12. In dit hoofdstuk wordt op hoofdlijnen een beschrijving gegeven van de principes die TPG hanteert in haar toerekeningssysteem. Beoordeling van de gehanteerde principes vindt in het volgende hoofdstuk plaats.
13. Het toerekeningssysteem is overeenkomstig onderdeel 6.2, van het Barp, op 17 november 2000 vastgesteld door TPG. Het toerekeningssysteem bevat naast een algemene beschrijving van de bestuurlijke organisatie van TPG N.V. en het wettelijk kader, een specifieke beschrijving van de wijze waarop de kosten en opbrengsten worden toegerekend. Het toerekeningssysteem beschrijft op welke wijze TPG invulling heeft gegeven aan de begrippen marktconformiteit, proportionaliteit en integraliteit. Het beginsel van integraliteit vergt dat daadwerkelijk alle kosten en opbrengsten worden toegerekend. Het marktconformiteitsbeginsel houdt in dat transacties tussen bedrijfsonderdelen binnen TPG, die onder verschillende wettelijke regimes vallen, plaats moeten vinden alsof er sprake is van onafhankelijke contractspartijen. Het gaat hierbij om de interne levering van zaken, maar ook om de toerekening van vermogenskosten, zowel vreemd als eigen vermogen. In de beschrijving wordt een marktconforme rente voor het vermogensbeslag toegerekend. Volgens de hoofdregel van artikel 14 derde lid onder a van de Postrichtlijn dienen kosten die rechtstreeks kunnen worden toegerekend aan een bepaalde dienst aldus te worden toegerekend. Gemeenschappelijke kosten (kosten die niet rechtstreeks kunnen worden toegerekend aan een bepaalde dienst) worden overeenkomstig artikel 14 derde lid onder b van de Postrichtlijn proportioneel toegerekend. Indien mogelijk wordt een rechtstreekse analyse toegepast van de herkomst van de kosten. Indien een rechtstreekse analyse niet mogelijk is, vindt toerekening plaats op basis van een onrechtstreekse binding met andere kostencategorieën waarvoor een rechtstreekse binding mogelijk is. Indien rechtstreekse noch onrechtstreekse kostentoerekening mogelijk is, vindt toerekening plaats op basis van de reeds toegerekende kosten, overeenkomstig artikel 14 lid 3 onder b sub iii.
14. Activity Based Costing (hierna: de ABC-methode) speelt een belangrijke rol bij de toerekening van de kosten binnen TPG. Op basis van een analyse van het logistieke proces worden kostendrijvers (gerelateerd aan volume, afstand, servicekaders etc.) geidentificeerd. Op basis hiervan worden de proceskosten per activiteit van iedere dienst bepaald. Door de toepassing van de ABC-methode is TPG, volgens het toerekeningssysteem, in staat om alle kosten van het gebruik van productiemiddelen zo veel mogelijk op basis van causale toerekening in de juiste verhouding tot dat gebruik toe te rekenen aan de diensten van opgedragen vervoer en dienovereenkomstig toe te rekenen aan de drie categorieën van diensten (voorbehouden postvervoer, overig opgedragen postvervoer en de andere diensten).
15. De verantwoording van de opbrengsten is gebaseerd op de categorie waar een dienst op basis van het Postbesluit thuishoort. Het Postbesluit, in combinatie met de Postwet, is bepalend voor de inhoud van het opgedragen en voorbehouden postvervoer. Bij transacties worden zowel de externe omzet als de interne omzet geboekt op basis van het marktconformiteitsbeginsel. Verantwoording naar elk van de drie wettelijke categorieën (voorbehouden postvervoer, overig opgedragen postvervoer en andere diensten) vindt volgens TPG op een administratief controleerbare wijze plaats.
16. Het toerekeningssysteem bevat ook regels voor fusies en overnames. Belangrijk hierbij is dat voor elke fusie of overname een dossier wordt gevormd. Dit dossier, dat aan de Raad van Bestuur en de Raad van Commissarissen wordt voorgelegd, bevat tenminste de volgende drie onderdelen:
een beschrijving van de business case;
een financiële meerjarenprojectie;
een berekening van de netto contante waarde.
Fusies en overnames dienen te voldoen aan vooraf gestelde eisen. De door het college aangewezen accountant ziet erop toe dat de dossiers beschikbaar zijn en dat er wordt gehandeld overeenkomstig de vooraf gestelde eisen.
17. Het toerekeningssysteem kent ook specifieke regels voor de toerekening van vennootschapsbelasting en BTW. Verschuldigde vennootschapsbelasting wordt naar rato van het resultaat van de drie eerder genoemde categorieën toegerekend. Bij BTW is de administratie zodanig ingericht dat rekening wordt gehouden met de btw-vrijgestelde prestaties die door TPG op grond van de Postwet worden geleverd.
18. Indien TPG niet langer wettelijk verplicht is bepaalde diensten te leveren komen deze diensten, als tot voortzetting wordt besloten, in de categorie ‘andere diensten’. Besluit TPG de activiteiten voort te zetten, dan blijven de in het verleden behaalde resultaten onderdeel van de opgedragen dienstverlening. Toekomstige resultaten komen ten gunste of ten laste van de ‘andere diensten’. Er vindt geen verrekening van goodwill of badwill plaats omdat er geen sprake is van een transactie. Indien wordt besloten een activiteit te beëindigen op het moment dat de activiteit niet langer verplicht behoeft te worden geleverd, blijven alle hiermee verband houdende kosten en opbrengsten voor rekening van de opgedragen dienstverlening.
Artikel 3
Het toerekeningssysteem, door TPG op 17 november 2000 vastgesteld
Onderdeel van Besluit toerekeningssysteem postvervoer· Mededingingsrecht
Deze tekst geldt sinds 4 januari 2001