Naar hoofdinhoud

Artikel 4

Vrijstellingen en teruggaven

Onderdeel van Accijns, beleidsregels accijnswetgeving· Belastingrecht

Deze tekst geldt sinds 30 januari 2025

(Vervallen per 01-01-2012) (Vervallen per 01-01-2018) (Vervallen per 01-01-2016) De huidige Europese regelgeving voorziet niet in een vrijstelling van accijns voor minerale olie die zich bevindt in de brandstoftanks van nieuwe auto’s die naar andere lidstaten worden verzonden. Het betreft kleinere hoeveelheden minerale oliën die alleen dienen om de auto’s op eigen kracht op en van het transportmiddel waarmee ze worden vervoerd, te kunnen rijden. Ik keur, mede gelet op afspraken in EU-verband, goed dat bij invoer van nieuwe auto’s uit derde landen de heffing van accijns op de minerale oliën die zich in de brandstoftank bevinden achterwege blijft, indien de in de brandstoftank aanwezige hoeveelheid minerale oliën gering is (maximaal 5 liter); bij het overbrengen van nieuwe auto’s tussen Nederland en andere lidstaten heffing van accijns alleen plaats vindt in de lidstaat van productie van de auto’s; bij de uitvoer van nieuwe auto’s naar derde landen op verzoek teruggaaf van accijns voor de in de brandstoftank aanwezige geringe hoeveelheid minerale olie kan worden verleend. Accijnsgoederen kunnen op grond van artikel 65 van de wet met vrijstelling van de accijns worden uitgeslagen tot verbruik indien daartoe een vrijstellingsvergunning is afgegeven. De accijnsgoederen waarvoor nog geen vergunning is afgegeven, maar die wel bestemd zijn om te zijner tijd met een vrijstellingsbestemming te worden uitgeslagen tot verbruik kunnen niet met vrijstelling worden opgeslagen of verhandeld. Handel in die goederen kan daarom slechts plaatsvinden met betaling van de accijns die later weer kan worden teruggevraagd. Ik keur goed dat de inspecteur aan handelaren in accijnsgoederen die uitsluitend zijn bestemd voor vrijstellingsdoeleinden op grond van artikel 65, eerste lid, van de wet, een vrijstellingsvergunning verleent. In de vergunning moet, naast de wettelijk voorgeschreven voorwaarden, worden aangegeven dat de administratie van de handelaar zodanig is ingericht dat daaruit op overzichtelijke wijze blijkt naar welke vrijstellingsgenietende de goederen zijn overgebracht. In aanvulling op artikel 18, vierde lid, van het besluit moet een extra exemplaar van de daar bedoelde verklaring worden bewaard bij de administratie van de handelaar. (Vervallen per 01-01-2025) De vergunninghouder die accijnsgoederen op basis van artikel 65, eerste lid, van de wet met vrijstelling betrekt, moet zekerheid stellen voor de accijns die hij verschuldigd kan worden (artikel 18, derde lid van het besluit). Ik keur goed dat de inspecteur op verzoek toestemming kan verlenen om het stellen van zekerheid achterwege te laten. De toestemming wordt alleen verleend voor overige alcoholhoudende producten onder de volgende voorwaarden: de met vrijstelling betrokken alcoholhoudende producten moeten met het oog op de vrijstellingsbestemming zijn vermengd op een wijze als bedoeld in bijlage A.2 van de regeling; de vermenging mag niet plaatsvinden door degene die de goederen met vrijstelling betrekt. De vrijstelling van de accijns als bedoeld in artikel 66, eerste lid, onderdeel b, van de wet is van toepassing op de minerale oliën die worden gebruikt voor de voortstuwing van een luchtvaartuig, anders dan een plezierluchtvaartuig. Voor de daadwerkelijke uitvoering van een vlucht is het noodzakelijk dat de vliegtuigmotoren kort worden getest. Er bestaat dus een directe relatie met de voorgenomen voortstuwing van het luchtvaartuig. Ik keur daarom goed dat de vrijstelling ook kan worden toegepast op de minerale olie die zich in een brandstoftank van een luchtvaartuig, niet zijnde een plezierluchtvaartuig, bevindt en die, voorafgaande aan een vlucht, gebruikt wordt voor het testen van dat luchtvaartuig. De minerale olie wordt dan geacht te zijn gebruikt voor de voortstuwing van een luchtvaartuig, anders dan een plezierluchtvaartuig. Voor minerale oliën die worden gebruikt voor de aandrijving van schepen of als scheepsbehoeften aan boord van schepen, niet zijnde pleziervaartuigen, wordt op grond van artikel 66, eerste lid, onderdeel a, van de wet vrijstelling van accijns verleend. Op grond van artikel 19 van het besluit is een van de voorwaarden van de vrijstelling dat de afnemer aan boord van het schip verklaart aan de minerale oliën de vrijstellingsbestemming te geven. In de praktijk komt het echter voor dat een eigenaar van één of meer schepen voor die schepen een eigen opslagplaats heeft waaruit hij zijn eigen schepen van minerale olie voorziet. In verband daarmee keur ik goed dat de inspecteur aan de eigenaar van één of meer schepen een vergunning verleent om de minerale olie onder vrijstelling van accijns te ontvangen en op te slaan. De eigenaar van het schip/de schepen moet daartoe een schriftelijk verzoek indienen bij de inspecteur. In het verzoek en de vergunning moet de kadastrale ligging van de opslagplaats worden aangegeven. In de vergunning moet de inspecteur in ieder geval de volgende voorwaarden opnemen: de maximale hoeveelheid die gemiddeld per maand in de opslagplaats mag worden opgeslagen is 100.000 liter halfzware olie of gasolie, 100.000 kg stookolie en 5.000 kg vloeibaar gemaakt petroleumgas; de verklaring, bedoeld in artikel 19 van het besluit, wordt afgetekend bij aflevering van de minerale olie in de opslagplaats van de vergunninghouder; de leverancier moet bij de afgetekende verklaringen een afschrift van de vergunning bewaren; de opgeslagen minerale olie mag alleen worden afgeleverd aan het eigen schip/de eigen schepen, niet zijnde pleziervaartuigen; de vergunninghouder moet een administratie bijhouden waarin de leveringen aan het eigen schip/de eigen schepen worden aangetekend. De goedkeuring is onder dezelfde voorwaarden ook van toepassing op de teruggaaf van accijns op de voet van artikel 70, eerste lid, onderdeel b, van de wet. Voor de leverancier ontstaat het recht op teruggaaf op het moment dat de goederen zijn afgeleverd in de opslagplaats van de eigenaar van de schepen, die in het bezit is van voornoemde vergunning. (Vervallen per 01-04-2010) (Vervallen per 01-01-2011) (Vervallen per 01-01-2011) (Vervallen per 01-01-2010) (Vervallen per 01-01-2016) (Vervallen per 01-01-2025) (Vervallen per 01-07-2008) (Vervallen per 01-01-2016)

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel