepassing: bewijs onderzoek TBC; bewijs ziektekostenverzekering (geïntegreerd in het aanvraagformulier); antecedentenverklaring (geïntegreerd in het aanvraagformulier); gelegaliseerde/geapostilleerde verklaring van goed gedrag, afgegeven door een bevoegde autoriteit in het land van herkomst (niet ouder dan drie maanden op het moment van indiening van de aanvraag). Alle stukken moeten zijn opgesteld in het Nederlands, Engels of Papiaments of zijn vertaald door een betrouwbare vertaler. De verblijfsvergunning voor bepaalde tijd, bedoeld in artikel 7 WTU-BES, kan onder een beperking verband houdend met de vervolging van mensenhandel worden verleend, als: de vreemdeling getuige-aangever is van mensenhandel; de vreemdeling terzake aangifte heeft gedaan; sprake is van een strafrechtelijk opsporingsonderzoek of vervolgingsonderzoek naar of berechting in feitelijke aanleg van de verdachte van het strafbare feit, waarvan aangifte is gedaan; en het verblijf in de openbare lichamen van de getuige-aangever naar het oordeel van Onze Minister in het belang van de opsporing of vervolging van de verdachte noodzakelijk is. Getuige-aangevers zijn vreemdelingen die niet zelf slachtoffer zijn van mensenhandel maar hier wel getuige van zijn geweest. Getuige-aangevers kunnen vreemdelingen zijn die zelf werkzaam zijn in dezelfde sector als het slachtoffer. Tevens kunnen het personen zijn, die werkzaam zijn buiten deze sector en die kennis dragen van mensenhandel. Alleen de getuige-aangevers die geen geldige verblijfstitel hebben in de openbare lichamen kunnen rechten ontlenen aan de in deze paragraaf omschreven procedure. De aanvraag wordt niet afgewezen: wegens het ontbreken van een geldige mvv (zie artikel 9, derde lid, onder c, WTU-BES): wegens het ontbreken van voldoende middelen van bestaan; wegens gevaar voor de openbare orde, als er sprake is van een inbreuk op de openbare orde die naar het oordeel van Onze Minister rechtstreeks verband houdt met het feit waarvan aangifte is gedaan; wegens het ontbreken van een geldig document voor grensoverschrijding. Ondertussen moet een geldig document voor grensoverschrijding worden aangevraagd bij de diplomatieke vertegenwoordiging van het land waarvan het slachtoffer de nationaliteit bezit. De getuige-aangever van mensenhandel is vrijgesteld van het betalen van leges voor het indienen van een verblijfsvergunning verband houdend met mensenhandel. De vreemdeling kan een aanvraag om een verblijfsvergunning verband houdend met mensenhandel indienen bij de IND-unit Caribisch Nederland. De IND-unit Caribisch Nederland neemt naar aanleiding van de aanvraag om een verblijfsvergunning contact op met het OM. Wat de getuige-aangevers betreft is de stem van het OM doorslaggevend of een verblijfsvergunning zal worden verstrekt of niet. Criterium is hierbij de vraag of de aanwezigheid van de getuige-aangever in de openbare lichamen gewenst is voor het opsporings- en vervolgingsonderzoek tegen de verdachte. ingevuld en ondertekend aanvraagformulier; indien van toepassing: kopie geldig document voor grensoverschrijding indien van toepassing: bewijs onderzoek TBC; bewijs ziektekostenverzekering (geïntegreerd in het aanvraagformulier); antecedentenverklaring (geïntegreerd in het aanvraagformulier); gelegaliseerde/geapostilleerde verklaring van goed gedrag, afgegeven door een bevoegde autoriteit in het land van herkomst (niet ouder dan drie maanden op het moment van indiening van de aanvraag). Alle stukken moeten zijn opgesteld in het Nederlands, Engels of Papiaments of zijn vertaald door een betrouwbare vertaler. Ten aanzien van de termijn waarbinnen op de aanvraag dient te worden beslist, wordt onderscheid gemaakt of het een aanvraag van een slachtoffer of van een getuige-aangever betreft. Op de aanvraag van een slachtoffer dient – onvoorziene omstandigheden daargelaten – binnen 24 uur nadat de aanvraag is ingediend te worden beslist. Bij een aanvraag van een getuige-aangever is het praktisch niet haalbaar binnen een dergelijke termijn te beslissen. Dit in verband met het verplicht consulteren van het OM, voordat op de aanvraag kan worden beslist. De IND unit Caribisch Nederland stelt de politie in kennis van de beslissing op de aanvraag om een verblijfsvergunning. De genoemde verblijfsvergunning voor bepaalde tijd wordt verleend onder de beperking als genoemd in hoofdstuk 14 van de CTU-BES. Op het verblijfsdocument zal evenwel worden vermeld ‘beperking conform beschikking Minister’ Bij de verlening wordt de arbeidsmarktaantekening gesteld: ‘Arbeid vrij toegestaan. TWV niet vereist’. Aan de verlening van de verblijfsvergunning wordt het voorschrift verbonden dat de vreemdeling voldoet aan de verplichting voldoende verzekerd te zijn tegen ziektekosten met inbegrip van de kosten verbonden aan opname en verpleging in een sanatorium of psychiatrische inrichting (zie artikel 5.4, eerste lid, aanhef en onder c, BTU-BES). De verblijfsvergunning wordt in beginsel voor een periode van één jaar verleend. De verblijfsvergunning is geldig zolang er sprake is van een strafrechtelijk opsporings- of vervolgingsonderzoek naar of berechting in feitelijke aanleg van de verdachte van het strafbare feit waarvan aangifte is gedaan of waaraan op andere wijze medewerking is verleend. Zodra de strafzaak door het OM wordt geseponeerd of tegen de uitspraak van de rechtbank in het proces tegen de verdachte geen beroep is ingesteld dan wel het gerechtshof uitspraak heeft gedaan en hiertegen geen beroep in cassatie is ingesteld, komt de grond aan de verblijfsvergunning verband houdend met de vervolging van mensenhandel te ontvallen. Het OM doet hiervan melding aan de IND unit Caribisch Nederland, alsmede aan het slachtoffer van mensenhandel. De IND unit Caribisch Nederland trekt de verblijfsvergunning vervolgens in. De verblijfsvergunning wordt in beginsel voor de periode van één jaar verleend. De verblijfsvergunning is geldig zolang het OM de aanwezigheid van de vreemdeling in de openbare lichamen noodzakelijk acht. Zodra het OM de aanwezigheid van de vreemdeling in de openbare lichamen niet langer noodzakelijk acht, komt de grond aan de verblijfsvergunning verband houdend met mensenhandel te ontvallen. Het OM doet hiervan melding aan de IND-unit Caribisch Nederland en aan de getuige-aangever. De IND-unit Caribisch Nederland trekt de verblijfsvergunning vervolgens in. Het bovenstaande geldt ook als de strafzaak door het OM wordt geseponeerd of tegen de uitspraak van de rechtbank in het proces tegen de verdachte geen beroep is ingesteld dan wel het gerechtshof uitspraak heeft gedaan. Het OM doet hiervan melding aan de IND-unit Caribisch Nederland, alsmede aan de getuige-aangever van mensenhandel. De geldigheidsduur van de verblijfsvergunning van het slachtoffer kan worden verlengd zolang er sprake is van een strafrechtelijk opsporings- of vervolgingsonderzoek naar of berechting in feitelijke aanleg van de verdachte van het strafbare feit ter zake waarvan aangifte is gedaan of waaraan op andere wijze medewerking is verleend. De geldigheid van de verblijfsvergunning wordt niet verlengd als er geen sprake meer is van een strafrechtelijk opsporings- of vervolgingsonderzoek naar of berechting in feitelijke aanleg van de verdachte van het strafbare feit ter zake waarvan aangifte is gedaan of waaraan op andere wijze medewerking is verleend. Bij de beoordeling van de verlengingsaanvraag moet de IND unit Caribisch Nederland bij het OM na gaan of er nog sprake is van een strafrechtelijk opsporings- of vervolgingsonderzoek dan wel of de berechting in feitelijke aanleg van de verdachte heeft plaatsgevonden. De geldigheidsduur van de verblijfsvergunning van de getuige-aangever kan worden verlengd zolang er sprake is van een strafrechtelijk opsporings- en vervolgingsonderzoek naar of berechting in feitelijke aanleg van de verdachte van het strafbare feit waarvan aangifte is gedaan. Hierbij is van belang dat het OM de aanwezigheid van de vreemdeling in de openbare lichamen noodzakelijk acht. Als het OM de aanwezigheid van de vreemdeling in de openbare lichamen niet van belang acht, wordt de aanvraag om verlenging afgewezen. ingevuld en ondertekend aanvraagformulier; indien van toepassing: kopie geldig document grensoverschrijding indien van toepassing: bewijs onderzoek TBC; bewijs ziektekostenverzekering (geïntegreerd in het aanvraagformulier); antecedentenverklaring (geïntegreerd in het aanvraagformulier) gelegaliseerde/geapostilleerde verklaring van goed gedrag, afgegeven door een bevoegde autoriteit in het land van herkomst (niet ouder dan drie maanden op het moment van indiening van de aanvraag). Alle stukken moeten zijn opgesteld in het Nederlands, Engels of Papiaments of zijn vertaald door een betrouwbare vertaler. De aanvraag wordt niet afgewezen wegens het ontbreken van voldoende zelfstandige en duurzame middelen van bestaan. De eerste aanvraag om een verblijfsvergunning verband houdend met mensenhandel wordt niet afgewezen als de vreemdeling niet over een geldig document voor grensoverschrijding beschikt. Ondertussen moet een geldig document voor grensoverschrijding worden aangevraagd bij de diplomatieke vertegenwoordiging van het land waarvan het slachtoffer de nationaliteit bezit. Bij de aanvraag tot verlenging van de verblijfsvergunning zal, als de vreemdeling nog steeds niet beschikt over een geldig document tot grensoverschrijding, worden beoordeeld of er aanleiding is (tijdelijk) vrij te stellen van het paspoort vereiste, omdat de vreemdeling heeft aangetoond dat hij vanwege de regering van het land waarvan hij onderdaan is niet of niet meer in het bezit van een geldig document voor grensoverschrijding kan worden gesteld (zie hoofdstuk 3 CTU-BES). De aanvraag wordt niet afgewezen wegens gevaar voor de openbare orde, indien er sprake is van een inbreuk op de openbare orde die naar het oordeel van de Minister rechtstreeks verband houdt met het feit waarvan aangifte is gedaan. Het slachtoffer of getuige-aangever van mensenhandel die in aanmerking komt voor verlenging van de geldigheidsduur van de verblijfsvergunning voor bepaalde tijd, is vrijgesteld van het betalen van leges. Voor verlening van een verblijfsvergunning komen in aanmerking: de biologische of minderjarige kinderen van het slachtoffer of de getuige-aangever; die feitelijk behoren tot het gezin van het slachtoffer of de getuige-aangever; die reeds in het land van herkomst feitelijk behoorden tot het gezin van het slachtoffer of de getuige-aangever; en die onder het wettig gezag van het slachtoffer of de getuige-aangever staan. Op deze aanvraag zijn de algemene toelatingsvoorwaarden voor gezinshereniging van toepassing, met uitzondering van de bepalingen inzake het middelenvereiste. Om te verzekeren dat de minderjarige kinderen slechts verblijf krijgen gedurende de periode van toelating van de slachtoffer- of de getuige-aangever, krijgt de aan hen verstrekte verblijfsvergunning dezelfde geldigheidsduur als die van de slachtoffer- of de getuige-aangever.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel