Projectresultaten worden zo spoedig mogelijk gepubliceerd of op andere wijze openbaar gemaakt. Met het oog op te verwachten exploitatierechten/octrooiering kan de projectleider, dan wel de hoofdbegunstigde, de publicatie van projectresultaten uitstellen tot maximaal negen maanden na de totstandkoming daarvan, tenzij in de Call for proposals anders is bepaald.
Met het oog op een optimale verspreiding en toepassing van de projectresultaten dienen deze op het moment van publicatie zo spoedig mogelijk Open Access toegankelijk te zijn. Auteursrechten mogen slechts worden overgedragen aan derden voor zover daardoor de mogelijkheid om via Open Access te publiceren niet wordt geblokkeerd.
In geval het project (mede) wordt uitgevoerd door personen die geen dienstverband hebben met de begunstigde dient de projectleider dan wel de (hoofd)begunstigde er voor zorg te dragen dat eventuele IE-rechten van deze personen geen belemmering vormen voor publicatie van de projectresultaten.
Projectresultaten die niet in aanmerking komen voor publicatie en bescherming middels IE-rechten, kunnen door de projectdeelnemers aan de andere betrokkenen (waaronder begrepen eventuele gebruikers) als know-how vertrouwelijk ter beschikking worden gesteld. De periode van geheimhouding kan nooit langer zijn dan vijf jaar na afloop van het project.
De binnen het project verzamelde onderzoeksgegevens (data en software) dienen zorgvuldig en verantwoord te worden beheerd, gedocumenteerd en opgeslagen.
De projectleider draagt zorg voor publicatie van de projectresultaten.
Projectdeelnemers en een eventuele commissie kunnen in onderling overleg nadere afspraken maken over een publicatieprocedure.
Bij publicatie van projectresultaten wordt aangegeven dat NWO subsidie heeft verleend, onder vermelding van het NWO-projectnummer en het financieringsinstrument waarvan het project deel uitmaakt. Indien mogelijk wordt het NWO-logo afgebeeld. Indien van toepassing wordt de formele aanduiding van NWO in de taal van de publicatie gehanteerd (zie definitiebepalingen).
Op publicaties van projectresultaten is de geldende Beleidsregel Open Access van toepassing.
De projectdeelnemers spannen zich tijdens en na afloop van het project in voor een adequate en effectieve kennisbenutting van de projectresultaten.
De projectdeelnemers leggen in een consortiumovereenkomst afspraken vast omtrent de rechten op de projectresultaten, met inachtneming van het bepaalde in de overige leden van dit artikel.
In geval het project (mede) wordt uitgevoerd door personen die geen dienstverband hebben met de begunstigde dient de projectleider dan wel de (hoofd)begunstigde er voor zorg te dragen dat eventuele IE-rechten van deze personen geen belemmering vormen voor kennisbenutting van de projectresultaten.
Afspraken die partijen maken met betrekking tot kennisbenutting dienen te voldoen aan de Europese staatssteunregels. Indien en voor zover de gemaakte afspraken strijdig blijken te zijn met de Europese staatssteunregels, treden partijen zo spoedig mogelijk met elkaar in overleg om de gemaakte afspraken zodanig aan te passen dat deze voldoen aan de Europese staatssteunregels.
Projectresultaten zijn gedurende het project ter vrije beschikking van alle projectdeelnemers ten behoeve van de (verdere) uitvoering van het project.
Indien naar het oordeel van een projectdeelnemer en/of de commissie sprake is van octrooieerbare projectresultaten, stelt deze partij de andere partijen hiervan op de hoogte vóórdat de octrooiaanvraag wordt ingediend.
Voor elke licentie (gebruiksrecht) geldt dat de licentienemer verplicht is om zich in te spannen de projectresultaten daadwerkelijk te commercialiseren of toe te passen en om over die inspanningen te rapporteren. Deze inspanningsverplichting tot commercialisatie van de projectresultaten geldt dienovereenkomstig voor een partij aan wie een octrooi op de projectresultaten wordt overgedragen.
Begunstigden behouden altijd het recht de onderzoeksresultaten te gebruiken voor onderzoek en onderwijs.
Een gebruiker of projectdeelnemer stelt NWO en de begunstigde(n) niet aansprakelijk voor schade als gevolg van het gebruik van de projectresultaten en vrijwaart NWO en de begunstigde(n) van eventuele aansprakelijkheidsstelling door derden.
Waar relevant kan bij het subsidievaststellingsbesluit worden aangegeven tot welke datum de projectleider en de begunstigden dienen te rapporteren aan NWO over de kennisbenutting van de projectresultaten.
Indien er achtergrondkennis wordt ingebracht door een van de projectdeelnemers en/of een lid van de commissie ten behoeve van de uitvoering van het project en voor de duur daarvan, verstrekt deze het gebruiksrecht op deze achtergrondkennis om niet.
De projectdeelnemer dan wel het lid van de commissie die achtergrondkennis inbrengt, blijft rechthebbende c.q. eigenaar van deze achtergrondkennis.
De rechthebbende garandeert de andere projectdeelnemers dat de rechthebbende zelf over het gebruiksrecht kan beschikken. Indien en voor zover er beperkingen gelden bij de uitoefening van dit gebruiksrecht, verstrekt de rechthebbende de andere projectdeelnemers adequaat alle benodigde relevante informatie dienaangaande.
Indien er achtergrondkennis benodigd is ten behoeve van de exploitatie dan wel kennisbenutting van de projectresultaten, verstrekt de rechthebbende van de achtergrondkennis op nader overeen te komen voorwaarden het desbetreffende gebruiksrecht aan de overige projectdeelnemers en eventuele gebruikers. Deze voorwaarden dienen redelijk dan wel marktconform te zijn.
De rechthebbende garandeert de projectdeelnemers dat de rechthebbende over het gebruiksrecht kan beschikken. Indien en voor zover er beperkingen gelden bij de uitoefening van dit gebruiksrecht, verstrekt de rechthebbende de andere projectdeelnemers adequaat alle benodigde relevante informatie dienaangaande. De commerciële belangen van de rechthebbende worden door de uitoefening van het gebruiksrecht door de projectdeelnemers in redelijkheid niet geschaad.
IE-rechten op de projectresultaten kunnen op de volgende wijze worden verdeeld tussen de projectdeelnemers:
de verdeling van de IE-rechten op de projectresultaten vormt een passende afspiegeling van de werkpakketten, bijdragen en respectieve belangen van de projectdeelnemers, of
de IE-rechten komen toe aan de werkgever van de onderzoeker die de vinding heeft gedaan.
De projectdeelnemers kunnen op een later moment overeenkomen dat de aldus door de betreffende werkgever verkregen IE-rechten geheel of gedeeltelijk bij voorrang zullen worden overgedragen aan een van de projectdeelnemers of gebruikers;
Indien de vinding gezamenlijk wordt gedaan door onderzoekers van verschillende gebruikers/projectdeelnemers terwijl niet goed kan worden bepaald wat het exacte aandeel van de verschillende onderzoekers daarbij is, komen de IE-rechten toe aan de desbetreffende gebruikers/projctdeelnemers gezamenlijk.
NWO kan in de Call for proposals een van de in lid 1 genoemde verdeelwijzen van IE-rechten als voorwaarde stellen. In dat geval hebben de betrokken partijen geen keuzerecht uit de genoemde verdeelwijzen.
Tenzij een passende afspiegeling afwijking hiervan rechtvaardigt of vereist, kunnen cofinanciers naar rato van de door de betreffende cofinancier geleverde bijdrage op het totaal van de goedgekeurde projectbegroting, als volgt rechten op de projectresultaten verwerven:
Indien de waarde van de cofinanciering minder dan 10% van de goedgekeurde projectbegroting bedraagt, verwerft de betreffende cofinancier geen rechten op de projectresultaten. De cofinancier kan tijdens het onderzoek gegenereerde projectresultaten royalty-vrij aanwenden uitsluitend voor intern, niet commerciëel gebruik;
Indien de waarde van de cofinanciering tenminste 10% maar minder dan 30% van de goedgekeurde projectbegroting bedraagt, verwerft de cofinancier – in aanvulling op het onder a genoemde recht – een optierecht op licentie of overdracht van de projectresultaten die (mede)eigendom zijn van de gebruiker(s)/projectdeelnemer(s). Partijen kunnen in overleg besluiten een private bijdrage hierop in mindering te brengen. Indien meerdere gebruikers in aanmerking komen voor een optie, worden toepassingsgebieden bepaald. Indien dit niet mogelijk is, hebben de bijdragende gebruikers samen een optie op een semi-exclusieve licentie. Indien een werknemer van een cofinancier mede-uitvinder is van een octrooi op een resultaat, verkrijgt deze cofinancier voorts een optie op een niet-exclusief, royalty-vrij, niet-overdraagbaar gebruiksrecht voor maximaal 30 maanden op dat octrooi.
Indien de waarde van de cofinanciering ten minste 30% van de goedgekeurde projectbegroting bedraagt, verwerft de cofinancier – in aanvulling op de onder a en b genoemde rechten – een optierecht op een niet-exclusief, royalty-vrij commercieel gebruiksrecht op de projectresultaten.
Bij overdracht van rechten op projectresultaten of verkrijging van een al dan niet exclusieve licentie geldt dat hiervoor een marktconforme vergoeding dient te worden betaald. IE-rechten mogen slechts worden overgedragen aan derden voor zover daardoor eventuele cofinanciers niet onevenredig in hun belangen worden geschaad.
In de Call for proposals kunnen nadere beperkingen worden gesteld aan de termijn waarbinnen de in lid 5 genoemde optierechten door private cofinanciers kunnen worden uitgeoefend.
Artikel 4
Publicatie en kennisbenutting
Onderdeel van NWO Subsidieregeling· Onderwijsrecht
Deze tekst geldt sinds 31 augustus 2024