Naar hoofdinhoud

Artikel 10

Adviescommissie

Onderdeel van Regeling cliëntenparticipatie UWV 2018· Arbeidsrecht en sociaal-zekerheidsrecht

Deze tekst geldt sinds 30 maart 2018

1. Taak De adviescommissie heeft tot taak ter zake van een verzoek als bedoeld in artikel 9, tweede lid een advies ten behoeve van de Raad van Bestuur af te geven. 2. Samenstelling De adviescommissie bestaat uit twee juristen en een onafhankelijke voorzitter. Zowel de achterbanorganisaties als UWV hebben het recht hebben om elk één jurist te leveren. In het geval de achterbanorganisaties geen gebruikmaken van dit recht dan levert UWV beide juristen. De leden van de adviescommissie worden benoemd voor 4 jaar door de Raad van Bestuur met dien verstande dat de voorzitter eerst kan worden benoemd nadat daarover overeenstemming is bereikt met de centrale cliëntenraad. Na benoeming kan éénmalige herbenoeming plaatsvinden voor nogmaals 4 jaar. 3. Wraking en verschoning Een lid van de adviescommissie kan op verzoek van één of beide partijen worden gewraakt op grond van feiten of omstandigheden die het vormen van een onpartijdig oordeel zouden kunnen bemoeilijken. Een dergelijk verzoek dient te worden gedaan uiterlijk op de zitting waarop het verzoek als bedoeld in artikel 9 tweede lid wordt behandeld. De overige leden van de adviescommissie beslissen op het verzoek om wraking. Bij staking van stemmen wordt het verzoek toegewezen. Op grond van feiten of omstandigheden als bedoeld in de eerste volzin kan een lid van de adviescommissie zich ter zake van de behandeling van het verzoek verschonen. Hij is verplicht dit te doen, indien de beide overige leden van de adviescommissie, die aan de behandeling van het verzoek zullen deelnemen, van oordeel zijn dat de bedoelde feiten of omstandigheden zich te zijnen aanzien voordoen. De beslissing op het wrakingsverzoek alsmede de beslissing tot verschoning wordt aan partijen medegedeeld. In geval een lid van de adviescommissie wordt gewraakt of zich verschoont, draagt UWV in overleg met de achterbanorganisaties zorg voor vervanging van dat lid van de adviescommissie. 4. Geheimhouding Tenzij een wettelijk voorschrift anders bepaalt, zijn de leden van de adviescommissie tot geheimhouding verplicht ten aanzien van alle gegevens, die hen bij de behandeling van het verzoek ter kennis zijn gebracht voor zover dit uit de aard der zaak voortvloeit. 5. Bijstand of vertegenwoordiging Partijen hebben het recht zich door een derde te laten bijstaan of te laten vertegenwoordigen. 6. Hoor en wederhoor Onderzoek en bemiddeling De adviescommissie roept de (plaatsvervangend) voorzitter van de cliëntenraad en het voor vervanging voorgedragen lid op teneinde mondeling te worden gehoord. De adviescommissie kan uit eigen beweging of op verzoek van een van de partijen, partijen (nadrukkelijk) uitnodigen om te proberen alsnog zelf de zaak te schikken, al dan niet via een mediationtraject. Indien een mediationtraject wordt ingezet, zal de procedure bij de adviescommissie voor een door de commissie te bepalen duur worden opgeschort. De procedure bij de adviescommissie wordt voortgezet indien het mediationtraject zonder succes is beëindigd. De adviescommissie kan in elke stand van de procedure mediation voorstellen. Indien de adviescommissie – gehoord de partijen – constateert dat partijen er niet zelf in zijn geslaagd de zaak te schikken dan wel een mediationtraject zonder succes is beëindigd, zullen partijen in elkaars aanwezigheid worden gehoord. Hoor en wederhoor Ambtshalve of op verzoek kunnen belanghebbenden afzonderlijk worden gehoord, indien aannemelijk is dat gezamenlijk horen een zorgvuldige behandeling zal belemmeren of dat tijdens het horen feiten of omstandigheden bekend zullen worden waarvan geheimhouding om gewichtige redenen is geboden. Wanneer belanghebbenden afzonderlijk zijn gehoord, wordt ieder van hen op de hoogte gesteld van het verhandelde tijdens het horen buiten zijn aanwezigheid. De adviescommissie kan, al dan niet op verzoek van een belanghebbende, toepassing van het in de vorige zin vermelde achterwege laten, voor zover geheimhouding om gewichtige redenen is geboden. Indien de adviescommissie belanghebbenden niet op de hoogte stelt van hetgeen is verhandeld tijdens het horen buiten hun aanwezigheid, omdat geheimhouding om gewichtige redenen geboden is, deelt de adviescommissie dat mee aan belanghebbenden. Gewichtige redenen zijn in ieder geval niet aanwezig, voor zover ingevolge de Wet openbaarheid van bestuur de verplichting bestaat een verzoek om informatie, vervat in deze stukken, in te willigen. Indien een gewichtige reden is gelegen in de vrees voor schade aan de lichamelijke of geestelijke gezondheid van een belanghebbende, kan inzage van de betreffende stukken worden voorbehouden aan een gemachtigde die hetzij advocaat hetzij arts is. De adviescommissie stelt plaats, dag en uur vast en stelt partijen daarvan op de hoogte. De adviescommissie kan partijen op hun verzoek toestaan getuigen of deskundigen mee te nemen en door haar te doen horen. De namen en adressen dienen uiterlijk één week voor de zitting van de adviescommissie aan haar te zijn opgegeven. Van het horen wordt een verslag gemaakt, dat door de voorzitter van de adviescommissie wordt vastgesteld. Hij draagt zorg voor toezending van het verslag aan partijen. 7. Inlichtingen, getuigen en deskundigen De adviescommissie kan, indien zij dat noodzakelijk acht, zelf inlichtingen inwinnen, onder meer door het horen van getuigen of deskundigen, door het instellen van een onderzoek of door het doen instellen van een onderzoek door een of meer door haar aan te wijzen deskundigen. De adviescommissie geeft daarvan kennis aan partijen. Partijen kunnen bij het horen van getuigen of deskundigen desgewenst aanwezig zijn. De adviescommissie verstrekt een afschrift van het deskundigenrapport aan partijen, die daarop binnen twee weken schriftelijk bij de adviescommissie kunnen reageren. De adviescommissie kan de termijn van twee weken bekorten of verlengen. 8. Advies De adviescommissie adviseert over de vraag of de gestelde belemmering van de samenwerking bij de werkzaamheden van de cliëntenraad het beëindigen van het lidmaatschap in redelijkheid rechtvaardigt. De adviescommissie neemt daarbij de algemene beginselen van behoorlijk bestuur in acht. De adviescommissie beslist met meerderheid van stemmen over het uit te brengen advies. Het advies wordt door de voorzitter ondertekend en schriftelijk aan de Raad van Bestuur medegedeeld. Het advies bevat in elk geval: de namen van de leden van de adviescommissie; de namen en woon-, c.q. vestigingsplaatsen van de opgeroepen partijen; de dagtekening van het advies; de motivering van het gegeven advies. 9. Besluit De Raad van Bestuur besluit en betrekt daarbij het advies van de commissie. 10. Niet opvolgen besluit Raad van Bestuur UWV Indien de cliëntenraad het besluit van de Raad van Bestuur zonder gerechtvaardigde reden niet opvolgt: binnen de in het besluit van de Raad van Bestuur gestelde termijn of indien dat besluit geen termijn bevat, binnen een redelijke termijn niet opvolgt, worden de activiteiten van de cliëntenraad opgeschort. In dat geval zal de Raad van Bestuur na overleg met de centrale cliëntenraad zich beraden op eventuele vervolgstappen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel