**1.** Dit artikel is uitsluitend van toepassing op de verzuimen als bedoeld in het eerste en tweede lid van artikel 2.113 van de Wet.
**2.** Ter zake van een verzuim legt de inspecteur een boete op van ten hoogste het wettelijk maximum van de betreffende boetebepaling.
**3.** Bij het opleggen van verzuimboeten wordt een onderscheid gemaakt tussen een eerste, tweede, derde of vierde/volgend verzuim. Hierbij wordt een referentieperiode gehanteerd van drie jaren.
**4.** Van een tweede respectievelijk derde of vierde/volgend verzuim is sprake als belanghebbende over de voorafgaande drie maanden vóór de vaststelling van dit verzuim reeds één respectievelijk twee, drie of meer keer eenzelfde verzuim heeft begaan.
**5.** Bij vernietiging van de boete wegens afwezigheid van alle schuld (avas) telt het verzuim niet mee in de verzuimenreeks.
**6.** In geval van een eerste verzuim legt de inspecteur een verzuimboete op van 25 procent van de (meer)verschuldigde invoerrechten of het bedrag van de navorderingsaanslag.
**7.** In geval van een tweede verzuim legt de inspecteur een verzuimboete op van 50 procent van de (meer)verschuldigde invoerrechten of het bedrag van de navorderingsaanslag.
**8.** In geval van een derde verzuim legt de inspecteur een verzuimboete op van 75 procent van de (meer)verschuldigde invoerrechten of het bedrag van de navorderingsaanslag.
**9.** In geval van een vierde of volgend verzuim legt de inspecteur een verzuimboete op van 100 procent van de (meer)verschuldigde invoerrechten of het bedrag van de navorderingsaanslag.
Hoofdstuk II
Artikel 4
Artikel 4
Onderdeel van Besluit bestuurlijke boeten Douane- en Accijnswet BES· Belastingrecht
Deze tekst geldt sinds 6 oktober 2016