**1.** Indien een document waarover gegronde twijfel bestaat als bedoeld in artikel 19, vierde lid, is afgegeven in een andere betrokken staat, verzoekt Onze minister die het aangaat de bevoegde autoriteit of bevoegde instantie in die andere betrokken staat om de geldigheid en authenticiteit van het document te bevestigen.
**2.** Indien de geldigheid en authenticiteit van het document niet bevestigd kan worden door een bevoegde instantie als bedoeld in artikel 19, vierde lid of door de bevoegde autoriteit of andere bevoegde instantie in de betrokken staat, bedoeld in het eerste lid, kan Onze minister die het aangaat van de aanvrager een voor eensluidend gewaarmerkt afschrift van het betreffende document eisen, mits de bevoegde autoriteit in de betrokken staat van ontvangst zulks verlangt op grond van artikel 15, tweede lid, van Uitvoeringsverordening (EU) 2015/983. Onze minister die het aangaat informeert de aanvrager binnen de termijn, bedoeld in artikel 23, eerste lid, over het te verstrekken voor eensluidend gewaarmerkte afschrift.
**3.** In afwijking van het tweede lid, kan Onze minister die het aangaat bij gegronde twijfel over de rechtmatige vestiging van de aanvrager, bedoeld in artikel 17, van de aanvrager een voor eensluidend gewaarmerkt afschrift eisen van het attest van zijn rechtmatige vestiging, bedoeld in artikel 20, eerste lid, onderdeel b.
**4.** Indien Onze minister die het aangaat op grond van het tweede lid of artikel 19, vierde lid een voor eensluidend gewaarmerkt afschrift van een document verlangt, geldt als zodanig een voor eensluidend gewaarmerkt afschrift, afgegeven in een andere betrokken staat. Ingeval het verzoek om een voor eensluidend gewaarmerkt afschrift op grond van het tweede of derde lid of artikel 19, vierde lid, is gericht tot de aanvrager, volstaat tevens het origineel van het document waarvan een voor eensluidend gewaarmerkt afschrift werd verlangd.
Hoofdstuk 2 › Titel 2.2 › Afdeling 2.2.2 › § 2.2.2.2
Artikel 21
Voor eensluidend gewaarmerkte afschriften
Onderdeel van Algemeen besluit erkenning EU-beroepskwalificaties· Onderwijsrecht
Deze tekst geldt sinds 11 oktober 2016