Voor de beantwoording van de vraag of er iets is onttrokken aan het vermogen van de erflater, kan van belang zijn of premies van levensverzekeringen moeten worden aangemerkt als kosten van de huishouding, als bedoeld in artikel 1:84 BW.
Volgens jurisprudentie en literatuur kan de vraag of premies van levensverzekeringen kosten van de huishouding zijn niet eenduidig met ja of nee beantwoord worden. Wel wordt algemeen aangenomen dat wanneer de verzekering is gesloten in het kader van oudedags- of nabestaandenvoorziening de premies kosten van de huishouding zijn, terwijl premies voor verzekeringen die als belegging zijn gesloten niet als kosten van de huishouding worden aangemerkt. Waar de scheidslijn ligt tussen oudedags- en nabestaandenvoorziening enerzijds en belegging anderzijds is moeilijk te bepalen, mede omdat een en ander tevens aan de hand van de omstandigheden van het geval beoordeeld zal moeten worden.
Het feit dat niet voldoende uitgekristalliseerd is wanneer premies kosten van de huishouding zijn, leidt tot onzekerheid. Daarnaast acht ik het verschil in resultaat dat voor de heffing van erfbelasting kan optreden al naar gelang premies al dan niet worden aangemerkt als kosten van de huishouding niet redelijk.
Ik keur met toepassing van artikel 63 van de Algemene wet inzake rijksbelasting (de hardheidsclausule) goed dat premies van levensverzekeringen voor de toepassing van de Successiewet niet worden aangemerkt als kosten van de huishouding als bedoeld in artikel 1:84 BW.
Deze goedkeuring geldt niet als echtgenoten of samenwoners uitdrukkelijk zijn overeengekomen dat de premies van levensverzekeringen wel worden aangemerkt als kosten van de huishouding als bedoeld in artikel 1:84 BW. Voor geregistreerde partners geldt hetzelfde als voor gehuwden.
Voor alle duidelijkheid merk ik nog het volgende op. De vraag of premies als kosten van de huishouding moeten worden aangemerkt staat los van de vraag of premies krachtens huwelijksvermogensregime of samenlevingscontract ten laste van de erflater zijn gekomen. De situatie kan zich voordoen dat premies, ondanks het feit dat zij (al dan niet op basis van de goedkeuring) niet als kosten van de huishouding worden beschouwd, op grond van het huwelijksgoederenregime of het samenlevingscontract toch direct of indirect ten laste van het vermogen van de erflater zijn gekomen.
Artikel 8
Premies van levensverzekering worden niet aangemerkt als kosten van de huishouding
Onderdeel van Erfbelasting, fictieve verkrijging, levensverzekering en derdenbeding, premiesplitsing· Belastingrecht
Deze tekst geldt sinds 22 december 2010