Deze aanwijzing beschrijft eerst de doelstellingen en uitgangspunten met betrekking tot de strafrechtelijke handhaving van de rechtsorde, voor zover die door Nederlandse militairen wordt geschonden. Daarna wordt ingegaan op de prioriteiten bij de opsporing. Verder wordt ingegaan op de verhouding tussen het (militair) strafrecht en het militair tuchtrecht. Vervolgens wordt stilgestaan bij de verhouding tot en afwijkingen van Aanwijzingen ten behoeve van militaire zaken. Tenslotte worden meer praktische aanwijzingen gegeven ten aanzien van de consultatie door de hulpofficier van Justitie van de officier van Justitie, ten aanzien van transigabele feiten c.q. feiten die met een strafbeschikking kunnen worden afgedaan en ten aanzien van inhoud en inzending van processen-verbaal.
Artikel 1
Samenvatting
Onderdeel van Aanwijzing opsporing en behandeling militaire zaken· Staats- en bestuursrecht
Deze tekst geldt sinds 1 april 2013