Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 2.7

FKG_G

Onderdeel van Beleidsregels risicoverevening 2023· Gezondheidsrecht en farmaceutisch recht

Deze tekst geldt sinds 28 oktober 2022

1. Het Zorginstituut baseert het geraamde aantal verzekerden per zorgverzekeraar voor het criterium FKG_G op: de indeling in FKG_G klassen 2023 zoals weergegeven in het referentiebestand dat is opgenomen in Bijlage 3 van deze Beleidsregels; en de opgave per 1 juni 2022 van declaraties farmaceutische hulp 2021 per gepseudonimiseerd burgerservicenummer van de zorgverzekeraars aan het Zorginstituut. 2. Het Zorginstituut koppelt de gegevens, bedoeld in het eerste lid, onderdeel b, met het gepseudonimiseerde burgerservicenummer aan het PER 2022 en bepaalt daarmee en met inachtneming van Bijlage 3 van deze Beleidsregels, in welke FKG_G-klassen een verzekerde wordt ingedeeld. Aan de verzekerde koppelt het Zorginstituut een zwaarte van 1 voor de betreffende klassen. 3. Het Zorginstituut past per verzekerde per klasse van het criterium FKG_G de toepasselijke trendfactor toe. Het Zorginstituut vermenigvuldigt de zwaarte, bedoeld in het tweede lid, met de toepasselijke trendfactor. 4. Het Zorginstituut past voor verzekerden die in het PER 2022 voor het eerst voorkomen per FKG_G-klasse de gemiddelde prevalentie van de overige verzekerden in het PER 2022 toe. 5. Als een verzekerde niet in een andere klasse dan ‘Geen FKG_G’ valt, deelt het Zorginstituut deze verzekerde in de klasse ‘Geen FKG_G’ in. 6. Het Zorginstituut herschaalt het geraamde aantal verzekerden voor het criterium FKG_G naar de macroverzekerdenraming.

Rechtspraak bij dit artikel