**1.** Onze Minister stelt de uitkering vast binnen zesentwintig weken na de ontvangst van de in artikel 7, eerste lid, genoemde verantwoording, respectievelijk van de in het vierde lid van dat artikel genoemde aanvulling.
**2.** Onze Minister kan de uitkering op een lager bedrag vaststellen dan op grond van artikel 4, tweede lid, is verstrekt en het verschil terugvorderen indien uit de verantwoording blijkt dat de uitkering niet of niet volledig is besteed aan de activiteiten zoals genoemd in artikel 3.
Artikel 8
Vaststelling en terugvordering
Onderdeel van Regeling specifieke uitkering gemeentelijke hulp gedupeerden toeslagenproblematiek· Staats- en bestuursrecht
Deze tekst geldt sinds 27 november 2020