In artikel 3, vijfde lid, van de wet is bepaald dat goederen die over een veiling worden verhandeld, geacht worden aan en vervolgens door de houder van de veiling te zijn geleverd.
Dit heeft tot gevolg dat als landbouwers door hen als zodanig voortgebrachte, in onderdeel a van de bij de wet behorende Tabel I genoemde goederen over een veiling leveren, de veilinghouder voor de levering aan de koper btw is verschuldigd en dat de veilinghouder de aan hem in rekening gebrachte btw in aftrek kan brengen.
Onder het aan de veilinghouder in rekening gebrachte bedrag moet worden verstaan het bedrag dat de veilinghouder per saldo voor de geveilde goederen aan de landbouwer uitbetaalt. De veilinghouder betaalt aan de landbouwer een bedrag uit dat gelijk is aan de klokprijs verminderd met de kosten die de veilinghouder aan de landbouwer in rekening brengt met betrekking tot de geveilde goederen, het geheel verhoogd met de door de landbouwer verschuldigde btw.
De totale klokprijs van een door een landbouwer ter veiling aangevoerde partij groenten bedraagt exclusief btw € 1.100. De veilinghouder brengt voor die partij geveilde groenten aan de landbouwer € 100 aan veilingkosten in rekening. De landbouwer krijgt per saldo uitbetaald € 1.000 (exclusief btw). De afrekening voor de landbouwer zal er dan als volgt uitzien:
Totale klokprijs (geveild bedrag)
€ 1.100,00
Veilingkosten
€ 100,00
Basis voor uitbetaling
€ 1.000,00
Btw 6%
€ 60,00
Totaal
€ 1.060,00
De netto-aankoopprijs voor de veilinghouder is € 1.000. Het op de afrekening vermelde bedrag aan btw van € 60 kan de veilinghouder immers op grond van artikel 15 van de wet in aftrek brengen.
Het hiervoor bedoelde verschil tussen de klokprijs van de geveilde goederen en het bedrag dat per saldo aan de landbouwer wordt uitbetaald, ontstaat doordat de veilinghouder bepaalde bedragen in mindering brengt op de klokprijs. Die bedragen vormen in het algemeen vergoedingen voor door de veilinghouder verrichte nevenprestaties. Deze prestaties zijn in een aantal gevallen belast naar het verlaagde tarief en in andere gevallen naar het algemene tarief. Met toepassing van artikel 63 (hardheidsclausule) keur ik het volgende goed.
Ik keur onder de volgende voorwaarde goed dat de veilinghouder de vergoeding voor de door de veilinghouder aan de landbouwer verrichte nevenprestaties in mindering brengt op de klokprijs. Vervolgens voldoet de landbouwer btw op basis van de met de vergoeding voor de nevenprestaties verminderde klokprijs. De veilinghouder kan deze btw in aftrek brengen (als is voldaan aan de voorwaarden van artikel 15 van de wet).
Voor toepassing van deze goedkeuring geldt de volgende voorwaarde:
De veilinghouder past deze regeling toe bij al de volgende bedragen:
veilingprovisie.
fusthuur, koelloon, sorteerloon en dergelijke, voor zover deze betrekking hebben op te veilen goederen. Te veilen goederen zijn in dit verband goederen die over de veiling zullen worden verhandeld. Zo hoeft de omstandigheid dat landbouwproducten gedurende langere tijd worden gekoeld zonder dat de landbouwer met betrekking tot die goederen een opdracht tot veilen heeft gegeven, op zichzelf niet te betekenen dat de veilinghouder de betreffende goederen niet ter veiling onder zich heeft.
Echter, wanneer de veilinghouder fusthuur, koelloon, sorteerloon, en dergelijke in rekening brengt voor prestaties die geen betrekking hebben op te veilen goederen, is hij voor die prestaties op de normale wijze btw verschuldigd. Het verminderen van de klokprijs met bedoelde bedragen blijft dan achterwege.
de kosten van het vervoer van te veilen goederen.
Het betreft hier kosten die door de veilinghouder aan de landbouwer worden (door)berekend.
de vergoeding voor het verstrekken van zogenoemde veilingbrieven.
Bij landbouwproducten die over een veiling worden verhandeld, brengt de veilinghouder in veel gevallen aan de landbouwer een vergoeding in rekening voor verstrekt verpakkingsmateriaal en/of emballage. Daarbij moet onderscheid worden gemaakt in:
eenmalig verpakkingsmateriaal
meermalige emballage
eenmalige emballage
De levering van eenmalig verpakkingsmateriaal van onder meer papier en (golf)karton is in beginsel op de normale wijze aan de btw-heffing onderworpen tegen het algemene tarief. De vergoeding die de veilinghouder voor het eenmalig verpakkingsmateriaal aan de landbouwer in rekening brengt, kan dan ook niet zonder meer op de klokprijs in mindering worden gebracht. Met toepassing van artikel 63 AWR (hardheidsclausule) keur ik het volgende goed.
Ik keur onder de volgende voorwaarden goed dat veilinghouders de bedragen die betrekking hebben op het door hen geleverde eenmalige verpakkingsmateriaal op de klokprijs in mindering brengen.
Voor toepassing van deze goedkeuring gelden de volgende twee voorwaarden:
De veilinghouder brengt met toepassing van artikel 15 van de wet slechts in aftrek de btw berekend naar het verlaagde tarief over de voor de levering van het bedoelde verpakkingsmateriaal in rekening gebrachte vergoeding. (Onder vergoeding in deze zin moet worden verstaan de vergoeding als bedoeld in artikel 8, tweede lid, van de wet);
De landbouwer heeft geen bezwaar tegen deze handelwijze.
Het statiegeld dat aan de landbouwer in rekening wordt gebracht of aan hem wordt gerestitueerd voor de verstrekking dan wel de teruggave van meermalige emballage mag niet met de klokprijs worden verrekend, omdat over die kosten geen btw wordt geheven. Dit geldt ook in gevallen waarin de verpakkingsmiddelen leeg door de veilinghouder worden verstrekt en door de landbouwer vervolgens gevuld met te veilen goederen, worden terugbezorgd.
Het gaat hierbij om in het algemeen spoedig onbruikbaar geworden verpakkingsmaterialen die uitsluitend via een veiling ter beschikking van de landbouwer komen. Als voorbeelden kunnen worden genoemd:
aardbeiendoosjes of -bakjes (van kunststof of karton);
champignondoosjes of -bakjes (van kunststof of ribkarton);
tomaten- of druivenbakjes (van karton, kunststof of van hout);
komkommerdozen (van styropor);
fruitdozen (van karton of kunststof);
slakratten (van spaanderhout);
sladozen (van karton).
Met toepassing van artikel 63 AWR (hardheidsclausule) keur ik het volgende goed.
Ik keur goed dat de veilinghouder en de landbouwer voor de berekening van de btw met betrekking tot eenmalige emballage als volgt handelen.
De veilinghouder brengt op de afrekening met de landbouwer op de klokprijs een bedrag in mindering voor leeg verstrekte verpakkingsmiddelen als hiervoor bedoeld. Vervolgens telt de veilinghouder een bedrag bij de klokprijs voor gevuld ter veiling aangevoerde verpakkingsmiddelen. Dit bedrag zal per stuk verpakkingsmateriaal over het algemeen iets lager zijn dan het in mindering gebrachte bedrag.
Verder keur ik goed dat deze handelwijze ook wordt toegepast bij de verstrekking van polyzakjes (zakjes waarin per zakje één krop sla is verpakt). Zolang niet blijkt van verstoring van concurrentieverhoudingen kan het hiervoor onder ‘eenmalig verpakkingsmateriaal’ vermelde, bij de verstrekking van polyzakjes buiten toepassing blijven.
Tot de voor de geveilde goederen – groente, fruit en/of sierteeltproducten – aan de afnemer in rekening gebrachte bedragen behoren de bedragen die een veilinghouder in rekening brengt voor:
fusthuur;
uitslagkosten;
eenmalige emballage (zie voor het begrip ‘eenmalige emballage’ onderdeel 2.2);
kosten van ompakken;
bundelkosten.
Op deze kosten is het btw-tarief van toepassing dat geldt voor de geveilde goederen (vaak het verlaagde tarief). Dat is ook het geval als de kosten op een afzonderlijke factuur aan de afnemer in rekening worden gebracht. De kosten moeten dan wel betrekking hebben op door de afnemer via dezelfde veiling betrokken goederen. Dat verband moet blijken uit een verwijzing op de (afzonderlijke) factuur naar de factuur voor de levering van de groente, het fruit of de sierteeltproducten.
Als de hiervoor onder de letters a tot en met e bedoelde, al dan niet afzonderlijk gefactureerde kosten geen betrekking hebben op via de betreffende veiling betrokken groente, fruit of sierteeltproducten, is het algemene tarief van toepassing.
De door de veilinghouder aan de afnemer in rekening te brengen kosten van verpakking, andere dan de hiervoor bedoelde, waarvoor bij terugzending van de verpakking aanspraak op terugbetaling bestaat, behoren niet tot de vergoeding waarover btw is verschuldigd. Bij levering door de koper van op de veiling gekochte goederen aan zijn afnemer en bij de eventueel daarop volgende levering(en), worden de kosten van verpakking, ook die van de hiervoor bedoelde eenmalige verpakking, niet tot de vergoeding gerekend voor zover bij terugzending van die verpakking aanspraak bestaat op terugbetaling van de kosten.
Ook bij de terugzending van verpakking via de verschillende handelsschakels naar (uiteindelijk) de veilinghouder, blijft heffing van btw achterwege.
De door de veilinghouder aan de afnemers in rekening te brengen bedragen voor koelen, sorteren, vracht en telefoongebruik zijn steeds belast met btw tegen het algemene tarief.
Artikel 2
Veilingen
Onderdeel van Omzetbelasting, landbouw· Belastingrecht
Deze tekst geldt sinds 1 januari 2018