De verblijfsvergunning voor bepaalde tijd kan onder voorwaarden worden verleend onder een beperking die verband houdt met verblijf als gepensioneerde of rentenier (zie artikel 7, zevende lid, WTU-BES en artikel 5.2, eerste lid, onder f, BTU-BES).
Het verblijf als gepensioneerde of rentenier moet het algemeen belang dienen van de openbare lichamen. Voor gepensioneerden en renteniers is dat het economisch belang. Dat wil zeggen dat van het verblijf van de vreemdeling als gepensioneerde of rentenier een stimulerende werking uit gaat op de economie van de openbare lichamen.
Onder een gepensioneerde wordt verstaan een vreemdeling die:
naar de openbare lichamen komt en een geslaagd beroep doet op de overgangsregeling voor penshonado’s/renteniers in artikel X en XI van de Invoeringswet fiscaal stelsel BES; of
een pensioenuitkering ontvangt en naar de openbare lichamen komt om zich daar te vestigen en van zijn oude dag te genieten.
Onder een rentenier wordt verstaan een vermogende vreemdeling die:
naar de openbare lichamen komt en een geslaagd beroep doet op de overgangsregeling voor penshonado’s/renteniers in artikel X en XI van de Invoeringswet fiscaal stelsel BES; of
naar de openbare lichamen komt om zich daar te vestigen dan wel tijdelijk te verblijven en van eigen inkomsten, bijvoorbeeld uit eigen vermogen, te leven.
De verblijfsvergunning voor bepaalde tijd kan onder een beperking verband houdend met verblijf als gepensioneerde of rentenier worden verleend als de vreemdeling voldoet aan de onder paragraaf 2, 3.2 of 4.2 van dit hoofdstuk genoemde voorwaarden. Als hij niet voldoet aan één of meer van deze voorwaarden, wordt de aanvraag om verlening van een verblijfsvergunning afgewezen.
De ‘penshonado/rentenierregeling’ uit de artikelen 23B, 23C, 23D en 23E van de Landsverordening op de inkomstenbelasting 1943 zal op grond van artikel 13b van de Wet geldstelsel BES na de transitie tot 1 januari 2011 ongewijzigd worden voortgezet. Dit betekent dat voor zover een gepensioneerde of rentenier op het tijdstip onmiddellijk voorafgaand aan het tijdstip van de transitie rechten en verplichtingen heeft op grond van genoemde regeling, deze rechten en verplichtingen daarna door blijven lopen.
In artikel X en XI van de Invoeringswet fiscaal stelsel BES is een overgangsrecht opgenomen. In dit overgangsrecht wordt aangegeven dat de ‘penshonado/rentenierregeling’ uit de artikelen 23B, 23C, 23D en 23E van de Landsverordening op de inkomstenbelasting 1943 wordt voortgezet tot maximaal 1 januari 2015 voor de belastingplichtige die:
in de openbare lichamen woont; en
een dag voor 1 januari 2011 in aanmerking kwam voor de ‘penshonado/rentenierregeling’; en
voldoet aan de gestelde voorwaarden om in aanmerking te komen voor de ‘penshonado/rentenierregeling’ zoals genoemd in de artikelen 23B, 23C, 23D en 23E van de Landsverordening op de inkomstenbelasting 1943.
In de Landsverordening op de inkomstenbelasting 1943 staan de voorwaarden vermeld waaraan een vreemdeling of Nederlander moet voldoen om een beroep te kunnen doen op de ‘penshonado/rentenierregeling’. Eén van de voorwaarden is dat men voor onbepaalde tijd toegelaten moet zijn. Dit betekent dat men in het bezit moet zijn van een verblijfsvergunning voor onbepaalde tijd of een verklaring dat men toelating van rechtswege heeft, dan wel dat men als Nederlander was toegelaten op grond van artikel 1 Landsverordening toelating en uitzetting.
Het enkel voldoen aan de voorwaarden van de fiscale ‘penshonado/rentenierregeling’ is op zichzelf geen grond voor toelating.
Een vreemdeling die geen beroep doet of kan doen op de fiscale ‘penshonado/rentenierregeling’, maar die zich wel als gepensioneerde of rentenier in de openbare lichamen wil vestigen, kan in aanmerking komen voor een verblijfsvergunning voor bepaalde tijd onder de beperking ‘verblijf als gepensioneerde of rentenier’ als hij voldoet aan de onder 3.2 genoemde voorwaarden.
geldige MVV (zie artikel 9, eerste lid, onder a, en derde lid, WTU-BES jo. artikel 5.30 BTU-BES);
geldig document voor grensoverschrijding (zie artikel 9, eerste lid, onder b, WTU-BES en artikel 5.31 BTU-BES);
voldoende middelen van bestaan (zie artikel 9, eerste lid, onder c, WTU-BES en artikel 5.33 BTU-BES);
zelfstandige en duurzame middelen van bestaan (zie artikel 9, eerste lid, onder b, WTU-BES en de artikelen 5.32 en 5.34 BTU-BES);
de vreemdeling beschikt over passende huisvesting in de openbare lichamen, die als hoofdverblijf van de vreemdeling dient. Deze huisvesting is een woning in eigendom of een huurwoning (zie artikel 9, eerste lid, onder b, WTU-BES);
geen gevaar voor de openbare orde (zie artikel 9, eerste lid, onder b, WTU-BES);
bereidheid een onderzoek naar of behandeling voor TBC te ondergaan en daaraan mee te werken, tenzij de uitzondering van artikel 3.18 RTU BES van toepassing is (zie artikel 9, eerste lid, onder b, WTU-BES en artikel 5.35 BTU-BES).
Ten aanzien van deze voorwaarden zijn de beleidsregels met betrekking tot de algemene voorwaarden van artikel 9, eerste lid, WTU-BES van toepassing. Deze staan in hoofdstuk 3.
De middelen van bestaan van een gepensioneerde of rentenier zijn voldoende, zelfstandig en duurzaam als:
sprake is van inkomsten uit pensioen of uit andere bron van ten minste het normbedrag als genoemd in hoofdstuk 3, paragraaf 1.9.3.3;
over deze inkomsten de verschuldigde premies en belasting worden afgedragen.
Een pensioenuitkering moet op het tijdstip waarop de aanvraag om een verblijfsvergunning is ontvangen of de beschikking wordt gegeven nog ten minste één jaar beschikbaar zijn. Dit kan worden aangetoond met een verklaring of brief van het pensioenfonds.
ingevuld en ondertekend aanvraagformulier;
kopie geldig document voor grensoverschrijding;
indien van toepassing: voorzien van een geldige mvv welke is afgegeven voor het gevraagde verblijfsdoel;
bewijs van zelfstandige, duurzame en voldoende middelen van bestaan. Te weten:
bij renteniers: een verklaring van een bank waarin de hoogte van het saldo van de op naam van de aanvrager gestelde bankrekening(en) staat vermeld; en
bij renteniers: een verklaring van een lokaal gevestigde accountant of accountantskantoor waarin de hoogte van het laatstgenoten bruto jaarinkomen van de aanvrager en de hoogte van het vermogen van de aanvrager vermeld staat; en
bij gepensioneerden: een verklaring of brief van het pensioenfonds waaruit de hoogte en duur van de ontvangen pensioenuitkering blijkt; en
bij renteniers en gepensioneerden: bescheiden betreffende andere middelen van bestaan dan uit pensioen; en
bij renteniers en gepensioneerden: verklaring Belastingdienst waaruit blijkt dat de verschuldigde premies en belasting zijn betaald over de inkomsten.
eigendomsbewijs eigen woning in de openbare lichamen (notariële akte) of een huurovereenkomst van een woning in de openbare lichamen; en
een uittreksel uit de basisadministratie persoonsgegevens waaruit blijkt dat de vreemdeling zijn hoofdverblijf heeft in de woning genoemd onder d).
ondertekende antecedentenverklaring (geïntegreerd in het aanvraagformulier);
gelegaliseerde/geapostilleerde verklaring van goed gedrag, afgegeven door een bevoegde autoriteit in het land van herkomst (niet ouder dan drie maanden op het moment van indiening van de aanvraag);
indien van toepassing: bewijs onderzoek TBC;
kopie bewijs ziektekostenverzekering (geïntegreerd in het aanvraagformulier).
Er moet altijd gecontroleerd worden of de vreemdeling hoofdverblijf heeft in de betreffende woning in de openbare lichamen. Dit kan bijvoorbeeld aangetoond worden doordat blijkt dat de vreemdeling op het adres van de woning ingeschreven staat bij Burgerzaken.
Alle stukken moeten zijn opgesteld in het Nederlands, Engels of Papiaments of zijn vertaald door een betrouwbare vertaler.
Overwinteraars zijn Nederlanders en vreemdelingen die gedurende een periode van maximaal zes maanden per jaar in de openbare lichamen verblijven, veelal gedurende de wintermaanden in het land van herkomst.
Nederlanders en Amerikanen mogen zonder toelating van rechtswege toegekend als toerist in de openbare lichamen verblijven gedurende een periode van maximaal zes maanden binnen een tijdvak van een jaar.
Vreemdelingen die in de openbare lichamen willen overwinteren dan wel als toerist tijdelijk, gedurende een periode van maximaal zes maanden binnen een tijdvak van een jaar, in de openbare lichamen willen verblijven, kunnen een aanvraag indienen om een verblijfsvergunning voor bepaalde tijd onder de beperking ‘verblijf als gepensioneerde of rentenier’. Dit betreft een tijdelijk verblijfsrecht en moet uitdrukkelijk in de beschikking waarbij de verblijfsvergunning wordt verleend worden vermeld (zie artikel 5.3, derde lid, BTU-BES).
geldige MVV (zie artikel 9, eerste lid, onder a, en derde lid, WTU-BES jo. artikel 5.30 BTU-BES);
geldig document voor grensoverschrijding (zie artikel 9, eerste lid, onder b, WTU-BES en artikel 5.31 BTU-BES);
voldoende middelen van bestaan (zie artikel 9, eerste lid, onder c, WTU-BES en artikel 5.33 BTU-BES);
zelfstandige en duurzame middelen van bestaan (zie artikel 9, eerste lid, onder b, WTU-BES en de artikelen 5.32 en 5.34 BTU-BES);
geen gevaar voor de openbare orde (zie artikel 9, eerste lid, onder b, WTU-BES);
bereidheid een onderzoek naar of behandeling voor TBC te ondergaan en daaraan mee te werken, tenzij de uitzondering van artikel 4.9 RTU-BES van toepassing is (zie artikel 9, eerste lid, onder b, WTU-BES en artikel 5.35 BTU-BES).
Ten aanzien van deze voorwaarden zijn de beleidsregels met betrekking tot de algemene voorwaarden van artikel 9, eerste lid, WTU-BES van toepassing. Deze staan in hoofdstuk 3 van de CTU-BES.
De middelen van bestaan zijn voldoende, zelfstandig en duurzaam als:
sprake is van inkomsten uit pensioen of uit andere bron van ten minste het normbedrag als genoemd in hoofdstuk 3, paragraaf 1.9.3.3.
over deze inkomsten de verschuldigde premies en belasting worden afgedragen.
Een pensioenuitkering moet op het tijdstip waarop de aanvraag om een verblijfsvergunning is ontvangen of de beschikking wordt gegeven nog ten minste één jaar beschikbaar zijn. Dit kan worden aangetoond met een verklaring of brief van het pensioenfonds.
ingevuld en ondertekend aanvraagformulier;
kopie geldig document voor grensoverschrijding;
indien van toepassing: voorzien van een geldige mvv welke is afgegeven voor het gevraagde verblijfsdoel;
bewijs van zelfstandige, duurzame en voldoende middelen van bestaan. Te weten:
een verklaring of brief van het pensioenfonds waaruit de hoogte en duur van de ontvangen pensioenuitkering blijkt; of
bescheiden betreffende andere middelen van bestaan dan uit pensioen.
ondertekende antecedentenverklaring (geïntegreerd in het aanvraagformulier);
gelegaliseerde/geapostilleerde verklaring van goed gedrag, afgegeven door een bevoegde autoriteit in het land van herkomst (niet ouder dan drie maanden op het moment van indiening van de aanvraag);
indien van toepassing: bewijs onderzoek TBC;
kopie bewijs ziektekostenverzekering (geïntegreerd in het aanvraagformulier).
Alle stukken moeten zijn opgesteld in het Nederlands, Engels of Papiaments of zijn vertaald door een betrouwbare vertaler.
Als door de vreemdeling aan de hierboven in 2.2, 3.2 dan wel 4.2 genoemde voorwaarden wordt voldaan, wordt de verblijfsvergunning voor bepaalde tijd verleend onder de beperking: ‘verblijf als gepensioneerde of rentenier’.
De geldigheidsduur van de te verlenen verblijfsvergunning voor bepaalde tijd is een jaar. Deze kan daarna steeds met een jaar verlengd worden, als aan de daarvoor geldende voorwaarden wordt voldaan.
De geldigheidsduur van de verblijfsvergunning voor bepaalde tijd is maximaal zes maanden per jaar en is tijdelijk van aard. De tijdelijkheid moet altijd uitdrukkelijk in de beschikking waarbij de verblijfsvergunning wordt verleend, worden vermeld.
De geldigheidsduur van deze verblijfsvergunning voor bepaalde tijd kan niet worden verlengd. Als de vreemdeling in een volgend tijdvak van een jaar opnieuw als overwinteraar in de openbare lichamen wil verblijven, dan moet hij daarvoor een nieuwe aanvraag voor verlening van een verblijfsvergunning voor bepaalde tijd indienen.
Op de verblijfsvergunning staat de aantekening: ’arbeid in loondienst alleen toegestaan indien de werkgever beschikt over TWV’.
De verplichting voldoende verzekerd te zijn tegen ziektekosten met inbegrip van de kosten verbonden aan opname en verpleging in een sanatorium of psychiatrische inrichting.
Artikel 8
Gepensioneerden en renteniers
Onderdeel van Circulaire toelating en uitzetting Bonaire, Sint Eustatius en Saba· Migratierecht
Deze tekst geldt sinds 8 oktober 2010