Naar hoofdinhoud

Artikel 2

Beoordeling van geluid afkomstig van vergunningplichtige schietinrichting

Onderdeel van Beleidsregel schietlawaai defensieterreinen· Ruimtelijke ordening en milieu

Deze tekst geldt sinds 30 augustus 2016

Zoals hierboven aangegeven is er een aantal redenen om te komen tot een nieuwe beoordelingssystematiek voor het schietlawaai van vergunningplichtige schietinrichtingen. Deze beoordelingssystematiek bestaat uit een nieuwe rekenmethode met daarbij de introductie van Bs,dan in plaats van de “rating sound level (lR)” en de maximale geluidnorm van 60 dB Bs,dan. Hieronder wordt op deze beide onderdelen kort ingegaan. Door TNO is een onderzoek5Een overzicht van onderzoek naar de hinder door schietgeluid, rapport TM-98-A050,1998. verricht naar een dosis-effectrelatie voor de hinder van schietactiviteiten. Uit het onderzoek blijkt dat het geluid van schietactiviteiten bij gelijke belasting als hinderlijker wordt ervaren dan geluid van wegverkeer en dat het de voorkeur heeft een specifieke waarderingsgrootheid voor schietgeluid te hanteren, namelijk de Bs,dan.. Deze Bs,dan staat voor de ‘Beoordeling schietgeluid, dag-avond-nacht’ en beschrijft de geluidbelasting uitgedrukt als dag-avond-nachtwaarde. Bij schietgeluid met weinig lage frequenties is het verschil met hinder door wegverkeer kleiner dan bij schietgeluid waarbij lage frequenties dominant zijn (zoals die voorkomen bij zwaar geschut). Voor schietgeluid wordt daarom een correctiefactor op de geluidbelasting ingevoerd afhankelijk van het aandeel laag frequent geluid. Uit het onderzoek blijkt verder dat voor schietgeluid de ervaren hinder in de weekeinden hoger ligt dan op werkdagen. Daarom moet voor de zondag een extra correctie van 5 dB(A) worden aangehouden. Als deze correcties worden toegepast resulteert een waarde (aangeduid met Bs,dan) die wat betreft hinder vergelijkbaar is met die voor het wegverkeer. Uit het onderzoek van TNO blijkt ook dat een norm van 50 dB Bs,dan goed aansluit bij de bestaande uitvoeringspraktijk en toereikend is uit het oogpunt van de bescherming tegen geluidhinder en deze is dan ook opgenomen in bovengenoemde wijziging van het Activiteitenbesluit. De schiet-geluidnorm geldt op de gevel van gevoelige objecten ten gevolge van de blootstelling aan geluid van schietactiviteiten. Bij de waarde van 50 dB Bs,dan worden, net als bij hinder van verkeersgeluid, maximaal 3,7% ernstig gehinderden verwacht. Om die reden heb ik besloten in het vervolg ook bij het afgeven van een omgevingsvergunning voor een schietinrichting een voorkeurswaarde van 50 Bs,dan aan te houden op de gevels van woningen en andere geluidsgevoelige terreinen als bedoeld in de Wet geluidhinder en het Besluit geluidhinder. Als bevoegd gezag komt mij een bepaalde afwegingsvrijheid toe die, vanwege nationale of operationele belangen, er toe kunnen leiden dat ik een maximum waarde van 60 dB Bs,dan kan vaststellen. Deze maximale norm sluit aan bij de bestaande uitvoeringspraktijk en zal naar verwachting in de meeste gevallen niet leiden tot een verruiming van de geluidsniveaus rond militaire schietinrichtingen waar wordt geoefend vanwege nationale of operationele belangen. Bij de toepassing van de maximum waarde van 60 dB Bs,dan ga ik uit van de huidige vergunde geluidsniveaus en dat door uw organisatie in voldoende mate is onderzocht of de ’extra’ geluidhinder ter plekke kan worden vermeden door het treffen van aanvullende maatregelen. In het kader van de invoering van algemene geluidregels voor schietinrichtingen bleek de bestaande reken- en meetmethode te beperkt en te onnauwkeurig om voor schietgeluid te kunnen worden toegepast. Daarom is een nieuw voorschrift opgesteld dat technische procedures bevat voor de beoordeling van schietgeluid en dat is gebaseerd op de nieuwste inzichten. Deze rekenmethode is opgenomen in bijlage 9 van de Activiteitenregeling. Deze rekenmethode acht ik ook geschikt voor de beoordeling van geluid afkomstig van vergunningplichtige schietinrichtingen omdat deze een verbetering biedt ten opzichte van de momenteel gebruikte methoden. Zo wordt in de nieuwe rekenmethode, in tegenstelling tot de methoden voor wegverkeer en industriegeluid, rekening gehouden met diverse meteorologische omstandigheden die juist bij schietinrichtingen een grote rol spelen in de uiteindelijke geluidbelasting. Ten aanzien van de toepassing van deze regeling zijn wel aan het frequentiebereik grenzen gesteld. De rekenmethode is alleen toepasbaar als de relevante geluidenergie beperkt is tot het frequentiegebied lopend van de 16 Hz tot de 4000 Hz octaafband. Voor de in Nederland toegepaste wapentypen kan hiervan worden uitgegaan. Voor exceptionele gevallen (bijvoorbeeld zware vliegtuigbommen) kunnen nog lagere frequenties een belangrijke rol spelen. De methode is dan niet zonder meer toepasbaar. Voor deze situaties zal ik in overleg met uw organisatie bezien of een aanvulling op bijlage 9 voor dit onderdeel noodzakelijk is. Het is mijn voornemen de nieuwe rekenmethode ter bepaling van het geluid van vergunningplichtige militaire schietinrichtingen vast te leggen in een ministeriele regeling in het kader van de Omgevingswet. Zolang deze methode niet in een algemeen verbindend voorschrift is vastgelegd zal ik tot dat moment bij de beoordeling van het geluid van deze schietinrichtingen gebruikmaken van het rekenvoorschrift uit bijlage 9.

Rechtspraak bij dit artikel