In dit hoofdstuk licht de Autoriteit Consument en Markt toe welke criteria hij hanteert voor het beoordelen van de manier waarop de informatie door de aanbieder wordt verstrekt aan zijn abonnees. Zo is de Autoriteit Consument en Markt van mening dat minimaal alle in hoofdstuk 4 genoemde bijzondere risico’s bij de informatieverstrekking expliciet aan de abonnee uitgelegd dienen te worden. Verder zal de Autoriteit Consument en Markt er op toezien dat voor elk van deze risico’s de middelen aan de orde komen, met daarbij een indicatie van de verwachte kosten.17 Ter toelichting een voorbeeld: een voorlichtingstekst als ‘Om veilig te kunnen internetten zou u een firewall en een virusscanner moeten installeren op uw computer. U kunt hiervoor bijvoorbeeld het hiernaast afgebeelde pakket bij ons bestellen voor 50 Euro.’ is naar het oordeel van de Autoriteit Consument en Markt niet afdoende. Immers, de abonnee wordt niet voorgelicht over de risico’s die hij loopt als hij geen firewall en virusscanner installeert. Het begrip ‘(on)veilig internetten’ is daarvoor niet expliciet genoeg.
Abusievelijk geeft de Staatscourant een wijzigingsopdracht voor noot 16 in plaats van de noot 17.
Treedt in werking op het tijdstip waarop artikel 2 van de Instellingswet Autoriteit Consument en Markt in werking treedt.
De Autoriteit Consument en Markt is van mening dat een aanbieder aan de gestelde informatieplicht voldoet indien de informatieverstrekking op een duidelijke en ondubbelzinnige manier plaatsvindt. Een vereiste is dat de informatie actueel en relevant is.
Treedt in werking op het tijdstip waarop artikel 2 van de Instellingswet Autoriteit Consument en Markt in werking treedt.
Verder is de Autoriteit Consument en Markt van mening dat de betreffende informatie gemakkelijk en permanent toegankelijk moet zijn. Ook acht de Autoriteit Consument en Markt het noodzakelijk dat abonnees geïnformeerd worden over hoe zij hun aanbieder kunnen bereiken voor hulp of informatie over internetveiligheid.
Treedt in werking op het tijdstip waarop artikel 2 van de Instellingswet Autoriteit Consument en Markt in werking treedt.
De Autoriteit Consument en Markt hanteert de volgende criteria voor het moment van verstrekken van informatie:
op het moment dat (toekomstige) abonnees de website van de aanbieder bezoeken,
op het moment dat (toekomstige) abonnees een contract voor een dienst gaan afsluiten of verlengen,
nadat er een substantiële wijziging in de bijzondere risico’s optreedt, waarbij de individuele abonnee rechtstreeks benaderd dient te worden en de termijn waarbinnen deze informatie gestuurd wordt, recht doet aan de grootte van het risico.
Treedt in werking op het tijdstip waarop artikel 2 van de Instellingswet Autoriteit Consument en Markt in werking treedt.
Sommige informatie kan zowel op papier als digitaal verstrekt worden. Indien de informatie te vinden is op de website van de aanbieder, dan hanteert de Autoriteit Consument en Markt de volgende criteria bij zijn toezicht:
op de website van de aanbieder is er een speciale pagina ingericht die algemene informatie geeft over veiligheid en beveiliging van internetdiensten;
op deze pagina worden de bijzondere en actuele veiligheidsrisico’s benoemd en uitgelegd,18 Hierbij heeft de aanbieder de vrijheid om inhoudelijke of verdiepende informatie op vervolgpagina’s te vermelden zonder afbreuk te doen aan het overzicht voor de (toekomstige) abonnee. plus (een verwijzing naar) de eventuele middelen waarmee deze risico’s kunnen worden tegengegaan alsmede een indicatie van de kosten;
op deze pagina staat een uitleg (of wordt verwezen naar een uitleg) van de gebruikte begrippen;
deze pagina is via maximaal 1 doorverwijzing (‘één muisklik’) te bereiken vanaf die pagina’s waar de (toekomstige) abonnee als eerste terecht kan komen indien hij de dienst van deze aanbieder wil afnemen;19 Dit kan bijvoorbeeld de homepage van de aanbieder pagina zijn, en/of de pagina van de webmaildienst en/of de pagina die het startpunt is voor de verkoop van internettoegangsdiensten. Het college maakt dit onderscheid, omdat een (toekomstige) abonnee op verschillende webpagina’s van de aanbieder kan belanden. Soms kiest iemand ervoor om de homepage te zoeken, maar soms komt een abonnee via een banner op een andere pagina direct geleid naar een pagina waar een productaanbieding wordt gedaan (landing page). In dat geval zal deze landingpage dus een doorverwijzing naar de voorlichting moeten bevatten.
de verwijzingen zijn gemakkelijk te vinden en benoemen duidelijk welke informatie met de verwijzing te vinden valt.
Treedt in werking op het tijdstip waarop artikel 2 van de Instellingswet Autoriteit Consument en Markt in werking treedt.
Aanbieders kunnen naast het invullen van bovenstaande informatievoorziening ook nog andere middelen inzetten om hun abonnees te informeren. Zo zouden aanbieders hun informatievoorziening kunnen uitbreiden door op hun internetpagina of in hun andere communicatie aan abonnees de aandacht te vestigen op websites waarop veiligheidsrisico’s en maatregelen worden behandeld, zoals bijvoorbeeld de website van Digibewust20 Digibewust: www.digibewust.nl. of de waarschuwingsdienst van GOVCERT.NL21 Waarschuwingsdienst: www.waarschuwingsdienst.nl. .
Artikel 8
De wijze van informatieverstrekking
Onderdeel van Beleidsregels informatieplicht voor aanbieders over internetveiligheid (artikel 11.3 tweede lid van de Telecommunicatiewet)· Mededingingsrecht
Deze tekst geldt sinds 15 januari 2009