**1.** De gedetineerde op wie een vrijheidsbeperkend middel wordt toegepast ontvangt tenminste drie maal per dag eten en drinken.
**2.** De gedetineerde op wie een vrijheidsbeperkend middel wordt toegepast wordt zo mogelijk in de gelegenheid gesteld zelf eten en drinken tot zich te nemen. Indien hij daartoe niet in staat moet worden geacht is de ambtenaar die belast is met de verzorging van de gedetineerde hem hierbij behulpzaam.
**3.** Indien de gedetineerde door de toepassing van vrijheidsbeperkende middelen niet in staat is zichzelf te wassen en van schone kleding te voorzien, is de ambtenaar die is belast met de verzorging van de gedetineerde hem hierbij behulpzaam.
**4.** Indien de gedetineerde door de toepassing van vrijheidsbeperkende middelen niet in staat is om op het toilet te urineren of zichzelf te ontlasten, wordt hij voorzien van een urinaal of ondersteek. De ambtenaar die belast is met de verzorging van de gedetineerde is hem zonodig behulpzaam bij het gebruik van het urinaal of de ondersteek.
Hoofdstuk 3
Artikel 13
Artikel 13
Onderdeel van Geweldsinstructie BES· Strafrecht
Deze tekst geldt sinds 1 januari 2014