Naar hoofdinhoud

Artikel 9

Derdenbeding bij erfpacht

Onderdeel van Erfbelasting, fictieve verkrijging, levensverzekering en derdenbeding, premiesplitsing· Belastingrecht

Deze tekst geldt sinds 22 december 2010

Een voorbeeld van een uitkering krachtens derdenbeding is een vergoeding voor het opstal die door de landeigenaar wordt betaald bij het einde van een van pacht afhankelijk recht van opstal. Als de pacht na het overlijden van de erflater niet wordt voortgezet, is de bedongen uitkering belast voor de erfbelasting. Als de landeigenaar (nog) geen vergoeding is verschuldigd omdat de pacht wel wordt voortgezet door een erfgenaam van de erflater, is er op dat moment geen sprake van een belastbare uitkering krachtens derdenbeding. Bij latere beëindiging van het pachtrecht geldt het volgende. Een vergoeding van de waarde van het opstal wordt op dat moment aangemerkt als nadere verkrijging uit de nalatenschap van erflater. De vergoeding wordt belast bij degene die de vergoeding ontvangt. Dat zal meestal de voortzetter zijn. Ook kan het voorkomen dat de voortzetter verplicht is de vergoeding door te betalen (aan erfgenamen) op grond van bijvoorbeeld een testamentaire bepaling, een overeenkomst tussen de erfgenamen of een rechterlijke beslissing. In dat geval wordt het doorbetaalde bedrag bij de uiteindelijke ontvanger in aanmerking genomen als nadere verkrijging uit de nalatenschap van erflater.

Rechtspraak bij dit artikel