Naar hoofdinhoud

Artikel 3

Indieningstermijn jaarstaten

Onderdeel van Beleidsregel ontheffingen verslagstaten Pensioenwet en Wet verplichte beroepspensioenregeling 2015· Arbeidsrecht en sociaal-zekerheidsrecht

Deze tekst geldt sinds 9 september 2015

1. DNB verleent een fonds desgevraagd ontheffing van het bepaalde in artikel 147, tweede lid, van de Pensioenwet of artikel 142, tweede lid, van de Wvb in samenhang met artikel 2:3, tweede lid, van de Regeling met betrekking tot de indieningstermijn van jaarstaten, indien sprake is van een incidentele en ingrijpende gebeurtenis die redelijkerwijs niet voor rekening en risico van het fonds komt. 2. Een ontheffing als bedoeld in het eerste lid leidt tot een verlenging van de indieningstermijn voor de in de ontheffing genoemde jaarstaten met maximaal drie maanden. 3. Een verzoek tot ontheffing als bedoeld in het eerste lid wordt uiterlijk op 1 mei in het jaar volgend op het toepasselijke kalenderjaar bij DNB ingediend en gaat vergezeld van een plan van aanpak omtrent de wijze waarop en de termijn waarbinnen het fonds alsnog de desbetreffende jaarstaten kan indienen. 4. Een ontheffing als bedoeld in het eerste lid wordt verleend onder de voorwaarde dat uiterlijk op 30 juni na afloop van het toepasselijke kalenderjaar bij DNB een voorlopige balans met toelichting per ultimo van dat kalenderjaar wordt ingediend. 5. Nadat een fonds een ontheffing op grond van het eerste lid heeft gekregen, kan het met betrekking tot dezelfde jaarstaten eenmaal om een nieuwe verlenging van de indieningstermijn met drie maanden verzoeken.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel