Naar hoofdinhoud

Artikel 2

Buitenlands belastingplichtigen met een Nederlands lucratief belang

Onderdeel van Besluit Lucratief belang in internationale situaties· Belastingrecht

Deze tekst geldt sinds 24 november 2021

Buitenlands belastingplichtigen zijn belastingplichtig voor het Nederlandse inkomen dat zij genieten. In artikel 7.2, tweede lid, onderdeel c, Wet IB 2001, is bepaald dat belastbaar ROW in Nederland behoort tot het Nederlandse inkomen. In het derde lid van voormeld artikel is bepaald dat onder een werkzaamheid in Nederland mede wordt verstaan het houden van aandelen, vorderingen, rechten, of het hebben van schulden als bedoeld in artikel 3.92b Wet IB 2001, indien de voordelen die daarmee worden behaald naar moet worden aangenomen mede een beloning beogen te zijn voor werkzaamheden verricht in Nederland. Uit het tweede woord ‘mede’ in de wettekst hierboven volgt dat dit zowel ziet op de met de werkzaamheden behaalde voordelen als op de zinsnede ‘in Nederland’. Er moet enige band zijn met werkzaamheden in Nederland om een Nederlandse bron van inkomen te constateren. Niet nodig is dat de betrokken vennootschap in Nederland is gevestigd, dat de voordelen zijn toegekend uitsluitend in verband met werkzaamheden in Nederland of dat alle werkzaamheden in Nederland verricht worden. Ik neem daarom het standpunt in dat de inspecteur op basis van nationaalrechtelijke bepalingen voor buitenlands belastingplichtigen met een (on)middellijk gehouden lucratief belang kan heffen over 100% van de voordelen ter zake van dat lucratieve belang ook al zouden de werkzaamheden ook deels in een ander land verricht worden. Dit sluit niet uit dat op grond van een verdrag ter voorkoming van dubbele belasting Nederland mogelijk beperkt wordt in zijn heffingsrecht.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel