**1.** Het college raamt de verzekerdenaantallen 2012 voor het macro-deelbedrag kosten van dbc-zorgproducten in het vrije segment, voor het macro-deelbedrag variabele kosten van ziekenhuisverpleging en kosten van specialistische hulp en voor het macro-deelbedrag kosten van overige prestaties per criterium met inachtneming van het bepaalde in de volgende leden.
**2.** Het college baseert zich bij de raming van de verzekerdenaantallen op de macroverzekerdenraming 2012 en het PKB 2011.
**3.** Het college baseert zich bij de raming van de verzekerdenaantallen per zorgverzekeraar op het PKB met als peildatum de datum van de nominale premieprolongatie van de maand juni 2011, zoals de zorgverzekeraars dat hebben aangeleverd op 15 juni 2011.
**4.** Wanneer een verzekerde bij meerdere zorgverzekeraars tegelijkertijd is ingeschreven, bepaalt het college de verzekeringsduur voor die verzekerde naar rato van het aantal zorgverzekeraars waar de verzekerde over die periode ingeschreven is geweest.
**5.** Het college baseert zich voor het geraamde aantal verzekerden voor het criterium leeftijd en geslacht per zorgverzekeraar op het PKB 2011met als peildatum de datum van de nominale premieprolongatie van de maand juni 2011.
**6.** Het college herschaalt het geraamde aantal verzekerden voor het criterium leeftijd en geslacht naar de macroverzekerdenraming.
**7.** Het college baseert zich voor het geraamde aantal verzekerden voor het criterium aard van het inkomen per zorgverzekeraar met betrekking tot:
de leeftijd op het PKB 2011;
de zelfstandigen op de opgave per gepseudonimiseerd burgerservicenummer van de Belastingdienst naar inkomensbron op peildatum 30 juni 2010;
de arbeidsongeschikten, bijstandsgerechtigden en de referentiegroep op de opgave per gepseudonimiseerd burgerservicenummer van het UWV naar inkomensbron op peildatum 30 juni 2010.
**8.** Voor de indeling in een klasse van het criterium aard van het inkomen deelt het college een verzekerde, die in meerdere klassen is in te delen, in op basis van de hierna genoemde volgorde:
0 tot en met 17 jaar of 65 jaar en ouder;
arbeidsongeschikten;
bijstandsgerechtigden;
zelfstandigen, voor zover zij niet zijn ingedeeld onder 1 tot en met 3 of inkomsten uit dienstbetrekking of werkloosheidsuitkering hebben;
referentiegroep, alle verzekerden omvattend die niet zijn ingedeeld onder 1 tot en met 4.
**9.** Het college herschaalt het geraamde aantal verzekerden voor het criterium aard van het inkomen naar de macroverzekerdenraming.
**10.** Het college baseert zich voor het geraamde aantal verzekerden voor het criterium regio per zorgverzekeraar met betrekking tot:
de indeling, op de regioclusters somatisch naar viercijferige postcode voor 2012 uit bijlage 9 bij de brief van de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 30 september 2011 Z/F-3084546;
de viercijferige postcode, op het PKB 2011.
**11.** Het college herschaalt het geraamde aantal verzekerden voor het criterium regio naar de macroverzekerdenraming.
**12.** Het college baseert zich voor het geraamde aantal verzekerden voor het criterium FKG’s per zorgverzekeraar op:
de indeling in FKG somatische zorg 2012 uit bijlage 6 bij de brief van de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 30 september 2011 Z/F-3084546;
de opgave per 1 juni 2011 van declaraties farmaceutische hulp 2010 per gepseudonimiseerd burgerservicenummer van de zorgverzekeraars aan het college.
**13.** Bij de bepaling van de FKG’s zijn de volgende farmaceutische middelen uitgesloten:
middelen die in de G-standaard van Z-Index zijn aangemerkt als niet voor vergoeding in aanmerking komend op grond van artikel 2.8 Besluit zorgverzekering;
middelen die in de G-standaard van Z-Index zijn aangemerkt als grond- en hulpstoffen.
**14.** Het college hanteert een drempel van meer dan 180 standaarddagdoseringen. Beneden deze drempel kent het college geen FKG aan een verzekerde toe.
**15.** Onverminderd het bepaalde in het veertiende lid hanteert het college voor de FKG Kanker een drempel van ten minste 3 receptregels. Beneden deze drempel kent het college geen FKG Kanker aan een verzekerde toe.
**16.** Het college koppelt de opgave bedoeld in het twaalfde lid onderdeel b met behulp van het gepseudonimiseerde burgerservicenummer aan het PKB 2011 en bepaalt op basis hiervan en met inachtneming van de drempels bedoeld in het veertiende en vijftiende lid in welke FKG klassen de verzekerde valt. Aan de verzekerde koppelt het college een zwaarte van 1 voor de betreffende klasse.
**17.** Bij samenloop van FKG’s wijst het college alle toepasselijke FKG’s toe met inachtneming van de volgende uitzonderingen:
In geval van samenloop bij FKG’s Diabetes I, Diabetes IIa en Diabetes IIb deelt het college aan de hand van de tabel in bijlage 2 van deze beleidsregels een verzekerde in bij een klasse van het criterium FKG’s;
Indien een verzekerde is ingedeeld bij FKG Diabetes I, FKG Diabetes IIa of FKG Diabetes IIb, deelt het college deze verzekerde niet in bij FKG Hoog cholesterol;
Indien een verzekerde is ingedeeld bij FKG Hartaandoeningen, deelt het college deze verzekerde niet in bij FKG Hoog cholesterol;
Indien een verzekerde is ingedeeld bij FKG Psychose, Alzheimer en Verslaving deelt het college deze verzekerde niet in bij FKG Depressie;
Indien een verzekerde is ingedeeld bij FKG COPD/Zware astma deelt het college deze verzekerde niet in bij FKG Astma;
Indien een verzekerde is ingedeeld bij FKG Reuma: TNF-alfa-remmers, deelt het college deze verzekerde niet in bij FKG Reuma: overige middelen;
Indien een verzekerde is ingedeeld bij FKG Kanker, deelt het college deze verzekerde niet in bij FKG Hormoongevoelige tumoren.
**18.** Het college past per verzekerde per FKG 2012 een trendfactor toe voor de geraamde prevalentieontwikkeling, zoals weergegeven in bijlage 1 van deze beleidsregels. Het college vermenigvuldigt de zwaarte, bepaald in het zestiende lid, met de prevalentieontwikkeling en berekent de uiteindelijke zwaarte voor de verzekerde voor de betreffende klasse. Het college past op verzekerden die in het PKB 2011 voor het eerst voorkomen per FKG de gemiddelde prevalentie van de overige verzekerden in het PKB toe.
**19.** Als een verzekerde niet in een FKG klasse 1 t/m 25 2012 valt, deelt het college deze verzekerde per zorgverzekeraar in bij FKG klasse 0.
**20.** Het college herschaalt het geraamde aantal verzekerden voor het criterium FKG’s naar de macroverzekerdenraming.
**21.** Het college baseert zich voor het geraamde aantal verzekerden voor het criterium DKG’s per zorgverzekeraar op:
de indeling in DKG’s 2012 uit bijlage 8 bij de brief van de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 30 september 2011 Z/F-3084546;
de opgave van de zorgverzekeraars per 1 juni 2011 aan het college van de declaraties per gepseudonimiseerd burgerservicenummer van DBC’s die in 2009 geopend zijn.
**22.** Het college bepaalt door een koppeling op basis van het gepseudonimiseerde burgerservicenummer tussen de opgave bedoeld in het vorige lid onderdeel b en het PKB 2010 per verzekerde in welke DKG klasse 1 tot en met 13 de verzekerde valt. Het college stelt voor de toepasselijke klasse waarin de verzekerde valt de zwaarte op 1.
**23.** Het college past op de verzekerden die in het PKB 2010 voor het eerst voorkomen per DKG de gemiddelde prevalentie naar leeftijd en geslacht voor de betreffende klasse van de overige verzekerden in het PKB 2010 toe. Vervolgens koppelt het college de verzekerden aan het PKB 2011, waarbij de verzekerden een zodanige zwaarte krijgen dat de prevalentie naar leeftijd en geslacht per DKG constant blijft.
**24.** Als een verzekerde niet in een DKG klasse 1 tot en met 13 2012 valt, deelt het college deze verzekerde per zorgverzekeraar in bij DKG klasse 0.
**25.** Het college herschaalt het geraamde aantal verzekerden voor het criterium DKG’s naar de macroverzekerdenraming.
**26.** Het college baseert zich voor het geraamde aantal verzekerden voor het criterium SES per zorgverzekeraar met betrekking tot:
de leeftijd, op het PKB 2011;
het inkomen, op de opgave per gepseudonimiseerd burgerservicenummer van de Belastingdienst over het jaar 2009;
het inkomen wanneer voor 2009 geen gegevens beschikbaar zijn, op gegevens over het jaar 2008;
de adresgegevens, op het gepseudonimiseerde adres per gepseudonimiseerd burgerservicenummer in de opgave van de Belastingdienst over het jaar 2010;
de adresgegevens indien deze in de opgave van de Belastingdienst ontbreken, op het PKB 2011.
**27.** Het college herschaalt het geraamde aantal verzekerden voor het criterium SES naar de macroverzekerdenraming.
**28.** Het college baseert zich voor het geraamde aantal verzekerden voor het criterium MHK per zorgverzekeraar op:
declaraties met betrekking tot vereveningsjaar 2007 per gepseudonimiseerd burgerservicenummer voor de deelbedragen variabele kosten van ziekenhuisverpleging en specialistische hulp en de kosten van overige prestaties tot en met 31 december 2009, zoals zorgverzekeraars die op 1 juni 2011 bij het college hebben aangeleverd;
declaraties met betrekking tot vereveningsjaar 2008 per gepseudonimiseerd burgerservicenummer voor de deelbedragen variabele kosten van ziekenhuisverpleging en specialistische hulp en de kosten van overige prestaties tot en met 31 december 2010, zoals zorgverzekeraars die op 1 juni 2011 bij het college hebben aangeleverd;
declaraties met betrekking tot vereveningsjaar 2009 per gepseudonimiseerd burgerservicenummer voor de deelbedragen variabele kosten van ziekenhuisverpleging en specialistische hulp, de kosten van B-dbc’s en de kosten van overige prestaties, zoals zorgverzekeraars die op 1 juni 2011 bij het college hebben aangeleverd.
**29.** Het college herleidt de percentages van de risicoklassen MHK met betrekking tot vereveningsjaar 2007, 2008 respectievelijk 2009 tot drempelbedragen MHK 2007, 2008 respectievelijk 2009.
**30.** Het college bepaalt op basis van de drempelbedragen uit het vorige lid en een koppeling met het PKB 2010 in welke MHK klasse een verzekerde valt.
**31.** Vervolgens koppelt het college de verzekerden aan het PKB 2011, waarbij de verzekerden een zodanige zwaarte krijgen dat de prevalentie per MHK klasse 1 tot en met 6 constant blijft.
**32.** Als een verzekerde niet in een MHK klasse 1 tot en met 6 valt, deelt het college de verzekerde in bij MHK klasse 0.
**33.** Het college herschaalt het geraamde aantal verzekerden voor het criterium MHK naar de macroverzekerdenraming.
**34.** Voor de toepassing van artikel 15 bepaalt het college per zorgverzekeraar het totaal aantal verzekerden.
**35.** Het college deelt verzekerden woonachtig in het buitenland uitsluitend in bij de criteria leeftijd en geslacht, aard van het inkomen en MHK.
Hoofdstuk II
Artikel 4
Raming van de verzekerdenaantallen 2012 voor het macro-deelbedrag kosten van dbc-zorgproducten in het vrij segment, het macro-deelbedrag variabele kosten van ziekenhuisverpleging en kosten van specialistische hulp en voor het macro-deelbedrag kosten van overige prestaties
Onderdeel van Beleidsregels vereveningsbijdrage zorgverzekering 2012· Gezondheidsrecht en farmaceutisch recht
Deze tekst geldt sinds 3 mei 2012