Naar hoofdinhoud

Artikel 4

Communicatie

Onderdeel van Beleidsregel Handhaving· Gezondheidsrecht en farmaceutisch recht

Deze tekst geldt sinds 1 januari 2022

In dit hoofdstuk wordt ingegaan op de communicatie aangaande de toepassing van handhavingsmaatregelen door de NZa. Het is voor betrokkenen belangrijk te weten op welke wijze de NZa de wet handhaaft. De samenleving stelt ook steeds grotere eisen aan de openheid en verantwoording van het optreden van (markt) toezichthouders. Communicatie daarover is voor de NZa één van de instrumenten om de handhaving uiteen te zetten en daarmee de missie van de NZa te bereiken: ‘goede, toegankelijke en betaalbare zorg voor iedereen in Nederland, nu en in de toekomst’. Deze beleidsregel is openbaar en onder meer via de website van de NZa raadpleegbaar.36vindplaats: https://puc.overheid.nl/nza/ De NZa is op grond van de Wmg bevoegd om haar besluiten en overig handelen in het kader van handhaving openbaar te maken. De NZa hanteert daarbij het uitgangspunt steeds zo transparant mogelijk te zijn over interventies. De besluiten die de NZa neemt zijn dan ook in beginsel openbaar. Dit binnen de kaders die daarvoor bij wet gesteld zijn. Het publiceren van handhavingsbesluiten, en meer algemeen het publiceren over handhavingsinterventies, wordt door de NZa van belang geacht omdat zij daarmee transparant is over haar handhavingsbeleid en de uitvoering daarvan. De NZa kan zo verantwoording afleggen over de wijze waarop zij van haar bevoegdheden gebruik maakt. Daarnaast gaat van de publicatie van handhavingsbesluiten een preventieve werking uit doordat inzicht in handhavingsacties en daaruit voortkomende besluiten een stimulans kan vormen om regels na te leven. Tot slot wordt met openbaarmaking van handhavingsbesluiten aan burgers die informatie geboden die nodig kan zijn om in individueel gevallen onrechtmatigheden te (laten) herstellen.37Zo kan de NZa in geval van een tariefovertreding (artikel 35 Wmg) geen terugbetaalverplichting aan de betreffende zorgaanbieder opleggen, maar kunnen benadeelde patiënten/cliënten wel zelf teveel betaalde bedragen bij de aanbieder terugvorderen (evt. ook via de civiele rechter; artikel 6:203 BW). Indien er zwaarwegende redenen zijn om een besluit niet openbaar te maken, dan kan de NZa dit achterwege laten. Indien een besluit (bedrijfs)vertrouwelijke gegevens bevat kan de NZa ook beslissen om een gedeelte van het besluit niet te publiceren. Voor openbaarmaking van besluiten tot oplegging van een last onder dwangsom, een last onder bestuursdwang of een bestuurlijke boete, als ook voor het publiek maken van informele handhavingsinterventies (zoals een schriftelijke waarschuwing), vormt de Wet openbaarheid van bestuur (Wob) de grondslag. Met artikel 8 van de Wob is bepaald dat een bestuursorgaan uit eigen beweging informatie verschaft over het beleid, de voorbereiding en de uitvoering daaronder begrepen, zodra dat in het belang is van een goede en democratische bestuursvoering. In voorkomend geval wordt de afweging om een besluit niet, of slechts gedeeltelijk openbaar te maken dan ook gemaakt aan de hand van de uitzonderingsgronden genoemd in artikel 10 van de Wob. Ten aanzien van de bevoegdheid om een aanwijzing openbaar te maken zijn met artikel 80, 81 en 81a Wmg evenwel specifieke regels gegeven. De Wmg vormt in dezen een ‘lex specialis’ en gaat voor op de Wob. Het uitgangspunt van artikel 80, 81 en 81a Wmg is dat aanwijzingen niet openbaar worden gemaakt, wanneer de geadresseerde zorgaanbieder, ziektekostenverzekeraar (waaronder Wlz-uitvoerders) of het CAK de aanwijzing binnen de daarbij gestelde opvolgt. Indien niet binnen de gestelde termijn aan een aanwijzing wordt voldaan, kan de NZa wel besluiten om die aanwijzing openbaar te maken. Verder kan de NZa in uitzonderlijke gevallen besluiten om een aanwijzing onverwijld openbaar te maken, indien het adequaat functioneren van de verzekeringsmarkt38artikel 80, zevende lid Wmg, dan wel van de zorgverlenings-39artikel 81, tweede lid, en 81a, derde lid, Wmg of zorginkoopmarkt40artikel 81, tweede lid, Wmg, of de positie van respectievelijk verzekeraars of zorgaanbieders op die markten geen uitstel toelaat. De wijze waarop de NZa overigens invulling geeft aan haar bevoegdheid om handhavingsbesluiten openbaar te maken, waaronder ook de overwegingen op basis waarvan tot openbaarmaking wordt besloten, is nader vastgelegd in de ‘Beleidsregel openbaarmaking besluiten NZa (BR/AL-0033)’.41vindplaats: https://puc.overheid.nl/nza/doc/PUC_21365_22/1/ Zoals ook in de inleiding van deze beleidsregel is aangegeven, verstaat de NZa onder handhaving meer dan enkel het opleggen van formele handhavingsmaatregelen. In beginsel ziet de NZa al haar handelen dat bijdraagt aan normnaleving door zorgaanbieders, zorgverzekeraars, Wlz-uitvoerders en het CAK, als vorm van handhaving. In dat licht beschouwd verdient hier opmerking dat ook de publicatie van door de NZa uitgevoerde marktbrede onderzoeken42artikel 32 Wmg aan normnaleving door genoemde partijen kan bijdragen. Zodoende draagt ook dit bij aan de doelstellingen van het toezicht en handhaving door de NZa. Openbaarmaking van de uitkomsten van een marktonderzoeken gebeurt echter niet op grond van de Wob, maar kent een specifieke eigen grondslag in artikel 33 Wmg. Daarin is bepaald dat de NZa haar bevindingen op grond van marktonderzoeken openbaar kan maken, met uitzondering van gegevens en inlichtingen die naar hun aard vertrouwelijk zijn.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel