Naar hoofdinhoud

Artikel 4

Indieningstermijn kwartaalstaten

Onderdeel van Beleidsregel ontheffingen verslagstaten Pensioenwet en Wet verplichte beroepspensioenregeling 2015· Arbeidsrecht en sociaal-zekerheidsrecht

Deze tekst geldt sinds 9 september 2015

1. DNB verleent een fonds desgevraagd ontheffing van het bepaalde in artikel 147, tweede lid, van de Pensioenwet of artikel 142, tweede lid, van de Wvb in samenhang met artikel 3:3, tweede lid, van de Regeling met betrekking tot de indieningstermijn van kwartaalstaten, indien sprake is van een incidentele en ingrijpende gebeurtenis die redelijkerwijs niet voor rekening en risico van het fonds komt. 2. Een ontheffing als bedoeld in het eerste lid leidt tot een verlenging van de indieningstermijn voor de in de ontheffing genoemde kwartaalstaten met maximaal drie maanden. 3. Een verzoek tot ontheffing als bedoeld in het eerste lid wordt uiterlijk op de vijftiende dag van de maand volgend op het toepasselijke kalenderkwartaal bij DNB ingediend en gaat vergezeld van een plan van aanpak omtrent de wijze waarop en de termijn waarbinnen het fonds alsnog de desbetreffende kwartaalstaten kan indienen. 4. Nadat een fonds een ontheffing op grond van het eerste lid heeft gekregen, kan het met betrekking tot dezelfde kwartaalstaten eenmaal om een nieuwe verlenging van de indieningstermijn met drie maanden verzoeken. 5. Dit artikel is niet van toepassing op de kwartaalstaten K501 en K502 inzake informatie over een herstelplan, alsmede op kwartaalstaat K702 inzake informatie over de haalbaarheidstoets.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel