Naar hoofdinhoud

Artikel 1

Inleiding

Onderdeel van Circulaire uitreisverbod personen ex Tijdelijke wet bestuurlijke maatregelen terrorismebestrijding· Openbare orde en veiligheidsrecht

Deze tekst geldt sinds 24 april 2024

Deze circulaire heeft tot doel u te informeren over een verlengde regeling in de Paspoortwet. Deze regeling heeft betrekking op personen met een verbod om het Schengengebied te verlaten. Van deze personen vervallen van rechtswege alle reisdocumenten, waaronder de Nederlandse identiteitskaart (NIK),1In deze circulaire wordt onder ‘reisdocumenten’ tevens de Nederlandse identiteitskaart begrepen. en moet de aanvraag van een nieuw reisdocument worden geweigerd. Deze personen komen in plaats daarvan in aanmerking voor de zogenaamde vervangende Nederlandse identiteitskaart welke uitsluitend in het Schengengebied geldig is. De regeling gold aanvankelijk tot 1 maart 2022, maar is inmiddels verlengd tot 1 maart 2027.2Wet van 23 februari 2022 tot wijziging van de Tijdelijke wet bestuurlijke maatregelen terrorismebestrijding in verband met het verlengen van de werkingsduur (Stb. 2022, 85). De aanpassingen in deze circulaire ten opzichte van de circulaire van 20 februari 2017 zijn beperkt tot actualiseringen en zijn geen inhoudelijke wijzigingen. Ter bestrijding van terrorisme is met ingang van 1 maart 2017 de Tijdelijke wet bestuurlijke maatregelen terrorismebestrijding in werking getreden. Eén van de getroffen maatregelen betreft de bevoegdheid van de Minister van Justitie en Veiligheid (JenV) om een persoon een verbod op te leggen het Schengengebied te verlaten. In paragraaf 2 wordt hierop een toelichting gegeven. Om de effectiviteit van het uitreisverbod te ondersteunen, is in de Paspoortwet geregeld dat van een persoon met een uitreisverbod het Nederlandse reisdocument van rechtswege vervalt. Het reisdocument moet worden ingeleverd, en de betreffende documentnummers worden nationaal en internationaal als ‘ongeldig’ gesignaleerd. Doordat deze regeling ook van toepassing is op de NIK, vervalt ook deze van rechtswege en wordt voorkomen dat daarmee naar landen buiten Schengen – zoals Turkije – kan worden gereisd. In paragraaf 3 wordt hierop nader ingegaan. In artikel 23b van de Paspoortwet is geregeld dat de aanvraag van een nieuw reisdocument door een persoon met een uitreisverbod moet worden geweigerd. Daarmee wordt voorkomen dat aan een persoon met een uitreisverbod een nieuw reisdocument wordt verstrekt waarmee naar terroristisch strijdgebied kan worden uitgereisd. De consequenties voor verstrekkende autoriteiten worden nader toegelicht in paragraaf 4. Om erin te voorzien dat een persoon met een uitreisverbod zich kan blijven identificeren met een wettelijk identiteitsbewijs is in de Wet op de identificatieplicht en de Paspoortwet de ‘vervangende Nederlandse identiteitskaart’ vastgesteld. Met dat identiteitsbewijs kan betrokkene voldoen aan zijn wettelijke identificatieverplichtingen, en zich ook binnen het Schengengebied identificeren. In paragraaf 5 wordt hierop ingegaan. De datum van inwerkingtreding in de publicatie ligt voor de datum van uitgifte. De datum van inwerkingtreding in de publicatie ligt voor de datum van uitgifte.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel