**1.** Onverminderd artikel 35, eerste lid, onder b, kan Onze Minister de buitengewoon agent van politie in zijn ambt schorsen:
indien een strafrechtelijke vervolging ter zake van een misdrijf tegen hem is ingesteld;
wanneer hem het voornemen tot bestraffing met onvoorwaardelijk ontslag is meegedeeld dan wel wanneer hem die straf is opgelegd, of
wanneer het dienstbelang dit bepaaldelijk vereist.
**2.** In afwachting van de schorsing kan de buitengewoon agent van politie buiten functie worden gesteld door Onze Minister.
**3.** De duur van de schorsing bedraagt maximaal zes maanden. In zeer bijzondere gevallen kan deze termijn eenmaal met drie maanden worden verlengd.
Hoofdstuk 7
Artikel 37
Artikel 37
Onderdeel van Besluit buitengewone agenten van politie BES· Openbare orde en veiligheidsrecht
Deze tekst geldt sinds 1 januari 2011