**1.** De minister kent aan een aanvraag om subsidie een hoger aantal punten toe naarmate:
het aangevraagde project een grotere bijdrage levert aan:
de verwerking en afzet van visserij- of aquacultuurproducten door verkorting van de ketens of verdere verwaarding;
het verbeteren van de informatievoorziening door productinformatie; of
de promotie of afzetbevordering van visserij- of aquacultuurproducten;
het aangevraagde project voor een breder aantal marktdeelnemers als bedoeld in artikel 4, eerste lid, onderdeel 30, van verordening 1380/2013 van waarde is;
het aangevraagde project een grotere bijdrage levert aan de ecologische verduurzaming van de verwerking en afzet van visserij- of aquacultuurproducten, doordat het project een positief effect heeft op de natuurlijke leefomgeving en ecosystemen;
het aangevraagde project meer economisch of technisch perspectief heeft op toepassing op praktijkschaal; en
de kwaliteit van de aanvraag hoger is.
**2.** Het aantal punten bedraagt per onderdeel van het eerste lid ten hoogste 10.
**3.** Voor het totaal aantal punten is de wegingsfactor voor de onderdelen a tot en met e van het eerste lid respectievelijk 25%, 15%, 20%, 20% en 20%.
**4.** De minister rangschikt de aanvragen waarop niet afwijzend is beslist hoger naarmate in totaal meer punten aan het project zijn toegekend.
Hoofdstuk 3 › § 3.6
Artikel 3.6.8
Rangschikkingscriteria
Onderdeel van Regeling Europese EZ-, LVVN- en KGG-subsidies 2021· Financieel en economisch recht
Deze tekst geldt sinds 1 oktober 2025