Naar hoofdinhoud

Artikel 3

Inleidende opmerkingen

Onderdeel van Aanwijzing technisch opsporingsonderzoek/deskundigenonderzoek· Procesrecht

Deze tekst geldt sinds 1 juni 2013

Voor een goed begrip van de (gevolgen van de) wet is het van belang goed voor ogen te hebben dat de wetgever (niet zozeer in de wet zelf als wel in de totstandkominggeschiedenis ervan) verschillende vormen van onderzoek onderscheidt.3Zie Kamerstukken II 2006/07, 31 116, nr. 3 (MvT), 2.1 onder d en Kamerstukken II 2007/08, 31 116, nr. 6 (nota naar aanleiding van het verslag), p. 10 e.v.) Allereerst wordt onderscheid gemaakt tussen enerzijds onderzoek dat tot het domein van de opsporingsinstanties behoort (verder: technisch opsporingsonderzoek) en anderzijds deskundigenonderzoek. Dit onderscheid is bepalend voor het antwoord op de vraag of de (raadsman van de) verdachte al dan niet in kennis moet worden gesteld van de onderzoeksopdracht (art. 150a lid 1 Sv). Bij technisch opsporingsonderzoek hoeft dit niet, bij deskundigenonderzoek wel. Er zijn voorts twee vormen van deskundigenonderzoek, te weten technisch deskundigenonderzoek en overig deskundigenonderzoek. Dit onderscheid is relevant voor het antwoord op de vraag of ook de hulpofficier van justitie bevoegd is de opdracht te verlenen. Aangezien in deze aanwijzing de bevoegdheid tot het benoemen van deskundigen wordt voorbehouden aan de officier van justitie, wordt dit punt hier niet verder uitgewerkt. Voor de officier van justitie geldt dat hij uitsluitend in het NRGD geregistreerde deskundigen mag benoemen. Het benoemen van niet-geregistreerde deskundigen is namelijk voorbehouden aan de rechter-commissaris. Bij gedragsdeskundigen in opleiding is dikwijls sprake van twee deskundigen die het onderzoek uitvoeren, te weten: de deskundige die in opleiding is en zijn supervisor. Dit is nodig aangezien de deskundige in opleiding zelfstandig een aantal rapporten moet schrijven om opgenomen te kunnen worden in het NRGD. De supervisor dient te zijn geregistreerd in het NRGD. Aangezien de officier van justitie alleen de supervisor kan benoemen (deze is immers opgenomen in het NRGD), maar niet de deskundige in opleiding is tussen het NIFP, het OM en de ZM afgesproken dat in deze gevallen beide benoemingen door de rechter-commissaris zal plaatsvinden

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel