Naar hoofdinhoud

Paragraaf 2

Artikel 3

Artikel 3

Onderdeel van Mandaatregeling korpsbeheer politie en brandweer BES 2012· Openbare orde en veiligheidsrecht

Deze tekst geldt sinds 7 juli 2012

1. Aan de secretaris-generaal wordt mandaat verleend ten aanzien van de tot de verantwoordelijkheid van de bewindspersoon behorende aangelegenheden op het terrein van het beheer van het politiekorps, met uitzondering van de bevoegdheid tot het nemen van besluiten die zijn neergelegd in een document, gericht tot: de Koningin; de raad van ministers van het Koninkrijk, de ministerraad of een daartoe gevormde onderraad of commissie; de voorzitter van de Eerste of Tweede Kamer der Staten-Generaal of van een uit die Kamer gevormde commissie; de vice-president van de Raad van State van het Koninkrijk of de vice-president van de Raad van State; de president van de Algemene Rekenkamer; of de Nationale ombudsman, indien de strekking daarvan is dat aan een aanbeveling van de Nationale ombudsman geen gevolg wordt gegeven. 2. Van het mandaat van de secretaris-generaal zijn met betrekking tot het beheer van het politiekorps tevens uitgesloten de bevoegdheden op grond van de artikelen 48, vierde lid, van de Rijkswet politie en 23, vierde lid, van de Veiligheidswet BES, alsmede artikel 13 van het Besluit bewapening en overige uitrusting politie BES.

Rechtspraak bij dit artikel