Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 2.3

Artikel 2.3

Onderdeel van Regeling aanspraken zorgverzekering BES· Gezondheidsrecht en farmaceutisch recht

Deze tekst geldt sinds 1 januari 2024

1. Onverminderd het bepaalde in de artikelen 1.13.1, 1.13.2 en 2.2a van deze regeling wordt aan een verzekerde een vergoeding verstrekt voor kosten van zorg als omschreven in deze regeling, die buiten het grondgebied van de BES-eilanden is verleend en anders dan op de in artikel 10, tweede lid, van het besluit omschreven wijze is verkregen als gevolg van de navolgende omstandigheden: indien door het Zorgverzekeringskantoor BES, dan wel de indicatiecommissie, bedoeld in artikel 1.12.3 van deze regeling is vastgesteld dat betrokkene is aangewezen op de zorg, bedoeld in artikel 6, onderdeel k, van het besluit en betrokkene anders dan met het oogmerk om zorg te verkrijgen buiten het grondgebied van de BES-eilanden verblijft, gedurende ten hoogste dertien weken per kalenderjaar; indien zorg wegens onvoorziene omstandigheden noodzakelijk wordt en gelet op de gezondheidstoestand van betrokkene en het te verwachten verloop daarvan, niet kan worden uitgesteld tot de verzekerde is teruggekeerd op het grondgebied van het BES-eiland waar hij woont, gedurende een periode van ten hoogste dertien weken. Deze termijn kan door het Zorgverzekeringskantoor BES worden verlengd indien de verzekerde om medische redenen niet naar het grondgebied van dat BES-eiland vervoerd kan worden; wegens het volgen van een studie of uitoefening van bedrijf of beroep, al dan niet in dienstbetrekking zolang betrokkene blijft behoren tot de kring van verzekerden, bedoeld in artikel 4 van het besluit; indien betrokkene behoort tot het huishouden van de verzekerde bedoeld in onderdeel c. 2. Het in het vorige lid in de onderdelen b, c en d bepaalde, ten aanzien van zorg bedoeld in artikel 6, onderdeel k, van het besluit, is slechts van toepassing indien door het Zorgverzekeringskantoor BES, dan wel de Indicatiecommissie, bedoeld in artikel 1.12.3 van deze regeling, gehoord de behandelend arts, is vastgesteld dat de verzekerde op de desbetreffende zorg is aangewezen en in welke omvang de verzekerde op de desbetreffende zorg is aangewezen. 3. Behoudens in geval van toepassing van artikel 1.13.2 van deze regeling, is de vergoeding voor de in het eerste lid bedoelde zorg gelijk aan de in rekening gebrachte kosten, doch bedraagt niet meer dan het op het grondgebied van het BES-eiland waar de verzekerde woont voor de desbetreffende zorg gebruikelijke tarief, of, bij gebreke van een dergelijk tarief, van het tarief dat daarvoor op het grondgebied van de BES-eilanden door het Zorgverzekeringskantoor BES pleegt te worden vergoed. Indien ook een dergelijk tarief niet kan worden vastgesteld bedraagt de vergoeding ten hoogste het tarief dat in de Nederlandse marktomstandigheden in redelijkheid passend is te achten. 4. Indien zorg wordt verleend in het geval, bedoeld in het eerste lid, onderdelen b tot en met d, wordt het met het verlenen van die zorg samenhangende noodzakelijke vervoer, bedoeld in artikel 6, eerste lid, onderdeel j, van het besluit en artikel 1.10.1 van deze regeling, vergoed. 5. Indien in deze regeling is bepaald dat de verzekerde voor de verleende zorg een bijdrage in de kosten is verschuldigd, wordt deze bijdrage in mindering gebracht op de vergoeding.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel