Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2 › Titel 2.2 › Afdeling 2.2.2 › § 2.2.2.2

Artikel 20

Documenten bij de aanvraag

Onderdeel van Algemeen besluit erkenning EU-beroepskwalificaties· Onderwijsrecht

Deze tekst geldt sinds 11 oktober 2016

1. Onze minister die het aangaat kan in het kader van de aanvraag, bedoeld in artikel 19, eerste lid, van de uitgaande dienstverrichter de volgende documenten eisen: de documenten, bedoeld in artikel 13, eerste lid, onderdeel a; indien Onze minister die het aangaat de in artikel 17 bedoelde vestiging niet op enige andere wijze kan bevestigen, een attest dat de aanvrager rechtmatig in Nederland gevestigd is om er de betrokken werkzaamheden uit te oefenen; een attest dat de aanvrager op het moment van afgifte van het attest geen permanent of tijdelijk beroepsverbod is opgelegd; de documenten, bedoeld in artikel 23, derde lid, onderdelen c tot en met e, van de wet. 2. De documenten, bedoeld in het eerste lid, onderdelen a, c en d, worden slechts geëist voor zover deze documenten door de bevoegde autoriteit van de andere betrokken staat, bedoeld in artikel 17, worden geëist op grond van artikel 10, tweede lid, van Uitvoeringsverordening (EU) 2015/983.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel