De Minister verleent vrijstelling, bedoeld in artikel 4, eerste lid, onderdeel d, van de wet, aan de inburgeringsplichtige die een opleiding volgt die leidt tot uitreiking van een van de bewijsstukken, genoemd in artikel 2.1, gedurende de periode dat de inburgeringsplichtige is ingeschreven voor de betreffende opleiding.
Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet inburgering 2021
in werking treedt.
Hoofdstuk 2 › Afdeling 1
Artikel 2.2
Tijdelijke vrijstelling van de inburgeringsplicht bij volgen opleiding
Onderdeel van Regeling inburgering 2021· Migratierecht
Deze tekst geldt sinds 1 januari 2022