Een aandelenfusie als bedoeld in artikel VI, tweede lid, Wet aanpassing FGR en VBI leidt ertoe dat de deelgerechtigde in plaats van een bewijs van deelgerechtigdheid in het FGR, aandelen houdt in de verkrijgende vennootschap. Hierdoor vangt een nieuwe bezitstermijn aan, aangezien de voormalige deelgerechtigde andere vermogensbestanddelen houdt en de verkrijgende vennootschap voor de fusie niet (na toerekening) de onderneming dreef. Tevens vangt een nieuwe bezitstermijn aan als de deelgerechtigde door de aandelenfusie met de ter beschikking gestelde onroerende zaak in plaats van resultaat uit een werkzaamheid als bedoeld in artikel 3.92 eerste lid, onderdeel a, Wet IB 2001, resultaat uit een werkzaamheid als bedoeld in artikel 3.92, eerste lid, onderdeel b, Wet IB 2001 gaat genieten. Een dergelijke fusie leidt ook tot het niet voldoen aan het voortzettingsvereiste als hierdoor het verkregen bewijs van deelgerechtigdheid wordt vervreemd of de ter beschikking stelling van de verkregen onroerende zaak aan het FGR eindigt. Ik acht dit niet wenselijk, omdat de wetgever met de Wet aanpassing FGR en VBI geen gevolgen voor de BOR heeft beoogd. Daarom keur ik het volgende goed.
In geval van een aandelenfusie als bedoeld in artikel VI, tweede lid, Wet aanpassing FGR en VBI keur ik goed dat voor de toets of is voldaan aan de periode van één jaar, onderscheidenlijk vijf jaren, bedoeld in artikel 35d, eerste lid, Successiewet, de bezitstermijn van de in het kader van de aandelenfusie verkregen aandelen of winstbewijzen en de bezitstermijn van het in het kader van de aandelenfusie vervreemde bewijs van deelgerechtigdheid in het FGR, bij elkaar worden gevoegd als ware het één periode.
Indien een deelgerechtigde resultaat uit een werkzaamheid in de zin van artikel 3.92, eerste lid, onderdeel a, Wet IB 2001 geniet vanwege het ter beschikking stellen van onroerende zaken aan een FGR en deze resultaatgenieter als gevolg van een aandelenfusie als bedoeld artikel VI, tweede lid, Wet aanpassing FGR en VBI met ingang van het tijdstip waarop de aandelenfusie plaatsvindt resultaat uit een werkzaamheid in de zin van artikel 3.92, eerste lid, onderdeel b, Wet IB 2001 geniet, keur ik het volgende goed. Voor de toets of is voldaan aan de periode van één jaar, onderscheidenlijk vijf jaren, bedoeld in artikel 35d, eerste lid, Successiewet, worden beide periodes van het genieten van resultaat uit een werkzaamheid bij elkaar gevoegd als ware het één periode.
Ik keur goed dat een aandelenfusie als bedoeld in artikel VI, tweede lid, Wet aanpassing FGR en VBI in afwijking van artikel 35e Successiewet niet wordt aangemerkt als een gebeurtenis als bedoeld in dat artikel.
Artikel 3
Aandelenfusie
Onderdeel van Schenk- en erfbelasting. Overgangsrecht bedrijfsopvolgingsregeling bij Wet aanpassing fonds voor gemene rekening en vrijgestelde beleggingsinstelling· Belastingrecht
Deze tekst geldt sinds 16 november 2024