1
Deze Standaard behandelt:
de verantwoordelijkheden van de accountant wanneer deze de opdracht tot het verrichten van overeengekomen specifieke werkzaamheden heeft gekregen; en
de vorm en inhoud van het rapport inzake overeengekomen specifieke werkzaamheden.
2
Deze Standaard is van toepassing op de uitvoering van opdrachten tot het verrichten van overeengekomen specifieke werkzaamheden met betrekking tot financiële of niet-financiële onderzoeksobjecten. (Zie Par. A1 en A2)
3
Het kwaliteitsmanagementsysteem en de beleidslijnen of procedures zijn de verantwoordelijkheid van de accountantseenheid. Als een accountantseenheid opdrachten tot het verrichten van overeengekomen specifieke werkzaamheden uitvoert, gelden de Nadere voorschriften kwaliteitsmanagement (NVKM)accountants, die werkzaam zijn bij of verbonden zijn aan een accountantskantoor, dat artikel 6 lid 1 of lid 2 toepast, lezen hiervoor de Nadere voorschriften kwaliteitssystemen . In deze Standaard zijn bepalingen over kwaliteitsmanagement op het niveau van afzonderlijke opdrachten tot het verrichten van overeengekomen specifieke werkzaamheden opgenomen. Hierbij is het uitgangspunt dat de accountantseenheid onderworpen is aan de NVKM of vereisten die minstens zo veeleisend zijn. (Zie Par. A3, A4, A5, A6, A7 en A8)
4
Bij een opdracht tot het verrichten van overeengekomen specifieke werkzaamheden voert de accountant de werkzaamheden uit die zijn overeengekomen door de accountant en de opdrachtgever en waarbij de opdrachtgever heeft erkend dat deze werkzaamheden geschikt zijn voor het doel van de opdracht. De accountant communiceert de uitgevoerde overeengekomen specifieke werkzaamheden en de daarmee samenhangende bevindingen in het rapport inzake overeengekomen specifieke werkzaamheden. De opdrachtgever en andere beoogde gebruikers overwegen voor zichzelf de overeengekomen specifieke werkzaamheden en bevindingen die door de accountant zijn gerapporteerd en trekken hun eigen conclusies uit de door de accountant uitgevoerde werkzaamheden. (Zie Par. A10, A11 en bijlage 1)
5
De waarde van een opdracht tot het uitvoeren van overeengekomen specifieke werkzaamheden in overeenstemming met deze Standaard is gelegen in:
het naleven door de accountant van professionele standaarden, met inbegrip van de relevante ethische voorschriften; en
het duidelijk communiceren van de uitgevoerde werkzaamheden en de daarmee samenhangende bevindingen.
6
Een opdracht tot het verrichten van overeengekomen specifieke werkzaamheden is geen controle-, beoordelings- of andere assurance-opdracht. Een opdracht tot het verrichten van overeengekomen specifieke werkzaamheden omvat niet het door de accountant verkrijgen van informatie met als doel, in welke vorm dan ook, het tot uitdrukking brengen van een oordeel of van een assurance-conclusie. (Zie bijlage 1)
7
Deze Standaard bevat de doelstellingen van de accountant bij het naleven van de Standaard die de context bieden waarin de vereisten van deze Standaard zijn vastgesteld. Zij zijn bedoeld de accountant te ondersteunen bij het begrijpen van wat moet worden bereikt in een opdracht tot het verrichten van overeengekomen specifieke werkzaamheden.
8
Deze standaard bevat vereisten die erop gericht zijn om de accountant in staat te stellen de vermelde doelstelling te halen. Deze vereisten worden uitgedrukt door gebruik te maken van het hulpwerkwoord ‘dienen’ (in: ‘iets dienen te doen’).
9
Daarnaast bevat deze standaard inleidende teksten, definities en toepassingsgerichte en overige verklarende teksten die relevante context bieden voor een goed inzicht in de standaard.
10
De toepassingsgerichte en overige verklarende teksten bieden verdere uitleg over de vereisten en leidraden bij het uitvoeren ervan. Hoewel dergelijke leidraden op zichzelf geen vereiste opleggen, zijn ze relevant voor de correcte toepassing van de vereisten. De toepassingsgerichte en overige verklarende teksten kunnen tevens achtergrondinformatie verschaffen betreffende aangelegenheden die in deze standaard worden behandeld en die ondersteunen bij het toepassen van de vereisten.
11
Voor de ingangsdatum wordt verwezen naar de slotbepalingen.
12
De doelstellingen van de accountant bij een opdracht tot het verrichten van overeengekomen specifieke werkzaamheden onder deze Standaard zijn:
het met de opdrachtgever overeenkomen van de uit te voeren werkzaamheden;
het uitvoeren van de overeengekomen specifieke werkzaamheden; en
het communiceren van de uitgevoerde werkzaamheden en de daarmee samenhangende bevindingen in overeenstemming met de vereisten van deze Standaard.
13
In het kader van deze Standaard hebben de volgende termen de hierna weergegeven betekenis:
overeengekomen specifieke werkzaamheden – werkzaamheden die zijn overeengekomen door de accountant en de opdrachtgever (en indien relevant, andere partijen). (Zie Par. A10)
opdracht tot het verrichten van overeengekomen specifieke werkzaamheden – opdracht waarbij een accountant wordt ingeschakeld om werkzaamheden uit te voeren die zijn overeengekomen door de accountant en de opdrachtgever (en indien relevant, andere partijen) en waarbij de werkzaamheden en de daarmee samenhangende bevindingen worden gecommuniceerd in een rapport inzake overeengekomen specifieke werkzaamheden. (Zie Par. A10)
opdrachtpartner – partner of andere persoon, aangesteld door de accountantseenheid, die verantwoordelijk is voor de opdracht, voor de uitvoering daarvan en voor het rapport inzake overeengekomen specifieke werkzaamheden dat namens de accountantseenheid wordt uitgebracht en aan wie, indien vereist, door een beroepsorganisatie of een wettelijke, regelgevende of toezichthoudende instantie passende bevoegdheden zijn toegekend.
opdrachtgever – partij(en) die de accountant de opdracht geeft/geven om de opdracht tot het uitvoeren van overeengekomen specifieke werkzaamheden uit te voeren. (Zie Par. A11)
opdrachtteam – opdrachtteam als bedoeld in paragraaf 12, onderdeel h, van Standaard 3000A van de NV COS.
bevindingen – bevindingen zijn de feitelijke resultaten van de uitgevoerde overeengekomen specifieke werkzaamheden. Bevindingen zijn geschikt om objectief te worden geverifieerd. Verwijzingen naar bevindingen in deze Standaard sluiten oordelen of conclusies in welke vorm dan ook uit, evenals aanbevelingen die de accountant kan doen. (Zie Par. A12 en A13)
beoogde gebruikers – perso(o)nen, organisatie(s) of groep(en) waarvan de accountant verwacht dat zij gebruik zullen maken van het rapport inzake overeengekomen specifieke werkzaamheden. In bepaalde gevallen kunnen de beoogde gebruikers anderen zijn dan degenen aan wie het rapport inzake overeengekomen specifieke werkzaamheden is gericht.(Zie Par. A10)
accountant – accountant als bedoeld in paragraaf 13, onderdeel d, van Standaard 200 van de NV COS.
door de accountant ingeschakelde deskundige – persoon of organisatie die beschikt over deskundigheid op een ander gebied dan assurance-opdrachten of aan assurance verwante opdrachten en van wie/waarvan de werkzaamheden op dat gebied door de accountant worden gebruikt om de accountant te helpen bij de opdracht tot het verrichten van overeengekomen specifieke werkzaamheden. Een door de accountant ingeschakelde deskundige kan een door de accountant ingeschakelde interne deskundige zijn (die een partner of staf is, met inbegrip van tijdelijke staf, van de accountantseenheid of een netwerkonderdeel) of een door de accountant ingeschakelde externe deskundige.
professionele oordeelsvorming – toepassen van relevante training, kennis en ervaring in de context van deze Standaard, bij het maken van weloverwogen keuzes over de te treffen maatregelen in de omstandigheden van de opdracht tot het verrichten van overeengekomen specifieke werkzaamheden.
relevante ethische voorschriften – beginselen van professionele ethiek en ethische voorschriften die van toepassing zijn op het opdrachtteam en de opdrachtgerichte kwaliteitsbeoordelaar bij het uitvoeren van opdrachten tot het verrichten van overeengekomen specifieke werkzaamheden. Relevante ethische voorschriften betreffen doorgaans de bepalingen van de Verordening gedrags- en beroepsregels accountants (VGBA) en indien van toepassing de Verordening inzake de onafhankelijkheid van accountants bij assurance-opdrachten (ViO) samen met nationale vereisten die stringenter zijn.
verantwoordelijke partij – partij(en) die verantwoordelijk is (zijn) voor het onderzoeksobject waarop de overeengekomen specifieke werkzaamheden worden uitgevoerd.
13A
De definities in de Standaarden 000N t/m 800 zijn van overeenkomstige toepassing, voor zover in deze Standaard niet anders is bepaald.
14
De accountant dient inzicht te hebben in de gehele tekst van deze Standaard, inclusief de toepassingsgerichte en de overige verklarende teksten, om de doelstellingen te begrijpen en de vereisten naar behoren toe te passen.
15
De accountant dient te voldoen aan alle vereisten van deze Standaard, tenzij een bepaalde vereiste niet relevant is voor de opdracht tot het verrichten van overeengekomen specifieke werkzaamheden. Bijvoorbeeld omdat de betreffende omstandigheden niet van toepassing zijn op de opdracht.
16
De accountant dient geen naleving van deze Standaard te vermelden, tenzij de accountant alle vereisten van deze Standaard heeft nageleefd die relevant zijn voor de opdracht tot overeengekomen specifieke werkzaamheden.
17
De accountant dient relevante ethische voorschriften na te leven. (Zie Par. A14, A15, A16, A17, A18, 19 en A20)
18
De accountant dient professionele oordeelsvorming toe te passen bij het aanvaarden van, het uitvoeren van en het rapporteren over een de opdracht, rekening houdend met de omstandigheden van de opdracht. (Zie Par. A21, A22 en A23)
19
De opdrachtpartner dient de algehele verantwoordelijkheid te nemen voor:
het managen en bereiken van kwaliteit bij de opdracht met inbegrip van, indien van toepassing, de werkzaamheden die zijn uitgevoerd door een door de accountant ingeschakelde deskundige, en het in voldoende mate en op passende wijze betrokken zijn gedurende de opdracht; (Zie Par. A24)
het uitvoeren van de opdracht in overeenstemming met de beleidslijnen of procedures van de accountantseenheid op het gebied van kwaliteitsmanagement, door:
het volgen van de beleidslijnen of procedures van de accountantseenheid met betrekking tot de aanvaarding en continuering van cliëntrelaties en opdrachten tot het verrichten van overeengekomen specifieke werkzaamheden; (Zie Par. A25)
het vaststellen dat voldoende en geschikte middelen worden toegewezen of ter beschikking worden gesteld om de opdracht tijdig uit te voeren, rekening houdend met de aard en omstandigheden van de opdracht, de beleidslijnen of procedures van de accountantseenheid, en alle veranderingen die kunnen opkomen gedurende de opdracht;
zich ervan te vergewissen dat het opdrachtteam en alle door de accountant ingeschakelde deskundigen die geen deel uitmaken van het opdrachtteam, collectief over de passende competentie en capaciteiten beschikken, waaronder voldoende tijd, om de opdracht uit te voeren;
het alert zijn op aanwijzingen van overtredingen van relevante ethische voorschriften door leden van het opdrachtteam en het bepalen van de passende maatregelen indien er aangelegenheden onder de aandacht van de opdrachtpartner komen die erop wijzen dat leden van het opdrachtteam relevante ethische voorschriften hebben overtreden; (Zie Par. A26)
de aansturing van, en het toezicht op de leden van het opdrachtteam, de beoordeling van hun werkzaamheden, en het uitvoeren van de opdracht in overeenstemming met de professionele standaarden en door wet- en regelgeving gestelde eisen;
het nemen van verantwoordelijkheid voor het samenstellen, het passend onderhouden en het bewaren van geschikte opdrachtdocumentatie; en
indien een opdrachtgerichte kwaliteitsbeoordeling is vereist in overeenstemming met de NVKM of de beleidslijnen of procedures van de accountantseenheid, het rapport niet dateren tot de afronding van de opdrachtgerichte kwaliteitsbeoordeling.1013Artikel 13(2)(b) van de Nadere voorschriften kwaliteitsmanagement
20
Als het werk van een door de accountant ingeschakelde deskundige gebruikt wordt, dient de opdrachtpartner ervan overtuigd te zijn dat de accountant in staat is om in voldoende mate betrokken te zijn bij het werk van een door de accountant ingeschakelde deskundige om de verantwoordelijkheid op zich te kunnen nemen voor de in het rapport inzake overeengekomen specifieke werkzaamheden opgenomen bevindingen. (Zie Par. A27)
21
Voordat een opdracht wordt aanvaard of gecontinueerd, dient de accountant inzicht te krijgen in de doelstelling van de opdracht. De accountant dient de opdracht niet te aanvaarden of te continueren indien de accountant zich bewust is van feiten of omstandigheden die erop wijzen dat de aan de accountant gevraagde uit te voeren werkzaamheden niet geschikt zijn voor de doelstelling van de opdracht. (Zie Par. A28, A29, A30 en A31)
22
De accountant dient de opdracht alleen te aanvaarden of te continueren wanneer: (Zie Par. A28, A29, A30 en A31)
de opdrachtgever erkent dat de verwachte werkzaamheden die door de accountant zullen worden uitgevoerd geschikt zijn voor het doel van de opdracht;
de accountant verwacht in staat te zijn om de informatie te verkrijgen die nodig is om de overeengekomen specifieke werkzaamheden uit te voeren;
de overeengekomen specifieke werkzaamheden en de daarmee samenhangende bevindingen objectief kunnen worden beschreven, in bewoordingen die duidelijk, niet misleidend en niet vatbaar zijn voor uiteenlopende interpretaties; (Zie Par. A32, A33, A34, A35 en A36)
de accountant geen reden heeft om aan te nemen dat de relevante ethische voorschriften niet zullen worden nageleefd; en
de accountant geen reden heeft om aan te nemen dat de onafhankelijkheidsvoorschriften niet zullen worden nageleefd, in het geval dat de accountant de onafhankelijkheidsvoorschriften dient na te leven. (Zie Par. A37 en A38)
22A
Onverminderd paragrafen 21 en 22, dient de accountant een of meer van de volgende aanvullende maatregelen te nemen, indien de opdrachtgever niet de beoogde gebruiker is of de vertegenwoordiger van de beoogde gebruiker(s) is:
het verkrijgen van een erkenning van de beoogde gebruiker(s) of de vertegenwoordiger(s) daarvan, naast de opdrachtgever, dat de verwachte werkzaamheden die door de accountant zullen worden uitgevoerd geschikt zijn voor het doel van de opdracht; (Zie Par. A29)
het overeenkomen van de opdrachtvoorwaarden met de beoogde gebruiker(s) of de vertegenwoordiger(s) daarvan, naast de opdrachtgever;
het vergelijken van de uit te voeren werkzaamheden met een toereikende vastlegging daarover van de beoogde gebruiker(s) of de vertegenwoordiger(s) daarvan. (Zie Par. A29A)
23
Indien de opdrachtpartner informatie verkrijgt die ertoe zou kunnen hebben geleid dat de accountantseenheid de opdracht zou hebben geweigerd indien die informatie vóór het aanvaarden of continueren van de opdracht bekend was bij de accountantseenheid, dient de opdrachtpartner deze informatie onmiddellijk te communiceren aan de accountantseenheid, zodat deze en de opdrachtpartner de benodigde actie kunnen ondernemen.
24
De accountant dient de voorwaarden van de opdracht overeen te komen met de opdrachtgever en de overeengekomen voorwaarden van de opdracht vast te leggen in een opdrachtbevestiging of een andere geschikte schriftelijke overeenkomst. Deze voorwaarden dienen het volgende te omvatten: (Zie Par. A39 en A40)
identificatie van het onderzoeksobject (de onderzoeksobjecten) waarop de overeengekomen specifieke werkzaamheden zullen worden uitgevoerd;
de doelstelling van de opdracht en de beoogde gebruikers van het rapport inzake overeengekomen specifieke werkzaamheden zoals geïdentificeerd door de opdrachtgever en een vermelding dat het rapport inzake overeengekomen specifieke werkzaamheden mogelijk niet geschikt is voor een ander doel; Zie Par. A53, A53A en A54)
een vermelding:
indien van toepassing, van de verantwoordelijke partij, zoals geïdentificeerd door de opdrachtgever; en
dat de verantwoordelijke partij verantwoordelijk is voor het onderzoeksobject waarop de overeengekomen specifieke werkzaamheden worden uitgevoerd;
erkenning van de relevante ethische voorschriften waaraan de accountant zal voldoen bij het uitvoeren van de opdracht;
een vermelding of van de accountant is vereist om de onafhankelijkheidsvoorschriften na te leven en zo ja, de aanduiding van de relevante onafhankelijkheidsvoorschriften; (Zie Par. A37 en A38)
de aard van de opdracht, met inbegrip van de vermeldingen dat:
een opdracht tot het verrichten van overeengekomen specifieke werkzaamheden inhoudt dat de accountant de specifieke werkzaamheden verricht die zijn overeen gekomen met de opdrachtgever (en indien relevant, andere partijen) en bevindingen rapporteert; (Zie Par. A10)
bevindingen de feitelijke uitkomsten zijn van de uitgevoerde overeengekomen specifieke werkzaamheden; en
een opdracht tot het verrichten van overeengekomen specifieke werkzaamheden geen assurance-opdracht is en de accountant dan ook geen oordeel of assurance-conclusie tot uitdrukking brengt;
erkenning door de opdrachtgever (en indien relevant, andere partijen) dat de overeengekomen specifieke werkzaamheden geschikt zijn voor het doel van de opdracht; (Zie Par. A10)
identificeren van de geadresseerde van het rapport inzake overeengekomen specifieke werkzaamheden;
de aard, timing en omvang van de te uit te voeren werkzaamheden, beschreven in termen die duidelijk, niet misleidend en niet vatbaar zijn voor verschillende interpretaties; en (Zie Par. A41 en A42);
een verwijzing naar de verwachte vorm en inhoud van een rapport inzake overeengekomen specifieke werkzaamheden;
een vermelding dat van de opdrachtgever en andere beoogde gebruikers wordt verwacht dat zij een eigen afweging maken van de overeengekomen specifieke werkzaamheden en bevindingen die door de accountant worden gerapporteerd en hun eigen conclusies trekken uit de door de accountant uitgevoerde werkzaamheden.
25
Indien de overeengekomen specifieke werkzaamheden gedurende de opdracht worden gewijzigd, dient de accountant met de opdrachtgever de gewijzigde opdrachtvoorwaarden overeen te komen waarin de gewijzigde werkzaamheden zijn verwerkt. (Zie Par. A43)
26
Bij doorlopende opdrachten dient de accountant te evalueren of de omstandigheden, waaronder veranderingen in de oordeelsvormingen van de accountantseenheid over de opdrachtaanvaarding of -continuering, vereisen dat de opdrachtvoorwaarden worden herzien en of het nodig is om de opdrachtgever te herinneren aan de bestaande opdrachtvoorwaarden. (Zie Par. A44)
27
De accountant dient de specifieke werkzaamheden uit te voeren zoals is overeengekomen in de opdrachtvoorwaarden.
28
De accountant dient te overwegen of de accountant schriftelijke bevestigingen zal vragen. (Zie Par. A45)
29
Indien de accountant gebruik maakt van de werkzaamheden van een door de accountant ingeschakelde deskundige, dient de accountant: (Zie Par. A46, A47 en A50)
de competentie, bekwaamheid en objectiviteit van de door de accountant ingeschakelde deskundige te evalueren;
met de door de accountant ingeschakelde deskundige overeenstemming te bereiken over de aard, reikwijdte en doelstellingen van de werkzaamheden van die deskundige; (Zie: Par. A48 en A49)
vast te stellen of de aard, timing en de omvang van de door de accountant ingeschakelde deskundige uitgevoerde werkzaamheden overeenstemmen met de met de deskundige overeengekomen werkzaamheden; en
vast te stellen of de bevindingen een adequate beschrijving vormen van de resultaten van de verrichte werkzaamheden, rekening houdend met de verrichte werkzaamheden van de door de accountant ingeschakelde deskundige.
30
Het rapport inzake overeengekomen specifieke werkzaamheden dient schriftelijk te zijn en het volgende te bevatten: (Zie Par. A51)
een opschrift waaruit duidelijk blijkt dat het een rapport inzake overeengekomen specifieke werkzaamheden betreft;
een geadresseerde zoals vermeld in de opdrachtvoorwaarden;
een identificatie van het onderzoeksobject waarop de overeengekomen specifieke werkzaamheden zijn uitgevoerd; (Zie Par. A52)
een beschrijving van het doel van het rapport inzake overeengekomen specifieke werkzaamheden en een vermelding dat het rapport inzake overeengekomen specifieke werkzaamheden mogelijk niet geschikt is voor een ander doel; (Zie Par. A53, A53A en A54)
een beschrijving van de opdracht tot het verrichten van overeengekomen specifieke werkzaamheden waarin wordt vermeld dat:
de opdracht inhoudt dat de accountant de specifieke werkzaamheden verricht die zijn overeengekomen met de opdrachtgever (en indien relevant, andere partijen) en de bevindingen rapporteert; (Zie Par. A10)
bevindingen zijn de feitelijke uitkomsten van de uitgevoerde overeengekomen specifieke werkzaamheden; en
de opdrachtgever (en indien relevant, andere partijen) heeft erkend dat de overeengekomen specifieke werkzaamheden geschikt zijn voor het doel van de opdracht; (Zie Par. A10)
een vermelding:
indien van toepassing, van de verantwoordelijke partij, zoals geïdentificeerd door de opdrachtgever; en
dat verantwoordelijke partij verantwoordelijk is voor het onderzoeksobject waarop de overeengekomen specifieke werkzaamheden zijn uitgevoerd;
een vermelding dat de opdracht is uitgevoerd in overeenstemming met Standaard 4400;
een vermelding dat de accountant geen uitspraak doet over de geschiktheid van de overeengekomen specifieke werkzaamheden;
een vermelding dat de opdracht tot het verrichten van overeengekomen specifieke werkzaamheden geen assurance-opdracht is en dat de accountant dan ook geen oordeel of een assurance-conclusie tot uitdrukking brengt;
een vermelding dat, indien de accountant aanvullende werkzaamheden had uitgevoerd, mogelijk andere aangelegenheden onder de aandacht van de accountant zouden zijn gekomen die gerapporteerd zouden zijn;
een vermelding dat de accountant de Verordening gedrags- en beroepsregels accountants (VGBA) naleeft of andere professionele vereisten, of vereisten in wet- of regelgeving, die minstens zo veeleisend zijn;
met betrekking tot onafhankelijkheid:
indien van de accountant niet wordt vereist om onafhankelijk te zijn en verder niet in de opdrachtvoorwaarden is overeengekomen dat de accountant aan onafhankelijkheidsvoorschriften moet voldoen, een vermelding dat, voor het doel van de opdracht, er geen onafhankelijkheidsvoorschriften zijn die de accountant moet naleven; of
indien van de accountant vereist wordt om onafhankelijk te zijn of de accountant in de opdrachtvoorwaarden ermee heeft ingestemd om aan de onafhankelijkheidsvoorschriften te voldoen, een vermelding dat de accountant de relevante onafhankelijkheidsvoorschriften heeft nageleefd. De vermelding dient de relevante onafhankelijkheidsvoorschriften te identificeren;
een vermelding dat de accountantseenheid waarbij de accountant werkzaam is of waaraan deze verbonden is, de NVKM toepast, of andere professionele vereisten, of vereisten in wet- of regelgeving, die minstens zo veeleisend zijn als NVKM;
een beschrijving van de uitgevoerde werkzaamheden met vermelding van de aard en omvang, en indien van toepassing, de timing, van elke specifieke werkzaamheid zoals overeengekomen in de opdrachtvoorwaarden; (Zie Par. A55, A56 en A57)
de bevindingen van elke uitgevoerde werkzaamheid, inclusief details over de gevonden uitzonderingen; (Zie Par. A55 en A56)
de handtekening van de accountant;
de datum van het rapport inzake overeengekomen specifieke werkzaamheden; en
de naam van de plaats in het rechtsgebied waar de accountant kantoor houdt;
een vermelding dat van de opdrachtgever en andere beoogde gebruikers wordt verwacht dat zij een eigen afweging maken van de overeengekomen specifieke werkzaamheden en bevindingen die door de accountant zijn gerapporteerd en hun eigen conclusies trekken uit de door de accountant uitgevoerde werkzaamheden.
31
Indien de accountant in het rapport inzake overeengekomen specifieke werkzaamheden verwijst naar de werkzaamheden van een door de accountant ingeschakelde deskundige, dient de formulering in het rapport niet te impliceren dat de verantwoordelijkheid van de accountant wordt beperkt door de betrokkenheid van een deskundige. (Zie Par. A58)
32
Indien de accountant in het rapport inzake overeengekomen specifieke werkzaamheden een samenvatting van bevindingen verstrekt naast de beschrijving van bevindingen zoals vereist in paragraaf 30(o):
dient de samenvatting van de bevindingen te worden beschreven op een wijze die objectief is, in bewoordingen die duidelijk, niet misleidend en niet voor verschillende interpretaties vatbaar zijn; en
dient het rapport inzake overeengekomen specifieke werkzaamheden een vermelding te bevatten die aangeeft dat het lezen van de samenvatting geen vervanging is voor het lezen van het volledige rapport.
33
De accountant dient het rapport inzake overeengekomen specifieke werkzaamheden te dateren niet eerder dan de datum waarop de accountant de opdracht heeft voltooid en de bevindingen heeft vastgesteld overeenkomstig deze Standaard.
34
Het rapport inzake overeengekomen specifieke werkzaamheden dient duidelijk te worden onderscheiden van rapportages van andere opdrachten. (Zie Par. A59)
35
De accountant dient het volgende in de opdrachtdocumentatie op te nemen: (Zie Par. A60)
de schriftelijke opdrachtvoorwaarden en, indien van toepassing, de overeenstemming met de opdrachtgever over wijzigingen in de werkzaamheden;
de aard, timing en omvang van de uitgevoerde overeengekomen specifieke werkzaamheden; en
de bevindingen die voortvloeien uit de uitgevoerde overeengekomen specifieke werkzaamheden.
(Zie Par. 2)
A1
De verwijzing naar ‘onderzoeksobjecten’ in deze Standaard omvat alles waarop overeengekomen specifieke werkzaamheden worden uitgevoerd, met inbegrip van informatie, documenten, metingen of naleving van wet- en regelgeving, voor zover relevant.
A2
Voorbeelden van financiële en niet-financiële onderzoeksobjecten waarop de opdracht kan worden uitgevoerd, zijn:
Financiële onderzoeksobjecten met betrekking tot:
Financiële overzichten van de entiteit of specifieke transactiestromen, rekeningsaldi of toelichtingen in de financiële overzichten.
Uitgaven in het kader van een subsidieprogramma.
Inkomsten voor het bepalen van royalty's, huur of franchisevergoedingen op basis van een percentage van de inkomsten.
Kapitaaltoereikendheidsratio’s voor toezichthoudende instanties.
Niet-financiële onderzoeksobjecten met betrekking tot:
Aantallen passagiers gemeld aan een burgerluchtvaart autoriteit.
Waarneming van vernietiging van nagemaakte of defecte goederen gemeld aan een toezichthoudende instantie.
Geautomatiseerde processen die worden gebruikt voor loterij trekkingen en gemeld aan een toezichthoudende instantie.
Omvang van de uitstoot van broeikasgassen gemeld aan een toezichthoudende instantie.
De bovenstaande lijst is niet uitputtend. Naarmate de vraag naar externe verslaggeving zich ontwikkelt, kunnen ook andere soorten onderzoeksobjecten aan de orde komen.
(Zie Par. 3)
A3
De NVKM behandelt de verantwoordelijkheden van de accountantseenheid om een kwaliteitsmanagementsysteem voor aan assurance verwante opdrachten, waaronder opdrachten tot het verrichten van overeengekomen specifieke werkzaamheden, op te zetten, te implementeren en in werking te houden. De NVKM behandelt ook de verantwoordelijkheid van de accountantseenheid om beleidslijnen of procedures vast te stellen voor het bepalen van opdrachten waarvoor een opdrachtgerichte kwaliteitsbeoordeling nodig is.1014Artikel 13(1) van de NVKM De NVKM behandelt ook de benoeming van de opdrachtgerichte kwaliteitsbeoordelaar, alsmede de uitvoering en de documentatie van de opdrachtgerichte kwaliteitsbeoordeling.
A4
Onder de in Nederland geldende wet- en regelgeving voor kwaliteitsmanagement is vereist dat de accountantseenheid een kwaliteitsmanagementsysteem voor aan assurance verwante opdrachten, waaronder opdrachten tot het verrichten van overeengekomen specifieke werkzaamheden, opzet, implementeert en in werking houdt dat aan de accountantseenheid een redelijke mate van zekerheid verschaft dat:
de accountantseenheid en het personeel hun verantwoordelijkheden vervullen in overeenstemming met professionele standaarden en aan de van toepassing zijnde vereisten vanuit wet- en regelgeving en opdrachten uitvoeren in overeenstemming met zulke standaarden en vereisten; en
de door de accountantseenheid of opdrachtpartners uitgebrachte opdrachtrapportages in de omstandigheden passend zijn.1015NVKM, artikel 4.
A5
Een rechtsgebied dat de NVKM niet heeft overgenomen met betrekking tot opdrachten tot het verrichten van overeengekomen specifieke werkzaamheden kan eisen hebben gesteld aan het kwaliteitsmanagement van accountantspraktijken die dergelijke opdrachten verrichten. De bepalingen in deze Standaard over kwaliteitsmanagement op het niveau van afzonderlijke opdrachten veronderstellen dat de betreffende vereisten op het gebied van kwaliteitsmanagement minstens zo veeleisend zijn als de vereisten uit de NVKM. Dit wordt bereikt wanneer deze vereisten de vereisten van de NVKM behandelen en de accountantseenheid verplichtingen opleggen om de doelstellingen van de NVKM te bereiken. Het kwaliteitsmanagementsysteem van de accountantseenheid kan betrekking hebben op de volgende acht componenten:
het proces van de accountantseenheid voor het inschatten van risico’s;
governance en leiderschap;
relevante ethische voorschriften;
aanvaarding en continuering van cliëntrelaties en specifieke opdrachten;
het uitvoeren van de opdracht;
middelen;
informatie en communicatie;
het monitorings- en herstelproces.
A6
Binnen de context van het kwaliteitsmanagementsysteem van de accountantseenheid hebben opdrachtteams een verantwoordelijkheid om beleidslijnen of procedures te implementeren die van toepassing zijn op de opdracht.
A7
Gewoonlijk mag het opdrachtteam vertrouwen op het kwaliteitsmanagementsysteem van de accountantseenheid, tenzij:
het inzicht of de praktische ervaring van het opdrachtteam erop wijst dat de beleidslijnen of procedures van de accountantseenheid de aard en de omstandigheden van de opdracht niet op effectieve wijze zullen ondervangen; of
informatie die is verschaft door de accountantseenheid of andere partijen, over de effectiviteit van dergelijke beleidslijnen of procedures het tegendeel doet veronderstellen.
Het opdrachtteam kan bijvoorbeeld vertrouwen op het kwaliteitsmanagementsysteem van de accountantseenheid met betrekking tot:
competentie en capaciteiten van personeel op grond van hun indienstneming en formele training;
het onderhouden van cliëntrelaties op grond van de beleidslijnen of procedures van de accountantseenheid voor aanvaarding en continuering van cliëntrelaties en opdrachten;
het naleven van door wet- en regelgeving gestelde vereisten door middel van het monitorings- en herstelproces van de accountantseenheid.
Bij het overwegen van tekortkomingen van het kwaliteitsmanagementsysteem die op de opdracht van invloed kunnen zijn, kan de opdrachtpartner rekening houden met herstelacties die de accountantseenheid heeft genomen om die tekortkomingen te rectificeren en die de opdrachtpartner in de context van die opdracht voldoende acht.
A8
Een tekortkoming in het kwaliteitsmanagementsysteem van de accountantseenheid wijst er niet noodzakelijkerwijs op dat:
een opdracht niet in overeenstemming met de professionele standaarden en van toepassing zijnde door wet- en regelgeving gestelde eisen was uitgevoerd; of
het rapport inzake overeengekomen specifieke werkzaamheden niet passend was.
(Zie Par. 11)
A9
n.v.t. (betreft overgangsbepalingen in de NV COS)
(Zie Par. 13(a), 13(b), 13(d), 13(g), 24(f)(i), 24(g), 30(e)(i), 30(e)(iii))
A10
In bepaalde omstandigheden kunnen de specifieke werkzaamheden worden overeengekomen met de beoogde gebruikers, naast de opdrachtgever. Andere beoogde gebruikers dan de opdrachtgever, kunnen ook de geschiktheid van de werkzaamheden erkennen.
Deze handelingen kunnen soms ook een verplicht karakter hebben. Als de opdrachtgever namelijk geen beoogde gebruiker is of de vertegenwoordiger van de beoogde gebruiker(s) is, dan moet de accountant een of meer aanvullende maatregelen nemen in het kader van de opdrachtaanvaarding- en continuering. (Zie Par. 22A)
A11
De opdrachtgever kan, onder verschillende omstandigheden, de verantwoordelijke partij, een regelgever of een andere beoogde gebruiker zijn. Verwijzingen naar de opdrachtgever in deze Standaard omvatten, indien relevant, meerdere opdrachtgevers.
(Zie Par. 13(f))
A12
Bevindingen zijn geschikt om objectief te worden geverifieerd, hetgeen betekent dat verschillende accountants die dezelfde werkzaamheden verrichten, geacht worden tot gelijkwaardige resultaten te komen. Bevindingen sluiten het tot uitdrukking brengen van een oordeel of van een conclusie uit, evenals eventuele aanbevelingen die de accountant kan doen.
A13
Accountants kunnen de term ‘feitelijke bevindingen’ gebruiken in plaats van ‘bevindingen’, bijvoorbeeld wanneer de accountant bezorgd is dat de term ‘bevindingen’ verkeerd geïnterpreteerd kan worden. Dit kan het geval zijn in rechtsgebieden of talen waar de term ‘bevindingen’ kan worden opgevat als resultaten die niet feitelijk zijn.
(Zie Par. 17)
A14
Van een accountant die een opdracht tot het verrichten van overeengekomen specifieke werkzaamheden uitvoert, wordt vereist om de relevante ethische voorschriften na te leven. Deze betreffen de Verordening gedrags- en beroepsregels accountants (VGBA) en indien van toepassing deVerordening inzake de onafhankelijkheid van accountants bij assurance-opdrachten (ViO), samen met nationale vereisten die stringenter zijn. De VGBA schrijft voor dat accountants de fundamentele beginselen in acht moeten nemen, waaronder objectiviteit, hetgeen inhoudt dat accountants hun professionele of zakelijke oordeelsvorming niet in gevaar mogen brengen als gevolg van een tendentie (bias), belangenverstrengeling of ongepaste beïnvloeding door anderen. De relevante ethische voorschriften waaraan de accountant is onderworpen vereisen dus minimaal dat de accountant objectief is bij het verrichten van een opdracht tot het verrichten van overeengekomen specifieke werkzaamheden.
A15
De ViO bevat geen onafhankelijkheidsvoorschriften voor de uitvoering van opdrachten tot het verrichten van overeengekomen specifieke werkzaamheden. Nationale ethische voorschriften, wet- of regelgeving, andere beroepsvereisten, of voorwaarden van een contract, programma of regeling met betrekking tot het onderzoeksobject van de opdracht tot het verrichten van overeengekomen specifieke werkzaamheden kunnen evenwel vereisten inzake onafhankelijkheid bevatten.
A16
Wet- en regelgeving of relevante ethische voorschriften kunnen:
van de accountant vereisen om geïdentificeerde of vermoede niet-naleving van wet- en regelgeving te rapporteren aan een bevoegde instantie buiten de entiteit;
verantwoordelijkheden vaststellen die maken dat rapporteren aan een bevoegde instantie buiten de entiteit in de gegeven omstandigheden passend kan zijn.1017Zie NV NOCLAR.
A17
Het rapporteren van geïdentificeerde of vermoede niet-naleving van wet- en regelgeving aan een bevoegde instantie buiten de entiteit kan vereist worden of passend zijn in de omstandigheden omdat:
wet- en regelgeving of relevante ethische voorschriften van de accountant vereisen om te rapporteren;
de accountant bepaald heeft dat rapporteren een passende actie is om in te spelen op geïdentificeerde of vermoede niet-naleving in overeenstemming met relevante ethische voorschriften: of
wet- en regelgeving of relevante ethische voorschriften de accountant het recht verschaffen om dit te doen.
A18
Van de accountant wordt niet verwacht om een bepaald begrip van wet- en regelgeving te hebben dat verder gaat dan wat nodig is om de opdracht te verrichten. Echter, wet- en regelgeving of relevante ethische voorschriften kunnen verwachten dat de accountant kennis, professionele oordeelsvorming en deskundigheid toepast bij het inspelen op niet-naleving van wet- en regelgeving. Of een handeling een daadwerkelijk geval van niet-naleving van wet- en regelgeving inhoudt is uiteindelijk een zaak die moet worden bepaald door een rechtbank of een andere bevoegde gerechtelijke instantie.
A19
In bepaalde omstandigheden kan het rapporteren van geïdentificeerde of vermoede gevallen van niet-naleving van wet- en regelgeving aan een bevoegde instantie buiten de entiteit worden uitgesloten door de geheimhoudingsplicht van de accountant uit hoofde van wet- en regelgeving of relevante ethische voorschriften. In andere gevallen zou het rapporteren van gevallen of vermoede gevallen van niet-naleving aan een bevoegde instantie buiten de entiteit niet worden beschouwd als een schending van de geheimhoudingsplicht uit hoofde van de relevante ethische voorschriften.1018In de Nederlandse context wordt de accountant op grond van artikel 16 van de VGBA in een aantal situaties ontslagen van de geheimhoudingsplicht. Dit betreft onder meer de situatie dat de accountant bij wet verplicht of bevoegd is om vertrouwelijke informatie en gegevens te verstrekken aan een bevoegde instantie buiten de entiteit.
A20
De accountant kan overwegen om intern te consulteren (bijvoorbeeld binnen de accountantseenheid of een netwerkonderdeel), juridisch advies in te winnen om de professionele of juridische implicaties van het ondernemen van een bepaalde actie te begrijpen of op een vertrouwelijke basis te consulteren met een regelgever of toezichthouder of beroepsorganisatie (tenzij dit op grond van wet- of regelgeving verboden is of de geheimhoudingsplicht zou schenden).1019Zie VGBA artikel 16.
(Zie Par. 18)
A21
Professionele oordeelsvorming wordt uitgeoefend bij het toepassen van de vereisten van deze Standaard en de relevante ethische voorschriften en bij het nemen van weloverwogen beslissingen over de te ondernemen acties die gedurende de opdracht passend zijn.
A22
Bij het aanvaarden van, uitvoeren van en het rapporteren over de opdracht wordt professionele oordeelsvorming toegepast, bijvoorbeeld bij:
Het aanvaarden van de opdracht
Het bespreken en overeenkomen met de opdrachtgever (en indien relevant, andere partijen) van de aard, timing en omvang van de te verrichten werkzaamheden (rekening houdend met het doel van de opdracht).
Het bepalen of aan de voorwaarden voor opdrachtaanvaarding en -continuering is voldaan.
Het bepalen van de middelen die nodig zijn om de werkzaamheden te verrichten zoals is overeengekomen in de opdrachtvoorwaarden, met inbegrip van de noodzaak om een beroep te doen op een door de accountant ingeschakelde deskundige.
Het bepalen van passende acties indien de accountant zich bewust wordt van feiten of omstandigheden die suggereren dat de werkzaamheden waarmee de accountant wordt gevraagd in te stemmen, niet geschikt zijn voor het doel van de opdracht.
Het uitvoeren van de opdracht
Het bepalen van passende acties of reacties indien, tijdens het verrichten van de overeengekomen specifieke werkzaamheden, de accountant kennis krijgt van:
aangelegenheden die kunnen wijzen op fraude of op een geval van niet-naleving of vermoede niet-naleving van wet- of regelgeving;
andere aangelegenheden die twijfel doen rijzen over de integriteit van de informatie die relevant is voor de overeengekomen specifieke werkzaamheden of die erop wijzen dat de informatie misleidend kan zijn;
werkzaamheden die niet kunnen worden uitgevoerd zoals zijn overeengekomen.
Rapporteren over de opdracht
Het op een objectieve wijze en voldoende gedetailleerd beschrijven van de bevindingen, ook wanneer er uitzonderingen zijn gevonden.
A23
Bij het uitvoeren van de opdracht is de noodzaak voor de accountant om professionele oordeelsvorming uit te oefenen beperkt bij het verrichten van de overeengekomen specifieke werkzaamheden, onder meer om de volgende redenen:
De opdracht omvat het uitvoeren van de specifieke werkzaamheden die zijn overeengekomen door de accountant en de opdrachtgever, waarbij de opdrachtgever heeft erkend dat de uit te voeren werkzaamheden geschikt zijn voor het doel van de opdracht.
De overeengekomen specifieke werkzaamheden en de bevindingen die voortvloeien uit het verrichten van deze werkzaamheden zijn geschikt om objectief te worden beschreven, in bewoordingen die duidelijk, niet misleidend en niet voor verschillende interpretaties vatbaar zijn.
De bevindingen zijn geschikt om objectief te worden geverifieerd, wat betekent dat van verschillende accountants die dezelfde werkzaamheden verrichten wordt verwacht dat ze tot gelijkwaardige resultaten komen.
(Zie Par. 19 en 20)
A24
Bij het nemen van de algehele verantwoordelijkheid voor het managen en bereiken van kwaliteit van iedere opdracht, wordt door de handelingen van de opdrachtpartner en passende signalen aan de andere leden van het opdrachtteam het belang van het bereiken van kwaliteit van de opdracht benadrukt door het volgende:
het uitvoeren van werkzaamheden die voldoen aan professionele standaarden en door wet- en regelgeving gestelde eisen;
het naleven van de van toepassing zijnde beleidslijnen of procedures van de accountantseenheid voor zover van toepassing; en
het uitbrengen van het rapport van de accountant in overeenstemming met deze Standaard.
A25
De NVKM vereist van de accountantseenheid om een kwaliteitssysteem vast te stellen dat betrekking heeft op de geschiktheid van de oordeelsvormingen over het aanvaarden of continueren van een cliëntrelatie of opdracht op basis van informatie die is verkregen over de aard en omstandigheden van de opdracht tot het verrichten van overeengekomen specifieke werkzaamheden en de integriteit en ethische waarden van de cliënt (met inbegrip van het management, en, indien van toepassing, de met governance belaste personen) die voldoende is om zulke oordeelsvormingen te ondersteunen. Indien de opdrachtpartner redenen heeft om de integriteit van het management in zodanige mate in twijfel te trekken dat dit waarschijnlijk een goede uitvoering van de opdracht zal beïnvloeden, kan het niet passend zijn om de opdracht te aanvaarden.
A26
In de NVKM is opgenomen dat de accountantseenheid ervoor verantwoordelijk is een kwaliteitssysteem dat betrekking heeft op de naleving van de verantwoordelijkheden in verband met de relevante ethische voorschriften vast te stellen. In deze Standaard zijn de verantwoordelijkheden van de opdrachtpartner met betrekking tot de naleving van relevante ethische voorschriften door het opdrachtteam uiteengezet.1020Artikel 4 en artikel 12 van de NVKM
A27
Indien de accountant niet in staat is om aan het vereiste in paragraaf 20 te voldoen, kan het passend zijn om met de opdrachtgever overeen te komen om de reikwijdte van de opdracht te beperken tot werkzaamheden waarvoor de accountant op passende wijze de verantwoordelijkheid kan nemen. De opdrachtgever kan afzonderlijk een deskundige inschakelen om de overige werkzaamheden uit te voeren.
(Zie Par. 21, 22 en 23)
A28
Bij het verwerven van inzicht in het doel van de opdracht, kan de accountant zich bewust worden van aanwijzingen dat de werkzaamheden die de accountant gevraagd wordt uit te voeren niet geschikt zijn voor het doel van de opdracht. De accountant kan zich bijvoorbeeld bewust zijn van feiten of omstandigheden die erop wijzen dat:
de werkzaamheden geselecteerd zijn op een manier die bedoeld is om de besluitvorming van de beoogde gebruikers te beïnvloeden;
het onderzoeksobject waarop de overeengekomen specifieke werkzaamheden worden verricht onbetrouwbaar is;
een assurance-opdracht of een adviesdienst beter kan voldoen aan de behoeften van de opdrachtgever of andere beoogde gebruikers.
A29
De accountant kan de uit te voeren werkzaamheden bespreken met de beoogde gebruiker(s) of de vertegenwoordiger(s) daarvan om inzicht te krijgen in de doelstelling van de opdracht en de verwachte werkzaamheden.
A29A
De accountant kan de uit te voeren werkzaamheden vergelijken met een toereikende vastlegging daarover van de beoogde gebruiker(s) of de vertegenwoordiger(s) daarvan, bijvoorbeeld in de vorm van wet- en regelgeving, een accountantsprotocol of correspondentie. (Zie Par. 22A , onderdeel c)
A30
Indien niet aan de voorwaarden in de paragrafen 21, 22 en 22A is voldaan, is het onwaarschijnlijk dat een opdracht tot het verrichten van overeengekomen specifieke werkzaamheden kan voldoen aan de behoeften van de opdrachtgever of van andere beoogde gebruikers. In dergelijke omstandigheden kan de accountant andere diensten voorstellen, zoals een assurance-opdracht, die meer geschikt kunnen zijn.
A31
Alle voorwaarden in de paragrafen 21, 22 en 22A zijn ook van toepassing op werkzaamheden die in de loop van de opdracht zijn toegevoegd of gewijzigd.
(Zie Par. 22(c))
A31A
In bijlage 2 zijn voorbeelden opgenomen van beschrijvingen van overeengekomen specifieke werkzaamheden en bevindingen.
A32
De werkzaamheden die tijdens de opdracht moeten worden uitgevoerd, kunnen door wet- en regelgeving zijn voorgeschreven. In sommige omstandigheden kan wet- en regelgeving ook voorschrijven hoe de werkzaamheden of bevindingen moeten worden beschreven in het rapport inzake overeengekomen specifieke werkzaamheden. Zoals uiteengezet in paragraaf 22(c), is een voorwaarde voor het aanvaarden van een opdracht dat de accountant heeft vastgesteld dat de overeengekomen specifieke werkzaamheden en de bevindingen objectief kunnen worden beschreven, in bewoordingen die duidelijk, niet misleidend en niet voor verschillende interpretaties vatbaar zijn.
A33
De overeengekomen specifieke werkzaamheden worden objectief beschreven, in bewoordingen die duidelijk, niet misleidend en niet voor verschillende interpretaties vatbaar zijn. Dit betekent dat zij voldoende specifiek worden beschreven zodat de beoogde gebruiker de aard en de omvang en, indien van toepassing, de timing van de uitgevoerde werkzaamheden kan begrijpen. Het is belangrijk te erkennen dat elke term mogelijk op een onduidelijke of misleidende manier kan worden gebruikt, afhankelijk van de context of van het ontbreken daarvan. Ervan uitgaande dat de termen passend zijn in de context waarin ze worden gebruikt, zijn voorbeelden van beschrijvingen van activiteiten die aanvaardbaar kunnen zijn:
bevestigen;
vergelijken;
overeenkomen;
traceren;
inspecteren;
verzoeken om inlichtingen;
herberekenen;
waarnemen.
A34
Termen die onduidelijk, misleidend of voor verschillende interpretaties vatbaar kunnen zijn, afhankelijk van de context waarin ze worden gebruikt, zijn bijvoorbeeld:
termen die onder de standaarden worden geassocieerd met assurance, zoals ‘geeft een getrouwe weergave’ of ‘getrouw beeld’, ‘controle’, ’beoordeling’, ‘zekerheid’, ‘oordeel’, of ‘conclusie’;
termen die het tot uitdrukking brengen van een oordeel of van een conclusie impliceren, zoals ‘wij certificeren, ‘wij verifiëren’, ‘wij hebben vastgesteld’ met betrekking tot de bevindingen;
onduidelijke of vage formuleringen zoals ‘wij hebben alle toelichtingen ontvangen en alle werkzaamheden uitgevoerd die wij nodig achtten’;
termen die voor verschillende interpretaties vatbaar zijn, zoals ‘materieel’ of ‘significant’;
onnauwkeurige omschrijvingen van werkzaamheden zoals ‘bespreken’, ‘evalueren’, ‘testen’, ‘analyseren’ of ‘onderzoeken’ zonder de aard en omvang, en indien van toepassing, de timing, van de uit te voeren werkzaamheden te specificeren. Het gebruik van het woord ‘bespreken’ kan bijvoorbeeld onnauwkeurig zijn zonder te specificeren met wie de bespreking is gehouden of welke specifieke vragen zijn gesteld;
termen die suggereren dat de bevindingen geen feitelijke resultaten weergeven, zoals ‘naar onze mening’, ‘vanuit ons perspectief’ of ‘wij nemen het standpunt in dat’.
A35
Bijvoorbeeld een werkzaamheid zoals ‘het beoordelen van de kostenallocatie om te bepalen of deze redelijk is’ voldoet waarschijnlijk niet aan de voorwaarde dat de bewoordingen duidelijk, niet misleidend of niet voor verschillende interpretaties vatbaar zijn, omdat:
de term ‘beoordelen’ door sommige gebruikers verkeerd kan worden geïnterpreteerd namelijk dat de kostenallocatie het onderwerp was van een assurance-opdracht met een beperkte mate van zekerheid, ook al is een dergelijke zekerheid niet bedoeld op grond van de werkzaamheden;
de term ‘redelijk’ is onderhevig aan verschillende interpretaties met betrekking tot wat ‘redelijk’ is.
A36
In omstandigheden waarin wet- en regelgeving een werkzaamheid specificeert of beschrijft in termen die onduidelijk, misleidend of voor verschillende interpretaties vatbaar zijn, kan de accountant voldoen aan de voorwaarde in paragraaf 22(c) door bijvoorbeeld de opdrachtgever te verzoeken om:
de werkzaamheid of de beschrijving van de werkzaamheid aan te passen, zodat deze niet langer onduidelijk, misleidend of voor verschillende interpretaties vatbaar is;
een definitie van de betreffende term uit te werken die de accountant opneemt in het rapport inzake overeengekomen specifieke werkzaamheden, als de werkzaamheid of de beschrijving van de werkzaamheid niet kan worden aangepast.
(Zie Par. 22(e), 24(e))
A37
Paragraaf 22(e) is van toepassing wanneer de accountant verplicht is de onafhankelijkheidsvoorschriften na te leven om redenen zoals bijvoorbeeld in paragraaf A15 zijn uiteengezet. Paragraaf 22(e) is ook van toepassing wanneer de accountant met de opdrachtgever in de opdrachtvoorwaarden overeenkomt om aan de onafhankelijkheidsvoorschriften te voldoen. De accountant kan bijvoorbeeld aanvankelijk hebben vastgesteld dat de accountant op grond van relevante ethische voorschriften, wet- en regelgeving, of om andere redenen niet verplicht is de onafhankelijkheidsvoorschriften na te leven. Echter bij het overwegen van de aanvaarding en continuering van de opdracht of het overeenkomen van de opdrachtvoorwaarden, kan kennis van de accountant van de volgende zaken aanleiding zijn voor een overleg met de opdrachtgever over de vraag of de naleving van bepaalde geïdentificeerde onafhankelijkheidsvoorschriften gepast is voor het doel van de opdracht:
de doelstelling van de opdracht tot het verrichten van overeengekomen specifieke werkzaamheden;
de identiteit van de opdrachtgever, andere beoogde gebruikers en de verantwoordelijke partij (indien verschillend van de opdrachtgever);
de aard, timing en omvang van de uit te voeren werkzaamheden; of
andere opdrachten die de accountant verricht of heeft verrichten voor de opdrachtgever, andere beoogde gebruikers of de verantwoordelijke partij (indien verschillend van de opdrachtgever).
A38
De controlerend accountant van de financiële overzichten van de opdrachtgever (of van de verantwoordelijke partij indien deze verschilt van de opdrachtgever) kan ook worden ingeschakeld voor een opdracht tot het verrichten van overeengekomen specifieke werkzaamheden. In een dergelijke situatie zouden de beoogde gebruikers van het rapport inzake overeengekomen specifieke werkzaamheden kunnen veronderstellen dat de accountant onafhankelijk is voor het doel van de opdracht tot het verrichten van overeengekomen specifieke werkzaamheden. De accountant kan derhalve met de opdrachtgever overeenkomen dat naleving van de onafhankelijkheidsvoorschriften, die van toepassing zijn op controles van financiële overzichten, passend is voor het doel van de opdracht tot het verrichten van overeengekomen specifieke werkzaamheden. In een dergelijk geval wordt in de opdrachtvoorwaarden een vermelding opgenomen dat van de accountant wordt vereist om te voldoen aan de onafhankelijkheidsvoorschriften, in overeenstemming met paragraaf 24(e).
(Zie Par. 24 en 25)
A39
Indien relevant kunnen aanvullende zaken worden opgenomen in de opdrachtbevestiging, bijvoorbeeld:
afspraken met betrekking tot de betrokkenheid van een door de accountant ingeschakelde deskundige bij sommige aspecten van de opdracht;
eventuele beperkingen in het gebruik of de verspreiding van het rapport inzake overeengekomen specifieke werkzaamheden.
A40
Voor voorbeeldteksten van een opdrachtbevestiging voor een opdracht tot het verrichten van overeengekomen specifieke werkzaamheden wordt verwezen naar NBA-voorbeeldteksten op www.nba.nl/Voorbeeldteksten.
A41
De accountant kan met de opdrachtgever overeenkomen dat de uit te voeren werkzaamheden grenswaarden voor het bepalen van uitzonderingen zullen omvatten. Indien dit het geval is, worden deze grenswaarden opgenomen in de beschrijvingen van de werkzaamheden in de opdrachtvoorwaarden.
A42
In bepaalde omstandigheden kan wet- en regelgeving slechts de aard van de uit te voeren werkzaamheden voorschrijven. In dergelijke omstandigheden komt de accountant, overeenkomstig paragraaf 24(i), de timing en de omvang van de uit te voeren werkzaamheden overeen met de opdrachtgever, zodat de opdrachtgever een basis heeft om te erkennen dat de uit te voeren werkzaamheden geschikt zijn voor het doel van de opdracht.
A43
In bepaalde omstandigheden vinden het overeenkomen van de opdrachtvoorwaarden en het verrichten van de overeengekomen specifieke werkzaamheden volgtijdelijk plaats. In andere omstandigheden is het overeenkomen van de opdrachtvoorwaarden en het verrichten van de overeengekomen specifieke werkzaamheden een iteratief proces, waarbij wijzigingen in de specifieke werkzaamheden worden overeengekomen naarmate de opdracht vordert door in te spelen op nieuwe informatie. Indien specifieke werkzaamheden die eerder zijn overeengekomen, moeten worden gewijzigd, vereist paragraaf 25 dat de accountant de gewijzigde opdrachtvoorwaarden overeenkomt met de opdrachtgever. De gewijzigde opdrachtvoorwaarden kunnen bijvoorbeeld de vorm aannemen van een bijgewerkte opdrachtbevestiging, een addendum bij een bestaande opdrachtbevestiging, of een andere vorm van schriftelijke erkenning.
(Zie Par. 26)
A44
De accountant kan beslissen om geen nieuwe opdrachtbevestiging of andere schriftelijke overeenkomst te sturen voor een doorlopende opdracht. De volgende factoren kunnen er echter op duiden dat het passend is om de opdrachtvoorwaarden te herzien, of om de opdrachtgever te herinneren aan de bestaande opdrachtvoorwaarden:
elke indicatie dat de opdrachtgever het doel van de opdracht dan wel de aard, timing of omvang van de overeengekomen specifieke werkzaamheden verkeerd begrijpt;
elke herziene of bijzondere opdrachtvoorwaarde, met inbegrip van wijzigingen in de eerder overeengekomen specifieke werkzaamheden;
een wijziging in door wet- en regelgeving gestelde eisen of contractuele vereisten die invloed hebben op de opdracht;
een wijziging in het management of de met governance belaste personen van de opdrachtgever.
(Zie Par. 28)
A45
De accountant kan besluiten om schriftelijke bevestigingen te vragen in bepaalde omstandigheden, bijvoorbeeld:
Als de overeengekomen specifieke werkzaamheden betrekking hebben op verzoeken tot inlichtingen kan de accountant om schriftelijke bevestigingen verzoeken over de antwoorden die mondeling zijn gegeven.
Indien de opdrachtgever niet de verantwoordelijke partij is, kan de accountant met de opdrachtgever overeenkomen om, bij wijze van een overeengekomen specifieke werkzaamheid, de verantwoordelijke partij om schriftelijke bevestigingen te verzoeken.
(Zie Par. 29)
A46
Gebruikmaken van de werkzaamheden van een door de accountant ingeschakelde deskundige kan inhouden dat een deskundige wordt betrokken om de accountant bij te staan in:
Het bespreken met de opdrachtgever van de uit te voeren overeengekomen specifieke werkzaamheden. Bijvoorbeeld: een advocaat kan de accountant suggesties geven over het opzetten van de werkzaamheden gericht op juridische aspecten van een contract; of
Het verrichten van één of meer van de overeengekomen specifieke werkzaamheid(heden). Bijvoorbeeld een chemicus kan één van de overeengekomen specifieke werkzaamheden uitvoeren, zoals het bepalen van de toxinegehaltes in een graanmonster.
A47
Een door de accountant ingeschakelde deskundige kan een externe deskundige zijn die door de accountant wordt ingehuurd, of een interne deskundige die deel uitmaakt van de accountantseenheid en derhalve onderworpen is aan het kwaliteitsmanagementsysteem van de accountantseenheid. De accountant mag vertrouwen op het kwaliteitsmanagementsysteem van de accountantseenheid, tenzij:
het inzicht of de praktische ervaring van de accountant erop wijst dat de beleidslijnen of procedures van de accountantseenheid de aard en de omstandigheden van de opdracht niet op effectieve wijze zullen ondervangen;
informatie die is verschaft door de accountantseenheid of andere partijen, over de effectiviteit van dergelijke beleidslijnen of procedures het tegendeel doet veronderstellen.
De mate waarin de accountant kan vertrouwen op het kwaliteitsmanagementsysteem van de accountantseenheid zal variëren naar gelang de omstandigheden en kan van invloed zijn op de aard, timing en omvang van de werkzaamheden van de accountant met betrekking tot aangelegenheden zoals:
Competentie en capaciteiten op grond van indienstneming en trainingsprogramma’s.
De evaluatie door de accountant van de objectiviteit van de ingeschakelde deskundige.
Overeenstemming met de door de accountant ingeschakelde deskundige.
Een dergelijk vertrouwen op het kwaliteitsmanagementsysteem vermindert de verantwoordelijkheid van de accountant niet om te voldoen aan de vereisten van deze Standaard.
A48
Indien de door de accountant ingeschakelde deskundige één of meer van de overeengekomen specifieke werkzaamheid(heden) verricht, omvat de overeenkomst over de aard, reikwijdte en doelstellingen van de werkzaamheden van die deskundige, zoals vereist op grond van paragraaf 29(b), de aard, timing en omvang van de werkzaamheid(heden) die door de accountant ingeschakelde deskundige zal (zullen) worden uitgevoerd. Naast de aangelegenheden die vereist zijn op grond van paragraaf 29(b), kan het passend zijn dat de overeenkomst met de door de accountant ingeschakelde deskundige onder meer de volgende aangelegenheden omvat:
de respectievelijke rollen en verantwoordelijkheden van de accountant en die van de deskundige;
de aard, timing en omvang van de communicatie tussen de accountant en de deskundige, met inbegrip van de vorm van elk rapport dat door die deskundige moet worden verstrekt; en
de noodzaak voor de door de accountant ingeschakelde deskundige om vertrouwelijkheidsvereisten in acht te nemen.
A49
De aangelegenheden die in paragraaf A47 worden genoemd kunnen van invloed zijn op de mate van detaillering en formaliteit van de overeenkomst tussen de accountant en de door de accountant ingeschakelde deskundige, met inbegrip van de vraag of het passend is dat de overeenkomst schriftelijk zal zijn. De overeenkomst tussen de accountant en de door de accountant ingeschakelde externe deskundige is vaak in de vorm van een opdrachtbevestiging.
A50
Wanneer de werkzaamheden van een door de accountant ingeschakelde deskundige worden gebruikt, kan het passend zijn sommige van de in paragraaf 29 vereiste werkzaamheden uit te voeren in het stadium van de aanvaarding of continuering van de opdracht.
(Zie Par. 30, 31, 32 en 33)
A51
Voor voorbeeldteksten van een rapport inzake overeengekomen specifieke werkzaamheden wordt verwezen naar NBA-voorbeeldteksten op www.nba.nl/Voorbeeldteksten
(Zie Par. 30(c))
A52
Indien van toepassing, om misverstanden te voorkomen, kan de accountant duidelijk wensen te maken dat het rapport inzake overeengekomen specifieke werkzaamheden geen informatie bevat die verder gaat dan de onderzoeksobjecten waarop de overeengekomen specifieke werkzaamheden zijn uitgevoerd. Als de accountant bijvoorbeeld de opdracht heeft gekregen om overeengekomen specifieke werkzaamheden uit te voeren voor de debiteuren- en voorraadposten van een entiteit, kan de accountant een vermelding opnemen dat het rapport inzake overeengekomen specifieke werkzaamheden enkel betrekking heeft op deze posten en niet op de financiële overzichten van de entiteit als geheel.
(Zie Par. 30(d))
A53
Naast de op grond van paragraaf 30(d) vereiste vermelding, kan de accountant het passend vinden om aan te geven dat het rapport inzake overeengekomen specifieke werkzaamheden uitsluitend bedoeld is voor de opdrachtgever en de beoogde gebruikers. Afhankelijk van de wet- en regelgeving van het betrokken rechtsgebied kan dit worden bereikt door een beperking van de verspreidingskring of het gebruik van het rapport inzake overeengekomen specifieke werkzaamheden. In sommige rechtsgebieden kan het mogelijk zijn om het gebruik van het rapport inzake overeengekomen specifieke werkzaamheden te beperken, maar niet de verspreidingskring. In andere rechtsgebieden kan het mogelijk zijn om de verspreidingskring van het rapport inzake overeengekomen specifieke werkzaamheden te beperken, maar niet het gebruik.
A53A
Specifieke aspecten publieke sector
Een uitzondering op de beperking in de verspreidingskring is als wettelijke voorschriften anders bepalen, zoals de Wet open overheid (Woo). Het uitgangspunt in de Woo is dat overheidsinformatie altijd openbaar is, tenzij de Woo of andere wetgeving bepaalt dat de gevraagde informatie niet geschikt is om openbaar te maken.
A54
Factoren die de accountant in overweging kan nemen bij de beslissing om de verspreidingskring of het gebruik van het rapport inzake overeengekomen specifieke werkzaamheden te beperken (indien dit is toegestaan), zijn bijvoorbeeld of:
er een verhoogd risico bestaat dat andere gebruikers dan de beoogde gebruikers het doel van de opdracht verkeerd begrijpen of de bevindingen verkeerd interpreteren;
de overeengekomen specifieke werkzaamheden uitsluitend zijn ontworpen voor gebruik door interne gebruikers, zoals het management en de met governance belaste personen van de opdrachtgever;
de overeengekomen specifieke werkzaamheden of bevindingen vertrouwelijke informatie bevatten.
(Zie Par. 30(n) en 30(o))
A55
Indien de accountant niet in staat is de overeengekomen specifieke werkzaamheden of bevindingen te beschrijven zonder vertrouwelijke of gevoelige informatie op te nemen, kan de accountant overwegen om:
intern te consulteren (bijvoorbeeld binnen de accountantseenheid of netwerkonderdeel);
extern te consulteren (bijvoorbeeld met de relevante beroepsorganisatie of een andere accountant); of
juridisch advies in te winnen, om de professionele of juridische implicaties te begrijpen van een bepaalde handelwijze.
A56
Er kunnen zich omstandigheden voordoen waarbij het feit dat eerder overeengekomen specifieke werkzaamheden niet zijn uitgevoerd of zijn aangepast, van belang is voor het door de beoogde gebruikers in overweging nemen van de overeengekomen specifieke werkzaamheden en de bevindingen. Dit kan bijvoorbeeld het geval zijn wanneer de werkzaamheden in wet- en regelgeving zijn vastgelegd. In dergelijke omstandigheden kan de accountant in het rapport inzake overeengekomen specifieke werkzaamheden aangeven welke werkzaamheden uit de oorspronkelijke opdrachtvoorwaarden, niet konden worden uitgevoerd of werden gewijzigd, en waarom dit het geval is geweest.
A57
De accountant kan verwijzen naar de datum waarop de overeengekomen specifieke werkzaamheden zijn overeengekomen in de opdrachtvoorwaarden.
(Zie Par. 31)
A58
In bepaalde omstandigheden kan wet- en regelgeving vereisen dat in het rapport inzake overeengekomen specifieke werkzaamheden wordt verwezen naar een door de accountant ingeschakelde deskundige die een of meerdere van de overeengekomen specifieke werkzaamheden heeft uitgevoerd. Een dergelijke verwijzing kan bijvoorbeeld vereist zijn met het oog op transparantie in de publieke sector. De accountant kan dit ook in andere omstandigheden passend vinden, bijvoorbeeld wanneer de accountant bij de beschrijving van de overeengekomen specifieke werkzaamheden verwijst naar de door de accountant ingeschakelde deskundige. Niettemin heeft de accountant een ongedeelde verantwoordelijkheid voor de bevindingen in het rapport inzake overeengekomen specifieke werkzaamheden, en die verantwoordelijkheid wordt niet beperkt door het gebruik van de door de accountant ingeschakelde deskundige. Het is derhalve van belang dat, indien het rapport inzake overeengekomen specifieke werkzaamheden verwijst naar de door de accountant ingeschakelde deskundige, het rapport niet impliceert dat de verantwoordelijkheid van de accountant minder wordt door de verwijzing naar de door de accountant ingeschakelde deskundige.
(Zie Par. 34)
A59
Aan een accountant kan worden gevraagd om samen met de opdracht tot het verrichten van overeengekomen specifieke werkzaamheden andere opdrachten uit te voeren, zoals het geven van aanbevelingen die voortvloeien uit de opdracht tot het verrichten van overeengekomen specifieke werkzaamheden. Dergelijke verzoeken kunnen de vorm aannemen van één verzoek aan de accountant om overeengekomen specifieke werkzaamheden te verrichten en aanbevelingen te geven. Hierbij kunnen de opdrachtvoorwaarden van de verschillende opdrachten in één opdrachtbevestiging worden uiteengezet. Om misverstanden te voorkomen, vereist paragraaf 34 dat in het rapport inzake overeengekomen specifieke werkzaamheden duidelijk een onderscheid wordt gemaakt met de rapporten van andere opdrachten. Zo kunnen de aanbevelingen bijvoorbeeld:
worden verstrekt in een afzonderlijk document apart van het rapport inzake overeengekomen specifieke werkzaamheden; of
worden opgenomen in een document dat zowel het rapport inzake overeengekomen specifieke werkzaamheden als de aanbevelingen bevat, maar de aanbevelingen duidelijk onderscheidt van het rapport inzake overeengekomen specifieke werkzaamheden, bijvoorbeeld door het rapport inzake overeengekomen specifieke werkzaamheden en de aanbevelingen in afzonderlijke delen van het document op te nemen.
(Zie Par. 35)
A60
Documentatie van de aard, timing en omvang van de uitgevoerde overeengekomen specifieke werkzaamheden kan bijvoorbeeld een vastlegging bevatten van:
De onderscheidende kenmerken van het onderzoeksobject(de onderzoeksobjecten) waarop de overeengekomen specifieke werkzaamheden zijn uitgevoerd. Onderscheidende kenmerken zullen variëren afhankelijk van de aard van de overeengekomen specifieke werkzaamheden en van de onderzoeksobjecten waarop de overeengekomen specifieke werkzaamheden worden uitgevoerd. Bijvoorbeeld:
Voor werkzaamheden betreffende de inkooporders, kan de accountant de geselecteerde documenten identificeren aan de hand van hun data en unieke inkoopordernummers.
Voor werkzaamheden waarbij een selectie van alle posten boven een bepaald bedrag in een gegeven populatie vereist is, kan de accountant de reikwijdte van de werkzaamheden in het dossier vastleggen en de populatie bepalen (bijvoorbeeld alle journaalposten boven een bepaald bedrag uit de dagboeken voor een specifieke periode, alle urenstaten van uren boven een bepaald aantal of elk tiende item op een specifieke lijst);
Voor werkzaamheden waarbij inlichtingen moeten worden ingewonnen bij bepaalde personeelsleden van de entiteit, kan de accountant in het dossier een vastlegging maken van de data van deze interviews, de namen en functieomschrijvingen van de personeelsleden van de entiteit en de specifieke verzoeken om inlichtingen die werden verricht;
Voor waarnemingswerkzaamheden kan de accountant in het dossier een vastlegging maken van het proces of het object van waarneming, van de relevante personen, van hun respectieve verantwoordelijkheden, alsmede van de plaats en het tijdstip waarop de waarneming is uitgevoerd.
Wie de overeengekomen specifieke werkzaamheden heeft uitgevoerd en de datum waarop deze werkzaamheden zijn uitgevoerd.
Wie de uitgevoerde overeengekomen werkzaamheden heeft beoordeeld, en de datum en omvang van deze beoordeling.
In onderstaand schema worden de kenmerken van een opdracht tot het verrichten van overeengekomen specifieke werkzaamheden verduidelijkt door deze te vergelijken met een assurance-opdracht.
Onderwerp
Overeengekomen specifieke werkzaamheden
Assurance-opdracht
Context
Besloten kring (communicatie met opdrachtgever en e.v.t. andere beoogde gebruikers is noodzakelijk).
Open of besloten kring.
Doel opdracht
Het rapporteren van bevindingen aan de opdrachtgever en e.v.t. andere beoogde gebruikers.
Het geven van een oordeel/conclusie over het getrouwe beeld van informatie of de naleving van voorgeschreven vereisten.
Werkzaamheden:
Planning
De accountant komt in overleg met de opdrachtgever en e.v.t. andere beoogde gebruikers tot bepaalde werkzaamheden.
Het is de verantwoordelijkheid van de opdrachtgever om te bepalen of de overeengekomen specifieke werkzaamheden geschikt zijn voor het doel van de opdracht.
Accountant bepaalt zelfstandig op basis van een normenkader de werkzaamheden die nodig zijn om tot een oordeel/conclusie te komen.
Uitvoeren
Aard van de werkzaamheden is vergelijkbaar
Evaluatie
De opdrachtgever en andere beoogde gebruikers maken een eigen afweging over de overeengekomen werkzaamheden en bevindingen en trekken hun eigen conclusies.
Accountant evalueert de uitkomsten van de werkzaamheden ter vorming van zijn oordeel/ conclusie.
Rapportage
Beschrijving van de specifieke werkzaamheden en bevindingen.
Het oordeel/de conclusie over het object.
Specifieke werkzaamheden
Bevindingen
1
Een lijst verkrijgen van het management van ... (verantwoordelijke partij) met alle contracten die tussen ... (1 januari 20X1) en ... (31 december 20X1) zijn afgesloten voor ... (xyz) producten (‘lijst’) en het identificeren van alle contracten met een waarde van meer dan $ 25.000.
We hebben van het management een lijst verkregen met alle contracten voor ... (xyz) producten die tussen ... (1 januari 20X1) en ... (31 december 20X1) zijn afgesloten.
Van de 125 contracten op de lijst, identificeerden we 37 contracten met een waarde van meer dan $ 25.000.
2
Vergelijk voor elk geïdentificeerd contract met een waarde van meer dan $ 25.000 op de lijst, het contract met de aanbestedingsdocumenten en bepaal of het contract was onderworpen aan biedingen door ten minste 3 aannemers van de ‘lijst van vooraf gekwalificeerde aannemers’ van ... (verantwoordelijke partij).
We inspecteerden de aanbestedingsdocumenten van 37 contracten met een waarde van meer dan $ 25.000. De uitkomst van de inspectie was dat voor alle 37 contracten een bieding was uitgebracht door ten minste 3 aannemers van de ‘lijst van vooraf gekwalificeerde aannemers’ van ... (verantwoordelijke partij).
3
Vergelijk voor elk geïdentificeerd contract met een waarde van meer dan $ 25.000 op de lijst, het te betalen bedrag van het ondertekende contract met het bedrag dat uiteindelijk door ... (verantwoordelijke partij) aan de contractant is betaald om te bepalen of het uiteindelijk betaalde bedrag binnen $ 100 van het in het contract overeengekomen bedrag ligt.
We hebben de ondertekende contracten verkregen van alle 37 contracten met een waarde van meer dan $ 25.000 op de lijst en hebben de in de contracten te betalen bedragen vergeleken met de bedragen die uiteindelijk door ... (verantwoordelijke partij) aan de aannemer zijn betaald.
De uitkomst van de vergelijking was dat de uiteindelijk betaalde bedragen in alle 37 contracten binnen $ 100 van de overeengekomen bedragen lagen, zonder uitzonderingen.
Specifieke werkzaamheden
Bevindingen
1
Vergelijk voor elk geïdentificeerd contract met een waarde van meer dan $ 25.000 op de lijst, het contract met de aanbestedingsdocumenten en bepaalt of het contract was onderworpen aan biedingen/aanbesteding door ten minste 3 aannemers van de ‘Lijst van vooraf gekwalificeerde aannemers’ van ... (opdrachtgever).
Voor de aanbestedingsdocumenten die in ... (vreemde taal) werden ingediend, vertaal deze met de hulp van een vertaler die door de accountant is ingeschakeld alvorens de vergelijking te verrichten.
We hebben de aanbestedingsdocumenten van de 37 contracten met een waarde van meer dan $ 25.000 geïnspecteerd. Van deze 37 aanbestedingsdocumenten werden er 5 ingediend in ... (vreemde taal). We hebben een vertaler ingeschakeld om te helpen bij de vertaling van deze 5 aanbestedingsdocumenten.
De uitkomst van de inspectie was dat voor 36 van de 37 contracten een bieding was uitgebracht door ten minste 3 aannemers van de ‘lijst van vooraf gekwalificeerde aannemers’ van ... (opdrachtgever).
We vonden 1 contract ter waarde van $ 65.000 die niet onderworpen was aan aanbesteding. Het management heeft ons medegedeeld dat de aanbestedingsregels voor dit contract niet zijn gevolgd in verband met een noodgeval vanwege een contractuele deadline.
De inschakeling van de vertaler om ons te helpen bij de vertaling van de aanbestedingsdocumenten doet niets af aan onze verantwoordelijkheid voor het verrichten van de werkzaamheden en het rapporteren van de bevindingen.
2
Vergelijk voor elk geïdentificeerd contract met een waarde van meer dan $ 25.000 op de lijst, het te betalen bedrag van het ondertekende contract met het bedrag dat uiteindelijk door ... (opdrachtgever) aan de leverancier is betaald, om te bepalen of het uiteindelijk betaalde bedrag hetzelfde is als het in het contract overeengekomen bedrag.
We hebben de ondertekende contracten verkregen van alle 37 contracten met een waarde van meer dan $ 25.000 op de lijst en hebben de in de contracten te betalen bedragen vergeleken met de bedragen die uiteindelijk door ... (opdrachtgever) zijn betaald.
De uitkomst van de vergelijking was dat de te betalen bedragen in de ondertekende contracten voor 26 van de 37 contracten verschilden van de bedragen die uiteindelijk door ... (opdrachtgever) zijn betaald. In al deze gevallen heeft het management tegenover ons verklaard dat het verschil in de bedragen bedoeld was om een verhoging met 1% van het omzetbelastingtarief van ... (rechtsgebied) op te vangen die in september 20X1 van kracht werd.
Abusievelijk is een wijziging m.b.t. de voetnoot geformuleerd
die niet kan worden doorgevoerd.
1
Deze standaard behandelt de verantwoordelijkheden van de accountant1021Zie Definities, paragraaf 17; wanneer een term voor het eerst voorkomt vóór paragraaf 17 wordt daarnaar verwezen.:
wanneer deze de opdracht heeft gekregen om het management te ondersteunen bij het opstellen en presenteren van historische financiële informatie zonder enige zekerheid over die historische financiële informatie te verkrijgen; en
overeenkomstig deze standaard over de opdracht te rapporteren. (Zie Par. A1, A1A en A2)
2
Deze standaard bevat vereisten voor samenstellingsopdrachten1022Zie Definities, paragraaf 17; wanneer een term voor het eerst voorkomt vóór paragraaf 17 wordt daarnaar verwezen. van historische financiële informatie: (Zie Par. A3)
de Standaard moet worden toegepast voor het opstellen en presenteren van:
een jaarrekening die wordt opgemaakt op grond van titel 9 van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek (Zie Par. A3C);
een financieel overzicht waarbij deskundigheid op het gebied van administratieve verwerking en financiële verslaggeving wordt aangewend (Zie Par. A3A ); of
een onderdeel of bijlage van een rapportage, die zelfstandig kwalificeert als financieel overzicht als bedoeld in het vorige lid.
de Standaard kan worden toegepast voor het opstellen en presenteren van:
financiële overzichten, met uitzondering van eventuele onderdelen of bijlagen daarvan die vallen onder lid 1 onder c, die worden opgesteld als uitvloeisel van een opdracht waarbij primair andere deskundigheid dan deskundigheid op het gebied van administratieve verwerking en financiële verslaggeving wordt aangewend (Zie Par. A3B);
historische financiële informatie waar de rapportage niet kwalificeert als financieel overzicht.
de Standaard kan, aangepast waar nodig, worden toegepast voor het opstellen en presenteren van:
financiële informatie anders dan historische financiële informatie;
niet-financiële informatie (Zie Par. A4).
2A
Deze standaard is niet van toepassing wanneer een accountant in het kader van zijn controle- of beoordelingsopdracht wordt gevraagd om een entiteit te ondersteunen bij het opstellen van historische financiële informatie. Het bovenstaande geldt alleen wanneer de accountant deze werkzaamheden zelf uitvoert of laat uitvoeren door een accountant werkzaam bij het Nederlandse deel van het netwerk dat de controle- of beoordelingsopdracht uitvoert (Zie Par. A3D).
3
Door bespreking met het management, of een andere opdrachtgevende partij verkrijgt een accountant inzicht in het beoogde gebruik en de verspreidingskring. Dit kan leiden tot de keuze om de standaard toe te passen bij historische financiële informatie, anders dan een financieel overzicht. De volgende factoren kunnen de accountant daarbij behulpzaam zijn: (Zie Par. A5)
Of externe partijen, anders dan de beoogde gebruikers van de samengestelde historische financiële informatie, de accountant waarschijnlijk met de historische financiële informatie zullen associëren en er een risico bestaat dat het niveau van de betrokkenheid van de accountant bij de informatie verkeerd zou worden begrepen, bijvoorbeeld:
indien de historische financiële informatie bedoeld is voor gebruik door partijen anders dan het management of de met governance belaste personen, of als deze kan worden verschaft aan, of verkregen door, partijen die niet de beoogde gebruikers van die informatie zijn;
indien de naam van de accountant met de historische financiële informatie wordt geïdentificeerd.
4
Het kwaliteitsmanagementsysteem en de beleidslijnen of procedures zijn de verantwoordelijkheid van de accountantseenheid. Als een accountantseenheid samenstellingsopdrachten uitvoert, gelden de Nadere voorschriften kwaliteitsmanagement (NVKM)1023NVKM artikel 2.accountants, die werkzaam zijn bij of verbonden zijn aan een accountantskantoor, dat artikel 6 lid 1 of lid 2 toepast, lezen hiervoor de Nadere voorschriften kwaliteitssystemen. In deze Standaard zijn bepalingen over kwaliteitsmanagement op het niveau van afzonderlijke samenstellingsopdrachten opgenomen. Hierbij is het uitgangspunt dat de accountantseenheid onderworpen is aan de NVKM. (Zie Par. A6, A7, A8, A9, A10 en A11)
5
Het management kan een accountant verzoeken om te ondersteunen bij het opstellen en presenteren van historische financiële informatie van een entiteit. Voor gebruikers van historische financiële informatie is de waarde van een samenstellingsopdracht, in overeenstemming met deze standaard, gelegen in het toepassen van de deskundigheid van de accountant op het gebied van administratieve verwerking en financiële verslaggeving. Daarnaast leeft de accountant gedrags- en beroepsregels na, waaronder relevante ethische voorschriften, en communiceert hij duidelijk over de aard en omvang van zijn betrokkenheid bij de samengestelde historische financiële informatie. (Zie Par. A12, A13, A14 en A15)
6
Een samenstellingsopdracht is geen assurance-opdracht. Van de accountant wordt derhalve bij een samenstellingsopdracht niet vereist om de nauwkeurigheid of de volledigheid van de door het management verschafte informatie voor het samenstellen te verifiëren, of anderszins onderbouwende informatie te verzamelen om een controleoordeel of een beoordelingsconclusie over het opstellen van de historische financiële informatie tot uitdrukking te brengen.
7
Het management blijft verantwoordelijk voor de historische financiële informatie en voor de basis waarop deze is opgesteld en gepresenteerd. Die verantwoordelijkheid omvat het toepassen door het management van oordeelsvormingen die voor het opstellen en presenteren van de historische financiële informatie zijn vereist, inclusief de selectie en toepassing van passende grondslagen voor financiële verslaggeving en, waar nodig, het ontwikkelen van redelijke schattingen. (Zie Par. A12 en A13)
8
Deze standaard legt het management of de met governance belaste personen geen verantwoordelijkheden op of doet geen afbreuk aan wet- en regelgeving die deze verantwoordelijkheden bepalen. Het uitgangspunt voor een opdracht die overeenkomstig deze standaard wordt uitgevoerd, is dat het management of, in voorkomend geval, de met governance belaste personen bepaalde verantwoordelijkheden hebben aanvaard die fundamenteel zijn voor de uitvoering van de samenstellingsopdracht. (Zie Par. A12 en A13)
9
Historische financiële informatie die het onderwerp is van een samenstellingsopdracht kan voor diverse doeleinden zijn vereist, waaronder:
het naleven van verplichte vereisten inzake periodieke financiële verslaggeving die in wet- of regelgeving zijn vastgesteld; of
voor doeleinden die niet gerelateerd zijn aan verplichte financiële verslaggeving onder relevante wet- of regelgeving, bijvoorbeeld historische financiële informatie:
die is opgesteld voor het management of de met governance belaste personen op een basis die voor hun specifieke doeleinden geschikt is (zoals het opstellen van historische financiële informatie voor intern gebruik);
in de vorm van periodieke financiële verslaggeving die voor externe partijen onder een contract of andere vorm van overeenkomst wordt uitgevoerd (zoals historische financiële informatie die aan een financierende instantie wordt verschaft om de toekenning of voortzetting van financiële bijdrage te ondersteunen);
voor doeleinden in verband met een transactie, bijvoorbeeld om een transactie waarbij de eigendomsstructuur of financieringsstructuur van de entiteit verandert, te ondersteunen (zoals een fusie of een overname).
10
Verschillende stelsels inzake financiële verslaggeving kunnen gebruikt worden om historische financiële informatie op te stellen en te presenteren. Dit kan variëren van eenvoudige door de entiteit gekozen grondslagen voor financiële verslaggeving tot vastgestelde verslaggevingsstandaarden. Het stelsel inzake financiële verslaggeving dat door het management wordt gehanteerd om de historische financiële informatie op te stellen en te presenteren, zal afhankelijk zijn van de aard van de entiteit en het beoogde gebruik van de historische financiële informatie. (Zie Par. A16, A17 en A18)
11
Deze standaard bevat de doelstellingen van de accountant bij het opvolgen van de standaard die de context bieden waarin de vereisten van deze standaard zijn vastgesteld. Zij zijn bedoeld de accountant te ondersteunen bij het begrijpen van wat nodig is om te bereiken in een samenstellingsopdracht.
12
Deze standaard bevat vereisten die erop gericht zijn om de accountant in staat te stellen de vermelde doelstelling te halen. Deze vereisten worden uitgedrukt door gebruik te maken van het hulpwerkwoord ‘dienen’ (in: ‘iets dienen te doen’).
13
Daarnaast bevat deze standaard inleidende teksten, definities en toepassingsgerichte en overige verklarende teksten die relevante context bieden voor een goed inzicht in de standaard.
14
De toepassingsgerichte en overige verklarende teksten bieden verdere uitleg over de vereisten en leidraden bij het uitvoeren ervan. Hoewel dergelijke leidraden op zichzelf geen vereiste opleggen, zijn ze relevant voor de correcte toepassing van de vereisten. De toepassingsgerichte en overige verklarende teksten kunnen tevens achtergrondinformatie verschaffen betreffende aangelegenheden die in deze standaard worden behandeld en die ondersteunen bij het toepassen van de vereisten.
15
Voor de ingangsdatum wordt verwezen naar de Slotbepalingen.
16
De doelstellingen van de accountant bij een samenstellingsopdracht onder deze standaard zijn om:
deskundigheid op het gebied van administratieve verwerking en financiële verslaggeving toe te passen om het management te ondersteunen bij het opstellen en presenteren van historische financiële informatie in overeenstemming met een van toepassing zijnd stelsel inzake financiële verslaggeving op basis van informatie die door het management wordt verschaft; en
in overeenstemming met de vereisten van deze standaard te rapporteren.
17
In het kader van deze standaard hebben de volgende termen de hierna aangegeven betekenissen.
accountant – accountant als bedoeld in paragraaf 13, onderdeel d, van Standaard 200 van de NV COS.
afwijking – een verschil tussen het bedrag, de rubricering, de presentatie of de toelichting van een gerapporteerd element in de historische financiële informatie, en het bedrag, de rubricering, de presentatie of de toelichting dat/die voor dat item vereist is opdat het element in overeenstemming is met het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving. Afwijkingen kunnen voortkomen uit fouten of uit fraude. Ingeval de historische financiële informatie is opgesteld in overeenstemming met een getrouw-beeld-stelsel bevatten afwijkingen ook aanpassingen van de bedragen, rubriceringen, presentaties of toelichtingen die, naar de oordeelsvorming van de accountant, noodzakelijk zijn opdat de historische financiële informatie in alle van materieel belang zijnde opzichten een getrouwe weergave vormt dan wel een getrouw beeld geeft.
de met governance belaste personen – de met governance belaste personen, bedoeld in paragraaf 13, onderdeel o, van Standaard 200 van de NV COS. (Zie Par. A12)
financiële overzichten- financiële overzichten als bedoeld in paragraaf 13, onderdeel f, van Standaard 200 van de NV COS. (Zie Par. A3A)
historische financiële informatie – historische financiële informatie als bedoeld in paragraaf 13, onderdeel g, van Standaard 200 van de NV COS. (Zie Par. A3A)
management – management als bedoeld in paragraaf 13, onderdeel h, van Standaard 200 van de NV COS. (Zie Par. A12)
opdrachtpartner – partner of andere persoon, aangesteld door de accountantseenheid, die verantwoordelijk is voor de opdracht, voor de uitvoering daarvan en voor de rapportage die namens de accountantseenheid wordt uitgebracht en aan wie, indien vereist, door een beroepsorganisatie of een wettelijke, regelgevende of toezichthoudende instantie passende bevoegdheden zijn toegekend.
opdrachtteam – opdrachtteam als bedoeld in paragraaf 12, onderdeel h, van Standaard 3000A van de NV COS.
publicatiestukken – een jaarrekening die openbaar wordt gemaakt op grond van artikel 2:394 BW, niet zijnde de inrichtingsjaarrekening.
relevante ethische voorschriften – beginselen van professionele ethiek en ethische voorschriften die van toepassing zijn op het opdrachtteam en de opdrachtgerichte kwaliteitsbeoordelaar wanneer zij samenstellingsopdrachten uitvoeren. Relevante ethische voorschriften betreffen gewoonlijk de bepalingen van de Verordening gedrags- en beroepsregels accountants (VGBA), samen met nationale vereisten die stringenter zijn. (Zie Par. A21)
samenstellingsopdracht – een opdracht waarbij een accountant deskundigheid inzake administratieve verwerking en financiële verslaggeving toepast om:
het management te ondersteunen bij het opstellen en presenteren van historische financiële informatie van een entiteit in overeenstemming met een van toepassing zijnd stelsel inzake financiële verslaggeving; en
hierover te rapporteren zoals dat door deze standaard wordt vereist. In deze standaard worden in deze context de woorden ‘samenstellen’, ‘het samenstellen’ en ‘samengesteld’ gebruikt.
van toepassing zijnd(e) stelsel inzake financiële verslaggeving – het stelsel inzake financiële verslaggeving dat door het management en, in voorkomend geval, door de met governance belaste personen wordt gehanteerd bij het opstellen van de historische financiële informatie, dat aanvaardbaar is in het licht van de aard van de entiteit en de doelstelling van die historische financiële informatie, dan wel dat op grond van wet- of regelgeving is vereist; (Zie Par. A35, A36 en A37)
professionele oordeelsvorming – toepassen van relevante training, kennis en ervaring in de context van deze Standaard, bij het maken van weloverwogen keuzes over de te treffen maatregelen in de omstandigheden van de samenstellingsopdracht.
17A
De definities in de Standaarden 000N t/m 800 zijn van overeenkomstige toepassing, voor zover in deze Standaard niet anders is bepaald.
18
De accountant dient inzicht te hebben in de gehele tekst van deze standaard, inclusief de toepassingsgerichte en overige verklarende teksten, om de doelstellingen te begrijpen en de vereisten naar behoren toe te passen.
19
De accountant dient te voldoen aan alle vereisten van deze standaard tenzij een bepaalde vereiste voor de samenstellingsopdracht niet relevant is, bijvoorbeeld als de omstandigheden aangegeven in de vereiste niet van toepassing zijn in de opdracht.
20
De accountant dient geen naleving van deze standaard te vermelden tenzij de accountant alle vereisten van deze standaard heeft nageleefd die voor de samenstellingsopdracht relevant zijn.
21
De accountant dient relevante ethische voorschriften na te leven. (Zie Par. A19, A20, A21, A22, A23, A24, A25 en A26)
22
De accountant dient professionele oordeelsvorming toe te passen bij het uitvoeren van een samenstellingsopdracht. (Zie Par. A27, A28 en A29)
23
De opdrachtpartner dient de algehele verantwoordelijkheid te nemen voor:
het managen en bereiken van kwaliteit bij iedere samenstellingsopdracht die aan die opdrachtpartner is toegewezen en het in voldoende mate en op passende wijze betrokken zijn gedurende de opdracht; en
het uitvoeren van de opdracht in overeenstemming met de beleidslijnen of procedures van de accountantseenheid op het gebied van kwaliteitsmanagement, door: (Zie Par. A30).
het volgen van de beleidslijnen of procedures van de accountantseenheid met betrekking tot de aanvaarding en continuering van cliëntrelaties en samenstellingsopdrachten; (Zie Par. A31)
het vaststellen dat voldoende en passende middelen zijn toegewezen of ter beschikking zijn gesteld om de opdracht tijdig uit te voeren, rekening houdend met de aard en de omstandigheden van de opdracht, de beleidslijnen of procedures van de accountantseenheid en alle veranderingen die kunnen optreden gedurende de opdracht;
het zich ervan vergewissen dat het opdrachtteam collectief over de passende competentie en capaciteiten beschikt, waaronder voldoende tijd, om de samenstellingsopdracht uit te voeren;
het alert zijn op aanwijzingen van het overtreden van relevante ethische voorschriften door leden van het opdrachtteam, en het bepalen van de passende actie als er aangelegenheden onder de aandacht van de opdrachtpartner komen die erop wijzen dat leden van het opdrachtteam relevante ethische voorschriften hebben overtreden; (Zie Par. A32)
de aansturing van en het toezicht op de leden van het opdrachtteam, de beoordeling van hun werkzaamheden, en de uitvoering van de opdracht in overeenstemming met professionele standaarden en door wet- en regelgeving gestelde vereisten;
het nemen van de verantwoordelijkheid voor het samenstellen, het passend onderhouden en het bewaren van geschikte opdrachtdocumentatie; en
Indien een opdrachtgerichte kwaliteitsbeoordeling is vereist in overeenstemming met de NVKM of de beleidslijnen of procedures van de accountantseenheid, niet dateren van het rapport tot de afronding van de opdrachtgerichte kwaliteitsbeoordeling.1024Artikel 13(2)(b) van de Nadere voorschriften kwaliteitsmanagement
24
De accountant dient de opdracht niet te aanvaarden tenzij de accountant de opdrachtvoorwaarden met het management, of een andere opdrachtgevende partij, overeen is gekomen, inclusief:
het beoogde gebruik en de verspreiding van de historische financiële informatie en eventuele beperkingen betreffende het gebruik of de verspreiding ervan; (Zie Par. A20, A33, A37 en A38)
identificatie van het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving; (Zie Par. A20, A30, A35, A36, A37 en A38)
de doelstelling en reikwijdte van de samenstellingsopdracht; (Zie Par. 20)
de verantwoordelijkheden van de accountant, inclusief het vereiste om relevante ethische voorschriften na te leven; (Zie Par. A20)
de verantwoordelijkheden van het management voor: (Zie Par. A39, A40 en A41)
de historische financiële informatie, en voor het opstellen en presenteren daarvan, in overeenstemming met het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving dat aanvaardbaar is gelet op het beoogde gebruik van de historische financiële informatie en de beoogde gebruikers;
de nauwkeurigheid en de volledigheid van de vastleggingen, documenten, uitleg en overige informatie die door het management worden verschaft voor de samenstellingsopdracht; en
oordeelsvormingen die bij het opstellen en presenteren van de historische financiële informatie nodig zijn, inclusief die waarvoor de accountant in de loop van de samenstellingsopdracht ondersteuning kan bieden; (Zie Par. A27)
de verwachte vorm en inhoud van de samenstellingsverklaring.
25
De accountant dient, voorafgaand aan het uitvoeren van de opdracht, de overeengekomen opdrachtvoorwaarden in een opdrachtbevestiging of andere schriftelijke overeenkomst vast te leggen. (Zie Par. A42, A43 en A44)
26
Voor doorlopende samenstellingsopdrachten dient de accountant te evalueren of omstandigheden, waaronder veranderingen in de oordeelsvormingen van de accountantseenheid over een cliëntrelatie of de opdracht, vereisen dat de opdrachtvoorwaarden moeten worden herzien. Ook evalueert de accountant of het nodig is om het management te herinneren aan de bestaande opdrachtvoorwaarden. (Zie Par. A45)
27
De accountant dient met het management of de met governance belaste personen, in voorkomend geval, tijdens de samenstellingsopdracht tijdig aangelegenheden betreffende de samenstellingsopdracht te communiceren. Dit betreft de aangelegenheden die, op grond van professionele oordeelsvorming van de accountant, belangrijk genoeg zijn om de aandacht van het management of de met governance belaste personen, in voorkomend geval, te verdienen. (Zie Par. A46 en A47)
28
De accountant dient voldoende inzicht in de volgende aangelegenheden te verwerven om de samenstellingsopdracht te kunnen uitvoeren: (Zie Par. A48, A49 en A50)
de activiteiten van de entiteit, inclusief het administratieve systeem en administratieve vastleggingen van de entiteit; en
het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving, inclusief de toepassing hiervan in de sector van de entiteit.
29
De accountant dient de historische financiële informatie samen te stellen door gebruik te maken van vastleggingen, documenten, uitleg en overige informatie inclusief significante oordeelsvormingen die door het management worden verschaft.
30
Als de accountant in de loop van het samenstellen van de historische financiële informatie ondersteuning voor significante oordeelsvormingen heeft geboden, dient hij deze te bespreken met het management of, in voorkomend geval, de met governance belaste personen. (Zie Par. A51)
31
Voorafgaand aan de afronding van de samenstellingsopdracht dient de accountant de samengestelde historische financiële informatie te lezen in het licht van het inzicht van de accountant in de activiteiten van de entiteit, en in het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving. (Zie Par. A52)
32
Indien de accountant zich gedurende de samenstellingsopdracht ervan bewust wordt dat de vastleggingen, documenten, uitleg of overige informatie, inclusief significante oordeelsvormingen, die door het management worden verschaft niet compleet, niet nauwkeurig of anderszins onbevredigend zijn – waaronder geïdentificeerde of vermoede fraude of niet-naleving van wet- en regelgeving -, dient de accountant dat onder de aandacht van het management te brengen. Hij dient ook om de aanvullende of gecorrigeerde informatie te verzoeken. De accountant dringt waar nodig aan op adequate opvolging van geïdentificeerde of vermoede fraude of niet-naleving van wet- en regelgeving. (Zie Par. A47)
33
Indien de accountant niet in staat is om de opdracht te voltooien omdat het management geen vastleggingen, documenten, uitleg of overige informatie, inclusief significante oordeelsvormingen, verschaft zoals was verzocht, dan dient de accountant de opdracht terug te geven. Dit is ook het geval als het management geen adequate opvolging geeft aan geïdentificeerde of vermoede fraude of niet-naleving van wet- en regelgeving. Hij dient ook het management en de met governance belaste personen in te lichten over de redenen voor teruggave. (Zie Par. A47 en A58)
34
Indien de accountant zich er tijdens het verloop van de opdracht van bewust wordt dat:
de samengestelde historische financiële informatie niet op adequate wijze het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving beschrijft of daarnaar verwijst; (Zie Par. A53)
aanpassingen aan de samengestelde historische financiële informatie vereist zijn zodat de historische financiële informatie geen afwijking van materieel belang bevat; of (Zie Par. A54, A55 en A56)
de samengestelde historische financiële informatie op andere wijze misleidend is – waaronder geïdentificeerde of vermoede fraude of niet-naleving van wet- en regelgeving – (Zie Par. A57)
dan dient de accountant de geschikte aanpassingen aan het management voor te stellen. De accountant dringt waar nodig aan op adequate opvolging van geïdentificeerde of vermoede fraude of niet-naleving van wet- en regelgeving. (Zie Par. A47)
35
Indien het management weigert, of het de accountant niet toestaat de voorgestelde aanpassingen aan de samengestelde historische financiële informatie aan te brengen, dient de accountant de opdracht terug te geven. Dit is ook het geval als het management geen adequate opvolging geeft aan geïdentificeerde of vermoede fraude of niet-naleving van wet- en regelgeving. Hij dient ook het management en de met governance belaste personen in te lichten over de redenen voor de teruggave. (Zie Par. A47 en A58)
36
Indien teruggave van de opdracht niet mogelijk is, dient de accountant te bepalen welke professionele en wettelijke verantwoordelijkheden in de omstandigheden van toepassing zijn.
37
De accountant dient een erkenning van het management of, in voorkomend geval, de met governance belaste personen te verkrijgen dat het de verantwoordelijkheid heeft genomen voor de definitieve versie van de samengestelde historische financiële informatie. (Zie Par. A68)
38
De accountant dient het volgende in de opdrachtdocumentatie op te nemen: (Zie Par. A59, A60 en A61)
significante aangelegenheden die zich tijdens de samenstellingsopdracht voordoen en hoe de accountant hiermee is omgegaan;
een aansluiting van de samengestelde historische financiële informatie op de onderliggende vastleggingen, documenten, uitleg en overige informatie die door het management is verschaft; en
een kopie van de definitieve versie van de samengestelde historische financiële informatie waarvoor het management of, in voorkomend geval, de met governance belaste personen hun verantwoordelijkheid hebben erkend, en de samenstellingsverklaring. (Zie Par. A68)
38A
De accountant dient de opdrachtdocumentatie samen te voegen in een opdrachtdossier en het administratieve proces van het samenstellen van het definitieve opdrachtdossier tijdig na de datum van de samenstellingsverklaring te voltooien. (Zie Par. A61A)
39
Een belangrijk doel van de samenstellingsverklaring is het duidelijk communiceren van de aard van de samenstellingsopdracht en de rol en de verantwoordelijkheden van de accountant tijdens de opdracht. De samenstellingsverklaring is geen middel om een oordeel of een conclusie over de historische financiële informatie tot uitdrukking te brengen, in welke vorm dan ook.
40
De samenstellingsverklaring die voor de samenstellingsopdracht wordt uitgebracht dient schriftelijk te zijn en dient de volgende elementen te omvatten: (Zie Par. A62, A63, A67 en A69)
de titel van de verklaring;
de geadresseerde(n), zoals door de opdrachtvoorwaarden wordt vereist; (Zie Par. A64)
een vermelding dat de accountant de historische financiële informatie heeft samengesteld op basis van de informatie die door het management is verschaft;
een beschrijving van de verantwoordelijkheden van het management of, in voorkomend geval, de met governance belaste personen met betrekking tot de samenstellingsopdracht en met betrekking tot de historische financiële informatie;
identificatie van het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving en, indien er een stelsel voor bijzondere doeleinden wordt gehanteerd, een beschrijving van of een verwijzing naar de beschrijving van dat stelsel voor bijzondere doeleinden in de historische financiële informatie;
identificatie van de historische financiële informatie, inclusief de titel van ieder element van de historische financiële informatie indien deze meer dan één element bevat, en vermelding van de datum van de historische financiële informatie of de verslagperiode waarop de historische financiële informatie betrekking heeft;
een beschrijving van de verantwoordelijkheden van de accountant bij het samenstellen van de historische financiële informatie, waaronder dat de opdracht overeenkomstig deze standaard is uitgevoerd en dat de accountant relevante ethische voorschriften heeft nageleefd;
een beschrijving van wat een samenstellingsopdracht overeenkomstig deze standaard inhoudt;
uitleg dat van de accountant niet vereist wordt de kwaliteit of de volledigheid van de informatie die door het management ten behoeve van de samenstelling wordt verschaft, te verifiëren; (Zie Par. A67A)
indien de historische financiële informatie is opgesteld door gebruik te maken van een stelsel voor bijzondere doeleinden, een toelichtende paragraaf die: (Zie Par. A65, A66 en A67)
het doel beschrijft waarvoor, en, indien nodig, de beoogde gebruikers voor wie, de historische financiële informatie is opgesteld, of een verwijzing naar een toelichting in de historische financiële informatie bevat die deze informatie toelicht; en
de aandacht van de lezers van de verklaring vestigt op het feit dat de historische financiële informatie overeenkomstig een stelsel voor bijzondere doeleinden is opgesteld en dat als gevolg daarvan de informatie mogelijk niet voor andere doeleinden geschikt is;
de datum van de samenstellingsverklaring;
de handtekening van de accountant; en
het adres van de accountant.
41
De accountant dient de verklaring te dateren op de datum waarop de accountant de samenstellingsopdracht overeenkomstig deze standaard heeft voltooid. (Zie Par. A68)
41A
In het geval van publicatiestukken kan toepassing van de paragrafen 40 en 41 achterwege blijven. (Zie Par. A62)
(Zie Par. 1)
A1
In een samenstellingsopdracht waar de opdrachtgevende partij een andere partij is dan het management of, in voorkomend geval, de met governance belaste personen, kan deze standaard worden toegepast en voor zover nodig aangepast.
A1A
Deze standaard is van toepassing op een accountant, waaronder een intern- of overheidsaccountant, die op grond van een overeenkomst van opdracht specifiek het samenstellen van historische financiële informatie is overeengekomen;
Deze standaard is niet gericht op een accountant die uit hoofde van zijn functie verantwoordelijk is voor de totstandkoming van historische financiële informatie voor de entiteit waarbij hij werkzaam is dan wel waaraan hij is verbonden. Een dergelijke functie kan worden uitgevoerd op grond van een arbeidsovereenkomst, benoeming of opdracht.
Voorbeelden hiervan zijn:
een accountant die in een dienstverband werkzaam is als controller;
een accountant die werkzaam is als penningmeester van een vereniging of stichting;
een accountant die op een tijdelijke basis werkzaam is als hoofd financiële administratie, controller of in een vergelijkbare functie en de resultaten van zijn werkzaamheden presenteert onder de naam van de entiteit van zijn opdrachtgever.
A2
De betrokkenheid van een accountant bij diensten of activiteiten in het kader van ondersteuning van het management van een entiteit bij het opstellen en het presenteren van de historische financiële informatie van de entiteit kan vele vormen aannemen. Wanneer de accountant de opdracht heeft gekregen om onder deze standaard een entiteit dergelijke diensten of activiteiten te verschaffen, wordt de associatie van de accountant met de historische financiële informatie gecommuniceerd door de samenstellingsverklaring, in de vorm die door deze standaard is vereist. De samenstellingsverklaring van de accountant bevat de expliciete bewering van de accountant dat hij deze standaard naleeft.
(Zie Par. 2)
A3
Deze standaard heeft betrekking op opdrachten waar de accountant het management ondersteunt bij het opstellen en presenteren van historische financiële informatie
Een samenstellingsopdracht houdt onder meer in het toepassen van de deskundigheid van de accountant op het gebied van financiële verslaggeving. Dit kenmerk komt vooral tot uiting bij het opstellen en presenteren van financiële overzichten. Om een goede beroepsuitoefening op een belangrijk deskundigheidsgebied van accountants te bevorderen, is deze standaard verplicht gesteld in het geval van opstellen en presenteren van financiële overzichten. Toepassing van de standaard is niet verplicht als bij het opstellen van financiële overzichten primair andere deskundigheid dan de deskundigheid van de accountant op het gebied van administratieve verwerking en financiële verslaggeving wordt toegepast.
Bij het tot stand brengen van andere vormen van historische financiële informatie kan de accountant vrijwillig besluiten om deze standaard toe te passen.
Deze standaard mag ook worden toegepast, voor zover nodig aangepast, wanneer de accountant de opdracht heeft gekregen om het management te ondersteunen bij het opstellen en presenteren van andere dan historische financiële informatie. Voorbeelden zijn:
pro forma financiële informatie;
toekomstgerichte financiële informatie, inclusief budgetten of prognoses.
Deze standaard heeft geen betrekking op eventuele activiteiten voorafgaand aan het samenstellen van (financiële) informatie van de entiteit.
(Zie Par. 2, 17(d), 17(e)
A3A
Een kenmerkend verschil van financiële overzichten ten opzichte van overige vormen van historische financiële informatie is dat financiële overzichten toelichtingen bevatten. De toelichtingen omvatten gewoonlijk een overzicht van belangrijke gehanteerde grondslagen voor financiële verslaggeving en andere, tekstuele of cijfermatige, toelichtingen (zoals in een jaarrekening). In deze standaard wordt onder toelichtingen niet verstaan enkel cijfermatige specificaties, zoals een verdere uitsplitsing of rubricering van de post algemene kosten.
Voorbeelden van financiële overzichten zijn onder meer:
bij een complete set van financiële overzichten:
een jaarrekening, bestaande uit een balans, een winst-en-verliesrekening en een toelichting;
een tussentijds overzicht met een toelichting dat gebaseerd is op het verslaggevingsstelsel van de jaarrekening.
Dit betreft een financiële verantwoording die sterk op een jaarrekening lijkt en om die reden niet of nauwelijks daarvan is te onderscheiden;
bij samengevatte financiële overzichten: publicatiestukken;
bij een enkel financieel overzicht:
een balans met toelichting;
een winst-en-verliesrekening met toelichting;
een overzicht van ontvangsten en uitgaven met toelichting.
Financiële overzichten kunnen zowel in hard copy als op elektronische wijze zijn uitgebracht.
Voorbeelden van andere historische financiële informatie dan een financieel overzicht zijn onder andere: een balans en/of winst-en-verliesrekening zonder toelichtingen, een debiteurenoverzicht zonder toelichting, een uitdraai van grootboekrekeningen of een saldibalans.
A3B
Een belastingaangifte inclusief eventuele specificaties wordt in het kader van deze standaard niet aangemerkt als een financieel overzicht. Kenmerkend voor het opstellen van een belastingaangifte inclusief eventuele specificaties is dat de fiscale kennis leidend is: het toepassen van kennis op het gebied van administratieve verwerking en financiële verslaggeving is daaraan ondergeschikt.
Indien sprake is van een bijlage bij de belastingaangifte gaat de accountant na of al dan niet sprake is van een financieel overzicht. Aan een belastingaangifte kunnen specificaties zijn toegevoegd ter rekenkundige of anderszins technische verduidelijking van (bedragen in) de aangifte. Indien de bijlage bij de aangifte echter kwalificeert als een ‘financieel overzicht’, is deze standaard hierop verplicht van toepassing. In dat geval is geen sprake meer van een specificatie bij de aangifte maar van een op zich zelf staande bijlage waarin een financieel overzicht is opgenomen.
Zo komt het in de praktijk voor dat bij ondernemers (niet zijnde een rechtspersoon) aan de belastingaangifte een bijlage wordt toegevoegd om inzage te geven in de financiële positie van de ondernemer (een zogenaamde ‘aangifte IB-plus’). Bijvoorbeeld:
in de bijlage bij de belastingaangifte is een jaarrekening opgenomen: in de bijlage is sprake van een financieel overzicht waarop Standaard 4410 verplicht van toepassing is;
in de bijlage bij de belastingaangifte is een balans en/of een winst-en-verliesrekening zonder toelichting opgenomen: in de bijlage is geen sprake van financieel overzicht maar van een andere vorm van historische financiële informatie. De accountant hoeft de standaard niet toe te passen, dit mag wel.
Ook een opdracht tot het opstellen van een pensioenberekening in het kader van RJ271/IAS 19 of een toerekening van de kostprijs aan de verworven activa op de overnamedatum vallen veelal niet verplicht onder de standaard. Deze opdrachten zijn voorbeelden van werkzaamheden die primair betrekking hebben op een deskundigheidsgebied anders dan administratieve verwerking en financiële verslaggeving.
A3C
Debetrokkenheid van een accountant bij het opstellen van een jaarrekening van een organisatie die is onderworpen aan de vereisten van BW2 is van zodanig belang dat dit los van de vraag of een dergelijke jaarrekening aan alle vereisten van een financieel overzicht voldoet het toepassen van deze Standaard rechtvaardigt.
A3D
Het afgeven van een controle- of een beoordelingsverklaring en een samenstellingsverklaring door één accountantseenheid of een ander onderdeel van het Nederlandse netwerk is maatschappelijk niet wenselijk en kan tot verwarring leiden. Bovendien worden de vereisten in het kader van de uitvoering van een samenstellingsopdracht inhoudelijk afgedekt door de standaarden voor controle- of beoordelingsopdrachten waardoor het verplicht toepassen van deze standaard maatschappelijk geen meerwaarde heeft.
A4
Accountants kunnen tevens opdrachten aanvaarden om het management te ondersteunen bij het opstellen en presenteren van niet-financiële informatie, bijvoorbeeld emissieverslagen en kengetallen. In die omstandigheden kan de accountant deze standaard toepassen, voor zover noodzakelijk aangepast, als dat voor die soorten opdrachten relevant is.
(Zie Par. 3)
A5
Door (vrijwillig) gebruik te maken van deze standaard, wordt de verantwoordelijkheid van de accountant ten opzichte van het management geregeld en wordt zijn betrokkenheid bij de samengestelde informatie duidelijk gemaakt bij de gebruikers in de vorm van een samenstellingsverklaring. Standaard 4410 is een hulpmiddel voor een accountant waarmee hij invulling kan geven aan de VGBA. Hij kan zo voorkomen dat zijn betrokkenheid bij bepaalde informatie door een ander verkeerd wordt begrepen dan wel onjuist wordt voorgesteld (het laatste is beschreven in artikel 10 van de VGBA).
Een accountant stelt bijvoorbeeld een tussentijdse winst-en-verliesrekening op zonder toelichtingen. De opdrachtgever wil deze gebruiken voor een financieringsaanvraag bij potentiële geldschieters. Als de betrokkenheid van de accountant voor potentiële geldschieters zichtbaar is, bijvoorbeeld door het gebruik van zijn naam op de tussentijdse winst-en-verliesrekening, dan is het mogelijk dat zij een bepaalde waarde ontlenen aan de betrokkenheid van de accountant. In dat geval heeft het de voorkeur om door middel van een samenstellingsverklaring de wijze van betrokkenheid van de accountant bij de opdracht aan te geven.
(Zie Par. 4)
A6
De NVKM behandelt onder meer de verantwoordelijkheid van de accountantseenheid om een kwaliteitsmanagementsysteem voor aan assurance verwante opdrachten, waaronder samenstellingsopdrachten op te zetten, te implementeren en in werking te houden. De NVKM behandelt ook de verantwoordelijkheid van de accountantseenheid om beleidslijnen of procedures op te zetten voor het bepalen van opdrachten waarvoor een opdrachtgerichte kwaliteitsbeoordeling nodig is.1025Artikel 13(1) van de NVKM De NVKM behandelt de benoeming van de opdrachtgerichte kwaliteitsbeoordelaar, en de uitvoering en documentatie van de opdrachtgerichte kwaliteitsbeoordeling.
A7
Onder de in Nederland geldende wet- en regelgeving voor kwaliteitsmanagement is vereist dat de accountantseenheid een kwaliteitsmanagementsysteem voor aan assurance verwante opdrachten, waaronder samenstellingsopdrachten, opzet, implementeert en in werking houdt dat aan de accountantseenheid een redelijke mate van zekerheid verschaft dat:
de accountantseenheid en het personeel hun verantwoordelijkheden vervullen in overeenstemming met professionele standaarden en de van toepassing zijnde door wet- en regelgeving gestelde vereisten en opdrachten uitvoeren in overeenstemming met dergelijke standaarden en vereisten; en
de door de accountantseenheid of opdrachtpartners uitgebrachte opdrachtrapportages in de omstandigheden passend zijn.1026NVKM, artikel 4.
A8
Een rechtsgebied dat de NVKM niet heeft overgenomen met betrekking tot samenstellingsopdrachten kan eisen hebben gesteld aan het kwaliteitsmanagement van accountantspraktijken die dergelijke opdrachten verrichten. De bepalingen in deze Standaard over kwaliteitsmanagement op het niveau van afzonderlijke opdrachten veronderstellen dat de betreffende vereisten op het gebied van kwaliteitsmanagement minstens zo veeleisend zijn als de vereisten uit de NVKM. Dit wordt bereikt wanneer deze vereisten de vereisten van de NVKM behandelen en de accountantseenheid verplichtingen opleggen om de doelstellingen van de NVKM te bereiken.
Een kwaliteitsmanagementsysteem kan betrekking hebben op de volgende acht componenten:
het proces van de accountantseenheid voor het inschatten van risico’s;
governance en leiderschap;
relevante ethische voorschriften;
aanvaarding en continuering van cliëntrelaties en specifieke opdrachten;
het uitvoeren van de opdracht;
middelen;
informatie en communicatie;
het monitorings- en herstelproces.
A9
Binnen de context van het stelsel van kwaliteitsbeheersing van de accountantseenheid hebben opdrachtteams een verantwoordelijkheid om kwaliteitsbeheersingsprocedures te implementeren die op de opdracht van toepassing zijn.
A10
Gewoonlijk mag het opdrachtteam vertrouwen op het kwaliteitsmanagementsysteem van de accountantseenheid, tenzij:
het inzicht of de praktische ervaring van het opdrachtteam doet vermoeden dat de beleidslijnen of procedures van de accountantseenheid de aard en de omstandigheden van de opdracht niet op effectieve wijze zullen ondervangen; of
informatie die is verschaft door de accountantseenheid of andere partijen, over de effectiviteit van dergelijke beleidslijnen of procedures het tegendeel doet veronderstellen.
Het opdrachtteam kan bijvoorbeeld vertrouwen op het kwaliteitsmanagementsysteem van de accountantseenheid met betrekking tot:
competentie en capaciteiten van personeel op grond van hun indienstneming en formele training;
het onderhouden van cliëntrelaties op grond van de beleidslijnen of procedures van de accountantseenheid voor aanvaarding en continuering van cliëntrelaties en opdrachten;
het naleven van door wet- en regelgeving gestelde vereisten door middel van het monitorings- en herstelproces van de accountantseenheid.
Bij het overwegen van tekortkomingen van het kwaliteitsmanagementsysteem die op de samenstellingsopdracht van invloed kunnen zijn, kan de opdrachtpartner rekening houden met herstelacties die de accountantseenheid heeft genomen om die tekortkomingen te rectificeren en die de opdrachtpartner in de context van die samenstellingsopdracht voldoende acht.
A11
Een tekortkoming in het kwaliteitsmanagementsysteem van de accountantseenheid wijst er niet noodzakelijkerwijs op dat:
een specifieke samenstellingsopdracht niet in overeenstemming met de professionele Standaarden en van toepassing zijnde door wet- en regelgeving gestelde vereisten was uitgevoerd; of
de samenstellingsverklaring niet passend was.
(Zie Par. 5, 7 en 8, 17(c), 17(f))
A12
De respectieve verantwoordelijkheden van het management en de met governance belaste personen zullen tussen rechtsgebieden en tussen soorten entiteiten verschillen. Deze verschillen beïnvloeden de manier waarop de accountant de vereisten van deze standaard toepast met betrekking tot het management of de met governance belaste personen. Derhalve is de zinsnede ‘management en, in voorkomend geval, de met governance belaste personen’ die op verschillende plekken in deze standaard wordt gebruikt, bedoeld om de accountant alert te maken op het feit dat verschillende omgevingen van entiteiten verschillende management- en governancestructuren en -regelingen kunnen hebben.
A13
Verschillende verantwoordelijkheden met betrekking tot het opstellen van historische financiële informatie en externe financiële verslaggeving vallen onder hetzij het management, hetzij de met governance belaste personen afhankelijk van factoren als:
de middelen en structuur van de entiteit;
de respectieve rollen van het management en de met governance belaste personen binnen de entiteit zoals in relevante wet- en regelgeving is uiteengezet, of, indien de entiteit niet gereguleerd is, in alle formele governance- of verantwoordelijkheidsregelingen die voor de entiteit zijn vastgesteld (bijvoorbeeld, zoals vastgelegd in contracten, statuten of ander soort oprichtingsdocument).
In veel kleine entiteiten is er vaak geen onderscheid in de rollen op het gebied van management en governance, of de met governance belaste personen van de entiteit kunnen ook betrokken zijn bij het managen van de entiteit. In de meeste andere gevallen, in het bijzonder in grotere entiteiten, is het management verantwoordelijk voor de uitvoering van de activiteiten van de entiteit en voor het rapporteren daarover, terwijl de met governance belaste personen toezicht houden op het management. In grotere entiteiten zullen de met governance belaste personen vaak de verantwoordelijkheid hebben of op zich nemen om de historische financiële informatie van de entiteit goed te keuren, in het bijzonder wanneer deze bedoeld is voor gebruik door externe partijen. In grote entiteiten wordt vaak een subgroep van de met governance belaste personen, zoals een auditcomité, met bepaalde toezichtverantwoordelijkheden belast.
In sommige rechtsgebieden is het opstellen van de financiële overzichten voor een entiteit in overeenstemming met een gespecificeerd stelsel de verantwoordelijkheid van de met governance belaste personen, in andere rechtsgebieden is dit de verantwoordelijkheid van het management.
(Zie Par. 5, 17(e))
A14
De uitvoering van een samenstellingsopdracht zal variëren afhankelijk van de omstandigheden van de opdracht. In elk geval zal er sprake zijn van het ondersteunen van het management bij het opstellen en presenteren van de historische financiële informatie van de entiteit in overeenstemming met het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving. Dit gebeurt op basis van informatie die door het management wordt verschaft. Bij sommige samenstellingsopdrachten kan het management de historische financiële informatie zelf al (geheel of gedeeltelijk) in een conceptversie of in een voorlopige vorm hebben opgesteld.
A15
Naast de samenstellingsopdracht kan een accountant ook de opdracht krijgen om namens het management bepaalde andere activiteiten te ondernemen. Zo kan de accountant worden verzocht om tevens de onderliggende administratieve gegevens te verzamelen, te rubriceren en samen te vatten in de vorm van administratieve vastleggingen tot en met de productie van een saldibalans. De saldibalans zou dan als de onderliggende informatie worden gebruikt waaruit de accountant de historische financiële informatie kan samenstellen die het onderwerp is van een samenstellingsopdracht die overeenkomstig deze standaard wordt uitgevoerd. Dit is vaak het geval bij kleinere entiteiten die niet beschikken over goed ontwikkelde administratieve systemen, of bij entiteiten die het opstellen van de administratie bij voorkeur aan externe dienstverleners uitbesteden. Deze standaard heeft geen betrekking op dergelijke aanvullende activiteiten die de accountant zou kunnen uitvoeren om het management in andere gebieden te ondersteunen, voorafgaand aan het samenstellen van de historische financiële informatie van de entiteit.
(Zie Par. 10)
A16
De historische financiële informatie kan zijn opgesteld in overeenstemming met een stelsel inzake financiële verslaggeving dat erop gericht is te voorzien in:
de gemeenschappelijke behoefte aan historische financiële informatie van een grote groep gebruikers (d.w.z. een ‘stelsel inzake financiële verslaggeving voor algemene doeleinden’); of
de behoefte aan historische financiële informatie van specifieke gebruikers (d.w.z. een ‘stelsel inzake financiële verslaggeving voor bijzondere doeleinden’).
De vereisten van het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving bepalen de vorm en inhoud van de financiële overzichten. In sommige gevallen kan er naar het stelsel inzake financiële verslaggeving worden verwezen als de ‘basis voor financiële verslaggeving’.
A17
Voorbeelden van veel gebruikte stelsels inzake financiële verslaggeving voor algemene doeleinden omvatten:
vastgestelde nationale standaarden inzake financiële verslaggeving die van toepassing zijn op kleine en middelgrote entiteiten – bijvoorbeeld Titel 9 Boek 2 BW (inclusief fiscale grondslagen, toegestaan voor onder andere kleine rechtspersonen) en RJ-Richtlijnen, en International Financial Reporting Standards for Small and Medium-Sized Entities (IFRS for SMEs);
International Financial Reporting Standards (IFRS) en vastgestelde nationale standaarden inzake financiële verslaggeving die van toepassing zijn op oob's1027In ISRS 4410 wordt gesproken over ‘publicly listed entities’, in Clarified ISAs over ‘listed entities’..
A18
Voorbeelden van stelsels inzake financiële verslaggeving voor bijzondere doeleinden die kunnen worden gebruikt, afhankelijk van het specifieke doel van de historische financiële informatie, omvatten:
de fiscale grondslagen voor financiële verslaggeving die in een bepaald rechtsgebied worden gebruikt om de historische financiële informatie op te stellen om aan de verplichtingen inzake naleving van fiscale wet- en regelgeving te voldoen. Deze situatie is te onderscheiden van het geval dat fiscale grondslagen worden gehanteerd (inclusief toelichtingen van verschillen tussen fiscale en actuele waarderingen) om te voldoen aan het stelsel voor algemene doeleinden in Titel 9 Boek 2 BW en dat is toegestaan voor kleine rechtspersonen;
voor entiteiten waarvan niet vereist wordt dat zij een vastgesteld stelsel inzake financiële verslaggeving gebruiken:
grondslagen voor financiële verslaggeving die in de historische financiële informatie van een bepaalde entiteit worden gebruikt die geschikt zijn voor het beoogde gebruik van de historische financiële informatie en de omstandigheden van de entiteit (bijvoorbeeld, financiële verslaggeving op kasbasis met geselecteerde toerekeningen, zoals debiteuren en crediteuren, die leiden tot een balans en een winst-en-verliesrekening; of het gebruik van een vastgesteld stelsel inzake financiële verslaggeving dat is aangepast om te voldoen aan het specifieke doel waarvoor de historische financiële informatie is opgesteld);
de financiële verslaggeving op kasbasis die leidt tot een overzicht van ontvangsten en uitgaven (bijvoorbeeld ten behoeve van het toewijzen van het kasoverschot aan de eigenaren van een gebouw; of om mutaties vast te leggen in de kleine kas van een club).
(Zie Par. 21)
A19
De VGBA stelt de fundamentele beginselen van de beroepsethiek vast. De fundamentele beginselen zijn:
professionaliteit;
integriteit;
objectiviteit;
vakbekwaamheid en zorgvuldigheid; en
vertrouwelijkheid.
Accountants moeten zich aan de fundamentele beginselen houden om invulling te geven aan het handelen in het algemeen belang.
De VGBA verschaft een toetsingskader op grond waarvan een accountant bij een bedreiging een of meer maatregelen neemt die ertoe leiden dat een accountant zich aan de fundamentele beginselen houdt.
(Zie Par. 21, 24(a)–(d))
A20
De VGBA1028VGBA artikel 9. vereist van de accountant die betrokken is bij of in verband wordt gebracht met informatie die materieel onjuist, onvolledig of misleidend is, dat de accountant:
maatregelen neemt gericht op het wegnemen van de onjuistheid, onvolledigheid of misleiding; dan wel
aan deze vereiste informatie een mededeling toevoegt waarin de accountant de onjuistheid, onvolledigheid of misleiding aan de beoogde gebruikers kenbaar maakt.
Indien dit niet mogelijk is distantieert de accountant zich van deze informatie. Deze eisen vormen een invulling van het fundamentele beginsel integriteit.
(Zie Par. 17(j), 21)
A21
De Verordening inzake de onafhankelijke uitvoering van assurance-opdrachten is niet van toepassing op samenstellingsopdrachten.
A22
Wet- en regelgeving of relevante ethische voorschriften kunnen:
van de accountant vereisen om geïdentificeerde of vermoede fraude of niet-naleving van wet- en regelgeving te rapporteren aan een bevoegde instantie buiten de entiteit;
verantwoordelijkheden vaststellen die maken dat rapporteren aan een bevoegde instantie buiten de entiteit in de gegeven omstandigheden passend kan zijn.1029Zie NV NOCLAR.
A23
Het rapporteren van geïdentificeerde of vermoede fraude of niet-naleving van wet- en regelgeving aan een bevoegde instantie buiten de entiteit kan vereist worden of passend zijn in de omstandigheden omdat:
wet- en regelgeving of relevante ethische voorschriften van de accountant vereisen om te rapporteren;
de accountant bepaald heeft dat rapporteren een passende actie is om in te spelen op geïdentificeerde of vermoede fraude of niet-naleving in overeenstemming met relevante ethische voorschriften: of
wet- en regelgeving of relevante ethische voorschriften de accountant het recht verschaffen om dit te doen.
A24
Onder paragraaf 28 van deze Standaard wordt niet van de accountant verwacht dat hij een bepaald begrip van wet- en regelgeving heeft dat verder gaat dan wat nodig is om de samenstellingsopdracht uit te voeren. Echter, wet- en regelgeving of relevante ethische voorschriften kunnen van de accountant verwachten dat hij kennis, professionele oordeelsvorming en deskundigheid toepast bij het inspelen op fraude of niet-naleving. De accountant kan vermoeden of identificeren dat een handeling fraude of niet-naleving vormt, maar stelt niet juridisch vast of al dan niet sprake is van niet naleving van wet- en regelgeving. Dit is uiteindelijk een zaak die door een rechtbank of andere bevoegde gerechtelijke instantie moet worden vastgesteld.
A25
In bepaalde omstandigheden kan het rapporteren van geïdentificeerde of vermoede gevallen van fraude of niet-naleving van wet- en regelgeving aan een bevoegde instantie buiten de entiteit worden uitgesloten door de geheimhoudingsplicht van de accountant uit hoofde van wet- en regelgeving of relevante ethische voorschriften. In andere gevallen zou het rapporteren van gevallen of vermoede gevallen van niet-naleving aan een bevoegde instantie buiten de entiteit niet worden beschouwd als een schending van de geheimhoudingsplicht uit hoofde van de relevante ethische voorschriften.1030In de Nederlandse context wordt de accountant op grond van artikel 16 van de VGBA in een aantal situaties ontslagen van de geheimhoudingsplicht. Dit betreft onder meer de situatie dat de accountant bij wet verplicht of bevoegd is om vertrouwelijke informatie en gegevens te verstrekken aan een bevoegde instantie buiten de entiteit.
A26
De accountant kan overwegen om intern te consulteren (bijv. binnen de accountantseenheid of een netwerkonderdeel) of te consulteren bij de waarnemer (in het geval van een kleine accountantseenheid), juridisch advies in te winnen om de professionele of juridische implicaties van het ondernemen van een bepaalde actie te begrijpen of op een vertrouwelijke basis te consulteren met een regelgever of toezichthouder of beroepsorganisatie (tenzij dit op grond van wet- of regelgeving verboden is of de geheimhoudingsplicht zou schenden).
(Zie Par. 22, 24(e)(iii))
A27
Professionele oordeelsvorming is van essentieel belang voor het op passende wijze uitvoeren van een samenstellingsopdracht. Dit is zo omdat de interpretatie van relevante ethische voorschriften en van de vereisten van deze standaard, en de behoefte aan weloverwogen beslissingen tijdens het uitvoeren van een samenstellingsopdracht, de toepassing van relevante kennis van en ervaring met de feiten en van de omstandigheden van de opdracht vereisen. Professionele oordeelsvorming is noodzakelijk, in het bijzonder wanneer bij de opdracht het management van de entiteit wordt ondersteund met betrekking tot het nemen van beslissingen over:
de aanvaardbaarheid van het te gebruiken stelsel inzake financiële verslaggeving om de historische financiële informatie van de entiteit op te stellen en te presenteren, in het licht van het beoogde gebruik van de historische financiële informatie en de beoogde gebruikers daarvan;
het toepassen van het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving, waaronder:
de selectie van geschikte grondslagen voor financiële verslaggeving onder dat stelsel;
de ontwikkeling van schattingen die nodig zijn voor de historische financiële informatie die onder dat stelsel moeten worden opgesteld en gepresenteerd; en
het opstellen en presenteren van historische financiële informatie in overeenstemming met het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving.
Wanneer de accountant het management ondersteunt, is altijd het uitgangspunt dat het management of, in voorkomend geval, de met governance belaste personen inzicht hebben in de significante oordeelsvormingen die in de historische financiële informatie worden weerspiegeld en de verantwoordelijkheid voor die oordeelsvormingen op zich nemen.
A28
Professionele oordeelsvorming omvat het toepassen van relevante training, kennis en ervaring, in de context die door deze standaard en standaarden inzake verslaggeving en ethiek wordt geboden, bij het nemen van weloverwogen beslissingen over de te ondernemen acties die in de omstandigheden van de samenstellingsopdracht passend zijn.
A29
Het toepassen van professionele oordeelsvorming bij afzonderlijke opdrachten is gebaseerd op de feiten en omstandigheden die bij de accountant bekend zijn tot aan de datum van de samenstellingsverklaring bij de opdracht, waaronder:
kennis die is opgedaan bij de uitvoering van andere opdrachten die voor de entiteit zijn uitgevoerd, voor zover van toepassing (bijvoorbeeld fiscale dienstverlening);
het inzicht van de accountant in de activiteiten van de entiteit, inclusief haar administratieve systeem, en in de toepassing van het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving in de sector waarin de entiteit werkzaam is;
de mate waarin voor het opstellen en presenteren van de historische financiële informatie het toepassen van oordeelsvorming door het management is vereist.
(Zie Par. 23(b))
A30
Bij het nemen van de algehele verantwoordelijkheid voor het managen en bereiken van kwaliteit van elke opdracht, wordt door de handelingen van de opdrachtpartner en passende berichten aan de andere leden van het opdrachtteam het belang van het bereiken van kwaliteit van de opdracht benadrukt door het volgende:
het uitvoeren van werkzaamheden die voldoen aan professionele standaarden en door wet- en regelgeving gestelde vereisten;
het naleven van de van toepassing zijnde beleidslijnen of procedures van de accountantseenheid voor zover van toepassing; en
het uitbrengen van de samenstellingsverklaring in overeenstemming met deze Standaard.
(Zie Par. 23(b)(i))
A31
De NVKM vereist van de accountantseenheid om kwaliteitsdoelstellingen vast te stellen die betrekking hebben op de geschiktheid van haar oordeelsvormingen over het aanvaarden of continueren van een cliëntrelatie of opdracht op basis van informatie die is verkregen over de aard en omstandigheden van de samenstellingsopdracht en de integriteit en ethische waarden van de cliënt (met inbegrip van het management, en, indien van toepassing, de met governance belaste personen) die voldoende is om zulke oordeelsvormingen te ondersteunen.
(Zie Par. 23(b)(iii))
A32
In de NVKM is opgenomen datde accountantseenheid ervoor verantwoordelijk is een kwaliteitssysteem dat betrekking heeft op de vervulling van de verantwoordelijkheden in verband met relevante ethische voorschriften vast te stellen. In deze Standaard zijn de verantwoordelijkheden van de opdrachtpartner met betrekking tot de naleving van relevante ethische voorschriften door het opdrachtteam uiteengezet.1031Artikel 4 en artikel 12 van de NVKM
(Zie Par. 24(a))
A33
Het beoogd gebruik van de historische financiële informatie wordt geïdentificeerd door verwijzing naar van toepassing zijnde wet- of regelgeving, dan wel andere regelingen die met betrekking tot het verstrekken van historische financiële informatie van de entiteit zijn vastgesteld, waarbij rekening wordt gehouden met de behoeften aan historische financiële informatie van partijen binnen of buiten de entiteit die de beoogde gebruikers zijn. Voorbeelden zijn historische financiële informatie waarvan vereist is te worden verschaft door een entiteit in verband met het doen van transacties of van financieringsaanvragen met externe partijen zoals leveranciers, banken of andere verschaffers van financiering of financiële middelen.
A34
Het door de accountant identificeren van het beoogd gebruik van de historische financiële informatie betreft ook inzicht in factoren zoals het/de bijzondere doel(en) van het management of, in voorkomend geval, de met governance belaste personen of een andere opdrachtgevende partij waarin bedoeld is te voorzien door om de samenstellingsopdracht te verzoeken. Zo kan een instantie die financiële bijdragen toekent van de entiteit vereisen om historische financiële informatie te verschaffen die door een accountant is samengesteld om informatie over bepaalde aspecten van de activiteiten van een entiteit te verkrijgen. Deze historische financiële informatie wordt in een gespecificeerde vorm opgesteld, om het toekennen van een financiële bijdrage of het continueren van een bestaande financiële bijdrage te onderbouwen.
(Zie Par. 17(l), 24(b))
A35
Het besluit over het stelsel inzake financiële verslaggeving dat het management hanteert voor de historische financiële informatie wordt genomen in de context van het beoogde gebruik van de historische financiële informatie zoals is beschreven in de overeengekomen opdrachtvoorwaarden en de vereisten van de van toepassing zijnde wet- of regelgeving.
A36
Hieronder staan voorbeelden van factoren die erop wijzen dat het relevant kan zijn om te overwegen of het stelsel inzake financiële verslaggeving aanvaardbaar is:
de aard van de entiteit en de vraag of het een gereguleerde vorm betreft, of het bijvoorbeeld een onderneming met winstoogmerk, een entiteit in de publieke sector of een non-profit organisatie betreft;
het beoogde gebruik van de historische financiële informatie en de beoogde gebruikers. De historische financiële informatie zou bijvoorbeeld kunnen zijn bedoeld te worden gebruikt door een grote groep gebruikers, of kunnen worden gebruikt door het management of door bepaalde externe gebruikers in de context van een bepaald doel dat is gespecificeerd in de opdrachtvoorwaarden;
de vraag of het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving wordt voorgeschreven of gespecificeerd, hetzij in van toepassing zijnde wet- of regelgeving, of in een contract of andere vorm van overeenkomst met een externe partij, of als onderdeel van regelingen inzake governance of verantwoordingsplicht die door de entiteit vrijwillig zijn gehanteerd;
de aard en vorm van de historische financiële informatie (om) op te stellen en te presenteren onder het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving, bijvoorbeeld een volledige set van financiële overzichten, een enkel financieel overzicht of historische financiële informatie die is gepresenteerd in een andere opmaak die partijen van een contract zijn overeengekomen, of een andere vorm van overeenkomst.
(Zie Par. 24(a)–(b))
A37
De opdrachtgevende partij komt doorgaans met de beoogde gebruikers de aard en vorm van historische financiële informatie die is bedoeld voor een bepaald doel overeen, bijvoorbeeld zoals gespecificeerd onder de bepalingen van de financiële verslaggeving van een contract of een projectsubsidie of zoals noodzakelijk is om de transacties of activiteiten van de entiteit te onderbouwen. Het relevante contract kan het gebruik van een vastgesteld stelsel inzake financiële verslaggeving vereisen, zoals een stelsel inzake financiële verslaggeving voor algemene doeleinden dat door een bevoegde of erkende instantie die standaarden vaststelt of dat door wet- en regelgeving is vastgesteld. Anderzijds kunnen de contractpartijen het gebruik van een stelsel voor algemene doeleinden met wijzigingen of aanpassingen overeenkomen die voorzien in hun specifieke behoeften. In dat geval kan het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving in de historische financiële informatie en in de samenstellingsverklaring worden beschreven als zijnde de bepalingen van de financiële verslaggeving van het gespecificeerde contract in plaats van met verwijzing naar het aangepaste stelsel inzake financiële verslaggeving. In dergelijke gevallen is het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving een stelsel voor bijzondere doeleinden, ook al kan de samengestelde historische financiële informatie breder beschikbaar worden gesteld en van de accountant wordt vereist dat hij alle relevante rapporteringsvereisten van deze standaard naleeft.
A38
Wanneer het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving een stelsel inzake financiële verslaggeving voor bijzondere doeleinden is, wordt door deze standaard van de accountant vereist om eventuele beperkingen in het beoogde gebruik of in de verspreidingskring van de historische financiële informatie in de opdrachtbevestiging vast te leggen, en in de samenstellingsverklaring te vermelden dat de historische financiële informatie is opgesteld door gebruik te maken van een stelsel inzake financiële verslaggeving voor bijzondere doeleinden, en derhalve mogelijk niet geschikt is voor andere doeleinden.
(Zie Par. 24(e))
A39
Onder deze standaard wordt van de accountant vereist om de overeenstemming van het management of, in voorkomend geval, de met governance belaste personen te verkrijgen inzake de verantwoordelijkheden van het management met betrekking tot zowel de historische financiële informatie als de samenstellingsopdracht. De overeenstemming is een voorwaarde die voorafgaat aan de aanvaarding van de opdracht. In kleinere entiteiten kunnen het management of, in voorkomend geval, de met governance belaste personen niet goed geïnformeerd zijn over wat die verantwoordelijkheden precies inhouden, inclusief die welke zich voordoen bij van toepassing zijnde wet- of regelgeving. Om de instemming van een geïnformeerd management te verkrijgen, kan de accountant het noodzakelijk achten om die verantwoordelijkheden met het management te bespreken voorafgaand aan verkrijgen van de instemming van het management hierover.
A40
Indien het management zijn verantwoordelijkheden in de context van een samenstellingsopdracht niet erkent, is de accountant niet in staat om de opdracht uit te voeren, en is het voor de accountant niet passend om de opdracht te aanvaarden tenzij dit onder van toepassing zijnde wet- of regelgeving is vereist. In omstandigheden waaronder het van de accountant niettemin vereist is om de opdracht te aanvaarden, kan de accountant het nodig achten om met het management te communiceren over het belang van deze aangelegenheden en de implicaties voor de opdracht.
A41
De accountant kan zich beroepen op het management om nauwkeurig, volledig en tijdig alle informatie te verschaffen die voor de samenstellingsopdracht relevant is. De vorm van de informatie die ten behoeve van de opdracht door het management is verschaft, zal in verschillende opdrachtomstandigheden verschillen. In grote lijnen zal dit vastleggingen, documenten, uitleg en overige informatie omvatten die relevant zijn voor de samenstelling van de historische financiële informatie, gebruikmakend van het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving. De verschafte informatie kan bijvoorbeeld informatie bevatten over veronderstellingen van het management, bedoelingen of plannen. Deze liggen ten grondslag aan de ontwikkeling van schattingen die noodzakelijk zijn voor het samenstellen van de informatie onder het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving.
(Zie Par. 25)
A42
Het is in het belang van zowel het management, eventuele andere opdrachtgevende partijen, als de accountant, dat de accountant vóór het uitvoeren van de samenstellingsopdracht een opdrachtbevestiging verstuurt naar het management en, voor zover van toepassing, de opdrachtgevende partijen, om misverstanden met betrekking tot de samenstellingsopdracht te voorkomen. Een opdrachtbevestiging bevestigt de aanvaarding van de opdracht door de accountant en bevestigt aangelegenheden als:
de doelstellingen en de reikwijdte van de opdracht, inclusief het begrip van de opdrachtpartijen dat de opdracht geen assurance-opdracht betreft;
het beoogde gebruik en de beoogde verspreiding van de historische financiële informatie, en (voor zover van toepassing) eventuele beperkingen in het gebruik of de verspreiding ervan;
de verantwoordelijkheden van het management met betrekking tot de samenstellingsopdracht;
de omvang van de verantwoordelijkheden van de accountant, inclusief het feit dat de accountant geen controleoordeel of een beoordelingsconclusie over de historische financiële informatie tot uitdrukking zal brengen;
de vorm en inhoud van de verklaring die door de accountant voor de opdracht wordt uitgebracht.
A43
De vorm en inhoud van de opdrachtbevestiging kan voor iedere opdracht verschillen. Naast de aangelegenheden die op grond van deze standaard worden vereist kan een opdrachtbevestiging een verwijzing maken naar bijvoorbeeld:
afspraken met betrekking tot de betrokkenheid van andere accountants en deskundigen bij bepaalde aspecten van de samenstellingsopdracht;
afspraken die in het geval van een eerste opdracht moeten worden gemaakt met de eventuele voorgaande accountant;
de mogelijkheid dat aan het management of, in voorkomend geval, de met governance belaste personen wordt verzocht om bepaalde informatie of uitleg die tijdens de opdracht mondeling is overgebracht aan de accountant schriftelijk te bevestigen;
eigendom van de informatie die voor de doeleinden van de samenstellingsopdracht wordt gebruikt, daarbij onderscheid makend tussen documenten en informatie van de entiteit die voor de opdracht wordt verschaft en de opdrachtdocumentatie van de accountant, daarbij rekening houdend met de van toepassing zijnde wet- en regelgeving;
een verzoek aan het management, en een eventuele andere opdrachtgevende partij, om de ontvangst van de opdrachtbevestiging te erkennen en in te stemmen met de opdrachtvoorwaarden die daarin zijn uiteengezet.
A44
Voor voorbeeldteksten van een opdrachtbevestiging voor een samenstellingsopdracht wordt verwezen naar NBA-voorbeeldteksten op www.nba.nl/voorbeeldteksten.
(Zie Par. 26)
A45
De accountant kan beslissen om niet iedere verslagperiode een nieuwe opdrachtbevestiging of een andere schriftelijke overeenkomst te sturen. De volgende factoren kunnen er echter op duiden dat het passend is om de voorwaarden van de samenstellingsopdracht te herzien, of om het management of, voor zover van toepassing, de opdrachtgevende partij, te herinneren aan de bestaande opdrachtvoorwaarden:
elke indicatie dat het management of, voor zover van toepassing, de opdrachtgevende partij, de doelstelling en de reikwijdte van de opdracht verkeerd begrijpt;
elke herziene of speciale opdrachtvoorwaarde;
een recente wijziging in het senior management van de entiteit;
een significante wijziging in de eigendom van de entiteit;
een significante wijziging in de aard of omvang van de bedrijfsactiviteiten van de entiteit;
een wijziging in door wet-of regelgeving gestelde eisen die invloed hebben op de entiteit;
een wijziging in het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving.
(Zie Par. 27, 32, 33, 34 en 35)
A46
De geschikte timing voor communicatie zal afhankelijk zijn van de omstandigheden van de samenstellingsopdracht. Relevante omstandigheden omvatten de significantie en aard van de aangelegenheid en elke verwachte te ondernemen actie door het management of de met governance belaste personen. Het kan bijvoorbeeld passend zijn om een significante moeilijkheid die zich tijdens de opdracht heeft voorgedaan zo snel mogelijk te communiceren indien het management of de met governance belaste personen in staat zijn om de accountant te ondersteunen bij het verhelpen van de moeilijkheid.
A47
Relevante ethische voorschriften kunnen een vereiste omvatten om geïdentificeerde of vermoede fraude of niet-naleving van wet- en regelgeving te communiceren met het management op het passende verantwoordelijkheidsniveau of de met governance belaste personen. In bepaalde rechtsgebieden kan wet- of regelgeving de communicatie van de accountant van bepaalde aangelegenheden met het management of de met governance belaste personen beperken. Wet- of regelgeving kan specifiek communicatie, of andere actie, verbieden die een onderzoek door een bevoegde instantie naar een actuele of vermoede illegale handeling zou kunnen schaden, inclusief het hierop attenderen van de entiteit. Bijvoorbeeld wanneer van de accountant wordt vereist om de geïdentificeerde of vermoede fraude of niet-naleving te rapporteren aan een bevoegde instantie krachtens anti-witwas wetgeving (Wwft). In deze omstandigheden kunnen de kwesties die worden overwogen door de accountant complex zijn en de accountant kan het passend achten juridisch advies in te winnen.
(Zie Par. 28)
A48
Het verwerven van inzicht in de activiteiten van de entiteit, inclusief het administratieve systeem en vastleggingen van de entiteit, is een voortdurend proces dat gedurende de samenstellingsopdracht plaatsvindt. Het inzicht geeft een referentiekader waarbinnen de accountant professionele oordeelsvorming toepast bij het samenstellen van de historische financiële informatie.
A49
De omvang van het inzicht dat de accountant heeft of dat hij over de activiteiten van de entiteit verwerft, is minder dan waarover het management beschikt. Het is gericht op het niveau dat voor de accountant voldoende is om onder de opdrachtvoorwaarden de historische financiële informatie te kunnen samenstellen.
A50
Voorbeelden van aangelegenheden die de accountant in overweging kan nemen bij het verwerven van inzicht in de activiteiten van de entiteit en in het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving omvatten:
de omvang en complexiteit van de entiteit en haar activiteiten;
de complexiteit van het stelsel inzake financiële verslaggeving;
de verplichtingen of vereisten inzake de financiële verslaggeving van de entiteit, de vraag of deze onder van toepassing zijnde wet- en regelgeving, onder de bepalingen van een contract of andere vorm van overeenkomst met derden, of in de context van vrijwillige regelingen inzake financiële verslaggeving bestaan;
het niveau van ontwikkeling van de management- en governance-structuur van de entiteit met betrekking tot management van en toezicht op de vastleggingen en financiële verslaggevingssystemen van de entiteit die het opstellen van de historische financiële informatie van de entiteit ondersteunen;
het niveau van ontwikkeling en complexiteit van de systemen voor de administratie en financiële verslaggeving van de entiteit en daaraan gerelateerde interne beheersingsmaatregelen;
de aard van de activa, passiva, opbrengsten en kosten van de entiteit.
(Zie Par. 30)
A51
Bij sommige samenstellingsopdrachten biedt de accountant geen ondersteuning aan het management bij significante oordeelsvormingen. Bij andere opdrachten kan de accountant bijvoorbeeld dergelijke ondersteuning bieden met betrekking tot een vereiste schatting of door het management te ondersteunen bij het overwegen van passende grondslagen voor financiële verslaggeving. Waar ondersteuning geboden wordt, is het nodig te overleggen zodat het management of, in voorkomend geval, de met governance belaste personen inzicht hebben in en hun verantwoordelijkheid nemen voor de significante oordeelsvormingen die in de historische financiële informatie zijn weerspiegeld.
(Zie Par. 31)
A52
De accountant leest de historische financiële informatie ter ondersteuning bij het voldoen aan de ethische verplichtingen die voor de samenstellingsopdracht relevant zijn.
(Zie Par. 34(a))
A53
Er kunnen omstandigheden bestaan wanneer het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving een vastgesteld stelsel inzake financiële verslaggeving is met significante afwijkingen daarvan. Indien de beschrijving van het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving in de samengestelde historische financiële informatie een verwijzing maakt naar het vastgestelde stelsel met significante afwijkingen, kan het noodzakelijk zijn dat de accountant in overweging neemt of de verwijzing naar het vastgestelde stelsel in de omstandigheden van de opdracht misleidend is.
(Zie Par. 34(b)–(c))
A54
Het overwegen van de materialiteit door de accountant vindt plaats binnen de context van het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving. Sommige stelsels inzake financiële verslaggeving behandelen het concept van materialiteit binnen de context van het opstellen en het presenteren van historische financiële informatie. Ook al kunnen stelsels inzake financiële verslaggeving materialiteit in verschillende termen omschrijven, in het algemeen zetten zij uiteen dat:
afwijkingen – mede door geïdentificeerde of vermoede fraude of niet-naleving van wet- en regelgeving – inclusief weglatingen, worden geacht van materieel belang te zijn indien hiervan, afzonderlijk of gezamenlijk, redelijkerwijs zou kunnen worden verwacht dat zij invloed hebben op de economische beslissingen die gebruikers op basis van de historische financiële informatie nemen;
oordeelsvormingen over materialiteit worden gemaakt in het licht van de gegeven omstandigheden en worden beïnvloed door de aard of de omvang van een afwijking, dan wel door een combinatie van beide; en
oordeelsvormingen over aangelegenheden die van materieel belang zijn voor de gebruikers van historische financiële informatie worden gebaseerd op een overweging van de gemeenschappelijke behoefte aan historische financiële informatie van gebruikers als groep beschouwd. Het mogelijke effect van afwijkingen op specifieke individuele gebruikers, van wie de behoeften ver uiteen kunnen lopen, wordt niet in aanmerking genomen.
A55
Een uiteenzetting van het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving – indien aanwezig – verschaft de accountant een referentiekader bij het inzicht in de materialiteit ten behoeve van de samenstellingsopdracht. Indien niet aanwezig voorzien de bovenstaande overwegingen de accountant van een referentiekader.
A56
De perceptie van de accountant ten aanzien van de behoeften van gebruikers van de historische financiële informatie beïnvloedt de visie van de accountant op materialiteit. In deze context is het redelijk voor de accountant om aan te nemen dat gebruikers:
een redelijke kennis hebben van bedrijfs- en economische activiteiten, en van administratieve verwerking, en een bereidheid om de historische financiële informatie met een redelijke toewijding te bestuderen;
begrijpen dat historische financiële informatie is opgesteld en gepresenteerd rekening houdend met materialiteitsniveaus;
de onzekerheden herkennen die inherent zijn aan de bepaling van bedragen die gebaseerd zijn op het gebruik van schattingen, oordeelsvormingen en het in overweging nemen van toekomstige gebeurtenissen; en
redelijke economische beslissingen nemen op basis van de informatie in de historische financiële informatie.
A57
Het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving kan als uitgangspunt bevatten dat de historische financiële informatie is opgesteld op basis van continuïteit. Indien de accountant zich ervan bewust wordt dat er onzekerheden bestaan met betrekking tot het vermogen van de entiteit om haar continuïteit te handhaven, kan de accountant, in voorkomend geval een meer passende presentatie onder het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving voorstellen of passende toelichtingen voorstellen met betrekking tot de mogelijkheid van de entiteit om haar continuïteit te handhaven, om dat stelsel na te leven en om te voorkomen dat de historische financiële informatie misleidend is.
(Zie Par. 33 en 35)
A58
In omstandigheden die zijn aangegeven in de vereisten van deze standaard en waarbij het noodzakelijk is om de opdracht terug te geven, verschaft de verantwoordelijkheid om het management en de met governance belaste personen op de hoogte te stellen van de redenen voor teruggave, de gelegenheid om de ethische verplichtingen van de accountant uit te leggen.
(Zie Par. 38 en 38A)
A59
De documentatie die door deze standaard wordt vereist dient een aantal doelen, waaronder de volgende:
het verschaffen van een vastlegging van aangelegenheden die voor toekomstige samenstellingsopdrachten relevant zullen blijven;
het opdrachtteam in staat te stellen, waar van toepassing, verantwoording af te leggen voor zijn werk, inclusief het vastleggen van het voltooien van de opdracht.
A60
De accountant kan tevens overwegen of hij een kopie van de saldibalans van de entiteit, een samenvatting van significante vastleggingen of andere informatie die de accountant heeft gebruikt om de samenstelling uit te voeren, in de opdrachtdocumentatie op te nemen.
A61
De accountant legt vast hoe de samengestelde historische financiële informatie aansluit op de onderliggende vastleggingen, documenten, uitleg en andere informatie die door het management zijn verschaft ten behoeve van de samenstellingsopdracht. Hij kan hierbij bijvoorbeeld een schema bijhouden dat de aansluiting laat zien van de rekeningsaldi in het grootboek van de entiteit met de samengestelde historische financiële informatie, inclusief aanpassingen via journaalposten of andere aanpassingen in de historische financiële informatie die de accountant met het management in de loop van de opdracht is overeengekomen.
A61A
Een geschikte termijn waarbinnen de samenstelling van het definitieve opdrachtdossier moet worden afgerond, is in het algemeen een termijn van niet meer dan 2 maanden na de datum van de samenstellingsverklaring.
Met het administratieve proces van het samenstellen wordt niet gedoeld op het verrichten van administratieve diensten voor de cliënt of het samenstellen van de jaarrekening maar op werkzaamheden om het dossier te ordenen.
(Zie Par. 40 en 41A)
A62
De schriftelijke verklaring omvat zowel verklaringen die zijn uitgebracht in hard copy als verklaringen die op elektronische wijze zijn uitgebracht.
Het uitbrengen van een samenstellingsverklaring maakt onderdeel uit van een samenstellingsopdracht. De enige uitzondering hierop is een samenstellingsverklaring bij publicatiestukken: bij die samenstellingsopdracht, uit te voeren in overeenstemming met deze standaard, mag een samenstellingsverklaring achterwege blijven. Ingeval van een wettelijke controle wordt bij publicatiestukken op grond van Titel 9 Boek 2 BW een controleverklaring vereist. Vooralsnog lijkt in het maatschappelijk verkeer geen behoefte te zijn aan een samenstellingsverklaring bij publicatiestukken.
A63
De accountant kan ervan op de hoogte zijn dat de samengestelde historische financiële informatie en de samenstellingsverklaring zullen worden opgenomen in een document dat andere informatie bevat, zoals een jaarrapport. Hij kan dan overwegen, indien de presentatievorm dit toelaat, de nummers van de pagina’s waarop de historische financiële informatie wordt gepresenteerd te vermelden. Dit ondersteunt de gebruikers om de historische financiële informatie te identificeren waarop de samenstellingsverklaring betrekking heeft.
(Zie Par. 40(b))
A64
In wet- of regelgeving kan worden gespecificeerd aan wie de samenstellingsverklaring te adresseren in het specifieke rechtsgebied. De samenstellingsverklaring wordt doorgaans geadresseerd aan de partij die de accountant de opdracht heeft gegeven, gewoonlijk het management van de entiteit.
(Zie Par. 40 (j))
A65
Indien de historische financiële informatie is opgesteld door gebruik te maken van een stelsel inzake financiële verslaggeving voor bijzondere doeleinden, is het onder deze standaard vereist dat de samenstellingsverklaring de aandacht van de lezers van de verklaring vestigt op het stelsel inzake financiële verslaggeving voor bijzondere doeleinden dat in de historische financiële informatie wordt gebruikt. Tevens is het vereist om te vermelden dat de historische financiële informatie derhalve mogelijk niet geschikt is voor andere doeleinden. Dit kan worden aangevuld door een additionele clausule die de verspreiding of het gebruik, of beide, van de samenstellingsverklaring aan alleen de beoogde gebruikers beperkt.
A66
Historische financiële informatie die is opgesteld voor een bepaald doel kan door andere partijen dan de beoogde gebruikers worden verkregen die de informatie zouden willen gebruiken voor andere doeleinden dan die waarvoor de informatie bedoeld was. Zo kan een regelgever of toezichthouder van bepaalde entiteiten vereisen dat zij financiële overzichten verschaffen die zijn opgesteld door gebruik te maken van een stelsel inzake financiële verslaggeving voor bijzondere doeleinden, en dat die financiële overzichten openbaar zijn. Het feit dat die financiële overzichten ook beschikbaar zijn voor andere partijen dan de beoogde gebruikers houdt niet in dat deze financiële overzichten dan financiële overzichten voor algemene doeleinden zouden worden. De vermeldingen van de accountant die moeten worden opgenomen in de samenstellingsverklaring zijn noodzakelijk om de aandacht van de lezers te vestigen op het feit dat de financiële overzichten zijn opgesteld onder een stelsel inzake financiële verslaggeving voor bijzondere doeleinden en derhalve mogelijk niet geschikt zijn voor andere doeleinden.
(Zie Par. 40)
A67
De accountant kan het passend achten om erop te wijzen dat de samenstellingsverklaring slechts is bestemd voor de specifieke gebruikers van de historische financiële informatie. Afhankelijk van de wet- of regelgeving van het bepaalde rechtsgebied kan dit worden bereikt door een beperking in de verspreiding van de samenstellingsverklaring of het gebruik hiervan, of beide, aan alleen de beoogde gebruikers.
A67A
De vereisten met betrekking tot de in de verklaring op te nemen elementen staan er borg voor dat op een deugdelijke wijze wordt toegelicht wat de opdrachtgever en eventuele andere lezers van de verklaring mogen verwachten van de accountant bij een samenstelopdracht. Er geldt dan ook geen vereiste voor de accountant om in zijn verklaring tot uitdrukking te brengen dat er geen sprake is van een controle- of beoordelingsverklaring. Accountants kunnen een dergelijke zinsnede wel opnemen, bijvoorbeeld om convergentie te bereiken binnen een internationaal netwerk.
(Zie Par. 37, 38 en 41)
A68
Het proces dat binnen de entiteit bestaat voor het vaststellen van de historische financiële informatie door het management of, in voorkomend geval, de met governance belaste personen is voor de accountant een relevante overweging bij het voltooien van de samenstellingsopdracht. Afhankelijk van de aard en het doel van de historische financiële informatie kan er een vastgesteld goedkeuringsproces bestaan waarbij van het management of de met governance belaste personen wordt vereist dat zij dit volgen, of waarbij dat wordt voorgeschreven in van toepassing zijnde wet- en regelgeving, voor het opstellen en afronden van historische financiële informatie of financiële overzichten van de entiteit.
(Zie Par. 40)
A69
Voor voorbeeldteksten van samenstellingsverklaringen wordt verwezen naar NBA-voorbeeldteksten op www.nba.nl/Voorbeeldteksten
Abusievelijk is een wijziging m.b.t. de voetnoot geformuleerd die
niet kan worden doorgevoerd.
1
Deze Standaard behandelt de wijze waarop een aan assurance verwante opdracht met betrekking tot de Tijdelijke Noodmaatregel Overbrugging voor behoud van Werkgelegenheid (NOW) moet worden uitgevoerd. Het bevat werkzaamheden zoals afgestemd met het Ministerie van SZW welke nader zijn geduid in het accountantsprotocol behorend bij de regeling. Deze Standaard mag alleen worden toegepast als de aard van de werkgever en het subsidiebedrag conform het accountantsprotocol een aan assurance verwante opdracht rechtvaardigen. Er zijn verschillende accountantsprotocollen opgesteld door SZW voor de verschillende NOW-periodes. (Zie Par. A1, A2, A3, A4 en A5)
1a
Werkgevers die van meerdere NOW-verantwoordingsperiodes gebruik maken, moeten per NOW-verantwoordingsperiode een aanvraag tot vaststelling indienen. Afhankelijk van de hoogte hiervan, kan het verplicht zijn een accountantsverklaring op basis van deze Standaard of Standaard 3900NAccountantsopdracht bij de NOW-regelingen – Assurance toe te voegen of kan het nodig zijn een verklaring van een deskundige derde aan te leveren.
In deze standaard zijn twee opties gecreëerd om tot administratieve lastenverlichting te komen:
een samengevoegde opdracht
Een accountant die voor een werkgever werkzaamheden voor meerdere NOW-verantwoordingsperiodes uitvoert, mag de werkzaamheden van meerdere NOW-verantwoordingsperiodes administratief als één samengevoegde opdracht beschouwen. Zo kan hierbij gebruik worden gemaakt van bijvoorbeeld één opdrachtbrief en/of kunnen de werkzaamheden in één dossier worden gedocumenteerd. Dit mag mits uit het dossier blijkt welke werkzaamheden op welke NOW-verantwoordingsperiode van toepassing zijn.
een gecombineerde opdracht
een gecombineerde opdracht gaat nog een stap verder. In bepaalde NOW-regelingen is het toegestaan dat de accountant de werkzaamheden voor een aantal NOW-verantwoordingsperiodes uitvoert alsof sprake is van één opdracht (zoals NOW3 en NOW4). Dit betreft bijvoorbeeld de aanvullende werkzaamheden, het verrichten van één opdrachtgerichte kwaliteitsbeheersing (OKB), het éénmaal doorlopen van het verkrijgen van inzicht in de betreffende entiteit en het niet hoeven corrigeren van bepaalde fouten per afzonderlijke NOW-verantwoordingsperiode. Uit de samenstellingsverklaring blijkt dat deze gebaseerd is op een gecombineerde opdracht en worden de NOW-verantwoordingsperiodes geïdentificeerd.
2
Als een accountantseenheid een opdracht uitvoert volgens deze Standaard bij een NOW-aanvraag tot vaststelling gelden de Nadere voorschriften kwaliteitsmanagementaccountants, die werkzaam zijn bij of verbonden zijn aan een accountantskantoor, dat artikel 6 lid 1 of lid 2 toepast, lezen hiervoor de Nadere voorschriften kwaliteitssystemen (NVKM) op het niveau van de accountantseenheid. In deze Standaard is een bepaling over kwaliteitsbeheersing op het niveau van de afzonderlijke opdracht bij de NOW-regeling opgenomen.
3
De opdracht bestaat uit het samenstellen van een NOW-aanvraag tot vaststelling inclusief het uitvoeren van aanvullende werkzaamheden zoals deze zijn beschreven in het accountantsprotocol. Er wordt geen assurance verstrekt aan zowel de entiteit die de aanvraag tot vaststelling indient als aan de gebruikers van deze aanvraag.
Bij een samenstellingsopdracht gaat de accountant uit van de informatie die de accountant krijgt van het management tenzij de accountant zich ervan bewust wordt dat deze niet compleet, niet nauwkeurig of anderszins onbevredigend is.
In dat geval bespreekt de accountant dit met het management en vraagt om aanvullende of gecorrigeerde informatie. Als de accountant deze informatie niet krijgt, dan geeft de accountant de opdracht terug. De accountant geeft derhalve geen samenstellingsverklaring af als er op grond van de uitvoering van de opdracht aanwijzingen zijn verkregen dat de rapportage afwijkingen bevat.
Bij deze Standaard worden daarnaast door SZW voorgeschreven aanvullende werkzaamheden verricht die zijn genoemd in het accountantsprotocol waardoor het UWV de aanvraag tot vaststelling kan vaststellen. Daardoor zal een accountant zich eerder bewust kunnen worden van informatie die niet compleet, niet nauwkeurig of anderszins onbevredigend is.
4
Het management blijft verantwoordelijk voor de aanvraag tot vaststelling en voor de basis waarop deze is opgesteld en gepresenteerd. Die verantwoordelijkheid omvat:
het door het management vormen van oordelen over zaken die voor het opstellen en presenteren van de NOW-aanvraag tot vaststelling zijn vereist, inclusief:
de selectie en toepassing van passende grondslagen voor financiële verslaggeving; en
het ontwikkelen van redelijke schattingen, waar nodig;
het voldoen aan de overige voorwaarden van de regeling.
5
Deze Standaard legt het management of de met governance belaste personen geen verantwoordelijkheden op of doet geen afbreuk aan door wet- en regelgeving opgelegde verantwoordelijkheden. Het uitgangspunt voor een opdracht die overeenkomstig deze Standaard wordt uitgevoerd, is dat het management of, in voorkomend geval, de met governance belaste personen bepaalde verantwoordelijkheden hebben aanvaard die fundamenteel zijn voor de uitvoering van de samenstellingsopdracht.
6
Deze Standaard bevat vereisten die de accountant in staat stellen om de vermelde doelstelling van de opdracht te behalen. Deze vereisten worden uitgedrukt door gebruik te maken van het hulpwerkwoord ‘dienen’ (in: ‘iets dienen te doen’). (Zie Par. A6)
7
Daarnaast bevat deze Standaard inleidende teksten, definities en toepassingsgerichte en overige verklarende teksten die de relevante context bieden voor een goed inzicht in de Standaard. (Zie Par. A7)
8
De uitleg in de toepassingsgerichte en overige verklarende teksten heeft niet de status van een vereiste, wel is deze relevant voor de correcte toepassing van de vereisten. (Zie Par. A8)
9
Voor de ingangsdatum wordt verwezen naar de slotbepalingen.
10
Het doel van de accountant bij het verrichten van een opdracht bij één van de NOW-regelingen volgens deze Standaard is:
het toepassen van deskundigheid op het gebied van administratieve verwerking en financiële verslaggeving ter ondersteuning van het management bij het opstellen en presenteren van een NOW-aanvraag tot vaststelling;
in overeenstemming met de vereisten van deze Standaard het verrichten van aanvullende werkzaamheden op de van het management ontvangen informatie; en
het rapporteren in overeenstemming met de vereisten van deze Standaard.
11
In het kader van deze Standaard hebben de volgende termen de hierna aangegeven betekenissen:
gebruiker – Gebruiker als bedoeld in paragraaf 16, onderdeel a, van Standaard 3900N van de NV COS;
gecombineerde opdracht (bij een aan assurance verwante opdracht) – Opdracht waarbij de accountant de werkzaamheden voor een aantal NOW-verantwoordingsperiodes als één onderzoek uitvoert. De accountant ondersteunt de werkgever bij het opstellen van de NOW-aanvragen tot vaststelling per verantwoordingsperiode. De accountant geeft een samenstellingsverklaring af waaruit blijkt dat deze is gebaseerd op een gecombineerde opdracht en waarin de NOW-verantwoordingsperiodes worden geïdentificeerd; (Zie Par. A9a)
meetperiode – Meetperiode als bedoeld in paragraaf 16, onderdeel f, van Standaard 3900N van de NV COS;
NOW-aanvraag tot vaststelling – Aanvraag tot vaststelling zoals voorgeschreven door het Ministerie van SZW en het UWV;
NOW-groep – NOW-groep als bedoeld in paragraaf 16, onderdeel g, van Standaard 3900N van de NV COS; (Zie Par. A9b)
NOW-opdracht – NOW-opdracht als bedoeld in paragraaf 16, onderdeel i, van Standaard 3900N van de NV COS;
NOW-verantwoordingsperiode – NOW-verantwoordingsperiode als bedoeld in paragraaf 16, onderdeel j, van Standaard 3900N van de NV COS;
samengevoegde opdracht (bij een aan assurance verwante opdracht) – Opdracht van een werkgever aan een accountant om voor meerdere NOW-verantwoordingsperiodes de werkzaamheden uit te voeren. De accountant zal in een samengevoegde opdracht per NOW-verantwoordingsperiode de werkzaamheden uitvoeren op grond waarvan de accountant voor die periode een samenstellingsverklaring afgeeft. Administratief kan de accountant de opdracht als één opdracht behandelen. (Zie Par. A9c).
Voor de overige definities en begrippen wordt verwezen naar artikel 1 van de NOW-regeling (inclusief de toelichting).
11a
De paragrafen 17 en 17A van Standaard 4410 zijn van overeenkomstige toepassing, voor zover in deze Standaard en artikel 1 van de NOW-regeling (inclusief de toelichting) niet anders is bepaald.
12
De accountant dient inzicht te hebben in de gehele tekst van deze Standaard, inclusief de toepassingsgerichte en overige verklarende teksten, om de doelstellingen te begrijpen en de vereisten naar behoren toe te passen. (Zie Par. A10)
13
De accountant dient te voldoen aan alle vereisten van deze Standaard, tenzij een bepaalde vereiste niet relevant is, bijvoorbeeld omdat de betreffende omstandigheden niet van toepassing zijn op de opdracht.
14
De accountant dient geen naleving van deze Standaard te vermelden tenzij de accountant alle vereisten van deze Standaard heeft nageleefd die voor de samenstellingsopdracht relevant zijn.
15
De accountant mag ervan uit gaan dat alle relevante vereisten in het kader van een opdracht bij de NOW-regeling – Aan assurance verwant in deze Standaard zijn opgenomen. (Zie Par. A11 – A12)
16
De accountant dient de relevante ethische voorschriften van de VGBA na te leven. (Zie Par. A13 – A14)
17
De accountant dient de opdracht met een professioneel-kritische instelling uit te voeren. (Zie Par. A15)
18
De accountant dient bij de opdracht professionele oordeelsvorming toe te passen. (Zie Par. A16)
19
De opdrachtpartner dient:
een opdrachtgerichte kwaliteitsbeoordeling (OKB) te laten uitvoeren. (Zie Par. A17, A17a)
Bij de wijze waarop deze OKB wordt ingevuld dient in ieder geval aandacht te worden besteed aan de volgende aspecten:
alle relevante documenten en informatie worden aan de opdrachtgerichte kwaliteitsbeoordelaar verstrekt;
de opdrachtgerichte kwaliteitsbeoordelaar voert een objectieve evaluatie uit van de naar eigen mening belangrijkste aangelegenheden en stelt vast of de uitgevoerde opdracht inclusief de aanvullende werkzaamheden uit het accountantsprotocol voldoende basis zijn om de samenstellingsverklaring af te geven;
de opdrachtgerichte kwaliteitsbeoordelaar bespreekt significante oordeelsvormingen en de eigen evaluatie met de opdrachtpartner; of
een andere maatregel te nemen die minstens zo effectief is als een opdrachtgerichte kwaliteitsbeoordeling. (Zie Par. A18)
20
De opdrachtpartner dient verantwoordelijkheid te nemen voor: (Zie Par. A19)
de algehele kwaliteit van de aan assurance verwante NOW-opdracht die aan die opdrachtpartner is toegewezen; en
het uitvoeren van de opdracht in overeenstemming met het stelsel van kwaliteitsbeheersing van de accountantseenheid, door:
het volgen van passende procedures bij de aanvaarding en continuering van relaties met cliënten en opdrachten;
vast te stellen dat het opdrachtteam collectief over de passende competenties en capaciteiten beschikt om de opdracht uit te voeren;
alert te zijn op aanwijzingen van het niet-naleven van relevante ethische voorschriften door leden van het opdrachtteam en door het bepalen van de passende actie als er aangelegenheden onder de aandacht van de opdrachtpartner komen die erop wijzen dat leden van het opdrachtteam relevante ethische voorschriften niet hebben nageleefd;
de aansturing van, het toezicht op en de uitvoering van de opdracht in overeenstemming met professionele standaarden en door wet- en regelgeving gestelde eisen;
het nemen van de verantwoordelijkheid voor het onderhouden van geschikte opdrachtdocumentatie; en
vast te stellen dat een kwaliteitsbeoordeling door een kwaliteitsbeoordelaar is uitgevoerd en afgerond vóór het afgeven van de samenstellingsverklaring.
21
De accountant dient na te gaan of de cliënt geaccepteerd kan worden dan wel of de cliëntrelatie gecontinueerd kan worden in overeenstemming met het kwaliteitssysteem van de accountantseenheid. (Zie Par. A20 – A21)
21a
De accountant dient vast te stellen op welke NOW-verantwoordingperiodes de (samengevoegde of gecombineerde) opdracht betrekking heeft en welke accountantswerkzaamheden nodig zijn voor die periodes. (Zie Par. A21a en A21b)
22
De accountant dient de opdracht niet te aanvaarden tenzij de accountant de opdrachtvoorwaarden met het management, of een andere opdrachtgevende partij, overeen is gekomen, inclusief: (Zie Par. A22)
het beoogde gebruik en de verspreiding van de NOW-aanvraag tot vaststelling en beperkingen betreffende het gebruik of de verspreiding ervan;
identificatie van de NOW-regeling;
de doelstelling en reikwijdte van de opdracht bij de NOW-regeling – Aan assurance verwant;
de verantwoordelijkheden van de accountant, inclusief het vereiste om relevante ethische voorschriften na te leven;
dat het verstrekken van de samenstellingsverklaring niet per definitie leidt tot vaststelling door de gebruiker van de NOW-aanvraag tot vaststelling; (Zie Par. A22)
de verantwoordelijkheden van het management voor:
het opstellen en presenteren van de NOW-aanvraag tot vaststelling in overeenstemming met de NOW-regeling;
de nauwkeurigheid en de volledigheid van de vastleggingen, documenten, uitleg en overige informatie die door het management worden verschaft voor de samenstellingsopdracht; en
oordeelsvormingen die bij het opstellen en presenteren van de NOW-aanvraag tot vaststelling nodig zijn, inclusief die waarvoor de accountant in de loop van de samenstellingsopdracht ondersteuning kan bieden.
de verwachte vorm en inhoud van de samenstellingsverklaring.
23
De accountant dient, voorafgaand aan het uitvoeren van de NOW-opdracht, de overeengekomen opdrachtvoorwaarden schriftelijk in een opdrachtbevestiging of andere overeenkomst vast te leggen.
De accountant dient in de overeenkomst vast te leggen:
op welke NOW-verantwoordingsperiodes de opdracht betrekking heeft;
welke soort werkzaamheden zullen worden uitgevoerd; en
of sprake is van een samengevoegde- of een gecombineerde opdracht.
23a
Als na het ondertekenen van de NOW-opdracht blijkt dat de werkgever NOW-subsidie voor meer NOW-verantwoordingsperiodes heeft aangevraagd waarvoor de accountant werkzaamheden gaat uitvoeren, of dat andere niveaus van zekerheid op grond van de NOW-regelingen nodig zijn, dient de accountant de opdrachtvoorwaarden aan te passen.
Deze aanpassing mag worden vastgelegd in een addendum bij de opdrachtbevestiging of andere overeenkomst (Zie Par. A22a)
24
De accountant dient tijdig belangrijke aangelegenheden te bespreken met het management met betrekking tot de NOW-aanvraag tot vaststelling.
25
De accountant dient kennis te verwerven over de entiteit die relevant is voor het samenstellen van de NOW-aanvraag tot vaststelling en de aanvullende werkzaamheden bij de NOW-aanvraag tot vaststelling. De accountant dient daarbij aandacht te besteden aan de voor de NOW-aanvraag tot vaststelling van belang zijnde:
activiteiten van de entiteit, inclusief het administratieve systeem en administratieve vastleggingen van de entiteit;
structuur van de NOW-groep waar de entiteit onderdeel van uitmaakt; en
van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving, inclusief de toepassing hiervan in de sector van de entiteit. (Zie Par. A23 en A23a)
26
Bij het uitvoeren van de aanvullende werkzaamheden dient de accountant kennis te nemen van de daaraan gestelde eisen in het accountantsprotocol.
27
De aanvullende werkzaamheden zijn minder omvangrijk dan die in het kader van een assurance-opdracht worden uitgevoerd. Deze kunnen bijvoorbeeld bestaan uit het onderzoeken van de grootste posten, ongebruikelijke posten en deelwaarnemingen. De accountant dient op basis van professionele oordeelsvorming de omvang van deze werkzaamheden te bepalen. (Zie Par. A23b)
27a
De accountant die de werkzaamheden van een aantal NOW-verantwoordingsperiodes van NOW3 (maximaal drie periodes) en NOW4 (één periode) uitvoert als gecombineerde opdracht in lijn met de regeling en het accountantsprotocol, dient de aanvullende werkzaamheden op een aanvaardbare wijze te verdelen over de verschillende NOW-verantwoordingsperiodes. (Zie Par. A23c)
28
De accountant dient na te gaan of de uitkomsten van de extra werkzaamheden (bijvoorbeeld als gevolg van geconstateerde afwijkingen in het onderzoek) aanleiding geven om meer werkzaamheden uit te voeren om het gevolg van de fout te kunnen bepalen. (Zie Par. A23c)
29
De accountant dient voor de werkzaamheden onderscheid te maken tussen de volgende categorieën:
gegevens over omzet van de referentieperiode, omzet van de meetperiode en de hierop gebaseerde omzetdaling. Indien sprake is van een NOW-groep dienen alle onder de NOW-groep ressorterende aanvragen/loonheffingsnummers deze gegevens op het niveau van de NOW-groep te bevatten;
beweringen inzake specifieke aspecten van de loonsom;
overige informatie in de aanvraag tot vaststelling.
Daarnaast zal de accountant op grond van de regeling vanaf NOW2 ook onderzoek doen naar bewering inzake de naleving van het verbod op het uitkeren van bonussen, dividenden en de inkoop eigen aandelen in het kader van de concernregeling. (Zie Par. A24)
30
De accountant die in zijn aanvraag tot vaststelling van een werkgever de gegevens van een NOW-groep vermeldt, kan volstaan met het overnemen van de door een groepsaccountant verstrekte gegevens.
De accountant dient in het kader van de zorgvuldigheid de volgende procedures uit te voeren: (Zie Par. A2, A25 en A25a)
de accountant stelt vast dat de groepsaccountant is ingeschreven in het register van de NBA;
de accountant vraagt de groepsaccountant te bevestigen dat de gegevens in lijn met Standaard 4415N en in achtneming van het accountantsprotocol zijn samengesteld;
de accountant verkrijgt van de groepsaccountant een accountantsverklaring waaruit blijkt dat Standaard 4415N of Standaard 3900N is toegepast, in combinatie met een onderliggende verantwoording, waaruit blijkt
welke entiteiten onderdeel van de NOW-groep zijn;
wat hun referentie-omzet was;
wat hun omzet in de meetperiode is; en
wat hun omzet daling is geweest,
teneinde vast te stellen of deze informatie verenigbaar is met de kennis die de accountant heeft uit hoofde van zijn eigen opdracht;
de accountant borgt dat het dossier van de groepsaccountant desgewenst beschikbaar is voor een review door of namens de Minister van SZW;
de accountant geeft in de samenstellingsverklaring aan dat de accountant gebruik heeft gemaakt van deze bepaling en identificeert de samenstellingsverklaring van de groepsaccountant;
de accountant neemt een kopie van de samenstellingsverklaring van de groepsaccountant op in het dossier.
31
De accountant dient de NOW-aanvraag tot vaststelling samen te stellen door gebruik te maken van:
vastleggingen, documenten, uitleg en overige informatie inclusief significante oordeelsvormingen die door het management zijn verschaft; en
de door de accountant uitgevoerde aanvullende werkzaamheden.
32
Als de accountant in de loop van het samenstellen van de NOW-aanvraag tot vaststelling ondersteuning voor significante oordeelsvormingen heeft geboden, dient de accountant deze te bespreken met het management of, in voorkomend geval, de met governance belaste personen.
33
Voorafgaand aan de afronding van de samenstellingsopdracht dient de accountant de samengestelde NOW-aanvraag tot vaststelling te lezen in het licht van het inzicht van de accountant in de activiteiten van de entiteit en de NOW-regeling.
34
Indien de accountant zich gedurende de samenstellingsopdracht ervan bewust wordt dat de door het management verschafte vastleggingen, documenten, uitleg of overige informatie, inclusief significante oordeelsvormingen, niet compleet, niet nauwkeurig of anderszins onbevredigend zijn – waaronder geïdentificeerde of vermoede fraude of niet-naleving van de NOW-regeling, dient de accountant dat onder de aandacht van het management te brengen. De accountant dient ook om de aanvullende of gecorrigeerde informatie te verzoeken en hiervoor aanvullende werkzaamheden te verrichten. De accountant dringt waar nodig aan op adequate opvolging van geïdentificeerde of vermoede fraude of niet-naleving van de NOW-regeling. (Zie Par. A26)
35
Indien de accountant niet in staat is om de opdracht te voltooien omdat het management geen vastleggingen, documenten, uitleg of overige informatie, inclusief significante oordeelsvormingen, verschaft zoals was verzocht, dan dient de accountant de opdracht terug te geven. Dit is ook het geval als het management geen adequate opvolging geeft aan geïdentificeerde of vermoede fraude of niet-naleving van de NOW-regeling.
De accountant dient ook het management en de met governance belaste personen in te lichten over de redenen voor teruggave.
36
Indien de accountant zich er tijdens het verloop van de opdracht van bewust wordt dat:
de samengestelde NOW-aanvraag tot vaststelling (rapportage) niet aan de voorwaarden van de subsidieregeling voldoet;
aanpassingen aan de samengestelde NOW-aanvraag tot vaststelling vereist zijn zodat deze geen bekende afwijking bevat; of
de samengestelde NOW-aanvraag tot vaststelling op andere wijze misleidend is – waaronder geïdentificeerde of vermoede fraude of niet-naleving van de NOW-regeling,
dan dient de accountant de geschikte aanpassingen aan het management voor te stellen. De accountant dringt waar nodig aan op adequate opvolging van geïdentificeerde of vermoede fraude of niet-naleving van de NOW-regeling. (Zie Par. A27, A27a)
37
Indien het management weigert, of het de accountant niet toestaat de voorgestelde aanpassingen aan de samengestelde NOW-aanvraag tot vaststelling aan te brengen, dient de accountant de opdracht terug te geven. Dit is ook het geval als het management geen adequate opvolging geeft aan
geïdentificeerde of vermoede fraude of niet-naleving van de NOW-regeling.
De accountant dient ook het management en de met governance belaste personen in te lichten over de redenen voor de teruggave.
38
Als er sprake is van geïdentificeerde of vermoede fraude of niet-naleving van de NOW-regeling dan dient de accountant na te gaan of er aanvullende zaken moeten worden gedaan op grond van andere wet- en regelgeving zoals de Wwft of de NV NOCLAR. (Zie Par. A28)
39
De accountant dient een erkenning van het management te verkrijgen dat het de verantwoordelijkheid heeft genomen voor de definitieve versie van de NOW-aanvraag tot vaststelling. (Zie Par. A29 – A30)
40
De accountant dient het volgende in het dossier op te nemen: (Zie Par. A31)
significante aangelegenheden die zich tijdens de aan assurance verwante NOW-opdracht voordoen en hoe de accountant hiermee is omgegaan;
een aansluiting van de samengestelde NOW-aanvraag tot vaststelling op de onderliggende vastleggingen, documenten, uitleg en overige informatie die door het management is verschaft;
de aard, timing en omvang van de uitgevoerde werkzaamheden en de daaruit voortvloeide uitkomsten;
informatie die aantoont dat de opdracht in overeenstemming met deze Standaard, het accountantsprotocol en de voorwaarden van de opdracht is uitgevoerd;
informatie die aantoont dat alle relevante aanvullende werkzaamheden uit het accountantsprotocol zijn uitgevoerd; en
de bespreking en evaluatie van de opdrachtgerichte kwaliteitsbeoordeling; en
een kopie van de definitieve versie van de samengestelde NOW- aanvraag tot vaststelling waarvoor het management of, in voorkomend geval, de met governance belaste personen hun verantwoordelijkheid hebben erkend, en de samenstellingsverklaring.
41
De accountant dient de opdrachtdocumentatie samen te voegen in een opdrachtdossier en het administratieve proces van het samenstellen van het definitieve opdrachtdossier tijdig na de datum van de samenstellingsverklaring te voltooien.
De accountant die een samengevoegde opdracht heeft gekregen hoeft het dossier pas af te sluiten nadat het onderzoek naar de laatste NOW-verantwoordingsperiode is afgerond. Wel dient de accountant in een dergelijke situatie de documentatie met betrekking tot de werkzaamheden voor een bepaalde periode tijdig af te ronden. (Zie Par. A32 – A32a)
42
Een belangrijk doel van de samenstellingsverklaring is het duidelijk communiceren van de aard van het werkzaamheden en de rol en verantwoordelijkheden van de accountant tijdens de opdracht. De samenstellingsverklaring is geen middel om een oordeel of een conclusie over de NOW-aanvraag tot vaststelling tot uitdrukking te brengen, in welke vorm dan ook.
42a
Wanneer voor een aantal NOW-verantwoordingsperiodes een gecombineerde opdracht worden uitgevoerd dan dient de accountant dit aan te geven in de samenstellingsverklaring waarbij de accountant vermeldt op welke periodes de opdracht betrekking heeft. (Zie Par. A32b)
43
Bij het formuleren van de samenstellingsverklaring bij een NOW-aanvraag tot vaststelling dient de accountant de formats te hanteren die vereist zijn door UWV/SZW en waarvan de NBA heeft vastgesteld dat deze formats in voldoende mate aansluiten bij de rapporteringsverplichtingen in de standaarden uit de NV COS. (Zie Par. A33)
44
De accountant dient de verklaring te dateren op de datum waarop de accountant de samenstellingsopdracht overeenkomstig deze Standaard heeft voltooid.
A1
Er zijn meerdere NOW-regelingen. De voorwaarden voor een bepaalde NOW-periode staan in de bij die periode behorende NOW-regeling. Omdat de regelingen door de tijd gewijzigd kunnen zijn, is het van belang dat de actuele regeling voor de betreffende NOW-periode wordt gehanteerd op het moment dat een onderzoek wordt uitgevoerd c.q. afgerond. De regelingen zijn te vinden op wetten.nl.
Antwoorden op veel gestelde vragen over de uitleg van de regelingen staan onder andere op de websites van de NBA, UWV en SZW. (Zie Par. 1)
A2
Er zijn situaties waarbij sprake is van meerdere loonheffingsnummers binnen één NOW-groep, zoals vermeld in artikel 6 lid 5 van de NOW1, artikel 6 lid 7 van de NOW2, artikel 5 lid 7 van NOW3 of artikel 6 lid 7 van NOW4. Per loonheffingsnummer dient een aanvraag tot vaststelling bij het UWV te worden ingediend. Voor de bepaling van het type accountantsproduct worden de criteria toegepast op het niveau van de NOW-groep, dat wil zeggen het totaal van de subsidies van alle aanvragen binnen de NOW-groep en het voldoen aan de criteria voor controleplicht voor de NOW-groep. Het type accountantsproduct dat hieruit volgt is van toepassing op alle aanvragen tot vaststelling binnen de NOW-groep. In het geval van een NOW-groep dienen bij elke aanvraag tot vaststelling dezelfde gegevens met betrekking tot de omzet en omzetdaling te worden opgenomen, namelijk betrekking hebbend op de NOW-groep als geheel.
Dit heeft tot gevolg dat bij elke aanvraag tot vaststelling een accountantsproduct dient te worden verstrekt waarbij de gegevens van de omzet betrekking hebben op de NOW-groep en de aspecten van de loonsom op de individuele aanvrager (loonheffingsnummer). Concreet: bij elke aanvraag tot vaststelling en accountantsproduct moet sprake zijn van dezelfde meetperiode en dezelfde gegevens van de omzet en de omzetdaling. De aspecten van de loonsom worden op loonheffingsnummer verantwoord.
Het voorgaande wordt in dezelfde lijn opgenomen in de samenstellingsverklaring. (Zie Par. 1)
A3
De accountant neemt bij het toepassen van deze Standaard kennis van het voor de NOW-regeling opgestelde accountantsprotocol en past dit toe bij het uitvoeren van de opdracht. Voor elk van de regelingen geldt een apart protocol.
In de Standaard 3900N Accountantsopdracht bij de NOW-regeling – Assurance wordt geregeld hoe een opdracht moet worden uitgevoerd wanneer assurance met een redelijke mate of beperkte mate van zekerheid wordt gevraagd. (Zie Par. 1)
A4
Er zijn werkgevers die er vrijwillig voor kiezen om hun jaarrekening te laten controleren maar die verder wel vallen onder de voorwaarden voor een aan assurance verwante opdracht: dat wil zeggen indien het subsidiebedrag niet de grens overschrijdt die is opgenomen in het accountantsprotocol. In een dergelijk geval volstaat het dat de werkgever de accountant vraagt om bij de aanvraag tot vaststelling een aan assurance verwante NOW-opdracht uit te voeren.
Als in de statuten is geregeld dat de jaarrekening moet worden gecontroleerd en dit op grond van wet- of regelgeving niet nodig is dan wordt dit gezien als het vrijwillig kiezen voor jaarrekeningcontrole. (Zie Par.1)
A5
Het uitvoeren van een aan assurance verwante NOW-opdracht bij werkgevers die er vrijwillig voor kiezen hun jaarrekening te laten controleren kan eventueel wel leiden tot een bedreiging voor de onafhankelijkheid van de accountant die de jaarrekening controleert. Dit kan tot gevolg hebben dat die jaarrekeningcontrole niet kan worden uitgevoerd.
Denk hierbij bijvoorbeeld aan de situatie dat de accountant managementbeslissingen zou nemen bij het samenstellen van de NOW-aanvraag tot vaststelling en de NOW-subsidie later weer moet controleren in het kader van de jaarrekeningcontrole.
Het is dan ook verstandig dergelijke bedreigingen te onderkennen voordat bij een entiteit waar normaal een vrijwillige controle wordt uitgevoerd door dezelfde accountant een aan assurance verwante opdracht wordt geaccepteerd. (Zie Par. 1)
A6
De terminologie deze paragraaf is gebaseerd op die van de overige standaarden in de NV COS waar deze Standaard onderdeel van uitmaakt.
Vereisten beschrijven op hoofdlijnen de werkzaamheden die de accountant bij een opdracht moet uitvoeren. (Zie Par. 6)
A7
In de inleidende teksten wordt een inleiding gegeven op het doel van een standaard en worden de randvoorwaarden geschetst voor de uitvoering.
In definities wordt uitgelegd wat wordt bedoeld met bepaalde in de Standaard gebruikte begrippen. (Zie Par. 7)
A8
Toepassingsgerichte teksten en overige verklarende teksten leggen uit waarom bepaalde werkzaamheden worden vereist en hoe de werkzaamheden kunnen worden ingevuld in een bepaalde situatie. (Zie Par. 8)
A9
–
A9a
Accountants kunnen worden gevraagd om werkzaamheden uit te voeren ten behoeve van meerdere NOW-verantwoordingsperiodes uit NOW3 en NOW4. Deze werkzaamheden voor NOW3 en NOW4 kunnen als één gecombineerde opdracht worden uitgevoerd.
Indien gekozen wordt voor een gecombineerde opdracht moet voldaan worden aan de vereisten in de individuele periodes. Daarbij is de ‘zwaarste opdracht bepalend’ voor de te onderzoeken aanvragen binnen de gecombineerde opdracht.
Werkgevers kunnen er uiteraard ook voor kiezen om voor elke periode een aparte opdracht te verstrekken al dan niet aan verschillende dienstverleners. (Zie Par. 11b)
A9b
Een NOW-groep wijkt af van een jaarrekeninggroep. Een jaarrekeninggroep wordt in Nederland veelal gevormd op basis van artikel 24b Boek 2 BW. Voor de NOW moet daarnaast worden gekeken naar dochtermaatschappijen en daaraan gelijkgestelde vennootschappen op grond van artikel 24a Boek 2 BW.
Maar niet alle entiteiten die onderdeel zijn van de groep op grond van artikel 24a en 24b Boek 2 BW zijn onderdeel van de NOW-groep. Internationale entiteiten die geen Nederlands SV-loon betalen zijn namelijk geen onderdeel van de NOW-groep. (Zie Par. 11e)
A9c
Een samengevoegde NOW-opdracht kan betrekking hebben op één of meerdere aanvragen tot vaststelling van de NOW-regelingen. Het kan daarbij voorkomen dat binnen een opdracht verschillende soorten opdrachten kunnen worden uitgevoerd.
Denk bijvoorbeeld aan een kleine werkgever die voor bepaalde NOW-verantwoordingsperiodes assurance nodig heeft en voor andere periodes een aan assurance verwante opdracht, of een verklaring van een derde deskundige. Dit kan in een samengevoegde opdracht.
Net als bij gecombineerde opdrachten kunnen werkgevers er uiteraard ook voor kiezen om voor elke periode een aparte opdracht te verstrekken al dan niet aan verschillende dienstverleners. (Zie Par. 11h)
A10
Uit de vereisten in deze Standaard blijkt dat om tot een goede toepassing te komen deze Standaard gelezen moet worden in samenhang met het accountantsprotocol welke is opgesteld door het Ministerie van SZW. (Zie Par. 12)
A11
Voor de goede toepassing van de vereisten moeten deze gelezen worden in de context van het accountantsprotocol. (Zie Par. 15)
A12
Het kan een accountant helpen om bij het uitvoeren van de opdracht gebruik te maken van de informatie in andere standaarden zoals Standaard 240 of 4410. Daarmee wordt niet beoogd om de vereisten van deze Standaarden van toepassing te verklaren op deze Standaard. (Zie Par. 15)
A13
De NOW-opdracht is met de nodige waarborgen omgeven waarbij de accountant de verantwoordelijkheid heeft te handelen in het algemeen belang door het naleven van de fundamentele beginselen van de beroepsethiek. De Verordening gedrags- en beroepsregels accountants (VGBA) legt de fundamentele beginselen van de beroepsethiek vast die accountants naleven bij het uitvoeren van professionele diensten en verschaft een conceptueel raamwerk voor de toepassing. Die fundamentele beginselen zijn:
professionaliteit;
integriteit;
objectiviteit;
vakbekwaamheid en zorgvuldigheid; en
vertrouwelijkheid.
Bij het naleven van de VGBA is het vereist dat bedreigingen van de fundamentele beginselen worden geïdentificeerd en hierop op passende wijze wordt gereageerd. (Zie Par. 16)
A14
Omdat het een aan assurance verwante opdracht betreft is de Verordening inzake de Onafhankelijkheid (ViO) hier niet van toepassing. (Zie Par. 16)
A15
De accountant gebruikt een professioneel-kritische instelling onder meer bij de aanvullende werkzaamheden op de van het management ontvangen informatie. (Zie Par. 17)
Dit houdt onder meer in dat de accountant alert is op:
informatie die niet consistent is of tegenstrijdig is met andere uit het onderzoek verkregen informatie;
informatie die ertoe leidt dat er twijfel ontstaat over de betrouwbaarheid van documenten en mondeling verkregen informatie.
A16
De accountant gebruikt professionele oordeelsvorming bij het maken van diverse afwegingen tijdens het uitvoeren van de opdracht. Daartoe gebruikt de accountant de kennis, ervaring en relevante training in de context van de Standaard en ethische beginselen. (Zie Par. 18)
Dit houdt onder meer in:
afwegen of een opdracht bij de NOW-regeling – Aan assurance verwant geschikt is in de gegeven omstandigheden;
afwegen of het management adequate opvolging geeft aan geïdentificeerde of vermoede fraude;
afwegen welke werkzaamheden uitgevoerd dienen te worden om voldoende grondslag te krijgen voor de samenstellingsverklaring.
A17
Ter waarborging van de objectiviteit van de accountant die een aan assurance verwante NOW opdracht uitvoert, is een opdrachtgerichte kwaliteitsbeoordeling (OKB) vereist. Dit is een waarborg in verband met het ontbreken van een verplichting om onafhankelijk te zijn van de cliënt. Alhoewel de Verordening inzake de onafhankelijkheid van accountants bij assurance-opdrachten (ViO) niet van toepassing is, is hier de analogie toegepast dat een OKB een maatregel kan zijn bij deze bedreiging van objectiviteit.
De kwaliteitsbepaler bepaalt in het kader van het kwaliteitsstelsel van de accountantseenheid de wijze waarop deze OKB-vorm krijgt. De NVKM is hier vormvrij in.
De opdrachtgerichte kwaliteitsbeoordelaar laat de diepgang van de werkzaamheden afhangen van de aard en omvang van de opdracht. Desgewenst kan bij de OKB ook nagegaan worden of de opdracht vakbekwaam en zorgvuldig is uitgevoerd. (Zie Par. 19)
A17a
De accountant kan bij een gecombineerde opdracht volstaan met het laten uitvoeren van één OKB of andere maatregel als bedoeld in paragraaf 19. (Zie Par. 19)
A18
De accountant kan bij het toepassen van andere maatregelen steunen op procedures die de accountantseenheid geïmplementeerd heeft in het eigen kwaliteitssysteem, mits de accountant heeft vastgesteld dat deze maatregelen borgen dat de accountant objectief de opdracht uitvoert. (Zie Par. 19)
A19
Bij het nemen van verantwoordelijkheid voor de algehele kwaliteit van elke opdracht wordt door de handelingen van de opdrachtpartner en passende signalen aan de andere leden van het opdrachtteam het belang van het bereiken van kwaliteit van de opdracht benadrukt door het volgende: (Zie Par. 20)
het uitvoeren van werkzaamheden die voldoen aan professionele standaarden en vereisten die door wet- en regelgeving worden gesteld, waaronder in het kader van deze opdracht het accountantsprotocol;
het naleven van de van toepassing zijnde procedures van de accountantseenheid met betrekking tot kwaliteitsbeheersing; en
het uitbrengen van de samenstellingsverklaring overeenkomstig deze Standaard.
A20
De accountant besteedt hierbij onder andere aandacht aan de Wwft.
Voor zover de accountant nog niet eerder een cliëntrelatie had met deze opdrachtgever kan collegiaal overleg noodzakelijk zijn. Bijvoorbeeld met de accountant die eerder de jaarrekening heeft samengesteld bij dezelfde cliënt, maar geen aan assurance verwante opdracht in het kader van de NOW wil of kan uitvoeren. Op grond van artikel 15a van de VGBA kan het verplicht zijn om collegiaal overleg te voeren.
Ook als collegiaal overleg niet is verplicht, is het bij nieuwe cliënten verstandig om bij de vorige dienstverlener na te gaan of deze informatie heeft die de accountant kan helpen bij de afweging over het aanvaarden van de opdracht. (Zie Par. 21)
A21
Een attentiepunt bij de opdrachtaanvaarding is de situatie dat eerder een collega-accountant de NOW-opdracht heeft teruggeven omdat de collega-accountant deze opdracht niet in overeenstemming met de Standaard kon afronden.
Een risico is dat de accountant hiervan niet op de hoogte is. Dit speelt vooral in de situatie waarin geen sprake is van een ‘vaste’ accountant met een doorlopende opdracht zoals voor het samenstellen van de jaarrekening.
Dan heeft een accountant de volgende mogelijkheden om te onderzoeken of een opdracht door een collega accountant is teruggegeven: (Zie Par. 21)
navraag hierover bij de cliënt zelf (en dit eventueel bevestigen in de opdrachtbevestiging); of
vrijwillig collegiaal overleg met een (eventuele) andere beroepsbeoefenaar die de cliënt ondersteunt zoals een administrateur of fiscalist.
A21a
Werkgevers die gedurende meerdere periodes gebruik maken van de NOW, moeten per periode een aanvraag tot vaststelling indienen.
De werkzaamheden hiervoor kunnen in één dossier gedocumenteerd worden als onderdeel van een samengevoegde opdracht.
Daarnaast kan accountants gevraagd worden werkzaamheden uit te voeren ten behoeve van meerdere NOW-verantwoordingsperiodes uit NOW3 en NOW4. Deze werkzaamheden voor NOW3 en NOW4 kunnen als één gecombineerde opdracht worden uitgevoerd.
A21b
Een werkgever kan door het feit dat de werkgever in verschillende periodes een verschillende bijdrage krijgt, per periode een ander soort NOW-opdracht moeten laten uitvoeren bij zijn aanvraag tot vaststelling.
In die situatie kan het verstandig zijn dat de werkgever en de accountant bepalen hoe de accountantswerkzaamheden met betrekking tot de verschillende NOW-verantwoordingsperiodes zo efficiënt mogelijk uitgevoerd kunnen worden. Uiteraard moet hierbij voldaan worden aan de vereisten in de individuele periodes. Daarbij is de ‘zwaarste opdracht bepalend’.
Als voorbeeld bij een gecombineerde opdracht: Als voor NOW3 twee keer een opdracht met beperkte mate van zekerheid wordt gevraagd en één keer een aan assurance verwante opdracht voldoet, dan zouden twee opdrachten gecombineerd kunnen worden en één opdracht niet. In dat geval kan het efficiënter zijn om voor alle periodes te kiezen voor een opdracht met een beperkte mate van zekerheid.
Als voorbeeld bij een samengevoegde opdracht: Als een organisatie in drie opvolgende NOW-verantwoordingsperiodes een opdracht met een beperkte mate van zekerheid, een aan assurance verwante opdracht en vervolgens weer een beperkte mate van zekerheid nodig heeft, dan is het misschien wel efficiënter om voor alle periodes een assurance opdracht met een beperkte mate van zekerheid uit te voeren. Er ontstaan dan ook geen onafhankelijkheidsissues. (Zie Par. 21a)
A22
Een samenstellingsverklaring van de accountant is geen garantie voor een vaststelling van de subsidie door het UWV. Het is mogelijk dat het UWV andere informatie ter beschikking heeft dan de accountant op grond waarvan zij besluit (nog) niet tot het vaststellen van de NOW-aanvraag tot vaststelling over te gaan of om deze gewijzigd vast te stellen. (Zie Par. 22)
A22a
Het is mogelijk dat bij het aangaan van een NOW-opdracht nog niet bekend is welke werkzaamheden voor welke NOW-verantwoordingsperiode noodzakelijk zijn.
Dat kan bijvoorbeeld omdat de opdracht verstrekt wordt terwijl er nadien nog NOW-verantwoordingsperiodes komen. Het kan ook zijn dat achteraf blijkt dat bij de aanvraag tot vaststelling een andere verantwoording voldoet of noodzakelijk is.
In dergelijke gevallen kan worden volstaan met een addendum bij de opdrachtbevestiging om dit in vast te leggen. (Zie Par. 23a)
A23
De accountant kan gebruik maken van kennis die de accountant bij eerdere contacten, waaronder eerdere opdrachten, met de cliënt heeft verkregen, als de accountant vaststelt dat deze kennis nog relevant is. (Zie Par. 25)
A23a
De accountant kan bij een gecombineerde opdracht de werkzaamheden bij het verkrijgen van inzicht voor meerdere NOW-periodes combineren (Zie Par. 25)
A23b
De regeling staat het toe om de werkzaamheden voor meerdere NOW-verantwoordingsperiodes zoals voor NOW3 en 4 te combineren als werkzaamheden voor één onderzoek. De aanvullende werkzaamheden worden in principe evenwichtig over de betreffende verantwoordingsperiodes verdeeld. Wat een aanvaardbare wijze van verdelen is, is ook afhankelijk van de omstandigheden bij de betreffende cliënt.
Een voorbeeld betreft aanvullende werkzaamheden die gericht zijn op het risico dat de afgrenzing van de netto-omzet in de meetperiode onjuist is. De accountant combineert werkzaamheden voor de verantwoordingsperiodes NOW 3.2 (1 januari – 1 maart 2021) en NOW 3.3 (1 april tot 30 juni 2021). Een relevante factor is de grootte van de omzetdaling, aangezien een werkgever in aanmerking komt voor NOW bij een omzetdaling van minimaal 20%. Ook kan het feit dat verschillende vergoedingspercentages bij NOW-verantwoordingsperiodes worden gegeven, het interessant maken voor de organisatie om omzet te verschuiven. De accountant is hier alert op. (Zie Par. 27a)
Voorbeeld variant 1:
Indien in beide verantwoordingsperiodes bijvoorbeeld sprake is van een omzetdaling van 40%, dan zal de accountant met name aandacht hebben voor verschuivingen van omzet naar de periode vóór 1 januari 2021 of na 30 juni 2021. Of er verschuivingen zijn van omzet tussen de periode NOW 3.2 en NOW 3.3 is minder relevant omdat dit per saldo geen invloed heeft op het totale bedrag aan NOW-subsidie.
Voorbeeld variant 2:
In verantwoordingsperiode NOW 3.2 is sprake van een omzetdaling van 20% en in verantwoordingsperiode NOW 3.3 een omzetdaling van 40%. De accountant zal dan ook alert moeten zijn op eventuele verschuivingen van omzet uit periode NOW 3.2 naar periode NOW 3.3. Het risico bestaat dat in verantwoordingsperiode NOW 3.2 namelijk geen recht is op de NOW-subsidie als de omzetdaling lager is dan 20%.
A23c
Relevant zijn afwijkingen die gevolgen hebben voor de NOW-subsidie. Als bij een gecombineerde opdracht bijvoorbeeld blijkt dat een afwijking in een NOW-verantwoordingsperiode vervolgens wordt opgeheven in een andere NOW-verantwoordingsperiode van de gecombineerde opdracht, dan wordt dit niet gezien als een relevante fout voor de subsidie. Dit hoeft daarom niet te leiden tot meer aanvullende werkzaamheden. (Zie Par. 27a en 28)
A24
In het accountantsprotocol is een toelichting opgenomen met betrekking tot de onderzoeksaanpak van de omzet, loonsom en andere informatie. Voor het overzicht van de te onderzoeken risico’s en bijbehorende werkzaamheden wordt verwezen naar Bijlage 1, deel A Tabellen werkzaamheden uit het accountantsprotocol. De omvang van de werkzaamheden is bepaald in paragraaf 27 van deze Standaard.
De loonsom wordt voor een groot deel getoetst door het UWV. De accountant gaat specifiek de volgende aspecten van de loonsom bij de NOW-aanvraag tot vaststelling na: (Zie Par. 29)
alle (netto)lonen uit de loonaangifte die meetellen in de berekening van de tegemoetkoming daadwerkelijk zijn uitbetaald aan de betreffende werknemers;
er is geen sprake van gefingeerde dienstverbanden in de subsidieperiode;
als sprake is van bevindingen voortvloeiende uit bovenstaande twee beweringen deze hebben geleid tot een correcte bijstelling van de loonaangifte over de subsidieperiode.
A25
In het MKB zal het vaak voorkomen dat sprake is van één accountant die verantwoordelijk is voor het samenstellen van de NOW-aanvragen voor alle werkgevers in een NOW-groep. Het kan soms ook voorkomen dat sprake is van meerdere accountants bij een NOW-groep. In dat geval mag de accountant van een werkgever gebruik maken van het werk van een accountant die de omzet op groepsniveau heeft samengesteld mits de accountant in het kader van de zorgvuldigheid enige voorgeschreven werkzaamheden uitvoert.
De groepsaccountant is hierbij eindverantwoordelijk voor het samenstellen van de omzetdaling van de NOW-groep. De accountant van een werkmaatschappij kan hierbij door de accountant van de NOW-groep worden gevraagd om bepaalde werkzaamheden te verrichten voor de groepsaccountant. In dat geval wordt de accountant van de werkgever beschouwd als (tijdelijk) lid van het opdrachtteam van de groepsaccountant.
Indien nog geen sprake is van een groepsaccountant, kan deze in onderling overleg met de cliënt worden bepaald. (Zie Par. 30)
A25a
De verklaring van de groepsaccountant kan gebruikt worden ten aanzien van:
het onderzoek van de omzet van de NOW-groep;
het onderzoek van de naleving van het verbod op uitkering van bonussen en dividenden en de inkoop van eigen aandelen. (Zie Par. 30)
A26
Indien sprake is van bevindingen inzake de specifieke aspecten van de loonsom verwacht de gebruiker dat de aanvrager alle fouten herstelt door middel van een correctie in de loonaangifte en/of nabetaling van de nettolonen aan de werknemers. (Zie Par. 34)
A27
De gebruikers van de aan assurance verwante NOW-opdracht gaan ervan uit dat indien de accountant een samenstellingsverklaring heeft afgegeven de aanvrager alle bekende correcties heeft doorgevoerd. Indien dit niet het geval is kan er ook geen samenstellingsverklaring verstrekt worden door de accountant.
Het is aan de werkgever om een keuze te maken of de werkgever gehoor wil geven aan het moreel appèl of de werkgever gebruik wil maken van de regeling en de eventuele gevolgen daarvan af te wegen. Uitgangspunt is dat de werkgever verantwoording aflegt over de wijze waarop aan de subsidievoorwaarden wordt voldaan.
De accountant toetst niet het moreel appèl. Wel onderzoekt de accountant conform het accountantsprotocol of de entiteit zich aan de voorwaarden van de regeling heeft gehouden, of dat de entiteit onrechtmatig subsidie claimt. (Zie Par. 36)
A27a
Bij een gecombineerde opdracht hoeven niet alle bekende afwijkingen per afzonderlijke NOW-verantwoordingsperiode te worden gecorrigeerd. Relevant zijn afwijkingen die gevolgen hebben voor de totale NOW-subsidie over de gecombineerde NOW-verantwoordingsperiodes.
Voorbeeld: Bij een gecombineerde opdracht van NOW 3.1 en NOW 3.2 blijkt dat een afwijking in periode 3.1 vervolgens wordt opgeheven in 3.2 van de gecombineerde opdracht. Dit wordt dan niet gezien als een relevante fout zo lang dit geen gevolgen heeft voor de totale NOW-subsidie van periode 3.1 en 3.2. Een dergelijke fout hoeft daarom niet te leiden tot een aanpassing van de samen te stellen NOW-aanvraag tot vaststelling. (Zie Par. 36)
A28
Wanneer de accountant zaken ziet die kunnen wijzen op fraude of niet-naleving van de NOW-regeling dan zal de accountant dit bespreken met het management en verzoeken om informatie. Hieruit kan blijken dat het vermoeden ongegrond was. Het kan ook nodig zijn dat het management een vermoede fraude of niet-naleving van de NOW-regeling laat onderzoeken om hier duidelijkheid over te krijgen. Als het vermoeden gegrond is, dringt de accountant aan op maatregelen om de geïdentificeerde fraude of niet-naleving van de NOW-regeling te redresseren en stelt de benodigde aanpassingen aan de NOW-aanvraag tot vaststelling voor. In deze situatie informeert de accountant de met governance (toezicht) belaste personen.
Indien het management het vermoeden niet kan weerleggen en bovendien weigert de fraude te onderzoeken, te redresseren of herhaling daarvan te voorkomen, zal de accountant (onder vermelding van reden) de opdracht teruggeven. In dat geval informeert de accountant zowel het management als de met governance (toezicht) belaste personen hierover.
Wwft
Een accountant kan bij de cliënt te maken krijgen met ongebruikelijke transacties waarbij het in bepaalde gevallen wettelijk verplicht is om deze te melden bij de FIU-Nederland in overeenstemming met de voorschriften in de Wwft.
Zie voor de nadere eisen omtrent de Wwft en het doen van een melding NBA-handreiking 1124, Richtsnoeren voor de interpretatie van Wwft.
NV NOCLAR
Als de accountant het noodzakelijk vindt in het algemeen belang, neemt de accountant zelf maatregelen die vanuit de positie van de accountant redelijkerwijs mogelijk zijn. Bijvoorbeeld zelf een melding doen bij het UWV (als bevoegde instantie voor de NOW) als de cliënt bij of krachtens wet daartoe verplicht is, maar dit nalaat. Verder informeert de accountant eventuele andere eindverantwoordelijke accountants voor wie deze informatie van belang is bij de uitvoering van hun opdracht voor de cliënt, als de accountant weet dat zij ook bij de cliënt opdrachten uitvoeren en hierover niet door de cliënt zelf zijn geïnformeerd. Daarnaast maakt de accountant een vastlegging in lijn met artikel 21 van de VGBA. (Zie Par. 38)
A29
Het management kan de verantwoordelijkheid voor de NOW-aanvraag tot vaststelling alleen nemen als het management deze begrijpt en het daarmee eens is. Dus licht de accountant de NOW-aanvraag tot vaststelling waar nodig toe. (Zie Par. 39)
A29a
De accountant kan bij een gecombineerde opdracht in één keer een erkenning van het management vragen voor meerdere NOW-aanvragen tot vaststelling. (Zie Par. 39)
A30
De accountant kan hiervoor gebruik maken van de voorbeeldteksten van de NBA in het kader van deze NOW-regeling. (Zie Par. 39)
A31
De documentatie moet zodanig zijn dat een ervaren accountant met kennis van de branche waarin de entiteit opereert en met kennis van de NOW in staat is om te beoordelen of het onderzoek goed is uitgevoerd.
Het is niet nodig om zaken te documenteren die ook anderszins uit het dossier blijken. Het is dus niet nodig om op te schrijven dat werkzaamheden zijn uitgevoerd als dit blijkt uit de verkregen onderzoeksinformatie of uit de afwerking van het werkprogramma. (Zie Par. 40)
A32
Een geschikte termijn waarbinnen de samenstelling van het definitieve opdrachtdossier moet worden afgerond, is in het algemeen een termijn van niet meer dan 2 maanden na de datum van de samenstellingsverklaring.
Met het administratieve proces van het samenstellen wordt niet gedoeld op het verrichten van administratieve diensten voor de cliënt of het samenstellen van de NOW-aanvraag tot vaststelling maar op werkzaamheden om het dossier te ordenen. (Zie Par. 41)
A32a
Bij bepaalde secties in het dossier van een samengevoegde opdracht kan het zijn dat er aanvullingen plaatsvinden naar aanleiding van elke NOW-rapportage. Bijvoorbeeld bij een wijziging in de samenstelling van de NOW-groep in een latere NOW-periode (zie Par. 25 over het inzicht van de accountant/kennis over de entiteit). Een dergelijke aanpassing is niet strijdig met de vereiste om de documentatie met betrekking tot de werkzaamheden voor een bepaalde periode tijdig af te ronden. Uiteraard moet de informatie die voor een bepaalde periode relevant was, wel beschikbaar blijven. (Zie Par. 41)
A32b
Dit kan van toepassing zijn op NOW-verantwoordingsperiodes vanaf NOW3.
Een rapportage bij een gecombineerde opdracht kan pas plaatsvinden nadat alle werkzaamheden zijn afgerond bij de betreffende NOW-verantwoordingsperiodes.
Ondanks dat sprake is van een gecombineerde opdracht, moeten werkgevers wel per NOW-verantwoordingsperiode een NOW-aanvraag tot vaststelling indienen. Ook de gezamenlijke samenstellingsverklaring wordt per verantwoordingsperiode aan het UWV aangeleverd. In de samenstellingsverklaring wordt een link gelegd tussen de NOW-verantwoordingsperiode die in de aanvraag tot vaststelling wordt genoemd en het object van onderzoek wat betrekking heeft op meerdere NOW-verantwoordingsperiodes. (Zie Par. 42a)
A33
De formats van de verklaring van de accountants worden opgenomen op de websites www.uwv.nl, www.wetten.nl en www.nba.nl. Het hanteren van dit format is van belang voor de verwerking bij het UWV voor de vaststelling van de definitieve aanvraag. (Zie Par. 43)
Artikel III van Stcrt. 2025/16355 bevat overgangsrecht m.b.t.
deze wijziging.
Artikel III van Stcrt. 2025/16355 bevat overgangsrecht m.b.t.
deze wijziging.
1
Deze standaard behandelt de verantwoordelijkheden van de accountant:
wanneer deze de opdracht heeft gekregen om:
het management te ondersteunen bij het opstellen en presenteren van de subsidieverantwoording met betrekking tot een Covid-19 gerelateerde subsidie;
ten behoeve van de subsidieverstrekker aanvullende werkzaamheden te verrichten zoals beschreven in een accountantsprotocol; en
om overeenkomstig deze standaard over de opdracht te rapporteren.
2
Deze Standaard kan alleen worden toegepast als het accountantsprotocol behorende bij de subsidieregeling een aan assurance verwante opdracht rechtvaardigt en de opdracht voldoet aan het gestelde in paragraaf 4. (Zie Par. A1)
3
Als een accountantseenheid een opdracht uitvoert volgens deze Standaard gelden de Nadere voorschriften kwaliteitsmanagementaccountants, die werkzaam zijn bij of verbonden zijn aan een accountantskantoor, dat artikel 6 lid 1 of lid 2 toepast, lezen hiervoor de Nadere voorschriften kwaliteitssystemen (NVKM) op het niveau van de accountantseenheid. In deze Standaard is een bepaling over kwaliteitsbeheersing op het niveau van de afzonderlijke opdracht opgenomen.
4
De opdracht bestaat uit het samenstellen van de subsidieverantwoording inclusief het uitvoeren van aanvullende werkzaamheden zoals deze zijn beschreven in het accountantsprotocol. Er wordt geen assurance verstrekt aan zowel de entiteit die de subsidieverantwoording indient als aan de subsidieverstrekker.
Bij een samenstellingsopdracht gaat de accountant uit van de informatie die de accountant krijgt van het management tenzij de accountant zich ervan bewust wordt dat deze niet compleet, niet nauwkeurig of anderszins onbevredigend is.
In dat geval bespreekt de accountant dit met het management en vraagt om aanvullende of gecorrigeerde informatie. Als de accountant deze informatie niet krijgt, dan geeft de accountant de opdracht terug. De accountant geeft derhalve geen samenstellingsverklaring af als er op grond van de uitvoering van de opdracht aanwijzingen zijn verkregen dat de rapportage afwijkingen bevat.
Bij deze Standaard worden daarenboven aanvullende werkzaamheden verricht die zijn genoemd in het accountantsprotocol waardoor de subsidieverstrekker de subsidieverantwoording kan vaststellen. Daardoor zal een accountant zich eerder bewust worden van informatie die niet compleet, niet nauwkeurig of anderszins onbevredigend is. (Zie Par. A2)
5
Het management blijft verantwoordelijk voor de subsidieverantwoording en voor de basis waarop deze is opgesteld en gepresenteerd. Die verantwoordelijkheid omvat:
het toepassen door het management van oordeelsvormingen die voor het opstellen en presenteren van de subsidieverantwoording zijn vereist, inclusief:
de selectie en toepassing van passende grondslagen voor financiële verslaggeving; en
het ontwikkelen van redelijke schattingen, waar nodig;
het voldoen aan de overige voorwaarden van de subsidieregeling.
6
Deze Standaard legt het management of de met governance belaste personen geen verantwoordelijkheden op of doet geen afbreuk aan wet- en regelgeving die deze verantwoordelijkheden bepalen. Het uitgangspunt voor een opdracht die overeenkomstig deze Standaard wordt uitgevoerd, is dat het management of, in voorkomend geval, de met governance belaste personen bepaalde verantwoordelijkheden hebben aanvaard die fundamenteel zijn voor de uitvoering van de samenstellingsopdracht.
7
Deze Standaard bevat vereisten die de accountant in staat stellen om de vermelde doelstelling van de opdracht te behalen. Deze vereisten worden uitgedrukt door gebruik te maken van het hulpwerkwoord ‘dienen’ (in: ‘iets dienen te doen’). (Zie Par. A3)
8
Daarnaast bevat deze Standaard inleidende teksten, definities en toepassingsgerichte en overige verklarende teksten die de relevante context bieden voor een goed inzicht in de Standaard. (Zie Par. A4)
9
De uitleg in de toepassingsgerichte en overige verklarende teksten heeft niet de status van een vereiste, wel is deze relevant voor de correcte toepassing van de vereisten. (Zie Par. A5)
10
De accountant mag ervan uit gaan dat alle relevante vereisten in het kader van een aan assurance verwante opdracht bij een subsidieregeling in deze Standaard zijn opgenomen. (Zie Par. A6 en A7)
11
Voor de ingangsdatum wordt verwezen naar de slotbepalingen.
12
Het doel van de accountant bij het verrichten van een aan assurance verwante opdracht bij een subsidieregeling onder deze Standaard is:
het toepassen van deskundigheid op het gebied van administratieve verwerking en financiële verslaggeving ter ondersteuning van het management bij het opstellen en presenteren van de subsidieverantwoording;
in overeenstemming met de vereisten van deze Standaard het verrichten van aanvullende werkzaamheden op de van het management ontvangen informatie; en
het rapporteren in overeenstemming met de vereisten van deze Standaard.
13
Voor de definities en begrippen uit de regeling wordt verwezen naar de subsidieregeling (inclusief de toelichting).
13a
De paragrafen 17 en 17A van Standaard 4410 zijn van overeenkomstige toepassing, voor zover in deze Standaard en de subsidieregeling (inclusief de toelichting) niet anders is bepaald.
14
De accountant dient inzicht te hebben in de gehele tekst van deze Standaard, inclusief de toepassingsgerichte en overige verklarende teksten, om de doelstellingen te begrijpen en de vereisten naar behoren toe te passen. (Zie Par. A8)
15
De accountant dient te voldoen aan alle vereisten van deze Standaard, tenzij een bepaalde vereiste niet relevant is, bijvoorbeeld omdat de betreffende omstandigheden niet van toepassing zijn op de opdracht.
16
De accountant dient geen naleving van deze Standaard te vermelden tenzij de accountant alle vereisten van deze Standaard heeft nageleefd die voor de aan assurance verwante opdracht bij een subsidieregeling relevant zijn.
17
De accountant dient de relevante ethische voorschriften van de VGBA na te leven. (Zie Par. A9 – A10)
18
De accountant dient de opdracht met een professioneel-kritische instelling uit te voeren. (Zie Par. A11)
19
De accountant dient bij de opdracht professionele oordeelsvorming toe te passen. (Zie Par. A12)
20
De opdrachtpartner dient:
een opdrachtgerichte kwaliteitsbeoordeling (OKB) te laten uitvoeren. (Zie Par. A13 – A14)
Bij de wijze waarop deze OKB wordt ingevuld dient in ieder geval aandacht te worden besteed aan de volgende aspecten:
alle relevante documenten en informatie worden aan de opdrachtgerichte kwaliteitsbeoordelaar verstrekt;
de opdrachtgerichte kwaliteitsbeoordelaar voert een objectieve evaluatie uit van de naar eigen mening belangrijkste aangelegenheden en stelt vast of de uitgevoerde opdracht inclusief de aanvullende werkzaamheden uit het accountantsprotocol voldoende basis zijn om de samenstellingsverklaring af te geven;
de opdrachtgerichte kwaliteitsbeoordelaar bespreekt significante oordeelsvormingen en de eigen evaluatie met de opdrachtpartner; of
een andere maatregel te nemen die minstens zo effectief is als een opdrachtgerichte kwaliteitsbeoordeling. (Zie Par. A15)
21
De opdrachtpartner dient verantwoordelijkheid te nemen voor: (Zie Par. A16)
de algehele kwaliteit van de aan assurance verwante opdracht die aan die opdrachtpartner is toegewezen; en
het uitvoeren van de opdracht in overeenstemming met het stelsel van kwaliteitsbeheersing van de accountantseenheid, door:
het volgen van passende procedures bij de aanvaarding en continuering van relaties met cliënten en opdrachten;
vast te stellen dat het opdrachtteam collectief over de passende competenties en capaciteiten beschikt om de opdracht uit te voeren;
alert te zijn op aanwijzingen van het niet-naleven van relevante ethische voorschriften door leden van het opdrachtteam en door het bepalen van de passende actie als er aangelegenheden onder de aandacht van de opdrachtpartner komen die erop wijzen dat leden van het opdrachtteam relevante ethische voorschriften niet hebben nageleefd;
de aansturing van, het toezicht op en de uitvoering van de opdracht in overeenstemming met professionele standaarden en door wet- en regelgeving gestelde eisen;
het nemen van de verantwoordelijkheid voor het onderhouden van geschikte opdrachtdocumentatie; en
vast te stellen dat een kwaliteitsbeoordeling door een kwaliteitsbeoordelaar is uitgevoerd en afgerond vóór het afgeven van de samenstellingsverklaring.
22
De accountant dient na te gaan of de werkzaamheden uit het accountantsprotocol uitvoerbaar zijn en relevant in het kader van de opdracht. (Zie Par. A17)
23
De accountant dient na te gaan of de cliënt geaccepteerd kan worden dan wel of de cliëntrelatie gecontinueerd kan worden in overeenstemming met het kwaliteitssysteem van de accountantseenheid. (Zie Par. A18, A19 en A20)
24
De accountant dient de opdracht niet te aanvaarden tenzij de accountant de opdrachtvoorwaarden met het management, of een andere opdrachtgevende partij, overeen is gekomen, inclusief:
het beoogde gebruik en de verspreiding van de subsidieverantwoording en beperkingen betreffende het gebruik of de verspreiding ervan;
identificatie van de subsidieregeling;
de doelstelling en reikwijdte van de opdracht bij de aan assurance verwante opdracht bij een subsidieregeling;
de verantwoordelijkheden van de accountant, inclusief het vereiste om relevante ethische voorschriften na te leven;
dat het verstrekken van de samenstellingsverklaring bij de subsidieverantwoording niet per definitie leidt tot een toekenning van de subsidie door de subsidieverstrekker; (Zie Par. A21)
de verantwoordelijkheden van het management voor:
het opstellen en presenteren van de subsidieverantwoording in overeenstemming met de subsidieregeling;
de nauwkeurigheid en de volledigheid van de vastleggingen, documenten, uitleg en overige informatie die door het management worden verschaft voor de samenstellingsopdracht; en
oordeelsvormingen die bij het opstellen en presenteren van de subsidieverantwoording nodig zijn, inclusief die waarvoor de accountant in de loop van de samenstellingsopdracht ondersteuning kan bieden.
de verwachte vorm en inhoud van de samenstellingsverklaring.
25
De accountant dient, voorafgaand aan het uitvoeren van de opdracht, de overeengekomen opdrachtvoorwaarden schriftelijk in een opdrachtbevestiging of andere overeenkomst vast te leggen.
26
De accountant dient tijdig belangrijke aangelegenheden met betrekking tot de subsidieverantwoording te bespreken met het management.
27
De accountant dient kennis te verwerven over de entiteit die relevant is voor het samenstellen van de subsidieverantwoording en de aanvullende werkzaamheden bij de subsidieverantwoording. De accountant dient daarbij onder andere aandacht te besteden aan de voor de subsidieverantwoording van belang zijnde:
activiteiten van de entiteit, inclusief het administratieve systeem en administratieve vastleggingen van de entiteit; en
het van toepassing zijnde stelsel inzake financiële verslaggeving, inclusief de toepassing hiervan in de sector van de entiteit.
(Zie Par. A22)
28
Bij het uitvoeren van de aanvullende werkzaamheden dient de accountant kennis te nemen van de daaraan gestelde eisen in het accountantsprotocol en past de accountant dit toe bij het uitvoeren van de opdracht.
29
De aanvullende werkzaamheden zijn minder omvangrijk dan die tijdens een assurance-opdracht worden uitgevoerd. Deze bestaan bijvoorbeeld uit het onderzoeken van de grootste posten, ongebruikelijke posten en deelwaarnemingen. De accountant dient op basis van professionele oordeelsvorming de omvang van deze werkzaamheden te bepalen.
30
De accountant dient na te gaan of de uitkomsten van de extra werkzaamheden (bijvoorbeeld als gevolg van geconstateerde afwijkingen in het onderzoek) aanleiding geven om meer werkzaamheden uit te voeren om het gevolg van de fout te kunnen bepalen.
31
De accountant dient de subsidieverantwoording samen te stellen door gebruik te maken van:
vastleggingen, documenten, uitleg en overige informatie inclusief significante oordeelsvormingen die door het management zijn verschaft; en
de door de accountant uitgevoerde aanvullende werkzaamheden.
32
Als de accountant in de loop van het samenstellen van de subsidieverantwoording ondersteuning voor significante oordeelsvormingen heeft geboden, dient de accountant deze te bespreken met het management of, in voorkomend geval, de met governance belaste personen.
33
Voorafgaand aan de afronding van de samenstellingsopdracht dient de accountant de samengestelde subsidieverantwoording te lezen in het licht van het inzicht van de accountant in de activiteiten van de entiteit en de subsidieregeling.
34
Indien de accountant zich gedurende de samenstellingsopdracht ervan bewust wordt dat de door het management verschafte vastleggingen, documenten, uitleg of overige informatie, inclusief significante oordeelsvormingen, niet compleet, niet nauwkeurig of anderszins onbevredigend zijn – waaronder geïdentificeerde of vermoede fraude of niet-naleving van de subsidieregeling – dient de accountant dat onder de aandacht van het management te brengen. De accountant dient ook om de aanvullende of gecorrigeerde informatie te verzoeken en hiervoor aanvullende werkzaamheden te verrichten. De accountant dringt waar nodig aan op adequate opvolging van geïdentificeerde of vermoede fraude of niet-naleving van de subsidieregeling.
35
Indien de accountant niet in staat is om de opdracht te voltooien omdat het management geen vastleggingen, documenten, uitleg of overige informatie, inclusief significante oordeelsvormingen, verschaft zoals was verzocht, dan dient de accountant de opdracht terug te geven. Dit is ook het geval als het management geen adequate opvolging geeft aan geïdentificeerde of vermoede fraude of niet-naleving van de subsidieregeling.
De accountant dient ook het management en de met governance belaste personen in te lichten over de redenen voor teruggave.
36
Indien de accountant zich er tijdens het verloop van de opdracht van bewust wordt dat:
de samengestelde subsidieverantwoording (rapportage) niet aan de voorwaarden van de subsidieregeling voldoet;
aanpassingen aan de samengestelde subsidieverantwoording vereist zijn zodat deze geen afwijking van materieel belang bevat (Zie Par. A23); of
de samengestelde subsidieverantwoording op andere wijze misleidend is – waaronder geïdentificeerde of vermoede fraude of niet-naleving van de subsidieregeling -,
dan dient de accountant de geschikte aanpassingen aan het management voor te stellen. De accountant dringt waar nodig aan op adequate opvolging van geïdentificeerde of vermoede fraude of niet-naleving van de subsidieregeling.
37
Indien het management weigert, of het de accountant niet toestaat de voorgestelde aanpassingen aan de samengestelde subsidieverantwoording aan te brengen, dient de accountant de opdracht terug te geven. Dit is ook het geval als het management geen adequate opvolging geeft aan geïdentificeerde of vermoede fraude of niet-naleving van de subsidieregeling.
De accountant dient ook het management en de met governance belaste personen in te lichten over de redenen voor de teruggave.
38
Als er sprake is van geïdentificeerde of vermoede fraude of niet-naleving van de subsidieregeling dan dient de accountant na te gaan of er aanvullende zaken moeten worden gedaan op grond van andere wet – en regelgeving zoals de Wwft of de NV NOCLAR. (Zie Par. A24)
39
De accountant dient een erkenning van het management te verkrijgen dat het de verantwoordelijkheid heeft genomen voor de definitieve versie van de subsidieverantwoording. (Zie Par. A25)
40
De accountant dient het volgende in het dossier op te nemen: (Zie Par. A26)
significante aangelegenheden die zich voordoen tijdens de aan assurance verwante opdracht bij de subsidieregeling en hoe de accountant hiermee is omgegaan;
een aansluiting van de samengestelde subsidieverantwoording op de onderliggende vastleggingen, documenten, uitleg en overige informatie die door het management is verschaft;
de aard, timing en omvang van de uitgevoerde werkzaamheden en de daaruit voortvloeiende uitkomsten;
informatie die aantoont dat de opdracht in overeenstemming met deze Standaard, het accountantsprotocol en de voorwaarden van de opdracht is uitgevoerd;
informatie die aantoont dat alle relevante aanvullende werkzaamheden uit het accountantsprotocol zijn uitgevoerd;
waar van toepassing de bespreking en evaluatie van de opdrachtgerichte kwaliteitsbeoordeling; en
een kopie van de definitieve versie van de samengestelde subsidieverantwoording waarvoor het management of, in voorkomend geval, de met governance belaste personen hun verantwoordelijkheid hebben erkend, en de samenstellingsverklaring.
41
De accountant dient de opdrachtdocumentatie samen te voegen in een opdrachtdossier en het administratieve proces van het samenstellen van het definitieve opdrachtdossier tijdig na de datum van de samenstellingsverklaring te voltooien. (Zie Par. A27)
42
Een belangrijk doel van de samenstellingsverklaring is het duidelijk communiceren van de aard van de werkzaamheden en de rol en de verantwoordelijkheden van de accountant tijdens de opdracht. De samenstellingsverklaring is geen middel om een oordeel of een conclusie over de subsidieverantwoording tot uitdrukking te brengen, in welke vorm dan ook.
43
De samenstellingsverklaring die wordt uitgebracht dient schriftelijk te zijn en dient ten minste de volgende elementen te omvatten:
de titel van de verklaring;
de geadresseerde(n), zoals door de opdrachtvoorwaarden wordt vereist;
een vermelding dat de accountant de subsidieverantwoording heeft samengesteld op basis van de informatie die door het management is verschaft;
een beschrijving van de verantwoordelijkheden van het management of, in voorkomend geval, de met governance belaste personen met betrekking tot de samenstellingsopdracht en met betrekking tot de subsidieverantwoording;
verwijzing naar de subsidieregeling;
identificatie van de subsidieverantwoording en vermelding van de periode waarop de subsidieverantwoording betrekking heeft;
een beschrijving van de verantwoordelijkheden van de accountant bij het samenstellen van de subsidieverantwoording, waaronder uitvoering van de opdracht overeenkomstig deze Standaard en naleving van de relevante ethische voorschriften door de accountant;
een beschrijving van wat een samenstellingsopdracht overeenkomstig deze Standaard inhoudt;
een vermelding dat er geen assurance-opdracht uitgevoerd is waardoor geen oordeel of conclusie wordt verstrekt met betrekking tot de subsidieverantwoording;
een vermelding dat de aanvullende werkzaamheden beperkter zijn dan die uitgevoerd worden in het kader van een assurance-opdracht verricht in overeenstemming met de Nederlandse standaarden voor assurance-opdrachten;
een vermelding dat geen samenstellingsverklaring zou zijn afgegeven als uit de verrichte werkzaamheden bevindingen naar voren zouden zijn gekomen waarmee geen rekening is gehouden bij de subsidieverantwoording;
een toelichtende paragraaf die:
het doel beschrijft waarvoor en de beoogde gebruikers voor wie, de subsidieverantwoording is opgesteld; en
de aandacht van de lezers van de verklaring vestigt op het feit dat de subsidieverantwoording mogelijk niet voor andere doeleinden geschikt is.
de datum van de samenstellingsverklaring;
de handtekening van de accountant; en
het adres van de accountant.
44
Ook indien op grond van de subsidieregeling of het accountantsprotocol van de accountant wordt vereist dat de accountant zich houdt aan een specifieke opmaak of formulering in de samenstellingsverklaring, mag de samenstellingsverklaring slechts naar deze Standaard verwijzen als de samenstellingsverklaring ten minste elk van de in paragraaf 43 opgenomen elementen bevat. (Zie Par. A28)
45
De accountant dient de verklaring te dateren op de datum waarop de accountant de samenstellingsopdracht overeenkomstig deze Standaard heeft voltooid.
A1
Het is de verantwoordelijkheid van de subsidieverstrekker om in het accountantsprotocol in voldoende detail te beschrijven in welke situaties een aan assurance verwante opdracht volstaat. (Zie Par. 2)
A2
De accountant neemt bij het toepassen van deze Standaard kennis van de subsidieregeling en het bijbehorende accountantsprotocol en past dit toe bij het uitvoeren van de opdracht. (Zie Par. 4)
A3
De terminologie deze paragraaf is gebaseerd op die van de overige standaarden in de NV COS waar deze Standaard onderdeel van uitmaakt.
Vereisten beschrijven op hoofdlijnen de werkzaamheden die de accountant bij een opdracht moet uitvoeren. (Zie Par. 7)
A4
In de inleidende teksten wordt een inleiding gegeven op het doel van een standaard en worden de randvoorwaarden geschetst voor de uitvoering.
In de definities wordt uitgelegd wat wordt bedoeld met bepaalde in de Standaard gebruikte begrippen. (Zie Par. 8)
A5
Toepassingsgerichte teksten en overige verklarende teksten leggen uit waarom bepaalde werkzaamheden worden vereist en hoe de werkzaamheden kunnen worden ingevuld in een bepaalde situatie. (Zie Par. 9)
A6
Voor de goede toepassing van de vereisten moeten deze gelezen worden in de context van het accountantsprotocol. (Zie Par. 10)
A7
Het kan een accountant helpen om bij het uitvoeren van de opdracht gebruik te maken van de informatie in andere standaarden zoals Standaard 240 of 4410. Daarmee wordt niet beoogd om de vereisten van deze Standaarden van toepassing te verklaren op deze Standaard. (Zie Par. 10)
A8
Uit de vereisten in deze Standaard blijkt dat om tot een goede toepassing te komen deze Standaard gelezen moet worden in samenhang met het accountantsprotocol welke is opgesteld door het de subsidieverstrekker. (Zie Par. 14)
A9
De accountant heeft de verantwoordelijkheid te handelen in het algemeen belang door het naleven van de fundamentele beginselen van de beroepsethiek. De Verordening gedrags- en beroepsregels accountants (VGBA) legt de volgende fundamentele beginselen van de beroepsethiek vast die accountants naleven bij het uitvoeren van professionele diensten en verschaft een conceptueel raamwerk voor de toepassing. Die fundamentele beginselen zijn:
professionaliteit;
integriteit;
objectiviteit;
vakbekwaamheid en zorgvuldigheid; en
vertrouwelijkheid.
Bij het naleven van de VGBA is het vereist dat bedreigingen van de relevante fundamentele beginselen worden geïdentificeerd en hierop op passende wijze wordt gereageerd. (Zie Par. 17)
A10
Omdat het een aan assurance verwante opdracht betreft is de Verordening inzake de Onafhankelijkheid (ViO) hier niet van toepassing. (Zie Par. 17)
A11
De accountant gebruikt een professioneel-kritische instelling onder meer bij de aanvullende werkzaamheden op de van het management ontvangen informatie. (Zie Par. 18)
Dit houdt onder meer in dat de accountant alert is op:
informatie die niet consistent is of tegenstrijdig is met andere uit het onderzoek verkregen informatie;
informatie die ertoe leidt dat er twijfel ontstaat over de betrouwbaarheid van documenten en mondeling verkregen informatie.
A12
De accountant gebruikt professionele oordeelsvorming bij het maken van diverse afwegingen tijdens het uitvoeren van de opdracht. Daartoe gebruikt de accountant de kennis, ervaring en relevante training in de context van de Standaard en ethische beginselen. (Zie Par. 19)
Dit houdt onder meer in:
afwegen of een opdracht bij de Aan assurance verwante opdracht bij een Covid-19 gerelateerde subsidieregeling geschikt is in de gegeven omstandigheden;
afwegen of het management adequate opvolging geeft aan geïdentificeerde of vermoede fraude;
afwegen welke werkzaamheden uitgevoerd dienen te worden om voldoende grondslag te krijgen voor de samenstellingsverklaring.
A13
Bij subsidies van de rijksoverheid boven de 125.000 euro wordt veelal een controleverklaring gevraagd. In dat geval moet de accountant onafhankelijk zijn. Bij de totstandkoming van de standaarden bij de NOW-regeling is geconstateerd dat onafhankelijkheid niet noodzakelijk was als een aanvullende eis bij een aan assurance verwante opdracht.
Dat neemt niet weg dat gezien het belang van de covid-19 gerelateerde subsidies voor de continuïteit van organisaties, een bedreiging van de objectiviteit van de accountant reëel aanwezig is. In dat kader is er in deze Standaard voor gekozen om een opdrachtgerichte kwaliteitsbeoordeling (OKB) voor te schrijven dan wel een maatregel die minstens zo effectief is. (Zie Par. 20)
A14
De kwaliteitsbepaler bepaalt in het kader van het kwaliteitsstelsel van de accountantseenheid de wijze waarop deze OKB-vorm krijgt. De NVKM is hier vormvrij in.
De opdrachtgerichte kwaliteitsbeoordelaar laat de diepgang van de werkzaamheden afhangen van de aard en omvang van de opdracht. Desgewenst kan bij de OKB ook nagegaan worden of de opdracht vakbekwaam en zorgvuldig is uitgevoerd. (Zie Par. 20)
A15
De accountant kan bij het toepassen van andere maatregelen steunen op procedures die de accountantseenheid geïmplementeerd heeft in het eigen kwaliteitssysteem, mits de accountant heeft vastgesteld dat deze maatregelen borgen dat de accountant objectief de opdracht uitvoert. (Zie Par. 20)
A16
Bij het nemen van verantwoordelijkheid voor de algehele kwaliteit van elke opdracht wordt door de handelingen van de opdrachtpartner en passende signalen aan de andere leden van het opdrachtteam het belang van het bereiken van kwaliteit van de opdracht benadrukt door het volgende: (Zie Par. 21)
het uitvoeren van werkzaamheden die voldoen aan professionele standaarden en vereisten die door wet- en regelgeving worden gesteld, waaronder in het kader van deze opdracht het accountantsprotocol;
het naleven van de van toepassing zijnde procedures van de accountantseenheid met betrekking tot kwaliteitsbeheersing; en
het uitbrengen van de samenstellingsverklaring overeenkomstig deze Standaard.
A17
De uitvoerbaarheid en relevantie van de werkzaamheden blijkt gewoonlijk uit een beoordeling door de Werkgroep Controleprotocollen (COPRO) van de NBA. COPRO beoordeelt of het accountantsprotocol uitvoerbaar is voor de accountant aan de hand van de Schrijfwijzer Accountantsprotocollen. De uitkomst van deze beoordeling door COPRO is opgenomen op de website van de NBA onder https://www.nba.nl/themas/controleprotocollen/controleprotocollen/. Bij twijfel kan contact worden opgenomen met de NBA. (Zie Par. 22)
A18
De accountant besteedt hierbij onder andere aandacht aan de Wwft.
Wanneer de accountant nog niet eerder een cliëntrelatie had met de opdrachtgever kan collegiaal overleg noodzakelijk zijn. Bijvoorbeeld met de accountant die eerder de jaarrekening heeft samengesteld bij dezelfde cliënt, maar geen aan assurance verwante opdracht in het kader van de subsidieregeling wil of kan uitvoeren. Op grond van artikel 15a van de VGBA kan het verplicht zijn om collegiaal overleg te voeren.
Ook als collegiaal overleg niet is verplicht, is het bij nieuwe cliënten verstandig om bij de vorige dienstverlener na te gaan of deze informatie heeft die de accountant kan helpen bij de afweging over het aanvaarden van de opdracht. (Zie Par. 23)
A19
Een attentiepunt bij de opdrachtaanvaarding is de situatie dat eerder een collega-accountant de aan assurance verwante opdracht bij de subsidieregeling heeft teruggeven omdat de collega-accountant deze opdracht niet in overeenstemming met de Standaard kon afronden
Een risico is dat de accountant hiervan niet op de hoogte is. Dit speelt vooral in de situatie waarin geen sprake is van een ‘vaste’ accountant met een doorlopende opdracht zoals voor het samenstellen van de jaarrekening. Op grond van artikel 15a van de VGBA kan het verplicht zijn om collegiaal overleg te voeren.
Daarnaast heeft een accountant de volgende mogelijkheden om te onderzoeken of een opdracht door een collega accountant is teruggegeven:
navraag hierover bij de cliënt zelf (en dit eventueel bevestigen in de opdrachtbevestiging); of
vrijwillig collegiaal overleg met een (eventuele) andere beroepsbeoefenaar zoals een administrateur of fiscalist. (Zie Par. 23)
A20
Door het uitvoeren van een aan assurance verwante opdracht bij een subsidieregeling, kan een bedreiging ontstaan van de onafhankelijkheid van de accountant bij een assurance-opdracht ten opzichte van het assurance-object, de verantwoordelijke entiteit of persoon. Dit zal met name spelen als beide opdrachten (samenloop van dienstverlening) betrekking hebben op hetzelfde object van onderzoek.
Als een accountant zowel een jaarrekening controleert als een aan assurance verwante opdracht bij een subsidieregeling uitvoert bij dezelfde entiteit, kan dit eventueel leiden tot een bedreiging voor de onafhankelijkheid van de accountant die de jaarrekening controleert. Dit kan tot gevolg hebben dat die jaarrekeningcontrole niet kan worden uitgevoerd.
Denk hierbij bijvoorbeeld aan de situatie dat de accountant managementbeslissingen zou nemen bij het samenstellen van de subsidieverantwoording en de subsidie later weer moet controleren in het kader van de jaarrekeningcontrole.
Het is dan ook verstandig dergelijke bedreigingen te onderkennen voordat bij een entiteit waar normaal een vrijwillige controle wordt uitgevoerd door dezelfde accountant een aan assurance verwante opdracht wordt geaccepteerd. (Zie Par. 23)
A21
Een samenstellingsverklaring van de accountant bij de subsidieverantwoording is geen garantie voor het toekennen van de subsidie door de subsidieverstrekker. Het is mogelijk dat de subsidieverstrekker andere informatie ter beschikking heeft dan de accountant op grond waarvan de subsidieverstrekker besluit om (nog) niet tot het toekennen van de subsidie over te gaan of om deze gewijzigd toe te kennen. (Zie Par. 24)
A22
De accountant kan gebruik maken van kennis die de accountant bij eerdere contacten, waaronder eerdere opdrachten, met de cliënt heeft verkregen, als de accountant vaststelt dat deze kennis nog relevant is. De accountant gaat na wat voor de subsidieregeling relevant is. De accountant gaat na wat voor de subsidieregeling relevant is, bijvoorbeeld de structuur van de groep waar de entiteit onderdeel van uitmaakt. (Zie Par. 27)
A23
Waar van toepassing houdt de accountant rekening met hetgeen in het accountantsprotocol is opgenomen over het begrip materialiteit. (Zie Par. 36)
A24
Wanneer de accountant zaken ziet die kunnen wijzen op fraude of niet-naleving van de subsidieregeling dan zal de accountant dit bespreken met het management en verzoeken om informatie. Hieruit kan blijken dat het vermoeden ongegrond was. Het kan ook nodig zijn dat het management een vermoede fraude of niet-naleving van de subsidieregeling laat onderzoeken om hier duidelijkheid over te krijgen. Als het vermoeden gegrond is, dringt de accountant aan op maatregelen om de geïdentificeerde fraude of niet-naleving van de subsidieregeling te redresseren en stelt de benodigde aanpassingen aan de subsidieverantwoording voor. In deze situatie informeert de accountant de met governance (toezicht) belaste personen.
Indien het management het vermoeden niet kan weerleggen en bovendien weigert de fraude te onderzoeken, te redresseren of herhaling daarvan te voorkomen, zal de accountant (onder vermelding van reden) de opdracht teruggeven. In dat geval informeert de accountant zowel het management als de met governance (toezicht) belaste personen hierover.
Een accountant kan bij de cliënt te maken krijgen met ongebruikelijke transacties waarbij het in bepaalde gevallen wettelijk verplicht is om deze te melden bij de FIU-Nederland in overeenstemming met de voorschriften in de Wwft.
Zie voor de nadere eisen omtrent de Wwft en het doen van een melding NBA-handreiking 1124, Richtsnoeren voor de interpretatie van Wwft.
De NV NOCLAR vraagt van accountants dat zij bij niet naleving van wet- en regelgeving eerst de organisatie aanzetten om het gedrag te verbeteren. Pas als de organisatie niet voldoende doet om de gevolgen te redresseren en om herhaling te voorkomen kan het komen tot een melding bij de bevoegde instanties. Dit overigens niet voordat de organisatie op de hoogte is gebracht van het feit dat de accountant tot een melding wil overgaan. Een dergelijke melding vindt plaats als de accountant meent dat dit in het maatschappelijk belang noodzakelijk is. Zo is mogelijk een melding nodig als een accountant naar aanleiding van een discussie over een mogelijke fraude of niet naleving middels een tussentijdse opzegging ontheven wordt van de opdracht. De bevoegde instanties (meldpunt) kunnen blijken uit de subsidieregeling.
Verder informeert de accountant eventuele andere eindverantwoordelijke accountants voor wie deze informatie van belang is bij de uitvoering van hun opdracht voor de cliënt, als de accountant weet dat zij ook bij de cliënt opdrachten uitvoeren en hierover niet door de cliënt zelf zijn geïnformeerd. Daarnaast maakt de accountant een vastlegging in lijn met artikel 21 van de VGBA. (Zie Par. 38)
A25
Het management kan de verantwoordelijkheid voor de subsidieverantwoording alleen nemen als het management deze begrijpt en het daarmee eens is. Dus licht de accountant de subsidieverantwoording waar nodig toe. (Zie Par. 39)
A26
De documentatie moet zodanig zijn dat een ervaren accountant met kennis van de branche waarin de entiteit opereert en met kennis van de subsidieregeling in staat is om te beoordelen of het onderzoek goed is uitgevoerd.
Het is niet nodig om zaken te documenteren die ook anderszins uit het dossier blijken. Het is dus niet nodig om op te schrijven dat werkzaamheden zijn uitgevoerd als dit blijkt uit de verkregen onderzoeksinformatie of uit de afwerking van het werkprogramma. (Zie Par. 40)
A27
Een geschikte termijn waarbinnen de samenstelling van het definitieve opdrachtdossier moet worden afgerond, is in het algemeen een termijn van niet meer dan 2 maanden na de datum van de samenstellingsverklaring.
Met het administratieve proces van het samenstellen wordt niet gedoeld op het verrichten van administratieve diensten voor de cliënt of het samenstellen van de subsidieverantwoording maar op werkzaamheden om het dossier te ordenen. (Zie Par. 41)
A28
Het is mogelijk dat in het accountantsprotocol een format voor de samenstellingsverklaring bij een subsidieverantwoording is opgenomen of dat dit op andere wijze door de subsidieverstrekker is gepubliceerd naar aanleiding van het accountantsprotocol. (Zie Par. 43)
Artikel III van Stcrt. 2025/16355 bevat overgangsrecht m.b.t.
deze wijziging.
Artikel III van Stcrt. 2025/16355 bevat overgangsrecht m.b.t.
deze wijziging.
Artikel 4000–4699
Aan assurance verwante opdrachten
Onderdeel van Nadere voorschriften controle- en overige Standaarden· Ondernemingspraktijk
Deze tekst geldt sinds 25 april 2024