De Nederlandsche Bank is, ongeacht hetgeen daaromtrent in de statuten van de kredietinstelling of verzekeraar is bepaald, ingevolge de haar op grond van artikel 8:10 verleende machtiging bevoegd:

  • - a. alle nog niet gedane stortingen op de aandelen in het geplaatste kapitaal van de kredietinstelling uit te schrijven en te innen;
  • - b. alle nog niet gedane stortingen op de aandelen in het geplaatste kapitaal, onderscheidenlijk het waarborgkapitaal, van de verzekeraar uit te schrijven en te innen;
  • - c. naheffingen op te leggen en te innen tot het in de statuten bepaalde maximum, indien de verzekeraar de rechtsvorm van onderlinge waarborgmaatschappij bezit.