Naar de inhoud
Terug naar versiegeschiedenis

Versie 1

Paspoortbesluit

+3 toegevoegd 15 gewijzigd

Toegevoegde artikelen

Artikel 3.6Afzien van opname vingerafdrukken

Van het opnemen van vingerafdrukken overeenkomstig artikel 3, tweede lid, van de wet, wordt afgezien, indien:

  • - a. de aanvrager op het moment van het indienen van de aanvraag de leeftijd van twaalf jaar nog niet heeft bereikt, of
  • - b. de daartoe aangewezen persoon van oordeel is dat het fysiek dan wel als gevolg van een tijdelijke verhindering onmogelijk is om van de aanvrager te verlangen dat bij hem op het moment van het indienen van de aanvraag een of meer vingerafdrukken worden opgenomen.

Via Stb. 2026, 274

Artikel 3.7Onbekwaamheid tot het plaatsen van een handtekening

Van het opnemen van een handtekening op het aangevraagde reisdocument wordt afgezien, indien de persoon aan wie het aangevraagde reisdocument moet worden verstrekt door leeftijd of een handicap niet in staat is zijn handtekening te plaatsen.

Via Stb. 2026, 274

Artikel 6.1Vermelding register paspoortsignaleringen bij verval van rechtswege
  1. 1. De burgemeester, de gezaghebber, Onze Minister van Buitenlandse Zaken onderscheidenlijk de aangewezen autoriteit, bedoeld in de artikelen 3.3, tweede lid, en 4.3, tweede lid, deelt met het oog op een vermelding in het register paspoortsignaleringen op grond van artikel 47, derde lid, van de wet Onze Minister onderscheidenlijk de Gouverneur de gegevens mede van de houder van een reisdocument dat van rechtswege is vervallen, indien de houder weigert het reisdocument in te leveren dan wel de woon- of verblijfplaats van de houder niet kan worden achterhaald.
  2. 2. De aangewezen autoriteit, bedoeld in de artikelen 3.3, tweede lid, en 4.3, tweede lid, deelt met het oog op een vermelding in het register dat door Onze Minister wordt bijgehouden op grond van artikel 25 van de wet, op grond van artikel 30, derde lid, van de Wet op de Nederlandse identiteitskaart Onze Minister de gegevens mede van de houder van een Nederlandse identiteitskaart die van rechtswege is vervallen, indien de houder weigert de Nederlandse identiteitskaart in te leveren dan wel de woon- of verblijfplaats van de houder niet kan worden achterhaald.
  3. 3. De autoriteit die het in het eerste lid bedoelde reisdocument of de in het tweede lid bedoelde Nederlandse identiteitskaart heeft ingehouden, dan wel bij wie het desbetreffende reisdocument onderscheidenlijk de Nederlandse identiteitskaart is ingeleverd, deelt Onze Minister zulks terstond mede met het oog op de verwijdering van de in het eerste lid bedoelde vermelding uit het register.
  4. 4. Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld over de wijze waarop de in het eerste en tweede lid bedoelde mededeling wordt gedaan.

Via Stb. 2026, 274

Gewijzigde artikelen

Artikel 1.1Definities
Gewijzigd
In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: - basisadministratie: de basisregistratie personen in het Europese deel van Nederland, dan wel een basisadministratie als bedoeld in artikel 2 van de Wet basisadministraties persoonsgegevens BES, dan wel een bij landsverordening van Aruba, Curaçao of Sint Maarten ingestelde bevolkingsadministratie; - basisregister reisdocumenten: het register, bedoeld in Hoofdstuk 1, paragraaf 3 van de wet; - verwijderd: gedetineerde eindetoegevoegd: register paspoortsignaleringen einde: verwijderd: gedetineerde als bedoeld in artikel 1 eindetoegevoegd: het register einde, verwijderd: onderdeel e, van de Penitentiaire beginselenwet; - penitentiaire inrichting: penitentiaire inrichting als eindebedoeld in artikel verwijderd: 3 eindetoegevoegd: 25 einde, verwijderd: eerste eindetoegevoegd: derde einde lid, van de verwijderd: Penitentiaire beginselenwet eindetoegevoegd: Paspoortwet einde; - register vermiste of vervallen reisdocumenten: het register, bedoeld in artikel 4a van de wet; - reisdocumentenstation: door Onze Minister beschikbaar gestelde apparatuur en programmatuur, waarin gegevens met betrekking tot aangevraagde en uitgereikte reisdocumenten worden verwerkt en gearchiveerd en waarmee de gegevensuitwisseling tussen de bevoegde autoriteit en de leverancier plaatsvindt; - wet:Paspoortwet.

Via Stb. 2026, 274

Artikel 1.4Reisdocumenten zonder vingerafdrukken, gezichtsopname of handtekening
Gewijzigd
verwijderd: 1. Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld over gevallen waarin kan worden afgezien van het opnemen van de gezichtsopname, vingerafdrukken of de handtekening op het aangevraagde reisdocument, indien deze gegevens niet van de houder kunnen worden verkregen. 2. eindeNoodpaspoorten en laissez-passers worden niet voorzien van vingerafdrukken van de houder.

Via Stb. 2026, 274

Artikel 1.5Vermelding burgerservicenummer
Gewijzigd
Het burgerservicenummer van de houder wordt vermeld in het nationaal paspoort, het faciliteitenpaspoortverwijderd: , eindetoegevoegd: en eindehet tweede paspoort, verwijderd: de Nederlandse identiteitskaart en de vervangende Nederlandse identiteitskaart, eindetenzij aan de houder geen burgerservicenummer is toegekend.

Via Stb. 2026, 274

Artikel 1.6Plaatsing van het publiek identificatiemiddel
Gewijzigd
verwijderd: 1. Het publiek identificatiemiddel wordt geplaatst op de Nederlandse identiteitskaart in de vorm van een applet op de daarop aangebrachte chip. 2. De in het eerste lid bedoelde applet bevat de volgende gegevens: - a. het burgerservicenummer in versleutelde vorm ten behoeve van authenticatie van de houder van het document in het kader van elektronische dienstverlening als bedoeld in artikel 1, onderdeel s, van de wet en het burgerservicenummer in afgeleide vorm ten behoeve van authenticatie van de houder van het document in het kader van elektronische dienstverlening anders dan als bedoeld in artikel 1, onderdeel s, van de wet; - b. de initiële, door Onze Minister verstrekte PIN-code en de CAN-code ten behoeve van beveiligde toegang tot de applet om gebruik van het publieke identificatiemiddel mogelijk te maken; - c. een PUK-code waarmee de PIN-code kan worden gedeblokkeerd. eindetoegevoegd: Vervallen einde

Via Stb. 2026, 274

Artikel 2.1Vaststelling identiteit en Nederlanderschap
Gewijzigd
1. Voor het verkrijgen van de nodige zekerheid over de identiteit van de aanvrager, alsmede over zijn Nederlanderschap dan wel zijn behandeling als Nederlander, indien het een persoon betreft op wie de Wet betreffende de positie van Molukkers van toepassing is, wordt gebruik gemaakt van het door de aanvrager overgelegde Nederlandse reisdocumenttoegevoegd: of de door de aanvrager overlegde Nederlandse identiteitskaart einde, de door de aanvrager bij de aanvraag verstrekte gegevens, alsmede van de in de basisadministratie dan wel de in het basisregister reisdocumenten opgenomen gegevens of van overige bij de tot uitreiking bevoegde autoriteit aanwezige documententoegevoegd: , waaronder in ieder geval worden verstaan documenten in verband met eerdere aanvragen van reisdocumenten of Nederlandse identiteitskaarten einde. 2. Indien onzekerheid bestaat over de identiteit dan wel over het Nederlanderschap van de aanvrager wordt daarnaar een gericht onderzoek ingesteld. Dit onderzoek omvat zoveel mogelijk verificatie van de identiteit dan wel de nationaliteit met behulp van door de aanvrager over te leggen documenten die zijn afgegeven door een bevoegde autoriteit, waaronder zijn geboorteakte, reisdocumenten toegevoegd: of Nederlandse identiteitskaarten eindedie op zijn naam zijn gesteld, dan wel buitenlandse reisdocumenten waarin hij staat vermeld en eventuele andere bewijsstukken.

Via Stb. 2026, 274

Artikel 2.10Vaststelling aanspraken op nooddocumenten
Gewijzigd
1. Het verstrekken van een nooddocument kan uitsluitend geschieden voor een aanvrager ten aanzien van wie voldoende aannemelijk is dat zijn reis geen uitstel gedoogt, en die niet in staat moet worden geacht op tijd een ander geldig reisdocument toegevoegd: of Nederlandse identiteitskaart eindete verkrijgen. 2. Van de aanvrager kan worden verlangd, dat hij reisbescheiden overlegt waaruit de spoedeisendheid van zijn reis kan worden afgeleid, zoals vlieg-, boot-, trein- of bus tickets, hotelreserveringen en reisverzekeringen. 3. Bij ministeriële regeling worden nadere regels gesteld met betrekking tot de verificatie van de identiteit, nationaliteit en verblijfsrechtelijke positie van de aanvrager en over de situaties waarin een noodpaspoort dan wel een laissez-passer wordt verstrekt.

Via Stb. 2026, 274

Artikel 2.16Vaststelling Nederlanderschap Nederlandse identiteitskaart
Gewijzigd
verwijderd: 1. Voor het verkrijgen van de nodige zekerheid over het Nederlanderschap, wordt gebruik gemaakt van het door de aanvrager overgelegde Nederlandse reisdocument, de door de aanvrager bij de aanvraag verstrekte gegevens, alsmede van de in de basisadministratie dan wel de in het basisregister reisdocumenten opgenomen gegevens en van overige bij de tot uitreiking bevoegde autoriteit aanwezige documenten. 2. Indien onzekerheid bestaat over het Nederlanderschap van de aanvrager wordt daarnaar een gericht onderzoek ingesteld. Dit onderzoek omvat zoveel mogelijk verificatie van de nationaliteit met behulp van door de aanvrager over te leggen documenten die zijn afgegeven door een bevoegde autoriteit, waaronder zijn geboorteakte, reisdocumenten die op zijn naam zijn gesteld, dan wel buitenlandse reisdocumenten waarin hij staat vermeld en eventuele andere bewijsstukken. eindetoegevoegd: Vervallen einde

Via Stb. 2026, 274

Artikel 2.17Geldigheid Nederlandse identiteitskaart
Gewijzigd
verwijderd: 1. De Nederlandse identiteitskaart is geldig voor tien jaren. Indien de aanvrager bij de aanvraag de leeftijd van achttien jaar nog niet heeft bereikt, is de Nederlandse identiteitskaart geldig voor vijf jaren. 2. De vervangende Nederlandse identiteitskaart is geldig voor vijf jaren. 3. Indien als gevolg van een tijdelijke verhindering bij de aanvrager geen vingerafdrukken op de nationale identiteitskaart worden opgenomen, bedraagt de geldigheidsduur van de nationale identiteitskaart één jaar. eindetoegevoegd: Vervallen einde

Via Stb. 2026, 274

Artikel 3.2Aanvullende bevoegdheden burgemeesters aangewezen gemeenten
Gewijzigd
verwijderd: 1. eindeIn de bij ministeriële regeling aangewezen gemeenten is de burgemeester tevens bevoegd aanvragen in ontvangst te nemenverwijderd: : - a. einde voor de in artikel 2, eerste lid, onderdelen a, d, e of g, van de wet bedoelde reisdocumenten verwijderd: of artikel 2, tweede lid, van de wet bedoelde identiteitskaarten eindevoor zover het personen betreft die niet in de basisregistratie personen als ingezetene zijn ingeschrevenverwijderd: ; - b einde.verwijderd: voor de in artikel 2, tweede lid, van de wet bedoelde identiteitskaarten voor zover het gedetineerden betreft die verblijven in een penitentiaire inrichting in die aangewezen gemeente. 2. De burgemeester van Haarlemmermeer is bevoegd tot het in ontvangst nemen van aanvragen voor Nederlandse identiteitskaarten van personen die in de basisadministratie van Aruba, Curaçao of Sint Maarten zijn ingeschreven. einde

Via Stb. 2026, 274

Artikel 4.2Aanvullende bevoegdheden burgemeesters aangewezen gemeenten
Gewijzigd
verwijderd: 1. eindeIn de bij ministeriële regeling aangewezen gemeenten is de burgemeester tevens bevoegd tot verstrekkingverwijderd: : - a. einde van de in artikel 2, eerste lid, onderdelen a, d, e of g, van de wet bedoelde reisdocumenten verwijderd: of de in artikel 2, tweede lid, van de wet bedoelde identiteitskaarten eindevoor zover het personen betreft die niet in de basisregistratie personen als ingezetene zijn ingeschrevenverwijderd: ; - b einde.verwijderd: van de in artikel 2, tweede lid, van de wet bedoelde identiteitskaarten voor zover het gedetineerden betreft die verblijven in een penitentiaire inrichting in die aangewezen gemeente. 2. De burgemeester van Haarlemmermeer is bevoegd tot verstrekking van Nederlandse identiteitskaarten aan personen die in de basisadministratie van Aruba, Curaçao of Sint Maarten zijn ingeschreven. einde

Via Stb. 2026, 274

Artikel 7.1Redenen van onttrekking
Gewijzigd
1. Een reisdocument wordt, naast het in artikel 42, vierde lid, van de wet gestelde, ook terstond definitief aan het verkeer onttrokken door de daartoe op grond van artikel 57 van de wet bevoegde autoriteit die het document onder zich heeft, indien: - a. het daartoe, al dan niet bij de uitreiking van een nieuw reisdocumenttoegevoegd: of een vervangende Nederlandse identiteitskaart als bedoeld in artikel 12 van de Wet op de Nederlandse identiteitskaart einde, is ingeleverd; - 2°. verwijderd: de eindetoegevoegd: Onze einde Minister van Buitenlandse Zaken of de commandant, bedoeld in artikel 4.5, in de gelegenheid is het terug te geven aan de houder, die nog geen verklaring als bedoeld in artikel 31 van de wet heeft afgelegd. 2. Het eerste lid, aanhef en onderdeel c, is niet van toepassing op onttrekking aan het verkeer van een op grond van artikel 16, eerste lid, van de wet verstrekt laissez-passer door de commandant, bedoeld in artikel 4.5. 3. In afwijking van het eerste lid, aanhef en onderdeel d, onttrekt de commandant, bedoeld in artikel 4.5, een noodpaspoort of een op grond van artikel 16, eerste lid, van de wet verstrekt laissez-passer terstond definitief aan het verkeer, indien het als gevonden reisdocument is ontvangen. 4. toegevoegd: Onverminderd het bepaalde in het eerste lid, onttrekt de Gouverneur een Nederlandse identiteitskaart die hij onder zich heeft, naast het gestelde in artikel 27, vierde lid, van de Wet op de Nederlandse identiteitskaart, ook terstond definitief aan het verkeer, indien: - a. het daartoe, al dan niet bij de uitreiking van een nieuw reisdocument, is ingeleverd; - b. het ingevolge artikel 37, eerste lid, van de Wet op de Nederlandse identiteitskaart is ingehouden, tenzij nog een beroepstermijn open staat, een beroepsprocedure aanhangig is of het reisdocument anderszins in een gerechtelijke procedure nodig is; - c. het na uitreiking als onbruikbaar is beschouwd ten gevolge van misdruk of verkeerde personalisatie en dientengevolge is ingehouden of ingeleverd; - d. het als gevonden Nederlandse identiteitskaart is ontvangen. 5. eindeBij ministeriële regeling worden nadere regels gesteld over de wijze van onttrekking aan het verkeer.

Via Stb. 2026, 274

Artikel 8.2Eisen ten aanzien van vervaardiging publiek identificatiemiddel
Gewijzigd
verwijderd: 1. Bij ministeriële regeling worden voorschriften gesteld over de technische en organisatorische voorzieningen die noodzakelijk zijn voor de vervaardiging van het publiek identificatiemiddel. 2. De in het eerste lid bedoelde voorschriften bevatten tenminste eisen die zien op: - a. informatieveiligheid; - b. data-integriteit; - c. vertrouwelijkheid; - d. bescherming van persoonsgegevens. eindetoegevoegd: Vervallen einde

Via Stb. 2026, 274

Artikel 8.4Verstrekkingen op grond van artikel 4e, eerste lid, onderdelen a en b, van de wet
Gewijzigd
Aan de autoriteitentoegevoegd: , einde bedoeld in de artikelen 26, 40toegevoegd: , 42 eindeen verwijderd: 51 eindetoegevoegd: 50b einde van de wet toegevoegd: en de autoriteiten, bedoeld in de artikelen 15, 25 en 36 van de Wet op de Nederlandse identiteitskaart eindekunnen ten behoeve van de taken bedoeld in artikel 4e, eerste lid, verwijderd: onderdeel eindetoegevoegd: onderdelen einde atoegevoegd: en b einde, van de wet, alle in het basisregister reisdocumenten opgenomen gegevens worden verstrekt.

Via Stb. 2026, 274

Artikel 8.5Verwerking van gegevens, bewaartermijnen en vernietiging van gegevens na afloop bewaartermijnen
Gewijzigd
1. In het basisregister reisdocumenten worden gegevens bijgehouden met betrekking tot de aanvraag, verstrekking, uitreiking dan wel weigering of vervallenverklaring van reisdocumententoegevoegd: en Nederlandse identiteitskaarten einde. 2. De in het basisregister reisdocumenten opgenomen gegevens met betrekking tot verstrekking en uitreiking van reisdocumententoegevoegd: en Nederlandse identiteitskaarten einde, worden na de datum van verstrekking bewaard gedurende een periode van: - a. 11 jaar indien de geldigheidsduur van het verstrekte document 5 jaar of korter is of indien het verstrekte document niet wordt uitgereikt; - b. 16 jaar indien de geldigheidsduur van het verstrekte document langer dan 5 jaar is. 3. De in het basisregister reisdocumenten opgenomen gegevens die betrekking hebben op een aanvraag waarbij geen reisdocument toegevoegd: of een Nederlandse identiteitskaart eindeis verstrekt, worden bewaard gedurende een periode van vijf jaar. 4. Na het verstrijken van de bewaartermijn worden de gegevens zo spoedig mogelijk vernietigd.

Via Stb. 2026, 274

Artikel 10.1Bevoegdheid vaststelling bij ministeriële regeling
Gewijzigd
Bij ministeriële regeling kunnen: - a. regels worden gesteld ter uitvoering van artikel 3, achtste lid, 26, eerste lid, onderdeel e, 40, eerste lid, onderdeel e, en 43 van de wet; - b. aanvullende regels worden gesteld ter uitvoering van de artikelen 2, verwijderd: derde eindetoegevoegd: tweede einde lid, 3, derde lid, 4d, vierde lid, 28, vierde lid, 42, vijfde lid, en 59, eerste lid, van de wet; en - c. nadere regels worden vastgesteld ter uitwerking van het bepaalde in de artikelen 2.1 tot en met 2.5, 2.7, 2.8, 2.10 tot en met 2.verwijderd: 16 eindetoegevoegd: 15 einde, 3.1 tot en met 3.verwijderd: 5 eindetoegevoegd: 6 einde, 8.4 tot en met 8.5.

Via Stb. 2026, 274