Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1

Artikel 1.4

Algemene weigeringsgronden

Onderdeel van Regeling Cultuureducatie voor het Caribisch deel van het Koninkrijk 2025–2028· Cultureel recht

Deze tekst geldt sinds 20 november 2024

1. Het Fonds weigert subsidie als: voor dezelfde activiteiten al subsidie is of zal worden verleend: door het Fonds; door een van de andere rijkscultuurfondsen; op grond van de Regeling op het specifiek cultuurbeleid; of op grond van de Erfgoedwet. de activiteiten of projecten waarvoor subsidie wordt gevraagd op het moment van de aanvraag al worden uitgevoerd; de aanvraag wordt ingediend door een uitgeverij of omroeporganisatie; de aanvrager failliet is verklaard of redelijkerwijs te verwachten is dat dit binnenkort gebeurt; de aanvraag onvoldoende aansluit bij het doel van de regeling; of de aanvrager een rechtspersoon is die niet voldoet aan de verplichtingen ten aanzien van de Governance Code Cultuur of Fair Practice Code, zoals bedoeld in artikel 1.6, vierde en vijfde lid. 2. Het Fonds weigert subsidie aan derden als die in opdracht werken van natuurlijke personen of rechtspersonen die niet aanmerking komen voor een subsidie. 3. Het Fonds kan subsidie weigeren als aanvragers in de jaren voorafgaand aan de aanvraag subsidie van het Fonds hebben ontvangen en toen niet, of niet helemaal, hebben voldaan aan de subsidieverplichtingen. 4. Het Fonds kan weigeren om subsidie te verstrekken als de aanvraag op enige wijze niet in overeenstemming is met de regeling.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel