Verordening (EU) nr. 2022/2554 van het Europees Parlement en de Raad van 14 december 2022 betreffende digitale operationele weerbaarheid voor de financiële sector en tot wijziging van de Verordeningen (EG) nr. 1060/2009, (EU) nr. 648/2012, (EU) nr. 600/2014, (EU) nr. 909/2014 en (EU) 2016/1011 (PbEU 2022, L 333)

1 Bevoegde autoriteit in de zin van de verordening

De Autoriteit Financiële Markten: ten aanzien van:

  • - – aanbieders van cryptoactivadiensten als bedoeld in artikel 3, eerste lid, onderdeel 15 van Verordening (EU) 2023/1114 (cryptoactiva);
  • - – adviseurs, voor zover zij adviseren over verzekeringen;
  • - – beheerders van beleggingsinstellingen;
  • - – beheerders van cruciale benchmarks als bedoeld in artikel 20, eerste lid, onderdeel b, van Verordening (EU) nr. 2016/1011 (benchmarks);
  • - – beheerders van icbe’s;
  • - – beleggingsondernemingen;
  • - – bemiddelaars in verzekeringen;
  • - – crowdfundingdienstverleners als bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel e, van Verordening (EU) 2020/1503 (CSPR);
  • - – datarapporteringdienstverleners;
  • - – gevolmachtigde agenten of ondergevolmachtigde agenten;
  • - – handelsplatformen;
  • - – herverzekeringsbemiddelaars.

De Nederlandsche Bank: ten aanzien van:

  • - – banken, tenzij de Europese Centrale Bank bevoegd is toezicht uit te oefenen op grond van de artikelen 4 en 6 van Verordening (EU) Nr. 1024/2013 (bankentoezicht);
  • - – betaaldienstverleners;
  • - – centrale effectenbewaarinstellingen als bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel 1, van Verordening (EU) nr. 909/2014 (CSDR);
  • - – centrale tegenpartijen;
  • - – elektronischgeldinstellingen;
  • - – premiepensioeninstellingen;
  • - – uitgevers van activagerelateerde tokens als bedoeld in artikel 3, eerste lid, onderdelen 6 en 10, van Verordening (EU) 2023/1114 (cryptoactiva);
  • - – verzekeraars.

2 Handhaving door middel van last onder dwangsom of bestuurlijke boete

Last onder dwangsomBestuurlijke boete
ArtikelenArtikelenBoetecategorie
5 tot en met 105 tot en met 103
11, eerste tot en met tiende lid11, eerste lid3
11, tweede tot en met achtste lid2
11, negende en tiende lid1
12123
1313, eerste lid3
13, tweede tot en met zevende lid2
14143
15 (RTS), voor zover betrekking hebbende op artikel 6, vijfde lid, 9, tweede lid, 9 vierde lid,10, eerste lid, 11, eerste lid15 (RTS), voor zover betrekking hebbende op artikel 6, vijfde lid, 9, tweede lid, 9 vierde lid,10, eerste lid, 11, eerste lid3
15 (RTS), voor zover betrekking hebbende op artikel 11, derde en zesde lid15 (RTS), voor zover betrekking hebbende op artikel 11, derde en zesde lid2
16, eerste en tweede lid16, eerste en tweede lid3
16, derde lid (RTS)16, derde lid (RTS)3
1717, eerste, en tweede lid3
18, eerste en tweede lid18, eerste lid3
18, tweede lid1
18, derde lid (RTS)18, derde lid (RTS)3
19, eerste, derde en vierde lid19, eerste, derde en vierde lid3
20, onderdeel a (RTS)20, onderdeel a (RTS)3
20, onderdeel b (ITS)20, onderdeel b (ITS)3
24 en 2524 en 253
26, eerste lid, eerste volzin, tweede tot en met achtste lid26, eerste lid, eerste volzin, tweede tot en met zesde en achtste lid3
26, elfde lid (RTS)26, elfde lid (RTS)3
27273
28, eerste tot en met achtste lid28, eerste tot en met achtste lid3
28, negende lid (ITS)28, negende lid (ITS)3
28, tiende lid (RTS)28, tiende lid (RTS)3
29293
30, eerste tot en met derde lid30, eerste tot en met derde lid3
30, vijfde lid (RTS)30, vijfde lid (RTS)3
41 (RTS)41 (RTS)2
42, derde en zesde lid42, derde en zesde lid2
45451

3 Openbaarmaking overtredingen

De bevoegde autoriteit kan bij een overtreding van het bij of krachtens de verordening bepaalde de overtreding en de naam van de overtreder door middel van een openbare verklaring openbaar maken.

4 Lidstaatoptie artikel 2, vijfde lid (uitzondering richtlijn kapitaalvereisten)

De verordening is niet van toepassing op instellingen als bedoeld in artikel 2, vijfde lid, onderdelen 4 tot en met 23, van Richtlijn 2013/36/EU (kapitaalvereisten).

5 Lidstaatoptie artikel 19, eerste lid, zesde paragraaf, en tweede lid, derde paragraaf (meldplicht ICT-incidenten)

Banken, handelsplatformen, centrale effectenbewaarinstellingen en centrale tegenpartijen doen de melding, bedoeld in artikel 19, eerste lid, eerste paragraaf, van de verordening, en de vrijwillige melding, bedoeld in artikel 19, tweede lid, eerste paragraaf, van de verordening, tevens bij het bij of krachtens artikel 16, eerste lid, van de Cyberbeveiligingswet aangewezen CSIRT voor de sectoren bankwezen en infrastructuur voor de financiële markt.