Indien een getuige of deskundige de Nederlandse taal niet of onvoldoende beheerst, vindt het verhoor plaats met behulp van een tolk, met inachtneming van het bepaalde in de §§ 3.2, 3.3, 3.4, 3.5 en 3.7).
Artikel 5
Getuige/deskundige – vertolking van het gesprokene
Onderdeel van Aanwijzing bijstand van tolken en vertalers bij de opsporing en vervolging van strafbare feiten· Procesrecht
Deze tekst geldt sinds 1 januari 2014