Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk IV

Artikel 33

De tweede voorlopige herberekening van het normatieve bedrag 2011 en de tweede voorlopige herberekening en de vaststelling van de vereveningsbijdrage 2011

Onderdeel van Beleidsregels vereveningsbijdrage zorgverzekering 2011· Gezondheidsrecht en farmaceutisch recht

Deze tekst geldt sinds 20 februari 2011

1. Het college herberekent het normatieve bedrag 2011 voor de tweede keer voorlopig als de som van het tweede voorlopige deelbedrag B-dbc’s 2011, het tweede voorlopige deelbedrag variabele kosten van ziekenhuisverpleging en kosten van specialistische hulp 2011, het tweede voorlopige deelbedrag vaste kosten van ziekenhuisverpleging 2011, het tweede voorlopige deelbedrag geneeskundige geestelijke gezondheidszorg 2011 en het tweede voorlopige deelbedrag kosten van overige prestaties 2011. 2. Voor de toepassing van artikel 3.20 van de Regeling zorgverzekering berekent het college: de som van het bedrag bepaald in artikel 27, veertiende lid en het bedrag bepaald in artikel 28, vijftiende lid; indien het in onderdeel a bepaalde bedrag groter is dan het aantal verzekerden van 18 jaar en ouder 2011 maal EUR 22,50, dan trekt het college 90 procent van het meerdere af van het normatieve bedrag 2011 als berekend onder a; indien het in onderdeel a bepaalde bedrag kleiner is dan het aantal verzekerden van 18 jaar en ouder 2011 maal EUR –22,50, dan voegt het college 90 procent van het verschil toe aan het normatieve bedrag 2011 als berekend onder a. 3. Voor de toepassing van artikel 3.20 van de Regeling zorgverzekering gebruikt het college: de uitkomst van artikel 30, vierentwintigste lid; indien het in onderdeel a bepaalde bedrag groter is dan het aantal verzekerden van 18 jaar en ouder 2011 maal EUR 7,50, dan trekt het college 100 procent van het meerdere af van het normatieve bedrag 2011 als berekend onder a; indien het in onderdeel a bepaalde bedrag kleiner is dan het aantal verzekerden van 18 jaar en ouder 2011 maal EUR –7,50, dan voegt het college 100 procent van het verschil toe aan het normatieve bedrag 2011 als berekend onder a. 4. Het college bepaalt de tweede voorlopige opbrengst van de nominale rekenpremie per zorgverzekeraar door de verzekerden van 18 jaar en ouder 2011 per zorgverzekeraar te vermenigvuldigen met de nominale rekenpremie 2011. 5. Het college vermindert het resultaat van het vierde lid met het bedrag dat de zorgverzekeraar verantwoordt in zijn jaarstaat 2011 per 1 juli 2012 als gederfde inkomsten voor verzekerden van 18 jaar en ouder waarvoor als gevolg van de toepasselijkheid van artikel 24 Zorgverzekeringswet geen nominale premies worden ontvangen. 6. Het college berekent de tweede voorlopige aanvulling op de bijdrage voor de uitkering in verband met uitvoeringskosten van verzekerden jonger dan 18 jaar door het aantal verzekerden jonger dan 18 jaar 2011 te vermenigvuldigen met EUR 50. 7. Het college berekent de vereveningsbijdrage 2011 voor de tweede keer voorlopig door de som van het tweede voorlopige normatieve bedrag 2011 bedoeld in het eerste lid, met toepassing van het tweede lid en de aanvulling voor uitvoeringskosten van verzekerden jonger dan 18 jaar bedoeld in artikel 24, zesde lid, te verminderen met de tweede voorlopige normatieve eigen risico opbrengst bedoeld in artikel 32, en de opbrengst van de nominale rekenpremie, bedoeld in artikel 24, vijfde lid. 8. Het college stelt de vereveningsbijdrage 2011 voor de tweede keer voorlopig vast in september 2014 ter hoogte van de in het vorige lid berekende bijdrage.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel