Naar hoofdinhoud

Artikel 6

Beloning

Onderdeel van Afspraken over de harmonisatie arbeidsvoorwaarden politie, tweede tranche· Arbeidsrecht en sociaal-zekerheidsrecht

Deze tekst geldt sinds 8 december 2010

Eind 2008 zijn hierover afspraken gemaakt door partijen. De afspraak is dat er vaste betaaldata zijn van salarissen (in principe de 21ste van iedere maand). Een en ander is geregeld in de circulaire van 17 december 2008. Dit is inmiddels bij alle korpsen ingevoerd. Het onderwerp blijft liggen tot het moment van invoering van LFNP. Bij de invoering van het LFNP is afwijking niet meer mogelijk, anders dan op basis van instrumenten van het Bbp. De reeds bestaande regionale afspraken blijven bestaan tot de invoering van het LFNP. Bij de invoering van het LFNP zullen hier nadere afspraken over gemaakt worden. Geconstateerd is dat de oorsprong van de korpsbonus verschillend is. Besloten is om het al dan niet continueren van de korpsbonus aan het betreffende korps over te laten. Indien een korps een dergelijke regeling wil wijzigen of afschaffen dan dient dit echter plaats te vinden door middel van het landelijk georganiseerd overleg. Wordt in de derde tranche harmonisatie arbeidsvoorwaarden meegenomen omdat dit onderwerp sterk verweven is met korpsleiding/regionaal MT. De reeds bestaande regionale regelingen blijven derhalve bestaan tot dat er andere afspraken zijn gemaakt. Wijziging of afschaffing van een dergelijke regeling dient plaats te vinden door middel van het landelijk georganiseerd overleg. Door aanpassing van artikel 9 van het Bbp worden de volgende afspraken gerealiseerd: Alle executieve en administratietechnische medewerkers krijgen een periodiekdatum die ligt één jaar na in dienst treding. De periodiekdatum voor aspiranten is de datum van aanvang van de opleiding voor zover de aspirant voor het eerst bij de Nederlandse politie is aangesteld. Deze datum wordt óók gehanteerd nadat de aspirant de laatste proeve van bekwaamheid heeft gehaald en aansluitend wordt aangesteld als ambtenaar belast met de uitvoering van de politietaak. Het verstrekken van een extra periodiek of géén periodiek kan alleen plaatsvinden op basis van een recente beoordeling. Indien de periodiekdatum en de datum van bevordering op dezelfde datum plaatsvinden, wordt eerst de bevorderingsystematiek doorgevoerd en krijgt de medewerker vervolgens één reguliere periodiek uit de ‘nieuwe schaal’. Bovenstaande is nader uitgewerkt in het HAP II besluit (zie bijlage) en wordt tevens gewijzigd samen met artikel 10 Bbp als gevolg van de Packagedeal. Zie voor de uitwerking de bijlage bij de Packagedeal. De meeste korpsen kennen geen vergoeding voor bomverkenners of geven een consignatievergoeding conform vigerend beleid. Dit onderwerp wordt (nu) niet geharmoniseerd. Voor zover deze vergoeding zou zien op aanschaf van kleding (korps Amsterdam Amstelland: pak /kostuum) dan kan dit uit de tegemoetkoming in de representatiekosten, op basis van artikel 20 Bbp worden vergoed. Het onderwerp consignatievergoeding wordt in de derde tranche geharmoniseerd. De reeds bestaande regionale regelingen blijven derhalve bestaan tot dat er andere afspraken zijn gemaakt. Wijziging of afschaffing van een dergelijke regeling dient plaats te vinden door middel van het landelijk georganiseerd overleg.

Rechtspraak bij dit artikel