**1.** Een medewerker van het bureau meldt onverwijld aan de voorzitter van het Huis dat het advies of onderzoek, bedoeld in artikel 3a, tweede en derde lid,
hemzelf of een van zijn bloed- of aanverwanten tot en met de vierde graad aangaat;
een instelling of rechtspersoon betreft waarbij hij werkt, heeft gewerkt of belang heeft;
een vermoeden van een misstand betreft waarbij hij mogelijk betrokken is of is geweest;
anderszins de schijn van belangenverstrengeling kan wekken.
**2.** De voorzitter beslist of de medewerker zich om deze reden van deelneming aan het advies of onderzoek onthoudt.
Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet Huis voor
klokkenluiders in werking treedt.
Hoofdstuk 2 › § 2
Artikel 3g
Artikel 3g
Onderdeel van Wet bescherming klokkenluiders· Staats- en bestuursrecht
Deze tekst geldt sinds 1 juli 2016