- **1.** Voor activiteiten ter uitvoering van de taken, bedoeld in de artikelen 5, 24 tot en met 28, eerste lid, 30 en 31, stelt Onze Minister ter gehele of gedeeltelijke financiering van de aan de uitvoering van die activiteiten voor de Kamer verbonden kosten, de vergoedingen vast.
- **2.** De Kamer doet, gehoord de Centrale Raad, met het oog op de vaststelling, bedoeld in het eerste lid, aan Onze Minister jaarlijks vóór 15 oktober een voorstel toekomen.
- **3.** De vergoedingen, bedoeld in het eerste lid, zijn verschuldigd, zonder dat dit bij beschikking is vastgesteld. Bij algemene maatregel van bestuur wordt de betalingstermijn vastgesteld.
- **4.** De Kamer is bevoegd de betaling van de vergoedingen, bedoeld in het eerste lid, af te dwingen door het uitvaardigen van een dwangbevel.
Hoofdstuk 8
Artikel 34 Wet op de Kamer van Koophandel
Onderdeel van Wet op de Kamer van Koophandel· Ondernemingspraktijk
Deze tekst geldt sinds 31 maart 2020
Bewaren kan ook zonder account
Verwijzingen
Houd art. 34 bij de hand
Met een gratis account kun je dit artikel bewaren, tekst markeren en jezelf overhoren. Dat werkt op je laptop en op je telefoon.
- Geen reclame
- Je markeringen blijven van jou
- Werkt op je telefoon