De gezondheidskundige verzorging van de mens door medische beroepsbeoefenaren die niet onder de Wet BIG vallen en door Wet BIG-beroepsbeoefenaren die buiten hun deskundigheidsgebied handelen, valt onder de volgende voorwaarden onder de vrijstelling:
de dienst door de desbetreffende medische beroepsbeoefenaar betreft gezondheidskundige verzorging van de mens (zie ook § 3.1 en § 3.2.); en
de desbetreffende medische beroepsbeoefenaar verricht een gezondheidskundige dienst die van een gelijkwaardig kwaliteitsniveau is als een gezondheidskundige dienst van een Wet BIG-beroepsbeoefenaar (zie § 4.1); en
de dienst wordt verricht aan de individuele patiënt (zie § 5).
Werkt terug tot de datum van het arrest van de Hoge Raad van 27
maart 2015, nr. 13/02667, ECLI:NL:HR:2015:744. en in alle situaties
vóór deze datum waarin de heffing van omzetbelasting nog niet
onherroepelijk vaststaat.
Werkt terug tot de datum van het arrest van de Hoge Raad van
27 maart 2015, nr. 13/02667, ECLI:NL:HR:2015:744. en in
alle situaties vóór deze datum waarin de heffing van
omzetbelasting nog niet onherroepelijk vaststaat.
Medische beroepsbeoefenaren die niet onder het bereik van de Wet BIG vallen en Wet BIG-beroepsbeoefenaren die zich buiten hun deskundigheidsgebied bezig houden met gezondheidskundige verzorging van de mens, kunnen soms toch de vrijstelling toepassen op die diensten.
Uit Europese en nationale jurisprudentie6HvJ 27 april 2006, nrs. C-443/04 (Solleveld), Hoge Raad 27 maart 2015, nr. 13/02667, ECLI:NL:HR:2015:744, Gerechtshof Den Bosch 11 september 2015, 14/00971, ECLI:NL:GHSHE:2015:3527. volgt dat de desbetreffende medische beroepsbeoefenaren de vrijstelling kunnen toepassen voor gezondheidskundige diensten als is voldaan aan het fiscale neutraliteitsbeginsel. Hiervan is sprake als de desbetreffende medische beroepsbeoefenaren zich bezighouden met gezondheidskundige verzorging van de mens en aantonen dat ze daarvoor over beroepskwalificaties beschikken die waarborgen dat die diensten een kwaliteitsniveau hebben dat gelijkwaardig is aan het kwaliteitsniveau van een Wet BIG-beroepsbeoefenaar.
Er is sprake van een gelijkwaardig kwaliteitsniveau als de medische beroepsbeoefenaar aantoont dat hij (minimaal) beschikt over:
een afgeronde op zijn beroepsuitoefening gerichte gezondheidskundige HBO-Bachelor opleiding (240 ECTS); of
een afgeronde gezondheidskundige beroepsopleiding gecombineerd met een andere op zijn beroepsuitoefening gerichte aanvullende gezondheidskundige opleiding. Deze combinatie van opleidingen dient eenzelfde kwaliteitsniveau te hebben als de opleiding bedoeld onder 1;
een afgeronde gezondheidskundige beroepsopleiding gecombineerd met relevante kennis en ervaring op het gebied van zijn beroepsuitoefening. Deze combinatie van opleiding, kennis en ervaring dient eenzelfde kwaliteitsniveau te hebben als de opleiding bedoeld onder 1.
In alle gevallen dient de medische beroepsbeoefenaar ook te beschikken over medische basiskennis (MBK) of psychosociale basiskennis (PSBK).7MBK/PSBK kan onderdeel uitmaken van een beroepsgerichte HBO-opleiding, of, als dat niet het geval is, als aanvullende opleiding MBK (25 ECTS) of een aanvullende PSBK (25 ECTS).
Het vorenstaande kan bijvoorbeeld worden aangetoond door:
een diploma van een door de overheid erkende (NVAO8Nederlands-Vlaamse Accreditatieorganisatie. geaccrediteerde) beroepsgerichte HBO-Bachelor opleiding; of
een diploma van een beroepsgerichte opleiding op HBO-Bachelor niveau overeenkomstig NVAO-accreditatie-eisen dat positief is beoordeeld door CPION9Centrum voor Post Initieel Onderwijs Nederland. of SNRO10Stichting Nederlands Register voor Opleidingen in de integrale complementaire gezondheidszorg. of een vergelijkbare instelling; of
een EVC-certificaat (Erkenning van Verworven Competenties) of een daarmee vergelijkbare erkenning waaruit blijkt dat de medische beroepsbeoefenaar beschikt over op de beroepsuitoefening gerichte kennis en ervaring overeenkomend met (minimaal) een HBO-Bachelor opleiding; of
een registratie bij een door de zorgverzekeraar erkende beroepsvereniging en/of overkoepelende organisatie waaruit blijkt dat de betrokken medische beroepsbeoefenaar beschikt over zowel medische of psychosociale basiskennis als specifieke beroepsgerichte kennis overeenkomend met (minimaal) een HBO-Bachelor opleiding; of
op andere wijze, mits de beoordeling van het kwaliteitsniveau van de gevolgde opleiding en/of kennis en ervaring heeft plaatsgevonden door een daartoe erkend, onafhankelijke accreditatie-instituut.
Als de zorgverlener in het buitenland een opleiding heeft genoten is een verklaring noodzakelijk van een daartoe erkende Nederlandse instelling (bijvoorbeeld CIBG11Centraal Informatiepunt Beroepen Gezondheidszorg (uitvoeringsorganisatie van het Ministerie vanVolksgezondheid, Welzijn en Sport. of EP-NUFFIC12De organisatie voor internationalisering in onderwijs.) of een daarmee vergelijkbare instelling waaruit blijkt dat de buitenlandse opleiding gelijkwaardig is aan een relevante Nederlandse HBO of WO-opleiding als hiervoor bedoeld. Ook dient de zorgverlener aan te tonen dat hij beschikt over voldoende MBK of PSBK (als hiervóór bedoeld).
Alleen als de medische beroepsbeoefenaar gezondheidskundige diensten verricht die soortgelijk zijn aan de gezondheidskundige diensten verricht door een beroepsbeoefenaar waarvoor de Wet BIG een afgeronde MBO-opleiding eist, geldt voor bovenstaande kwaliteitseisen dat ‘HBO-Bachelor opleiding (240 ECTS)’ wordt vervangen door ‘MBO opleiding’.
Van de Kinder- en Jeugdpsycholoog (Specialist) NIP en de Orthopedagogen Generalist (NVO) is vastgesteld dat de door hen in hun hoedanigheid van Kinder- en Jeugdpsycholoog resp. Orthopedagoog Generalist verrichte gezondheidskundige diensten kwalitatief soortgelijk zijn aan de gezondheidskundige diensten van GZ-psychologen (Wet BIG-beroepsbeoefenaren). Dit heeft tot gevolg dat de kinder- en jeugdpsycholoog en orthopedagoog generalist voor hun gezondheidskundige diensten de vrijstelling kunnen toepassen. De psychologen Arbeid en Gezondheid NIP kunnen om dezelfde reden de vrijstelling toepassen mits de door deze beroepsbeoefenaren verrichte diensten kwalificeren als gezondheidskundige diensten (hetgeen veelal niet het geval is).
Werkt terug tot de datum van het arrest van de Hoge Raad van 27
maart 2015, nr. 13/02667, ECLI:NL:HR:2015:744. en in alle situaties
vóór deze datum waarin de heffing van omzetbelasting nog niet
onherroepelijk vaststaat.
Werkt terug tot de datum van het arrest van de Hoge Raad van
27 maart 2015, nr. 13/02667, ECLI:NL:HR:2015:744. en in
alle situaties vóór deze datum waarin de heffing van
omzetbelasting nog niet onherroepelijk vaststaat.
Werkt terug tot de datum van het arrest van de Hoge Raad van 27
maart 2015, nr. 13/02667, ECLI:NL:HR:2015:744. en in alle situaties
vóór deze datum waarin de heffing van omzetbelasting nog niet
onherroepelijk vaststaat.
Werkt terug tot de datum van het arrest van de Hoge Raad van
27 maart 2015, nr. 13/02667, ECLI:NL:HR:2015:744. en in
alle situaties vóór deze datum waarin de heffing van
omzetbelasting nog niet onherroepelijk vaststaat.
Werkt terug tot de datum van het arrest van de Hoge Raad van 27
maart 2015, nr. 13/02667, ECLI:NL:HR:2015:744. en in alle situaties
vóór deze datum waarin de heffing van omzetbelasting nog niet
onherroepelijk vaststaat.
Werkt terug tot de datum van het arrest van de Hoge Raad van
27 maart 2015, nr. 13/02667, ECLI:NL:HR:2015:744. en in
alle situaties vóór deze datum waarin de heffing van
omzetbelasting nog niet onherroepelijk vaststaat.
Artikel 4
De gezondheidskundige verzorging van de mens door een medische beroepsbeoefenaar die niet onder de Wet BIG valt en door een Wet BIG-beroepsbeoefenaar die buiten zijn deskundigheidsgebied handelt
Onderdeel van Omzetbelasting, vrijstelling; artikel 11, eerste lid, aanhef en onderdeel g, onder 1°, Wet op de omzetbelasting 1968· Belastingrecht
Deze tekst geldt sinds 2 april 2016