Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk VII

Artikel 37

Informatieverplichting bij declaratie van overige zorgproducten

Onderdeel van Regeling medisch-specialistische zorg· Gezondheidsrecht en farmaceutisch recht

Deze tekst geldt sinds 1 januari 2026

1. In onderstaande tabel is weergegeven welke gegevens (onderdelen a t/m m) voor welk type overig zorgproduct op de declaratie daarvan worden vermeld. overige zorgproducten a b c d e f g h i j k l m n Algemeen x x x x x x x x Add-on IC x x x x x x x x x Add-on overig x x x x x x x x x x x Add-on geneesmiddelen x x x x x x x x Ozp-stollingsfactoren x x x x x x x Add-on fp msz x x x x x x x x x Uitvoerdatum. Datum waarop een zorgactiviteit is uitgevoerd. Voor add-on geneesmiddelen en ozp-stollingsfactoren wordt hiermee bedoeld de datum waarop het geneesmiddel is toegediend of verstrekt aan de patiënt, dan wel is verstrekt aan de afdeling ten behoeve van toediening aan de patiënt. Voor facultatieve prestaties medisch-specialistische zorg wordt hiermee bedoeld de datum waarop de eerste (zorg)activiteit in het kader van de facultatieve prestatie is uitgevoerd. Subtrajectnummer. Een uniek nummer waarmee het subtraject binnen de instelling wordt geïdentificeerd. Dit nummer kan automatisch worden gegenereerd door het informatie- c.q. registratiesysteem. Zorgtrajectnummer. Een uniek nummer waarmee het zorgtraject binnen de instelling wordt geïdentificeerd. Dit nummer kan automatisch worden gegenereerd door het registratiesysteem. Aantal gebruikte eenheden. Het aantal door de apotheek gebruikte eenheden. (bijv. infusieflacons, tabletten) of fracties van eenheden (bijv. een halve infusieflacon) dat nodig is om de voorgeschreven hoeveelheid te kunnen verstrekken aan de patiënt bij gebruikmaking van de minst verspillende (combinatie van) verpakkingsgrootte(s). Zorgproductcode. De zorgproductcode is de zorgactiviteitcode (zes posities). ZI-nummer. Zorgidentificatienummer van een add-ongeneesmiddel of ozp-stollingsfactor. AGB-code uitvoerend specialisme. De AGB-code van het uitvoerend specialisme wordt weergegeven middels de AGB-subberoepsgroepindeling (de AGB-code van het specialisme dat verantwoordelijk is voor de geleverde prestatie is hierbij leidend). Voor add-ongeneesmiddelen en ozp-stollingsfactoren wordt met het uitvoerend specialisme gedoeld op het voorschrijvend specialisme. Consumentenomschrijving. Op de declaratie van de zorgaanbieder aan de patiënt wordt voor overige zorgproducten de zorgproduct consumentenomschrijving vermeld zoals opgenomen in het ‘Overzicht overige zorgproducten’ (bijlage bij deze regeling). Voor add-ongeneesmiddelen en ozp-stollingsfactoren bestaat de consumentenomschrijving uit de artikelomschrijving van het betreffende ZI-nummer zoals opgenomen in de G-standaard. Type verwijzer. Op de declaratie wordt het type verwijzer vermeld naar onderstaande classificatie: Zelfverwijzer SEH (een patiënt die zich meldt bij de SEH zonder verwijzing). Zelfverwijzer niet-SEH (bijvoorbeeld een patiënt die zich meldt bij de polikliniek zonder verwijzing). Verwezen patiënt SEH (Een patiënt die zich meldt bij de SEH met een verwijzing). Verwezen patiënt niet-SEH vanuit eerste lijn (bijvoorbeeld een patiënt die zich meldt bij de polikliniek met een verwijzing vanuit de eerste lijn). Verwezen patiënt niet-SEH vanuit ander specialisme binnen dezelfde instelling (bijvoorbeeld een patiënt die zich meldt bij de polikliniek met een verwijzing van een ander medisch specialisme binnen dezelfde instelling). Verwezen patiënt niet-SEH vanuit andere instelling (bijvoorbeeld een patiënt die zich meldt bij de polikliniek met een verwijzing van andere instelling). Eigen patiënt (bijvoorbeeld ingeval vervolgtraject of nieuwe zorgvraag van eigen patiënt). Verwezen patiënt niet-SEH vanuit eerste lijn, maar verwijzer heeft geen AGB-code. Patiënt welke gebruik maakt van directe toegang tot ergotherapie, fysiotherapie, logopedie, diëtetiek, orthoptie, optometrie of oefentherapie. AGB-code verwijzer. Indien er sprake is van type verwijzer genoemd onder i3, i4 en i6 wordt op de declaratie een AGB-code van de verwijzende instelling/praktijk of natuurlijk persoon vermeld. Indien er sprake is van type verwijzer genoemd onder i5 en i7 wordt op de declaratie een AGB-code van de verwijzende natuurlijk persoon vermeld. AGB-code verwijzend specialisme. Indien er sprake is van type verwijzer genoemd onder i5, i6 of i7 wordt op de declaratie ook een AGB-code van het specialisme vermeld. Gedeclareerd bedrag. Op de declaratie wordt het gedeclareerde bedrag van het overig zorgproduct vermeld. Indicatie (on-label en off-label). Een in de G-standaard opgenomen indicatie waarvoor een add-ongeneesmiddel of ozp-stollingsfactor is verstrekt aan de patiënt. Indien de betreffende indicatie nog niet is opgenomen in de G-standaard, dan wordt dat gegeven vermeld op de factuur. AGB-code afwijkende uitvoerende instelling. Bij de overige zorgproducten voor moleculaire diagnostiek (050541, 050542, 050543, 050544, 050548 en 050549) en het expertiseadvies (190174 en 190175) wordt, naast de AGB-code van de declarerende instelling, ook de AGB-code van de instelling die de zorg daadwerkelijk heeft geleverd vermeld op de declaratie. Voor de moleculaire diagnostiek geldt deze verplichting alleen indien de diagnostiek is uitgevoerd door een andere instelling dan waar de patiënt onder behandeling is. 2. De verplichting als bedoeld in het eerste lid, onderdeel c (zorgtrajectnummer) is niet van toepassing op add-ongeneesmiddelen als een behandeling in het buitenland wordt geleverd en het bijhorende geneesmiddel met een add-on declaratietitel in Nederland wordt toegediend en gedeclareerd. 3. De verplichting genoemd in het eerste lid, onderdelen e en m, is niet van toepassing indien de patiënt en de zorgaanbieder gezamenlijk een privacyverklaring hebben ondertekend als bedoeld in de bijlage bij deze regeling. Deze verklaring is voor de zorgverzekeraar te allen tijde opvraagbaar.

Rechtspraak bij dit artikel