Naar hoofdinhoud

Artikel 4

Beoordelingsprocedure

Onderdeel van Call for proposals – Complexity – Programmable Self-organisation – ENW· Onderwijsrecht

Deze tekst geldt sinds 25 juli 2017

Voor alle bij de beoordeling en/of besluitneming betrokken personen en betrokken NWO-medewerkers is de NWO-code belangenverstrengeling van toepassing. Zie ook: www.nwo.nl/gedragscode. NWO heeft in haar subsidieregeling opgenomen dat al het onderzoek dat NWO financiert uitgevoerd moet worden in overeenstemming met de nationaal en internationaal aanvaarde normen van wetenschappelijk handelen zoals neergelegd in de Nederlandse Gedragscode Wetenschapsbeoefening 2012 (VSNU). Meer informatie over het NWO-beleid wetenschappelijke integriteit is te vinden op de website: www.nwo.nl/integriteit. NWO voorziet alle uitgewerkte aanvragen van een kwalificatie. Deze kwalificatie wordt aan de aanvrager bekend gemaakt bij het besluit over al dan niet toekennen van financiering. Om voor financiering in aanmerking te kunnen komen, dient een aanvraag ten minste de kwalificatie excellent/zeer goed te krijgen. Een kwalificatie excellent of zeer goed geeft geen garantie op financiering. Voor meer informatie over de kwalificaties zie: www.nwo.nl/kwalificaties. De datamanagementparagraaf in de aanvraag wordt niet beoordeeld en derhalve ook niet meegewogen in de beslissing om een aanvraag al of niet toe te kennen. Zowel de referenten als de commissie kunnen wel advies geven met betrekking tot de datamanagementparagraaf. Na honorering van een aanvraag dient de onderzoeker de paragraaf uit te werken in een datamanagementplan. Aanvragers kunnen hierbij gebruik maken van het advies van de referenten en commissie. Het project kan van start gaan zodra het datamanagementplan is goedgekeurd door NWO. NWO beoordeelt of de aanvraag aan de formeel gestelde vereisten voldoet (zie hoofdstuk 3). Alleen aanvragen die aan de beide voorwaarden voldoen, zijn ontvankelijk en worden door NWO in behandeling genomen. De aanvrager, van wie de aanvraag niet voldoet, wordt per brief van dit besluit op de hoogte gesteld. Alleen onderzoeksvoorstellen die een expliciete bijdrage leveren aan één van de roadmaps binnen de topsectoren kunnen worden ingediend. Van iedere verplichte vooraanmelding zullen de samenvatting, de samenstelling van het consortium en de toelichting op de passendheid binnen de topsector(en) roadmap(s) worden voorgelegd aan de voor die vooraanmelding relevante Top Consortia voor Kennis en Innovatie (TKIs). Op basis daarvan worden deze TKIs gevraagd een uitspraak te doen wat betreft de aansluiting van de aanvraag bij de doelstellingen van de betreffende topsector. Vooraanmeldingen waarvan inpassing niet of onvoldoende onderbouwd is of waarvan de TKIs een negatief oordeel geven over de inpassing zullen van de beoordelingsprocedure worden uitgesloten. In de procedure wordt gewerkt met verplichte vooraanmeldingen, i.e. beperkt uitgewerkte aanvragen. De beoordelingscommissie beoordeelt de vooraanmeldingen aan de hand van de inhoudelijke beoordelingscriteria (zie paragraaf 4.2) en prioriteert deze naar kansrijkheid, zonder gebruik te maken van externe adviseurs. De meest kansrijke aanvragen ontvangen een uitnodiging om voor de deadline van 13 februari 2018, 14:00 uur CE(S)T een volledig uitgewerkte aanvraag in te dienen. De lager geprioriteerde aanvragers ontvangen bericht dat zij niet worden uitgenodigd een uitgewerkte aanvraag in te dienen. Omdat het om een advies gaat, is er geen mogelijkheid voor formeel bezwaar. Indien op een verplichte vooraanmelding een negatief advies is gegeven, maar de aanvrager toch een uitgewerkt voorstel indient, óf als het NWO bureau constateert dat een uitgewerkte aanvraag inhoudelijk sterk afwijkt van een verplichte vooraanmelding waarop een positief advies gegeven is, dan vindt er wederom een toets door de beoordelingscommissie plaats op passendheid binnen de kaders van de Complexity – Programmable Self-organisation Call, originaliteit en wetenschappelijke kwaliteit, en kwaliteit en samenstelling van de aanvrager(s) het beoogde consortium. Indien het advies van de beoordelingscommissie op deze punten (ook) bij het uitgewerkte voorstel negatief is, kan dit een reden zijn om de aanvraag uit te sluiten van de verdere procedure. Het ENW bestuur neemt hierover een besluit. De uitgewerkte aanvragen worden ter beoordeling voorgelegd aan externe adviseurs, de zogenaamde referenten. Referenten zijn deskundigen in het vakgebied van de aanvrager, die een referentenrapport schrijven waarin zij de sterke en zwakke punten van de aanvraag benoemen. De geanonimiseerde referentenrapporten worden doorgestuurd naar de aanvrager, die hierop vervolgens een schriftelijke reactie mag geven (het weerwoord). De aanvrager heeft de optie om bij indiening van de verplichte vooraanmelding maximaal 5 suggesties te doen voor mogelijk te raadplegen buitenlandse referenten. Zie paragraaf 3.4 voor een nadere toelichting. De beoordelingscommissie kan ook om suggesties worden gevraagd. Uit de mogelijke deskundigen wordt een aantal onafhankelijke referenten aangeschreven. Naast de suggesties van de aanvrager zullen ook altijd andere deskundigen worden ingeschakeld als referent. De aanvrager heeft in de vooraanmeldingsfase in ISAAC ook de mogelijkheid maximaal drie namen van personen aan te geven die NIET als referent mogen optreden. Dit is niet verplicht. Aanvragers die van deze mogelijkheid gebruik maken, dienen ook duidelijk te omschrijven wat de reden is om de aangegeven personen op te geven als non-referent. Binnen deze call zal worden gewerkt met een internationale beoordelingscommissie. Het is de taak van de beoordelingscommissie om op basis van de aanvraag, de referentenrapporten, het weerwoord een eigen, zelfstandige afweging te maken. Hierbij geldt dat de referentenrapporten in belangrijke mate ‘richtinggevend’ zijn voor de uiteindelijke beoordeling, maar niet onverkort worden overgenomen door de beoordelingscommissie. De beoordelingscommissie weegt de argumenten van de referenten (ook onderling) en bekijkt of in het weerwoord een goede reactie is geformuleerd op de kritische opmerkingen uit de referentenrapporten. De beoordelingscommissie heeft bovendien, anders dan de referenten, zicht op de kwaliteit van de overige ingediende aanvragen en weerwoorden. De beoordelingscommissie adviseert vervolgens het domeinbestuur Exacte- en Natuurwetenschappen over de kwaliteit van de onderzoeksvoorstellen. Het domeinbestuur neemt, op basis van dit advies en op basis van de beschikbare middelen, een besluit over toe- of afwijzing. Het domeinbestuur Exacte- en Natuurwetenschappen neemt een besluit over honorering en afwijzing van de aanvragen op basis van het prioriteringsadvies van de beoordelingscommissie. Het domeinbestuur kan op beleidsmatige gronden afwijken van het prioriteringsvoorstel van de beoordelingscommissie. De volgende beleidsoverwegingen kunnen een rol spelen in de besluitvorming: het bevorderen van de participatie van vrouwelijke onderzoekers; het optimaliseren van subsidiespreiding. 2 november 2017, 14:00 CE(S)T Deadline verplichte vooraanmelding november/december 2017 Eerste vergadering beoordelingscommissie 13 februari 2018, 14:00 CE(S)T Deadline uitgewerkte aanvragen februari/maart 2018 Raadplegen referenten maart 2018 Inwinnen wederhoor indieners maart/april 2018 Tweede vergadering beoordelingscommissie april/mei 2018 Besluit domeinbestuur ENW Aanvragers kunnen de voortgang van de beoordelingsprocedure volgen via hun account in ISAAC. De beoordelingscommissie beoordeelt de ontvankelijke vooraanmeldingen aan de hand van de volgende criteria: Passendheid binnen de kaders van de Complexity – Programmable Self- organisation Call Originaliteit en wetenschappelijke kwaliteit Kwaliteit en samenstelling van het beoogde consortium Deze criteria wegen elk 1/3 mee in het totaaloordeel over de vooraanmelding. Ten minste alle vooraanmeldingen die door de beoordelingscommissie op één van deze drie criteria slechter dan ‘zeer goed’ worden beoordeeld, worden beschouwd als ‘niet kansrijk’ (negatief advies). De ontvankelijke voorstellen worden allereerst door de referenten en daarna door de onafhankelijke beoordelingscommissie beoordeeld op grond van de volgende criteria: Wetenschappelijke kwaliteit van het onderzoeksvoorstel Innovatie op het gebied van de relevante topsector(en); Wetenschappelijke benadering, relevantie en vernieuwende aspecten; Bijdrage aan theorievorming op, of vernieuwing van het gebied van complexe systemen; Helderheid van focus en doelstellingen en haalbaarheid; Balans tussen doelen en beschikbare middelen (budget, personele en materiële lasten); Kwaliteit en samenstelling van het consortium Track record van de aanvrager(s); Synergie, complementariteit en meerwaarde in de samenwerking binnen het consortium; Kennisbenutting Impact van de kennisbenutting op economisch, technologisch en maatschappelijk terrein, zowel binnen als buiten de relevante topsector(en); Kwaliteit van het plan van aanpak om de opbrengsten van het onderzoeksproject ten goede te laten komen aan de kennisgebruikers. In de beoordeling van de uitgewerkte aanvragen is de weging van de criteria als volgt: wetenschappelijke kwaliteit 40%, kwaliteit van het consortium 40%, en kennisbenutting 20%. Sinds 2009 zet NWO in op concreet beleid dat de overdracht van kennis die gegenereerd is met behulp van NWO-financiering moet stimuleren. Deze overdracht kan zowel naar andere wetenschappelijke disciplines als naar gebruikers buiten de wetenschap (bedrijfsleven/maatschappij) plaatsvinden. Het kennisbenuttingsbeleid is met name gericht op het vergroten van de bewustwording bij onderzoekers ten aanzien van kennisbenutting. NWO vraagt daarom van alle onderzoekers die in aanmerking willen komen voor financiering om met behulp van een aantal vragen (bijvoorbeeld: hoe zal kennisbenutting geïmplementeerd worden en hoe beoogt de onderzoeker kennisbenutting te bevorderen?) een toelichting te geven op de mogelijke kennisbenutting van hun project. Deze toelichting wordt meegewogen in de beoordeling. Bij de beoordeling wordt gelet op: een realistische weergave van kennisbenuttingsmogelijkheden (of het gebrek aan mogelijkheden), de mate van concretisering van het plan van aanpak omtrent kennisbenutting. Voor voorbeelden van kennisbenutting, zie www.nwo.nl/kennisbenutting.

Rechtspraak bij dit artikel