Naar hoofdinhoud

Artikel 13

Gevolgen van ophouden te bestaan

Onderdeel van Regeling financiële ondersteuning fracties en groepen Tweede Kamer 2023· Staats- en bestuursrecht

Deze tekst geldt sinds 1 juli 2024

1. Indien een fractie of groep ophoudt te bestaan, vervalt de bijdrage aan de bij haar behorende stichting op de eerste dag van de zesde kalendermaand na de aanvang van het ophouden te bestaan zoals blijkt uit de Handelingen der Tweede Kamer. 2. Indien een fractie of groep ophoudt te bestaan, worden de bestaande vermogensbestanddelen van de bij haar behorende stichting, overeenkomstig de geldende wet- en regelgeving en statuten van de stichting, gebruikt voor het afwikkelen van lopende verplichtingen van de stichting. In de statuten van de stichting is bepaald hoe een eventueel financieel overschot wordt aangewend. 3. Het bestuur van een stichting is verplicht om binnen twaalf kalendermaanden nadat de bij haar behorende fractie of groep is opgehouden te bestaan, de stichting te hebben ontbonden en, indien nodig, vereffend. Zodra de stichting is opgehouden te bestaan, stuurt het bestuur van de stichting aan het Presidium een bewijs van uitschrijving van de registers waaraan van de ontbinding van de betreffende stichting opgaaf is gedaan.

Rechtspraak bij dit artikel