Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk II

Artikel 4

Artikel 4

Onderdeel van Besluit bestuurlijke boeten Douane- en Accijnswet BES· Belastingrecht

Deze tekst geldt sinds 6 oktober 2016

1. Dit artikel is uitsluitend van toepassing op de verzuimen als bedoeld in het eerste en tweede lid van artikel 2.113 van de Wet. 2. Ter zake van een verzuim legt de inspecteur een boete op van ten hoogste het wettelijk maximum van de betreffende boetebepaling. 3. Bij het opleggen van verzuimboeten wordt een onderscheid gemaakt tussen een eerste, tweede, derde of vierde/volgend verzuim. Hierbij wordt een referentieperiode gehanteerd van drie jaren. 4. Van een tweede respectievelijk derde of vierde/volgend verzuim is sprake als belanghebbende over de voorafgaande drie maanden vóór de vaststelling van dit verzuim reeds één respectievelijk twee, drie of meer keer eenzelfde verzuim heeft begaan. 5. Bij vernietiging van de boete wegens afwezigheid van alle schuld (avas) telt het verzuim niet mee in de verzuimenreeks. 6. In geval van een eerste verzuim legt de inspecteur een verzuimboete op van 25 procent van de (meer)verschuldigde invoerrechten of het bedrag van de navorderingsaanslag. 7. In geval van een tweede verzuim legt de inspecteur een verzuimboete op van 50 procent van de (meer)verschuldigde invoerrechten of het bedrag van de navorderingsaanslag. 8. In geval van een derde verzuim legt de inspecteur een verzuimboete op van 75 procent van de (meer)verschuldigde invoerrechten of het bedrag van de navorderingsaanslag. 9. In geval van een vierde of volgend verzuim legt de inspecteur een verzuimboete op van 100 procent van de (meer)verschuldigde invoerrechten of het bedrag van de navorderingsaanslag.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel