**1.** Het College van Voorzitter en Ondervoorzitters verleent aan de Griffier mandaat en machtiging voor aangelegenheden van al hetgeen de ambtelijke organisatie aangaat, met uitzondering van:
het vaststellen en wijzigen van de organisatiestructuur van de ambtelijke organisatie, waaronder begrepen de formatie en de taken van de directeuren;
door het College van Voorzitter en Ondervoorzitters te nemen beslissingen over de raming van de Eerste Kamer;
aangelegenheden die de Griffier zelf betreffen;
het beslissen op een bezwaarschrift tegen een besluit dat door de Griffier is genomen;
de bevoegdheid te besluiten namens de Eerste Kamer rechtsgedingen, bezwaarprocedures of administratieve beroepsprocedures te voeren of handelingen ter voorbereiding daarop te verrichten;
de bevoegdheden van artikel 10 van de Gedragscode integriteit Eerste Kamer.
**2.** Het College van Voorzitter en Ondervoorzitters verleent aan haar Voorzitter de bevoegdheid om te beslissen op een bezwaarschrift tegen een besluit in de zin van artikel 1:3 van de Algemene wet bestuursrecht dat door de Griffier is genomen.
**3.** Onverminderd het bepaalde in dit besluit en het Reglement van Orde, hebben het mandaat en de machtiging van de Griffier in ieder geval betrekking op:
het leiding geven aan de ambtelijke organisatie;
Aangelegenheden op het gebied van financiën, automatisering, huisvesting en integrale beveiliging;
de informatiehuishouding van de ambtelijke organisatie, waaronder de Wet open overheid, de Wet hergebruik van overheidsinformatie, de Archiefwet 1995 en de Algemene Verordening Gegevensbescherming;
het voeren van verweer in en het verrichten van handelingen ter voorbereiding van bezwaar- en beroepsprocedures en rechtsgedingen;
besluiten tot het verrichten van privaatrechtelijke rechtshandelingen, waaronder (i) het aangaan van koop-, huur-, huurkoop- of leaseovereenkomsten, (ii) het verlenen van opdrachten voor het aannemen van werk, (iii) het verlenen van voorschotten, (iv) het kwijtschelden van vorderingen en (v) het buitenrechtelijke invorderen van geldvorderingen van de Eerste Kamer der Staten-Generaal (Staat der Nederlanden).
**4.** De Voorzitter verleent volmacht aan de Griffier tot het verrichten van de in het derde lid, onder c bedoelde privaatrechtelijke rechtshandelingen voor al hetgeen de ambtelijke organisatie aangaat.
**5.** Bij afwezigheid of verhindering van de Griffier worden de bevoegdheden van de Griffier uitgeoefend door de eerste plaatsvervangend Griffier, onverminderd mandaten, volmachten en machtigingen die op grond van artikel 4 aan de directeuren zijn verleend. Bij (voorzienbare) langdurige afwezigheid van de Griffier, adviseert het College van Voorzitter en Ondervoorzitters de Kamer over het benoemen van een waarnemend Griffier.
**6.** Bij gelijktijdige afwezigheid of verhindering van de Griffier en de eerste plaatsvervangend Griffier wordt de Griffier vervangen door de directeur Organisatie voor de taken die verband houden met het leidinggeven aan de ambtelijke organisatie. Voor de overige taken van de Griffier wordt hij vervangen door een van de plaatsvervangend griffiers die bij schriftelijk besluit van de Griffier, gehoord hebbende het College van Voorzitter en Ondervoorzitters, daartoe is aangewezen.
**7.** De Griffier is bevoegd aan een directeur of aan een andere rechtstreeks onder hem ressorterende medewerker mandaat, volmacht en machtiging te verlenen tot het uitoefenen van de aan hem verleende bevoegdheden, met uitzondering van:
het beslissen op een melding in het kader van de Klokkenluidersregeling;
het besluiten tot het aangaan, wijzigen en beëindigen van arbeidsovereenkomsten;
het nemen van beslissingen op bezwaarschriften;
het voeren van verweer in en het verrichten van handelingen ter voorbereiding van bezwaar- en beroepsprocedures en rechtsgedingen.
Hoofdstuk 2
Artikel 3
Griffier
Onderdeel van M&V-besluit Ambtelijke organisatie Eerste Kamer der Staten- Generaal 2023· Staats- en bestuursrecht
Deze tekst geldt sinds 11 november 2023